ID.nl logo
Huis

Raw-fotografie: 8 tips voor de mooiste foto's

Met een camera of smartphone zijn zeer fraaie plaatjes te maken. Vooral als je ze daarna nog even bewerkt met een fotoprogramma, voor het optimale resultaat. Dat gaat nog beter als je in raw fotografeert. Wat is het, hoe werkt het en wat heb je allemaal nodig voor raw-fotografie??

Het grote voordeel van digitale fotografie, is dat een foto meteen klaar is. Nu we ook met smartphones fotograferen en er digitale camera’s met wifi bestaan, zijn daar nog een aantal voordelen bijgekomen. Want nu kun je een foto zodra hij is gemaakt direct bewerken met een app. Om hem vervolgens te printen, te delen op sociale media, op een fotowebsite te plaatsen, of hem rechtstreeks naar familie en vrienden te sturen.

Standaard worden de foto’s die je met een camera of je smartphone maakt, in jpg-formaat opgeslagen. Daardoor kun je jouw foto’s in elk fotoprogramma en elke foto-app bekijken of bewerken. Minder bekend is dat er nog een andere manier van fotograferen bestaat, waarbij je geen kant-en-klare jpg-foto’s krijgt, maar het ruwe, onbewerkte fotomateriaal van de beeldsensor. Dit heet fotograferen in raw. Een raw-bestand is eigenlijk nog geen echte foto en je kunt hem dus ook niet zomaar met ieder programma bekijken. Je moet er eerst een toonbaar plaatje van maken door het beeldmateriaal te bewerken. Fotograferen in raw is daardoor omslachtiger, maar er zitten grote pluspunten aan die het echt de moeite waard kunnen maken.

Photoshoppende camera

In een digitale camera zit een beeldsensor die gevoelig is voor licht. Maar met alleen een beeldsensor heb je nog geen foto. De signalen die de sensor opvangt, moeten worden bewerkt om er een voor ons zichtbaar en herkenbaar plaatje van te maken. In elke camera vindt daarom enorm veel beeldbewerking plaats. Vaak willen we een zo mooi mogelijk plaatje hebben dat we direct kunnen gebruiken, zonder eerst een fotobewerker in te duiken. Een camera maakt daarom de kleuren lekker levendig, verhoogt het contrast flink en verscherpt details en contouren extra zodat alles er levensecht uitziet. Dit gebeurt allemaal in de camera zodra je afdrukt. Om zuinig met de geheugenruimte om te springen, wordt het beeldmateriaal ook nog eens flink gecomprimeerd. Een foto ziet er op het oog nog steeds perfect uit, maar in een jpg-bestand is uiteindelijk maar een fractie van het oorspronkelijke beeldmateriaal bewaard gebleven.

©PXimport

01 Bewerkt beeldmateriaal

Zoals je in het kader ‘Photoshoppende camera’ leest, gebeurt er nogal wat zodra je een foto maakt. Jouw camera of smartphone bewerkt het ruwe beeldmateriaal van de sensor, zodat er een leuk plaatje ontstaat dat je direct kunt gebruiken. Het toestel maakt hierbij enorm veel keuzes. Dat is prima als je meteen tevreden bent met het eindresultaat, maar minder leuk als er iets aan de foto mankeert. Je ziet bijvoorbeeld een schitterend landschap en maakt er een foto van. Maar omdat de lucht heel fel is, raakt deze volledig overbelicht. Of andersom: je ziet wel een prachtige lucht, maar het landschap zelf of iemand die daar voor je poseert is niet te zien omdat het een silhouet is geworden. Of je maakt een foto in een sfeervol restaurant, maar het eten ziet er op de foto nogal onsmakelijk uit. Zelfs het witte servies heeft een vieze gelige kleurzweem gekregen. Heel anders dan het smakelijke gerecht dat voor je staat. Wat nu?

02 Puur beeldmateriaal

In een fotobewerker kun je dit helaas maar beperkt verhelpen. Je kunt hooguit een beetje bijsturen. Want ga je te ver, dan holt de beeldkwaliteit achteruit en kun je de foto alleen nog in het klein bekijken of afdrukken. Dat komt vooral omdat een jpg-bestand maar een fractie van het originele beeldmateriaal bevat en dat is ook nog eens flink bewerkt door de camera.

Fotografeer je in plaats daarvan in raw, dan heb je alle originele beeldinformatie van de sensor tot je beschikking, zonder dat de camera dat heeft bewerkt. Vaak kun je dan zowel details in de lucht als in het landschap terughalen. En zelfs die rare kleurzweem in het restaurant kan volledig hersteld worden. Dit betekent dat je met raw wél enorm veel vrijheid hebt om zaken als de belichting, kleuren, detaillering en scherpte volledig naar eigen smaak aan te passen. Met een minimum aan kwaliteitsverlies, zodat je alsnog de perfecte foto krijgt. Vandaar dat steeds meer mensen in raw fotograferen.

©PXimport

©PXimport

©PXimport

02 Een jpg-foto wordt al snel lelijk als je hem flink bewerkt. Begin je met een raw-bestand, dan krijg je pas echt een fraai plaatje.

03 Welke camera of smartphone

Om in raw te fotograferen, heb je wel een camera of smartphone nodig die dit ondersteunt. Vervolgens hoef je alleen nog maar via de instellingen aan te geven dat je het wilt activeren. Met een spiegelreflex of systemcamera (een modernere variant van de spiegelreflex) zit je eigenlijk altijd wel goed. Daarnaast bestaat er tegenwoordig een opvolger van de ouderwetse compactcamera’s, namelijk zogenaamde premium-compactcamera’s. Deze hebben een extra grote beeldsensor, zodat de technische fotokwaliteit een stuk hoger is. Een paar voorbeelden zijn de Sony RX100-serie, de Canon G8X en de Ricoh GR. Ook deze premium-compactcamera’s hebben raw aan boord.

Nu fotograferen we steeds vaker met een smartphone… het goede nieuws is dat raw-fotografie ook daarbij steeds vaker mogelijk is. Als je een iPhone met een 12megapixel-camera hebt en minimaal iOS 10 draait, dan kun je raw gebruiken. Dat zijn momenteel de iPhone SE, iPhone 6S (Plus) en iPhone 7 (Plus). Heb je een Android toestel, dan is Android versie 5 Lollipop of nieuwer vereist. Daarnaast heb je een toestel nodig waarop deze mogelijkheid uit het besturingssysteem (genaamd Camera2 API) ook daadwerkelijk door de telefoonfabrikant is geïmplementeerd. Raw zit in ieder geval op veel high-end-toestellen, zoals de LG G5, Samsung S7 (Edge) en de Huawei P9. Het is dus vooral een kwestie van de specificaties van jouw telefoon bekijken, of even de digitale handleiding op de website van de fabrikant raadplegen om te zien of het op jouw toestel mogelijk is.

©PXimport

04 Raw inschakelen

Zodra je weet dat raw op jouw toestel beschikbaar is, is inschakelen een eitje. Op zowel een gewone camera als een smartphone duik je hiervoor in het instellingenmenu. Daar is een optie te vinden waarmee je raw activeert. Hoe deze optie precies heet en in welk menuonderdeel hij verstopt zit, verschilt per merk en soms zelfs per cameramodel. Voor de duidelijkheid, op een smartphone moet je bij de instellingen van de camera-app zijn en niet bij de algemene toestelinstellingen. Het kan zijn dat je eerst de zogenaamde professionele stand van de camera-app moet activeren voordat de raw-optie in de instellingen beschikbaar komt.

Verder is het belangrijk om te weten dat raw-fotografie niet door de standaard camera-app van een iPhone ondersteund wordt. Hierin vind je dan ook geen raw-optie. Je moet er altijd een camera-app van een derde partij voor installeren. Goede apps hiervoor zijn ProCam 4 van Samer Azzam (3,99 euro) of het gratis MuseCam van Museworks. Heb je een Android-toestel, dan kun je gelukkig meestal wel met de standaard camera-app in raw fotograferen zodra dit geactiveerd is. Zit het daar toch niet in maar ondersteunt het toestel het wel? Dan kun je altijd nog een poging wagen met een app zoals Camera FV-5 van FGAE (2,99 euro) of Open Camera van Mark Harman (gratis).

©PXimport

Fotobewerker of raw-converter

Een jpg-foto bewerk je in een fotobewerker. Maar voor een raw-bestand heb je een zogenaamde raw-converter nodig. Dat lijkt misschien wat lastiger, maar je voert ongeveer eenzelfde soort bewerkingen uit als je al gewend bent, maar dan in een iets ander soort programma. Een voorbeeld van een raw-converter en tevens fotobeheerder is Adobe Lightroom CC, maar het kan ook gratis met het ietwat ingewikkelder Raw Therapee. Je vindt een masterclass over beide pakketten in Computer!Totaal 12-2016, ook te lezen hier. Daarnaast herkennen zowel Adobe Photoshop CC als Adobe Photoshop Elements en diverse andere fotobewerkers het vanzelf zodra je een raw-bestand opent. Dan kom je automatisch in een met het fotopakket meegeleverde raw-converter terecht. Die van Adobe heet bijvoorbeeld Camera Raw. Zodra je een raw-bestand hebt bewerkt, kun je daar een perfecte jpg-foto van laten maken, om te bekijken, printen of delen. Raw-bestanden die je met een smartphone maakt, kun je gewoon op het toestel zelf bewerken met bijvoorbeeld het overbekende en veelgebruikte Snapseed.

©PXimport

05 Zowel in raw als jpg fotograferen

Raw-bestanden herken je makkelijk aan de naam. Op smartphones hebben ze .dng als achtervoegsel. Bij een gewone camera hangt het van de fabrikant af. Bij Canon is het bijvoorbeeld .cr2, bij Nikon .nef en bij Sony .arw. Activeren van raw heeft wel een belangrijke consequentie. Want omdat je hierbij geen kant-en-klare jpg-foto’s meer krijgt, moet je altijd eerst de gemaakte raw-bestanden bewerken en daarna alsnog opslaan als jpg-foto’s voordat je ze kunt printen, publiceren of delen met anderen. Dat is niet altijd handig. Gelukkig is er een handige truc om alsnog razendsnel wat foto’s te delen. Op de meeste toestellen (camera’s en smartphones) kun je er in de instellingen voor kiezen om voor elke foto zowel een raw-bestand als een jpg-bestand op te slaan. Is de foto meteen goed? Dan gebruik je gewoon het jpg-bestand en dat is dat. Moet de foto eerst nog verbeterd worden? In dat geval neem je het raw-bestand, je bewerkt de foto en genereert daarna een betere en mooiere jpg-versie. Op die manier maak je gebruik van het beste van beide werelden. Overigens is in apps deze optie niet altijd aanwezig, maar worden ondanks dat vaak toch beide formaten opgeslagen. Dat is dus een kwestie van uitproberen.

©PXimport

06 Opslagruimte

Een jpg-foto bevat maar een fractie van de oorspronkelijke beeldinformatie en is ook nog eens gecomprimeerd. Daardoor zijn deze fotobestanden relatief klein. Een raw-bestand daarentegen bevat alle beeldinformatie en is daarmee een flink stuk groter. Er wordt soms een lichte mate van compressie toegepast, ditmaal zonder verlies van data, maar het blijven immense bestanden. Hoe hoger de resolutie van de beeldsensor, hoe groter de bestanden zullen worden. Een jpg-foto kan bijvoorbeeld twee of vier megabyte groot zijn, terwijl het bijbehorende raw-bestand gerust veertien of twintig megabyte groot is. Heb je ervoor gekozen om beide op te slaan, dan ben je uiteraard nog meer geheugenruimte kwijt. Kortom, fotograferen in raw heeft best een grote consequentie voor de opslagruimte. Gebruik je een digitale camera, dan kun je gemakkelijk even van geheugenkaartje wisselen. Je leert in de praktijk snel genoeg hoeveel kaartjes je bij je moet steken voor een dagje uit of een vakantie van een paar weken.

©PXimport

07 Opslagruimte smartphone

Bij een smartphone zijn de grote raw-bestanden een wat groter probleem. Bij veel telefoons (iPhones, maar ook sommige Android-toestellen) kun je het geheugen bijvoorbeeld niet uitbreiden. Bij Android-toestellen waar het geheugen wel is uit te breiden via een micro-sd-geheugenkaartje, is dat niet altijd even eenvoudig. Er wordt namelijk ook allerlei (app-)data naar dat geheugenkaartje weggeschreven en ook kunnen er apps op geïnstalleerd staan. Dat kaartje trek je dus beter niet zomaar uit het toestel. Fotografeer je graag en veel en wil je gebruikmaken van de vele voordelen van raw-fotografie? Dan is het aan te raden om – zodra je naar een nieuw toestel uitkijkt – hier goed rekening mee te houden. Met andere woorden, neem een smartphone met extra veel geheugen, speciaal voor de opslag van raw-bestanden. Gebruik ook een groot micro-sd-kaartje zodat je niet te snel tegen beperkingen aan loopt.

Niet-destructief bewerken

Bij een gewone jpg-foto bewerk je het beeldmateriaal rechtstreeks. Dus als je de kleuren en de belichting verandert en de foto daarna opnieuw opslaat, is dat een permanente wijziging. Je kunt dat niet meer terugdraaien of een kleine aanpassing doen, zoals de kleuren net even wat anders instellen. Je kunt hem hooguit opnieuw bewerken, maar dat is dan een bewerking bovenop de eerdere bewerking en geeft een minder fraai resultaat. Vandaar dat je beter eerst een kopie kunt maken, zodat je altijd vanuit het origineel kunt starten. Als je een raw-bestand bewerkt, gebeurt dat op een bijzondere manier. Hierbij pas je namelijk het beeldmateriaal niet rechtstreeks aan. Alle bewerkingen worden als een soort instructies los van het raw-bestand in een apart bestandje bewaard. Daar merk je verder niets van, een raw-converter zoals Lightroom of Snapseed regelt dit onzichtbaar voor je. Hierdoor kun je oneindig bewerkingen toevoegen, veranderen of weer weghalen. Pas zodra je een nieuwe jpg-foto uit het raw-bestand genereert, worden daarin al je bewerkingen op het originele beeldmateriaal aangebracht. Dit heet niet-destructief bewerken.

©PXimport

08 Offloaden naar je computer

Raw-bestanden zijn behoorlijk groot en nemen dus veel opslagruimte in beslag, maar gelukkig hoef je ze niet allemaal op je telefoon te bewaren. Net zoals je de foto’s op het geheugenkaartje van je camera regelmatig naar je computer overzet om ruimte vrij te maken, zo kun je dit het beste ook doen met de raw-bestanden op je smartphone. Het doel van raw-fotografie is immers om er mooiere en betere jpg-foto’s mee te maken.

Als je dat eenmaal gedaan hebt, bijvoorbeeld met een mobiele raw-converter zoals Snapseed, dan kun je in ieder geval de al wat oudere raw-bestanden het beste ergens op je computer archiveren. Daarmee win je enorm veel opslagruimte terug. Mocht je ze later nog een keer nodig hebben, dan heb je ze in ieder geval bewaard. Gooi raw-bestanden dus liever niet te snel weg. Je kunt ze het beste beschouwen als de moderne variant van het negatief uit het analoge fotografietijdperk. Raw-bestanden op een camera of smartphone zet je supereenvoudig over. Je verbindt het apparaat via een usb-kabel met de computer, waarna deze als een gewone schijf benaderd kan worden. Je moet zijn in een map genaamd DCIM. Daarin bevinden zich één of meerdere fotomappen. Natuurlijk kun je ze ook via wifi naar een clouddienst uploaden, maar doordat de bestanden groot zijn, duurt dit wel (veel) langer. Je kunt ook het geheugenkaartje van je camera in de kaartlezer van bijvoorbeeld je laptop plaatsen, en de beelden op deze manier kopiëren.

©PXimport

Weg of niet weg

Als je op een iPhone een foto weggooit, bijvoorbeeld omdat hij mislukt is, wordt zowel de jpg- als de raw-versie verwijderd. Doe je dit onder Android met bijvoorbeeld de Galerij-app, dan wordt alleen de jpg-foto verwijderd. Dit betekent dat het geheugen op den duur dichtslibt als je niet ook af en toe via een app als Bestanden even de achtergebleven raw-bestanden opruimt. Je kunt het ook via Verkenner doen als je telefoon toevallig een keer met je computer is verbonden.

▼ Volgende artikel
Supersnelle wifi in huis? TP-Link Deco BE25 is dé mesh-routerfavoriet van 2025
© TP-Link
Huis

Supersnelle wifi in huis? TP-Link Deco BE25 is dé mesh-routerfavoriet van 2025

Wat maakt een mesh wifi systeem de allerbeste van het jaar? Natuurlijk, je kunt afgaan op specificaties, maar die zeggen niet alles. Je hebt veel meer aan eerlijke reviews. Het TP-Link Deco BE25 Smart Mesh WiFi 7-systeem is door consumenten op Kieskeurig.nl verkozen tot Best Reviewed van het Jaar 2025 in de categorie routers. Wat deze router zo bijzonder maakt, lees je in dit artikel.

Partnerbijdrage - in samenwerking met TP-Link

Best Reviewed 2025: de strengste jury van Nederland

Op Kieskeurig.nl delen elke dag duizenden mensen eerlijke ervaringen met producten die ze écht gebruiken. Die collectieve feedback vormt de basis voor de Best Reviewed‑awards: producten die zich het hele jaar lang in de praktijk hebben bewezen en keer op keer hoge tevredenheid laten zien bij echte gebruikers. Het gaat dus niet om mooie beloftes en marketingtaal, maar om wat mensen dagelijks merken in de praktijk: is het apparaat betrouwbaar? Doet het wat het moet doen? Is het makkelijk in gebruik? De strengste jury van Nederland heeft gesproken: in de categorie Routers werd de TP‑Link Deco BE25 Smart Mesh WiFi 7 uitgeroepen tot dé favoriet van 2025.

Wat maakt de TP-Link Deco BE25 zo bijzonder?

Wat dit mesh-systeem technisch zo aantrekkelijk maakt, is de combinatie van moderne wifi-technologie en slimme netwerkfuncties. De TP-Link Deco BE25 ondersteunt Dual-Band WiFi 7 met een gecombineerde snelheid tot 3,6 Gbps, waardoor bandbreedte-intensieve toepassingen zoals 4K-streaming en online gaming soepel verlopen. Elke unit is bovendien voorzien van twee 2,5 Gbps-bekabelde poorten, wat zorgt voor maximale doorvoercapaciteit en flexibele aansluitmogelijkheden voor bijvoorbeeld een NAS, pc of gameconsole.

Een ander sterk punt is de mogelijkheid tot gecombineerde bekabelde en draadloze backhaul: dit zorgt ervoor dat de verbinding tussen de verschillende wifi-punten niet alleen snel, maar ook uiterst stabiel is, met minder latentie. Dankzij Multi-Link Operation (MLO) wordt data via meerdere frequentiebanden en kanalen tegelijk verzonden, wat zowel de betrouwbaarheid als de snelheid van het netwerk ten goede komt.

Daarnaast zorgt AI-gestuurde roaming ervoor dat je apparaten automatisch verbinden met het sterkste wifi-punt, zonder dat je daar iets voor hoeft te doen. Met TP-Link HomeShield beschik je over uitgebreide netwerkbeveiliging, waaronder realtime IoT-beveiliging en ouderlijk toezicht. Tot slot is het systeem universeel compatibel met alle internetproviders, modems én eerdere Deco-modellen, zodat je eenvoudig kunt uitbreiden of upgraden.

Dankzij deze optelsom van slimme functies is de TP-Link Deco BE25 een toekomstbestendige keuze voor iedereen die thuis wil genieten van stabiele, snelle en veilige wifi overal in huis.

©TP-Link

TP-Link Deco BE25: waarom gebruikers zo tevreden zijn

De titel Best Reviewed van het Jaar 2025 is gebaseerd op wat gebruikers in het dagelijks gebruik écht belangrijk vinden: betrouwbaarheid, gebruiksgemak en prestaties. Juist op die vlakken scoort dit mesh-systeem keer op keer hoog.

Dat begint al met het installatieproces. Gebruikers geven aan dat het instellen van de set bijzonder eenvoudig is. "De installatie was erg eenvoudig dankzij de intuïtieve Deco-app, waarbij het systeem binnen een paar minuten operationeel was." Ook de snelheid en prestaties vallen in de smaak. De reacties liegen er niet om: "Ik was gelijk onder de indruk van de snelheid, op sommige plekken in huis haal ik met gemak 400 Mbps." En: "De snelheid is werkelijk top: zelfs in de verste hoeken van het huis blijft de verbinding stabiel en razendsnel."

Dat is mede te danken aan de sterke mesh-dekking en de soepele roaming tussen de units. Een gebruiker vat het krachtig samen: "De mesh WiFi zorgt voor een sterke en stabiele verbinding in het hele huis. Zelfs op zolder blijft de snelheid hoog en zonder haperingen." Anderen merken op dat apparaten automatisch overschakelen naar het dichtstbijzijnde wifi-punt: "Alle apparaten melden zich netjes aan bij het punt dat het dichtste in de buurt is. Telefoons schakelen vloeiend over."

De algehele gebruikservaring wordt bovendien als zeer positief ervaren. Niet alleen vanwege de prestaties, maar ook dankzij de handige app-functies. "Overal in huis een stabiele verbinding. De app biedt handige functies zoals apparaatbeheer en statusweergave," aldus een reviewer. En over de nieuwe WiFi 7-technologie zegt iemand: "Dankzij WiFi 7 profiteer je van extreem hoge doorvoersnelheden en minimale latency, ideaal voor gamen, streamen en zware downloads."

Hoewel er hier en daar kleine opmerkingen zijn - zoals dat de snelheidswinst van WiFi 7 niet altijd zichtbaar is op oudere apparaten - overheerst de positieve toon duidelijk. Wat consumenten vooral waarderen, is hoe de TP-Link Deco BE25 hun wifi-ervaring in huis structureel verbetert: minder uitval, meer snelheid en stabiel internet in elke ruimte. Dat maakt het tot een set waar je echt op kunt bouwen.

©TP-Link

Een eerlijk oordeel

De TP‑Link Deco BE25 combineert technische kracht met eenvoud en gebruiksgemak - precies wat veel consumenten zoeken in hun thuisnetwerk. Door de combinatie van snelle prestaties, brede dekking en een intuïtieve app‑gestuurde installatie verdient dit systeem de titel Best Reviewed van het Jaar 2025. Of je nu een groot huis hebt, meerdere apparaten tegelijk gebruikt of gewoon een stabielere en snellere wifi‑ervaring wilt: de TP-Link Deco BE25 is volgens gebruikers een uitstekende keuze.

Ontdek de TP‑Link Deco BE25 op Kieskeurig.nl

▼ Volgende artikel
Review: In Reanimal mag je samen naar de gemuteerde kinderboerderij
© Tarsier Studios/Tijn Kranen
Huis

Review: In Reanimal mag je samen naar de gemuteerde kinderboerderij

Achtpotige mottenballen, levende huidplooien en gemuteerde pelikanen: in het ‘schattige’ Reanimal kom je het allemaal tegen. Gelukkig sta je er niet alleen voor, want je kunt er voor kiezen om samen met een medespeler via coöp dit levende schilderij in te duiken - al is het resultaat vooral dat je sámen geen snars van het verhaal snapt.

Het Zweedse Tarsier Studios heeft al even geoefend met het concept van Reanimal. De game heeft namelijk een hoop weg van hun vorige games, Little Nightmares 1 en 2: ook hier wandel je door een stel surrealistische, levende horrorschilderijen.

Hoewel het niet letterlijk om een schilderij gaat, kan ik het gevoel niet anders beschrijven. Je beweegt je door een reeks prachtige omgevingen gevuld met bizarre monsters, die vooral de logica volgen van nachtmerries en kinderangsten. Reanimal lijkt in de verte wel een verhaal te willen vertellen, maar Tarsier beseft dondersgoed dat minimalisme het alleen maar griezeliger maakt.

Watch on YouTube

Simpel doch effectief

De mist hangt over het waterlichaam. Er zit een kind in een bootje. Als je aan de knoppen zit te morren, heb je door dat jij het kind bestuurt - tijd om naar dat rode licht in de verte te varen. Als je dichterbij komt, blijkt het een boei te zijn, met daarnaast spartelend in het water een vriendje. Ze klimt bij je in de boot. Als je een tweede controller aansluit of online speelt, is dit je coöp-partner. Zo niet, dan blijft het een computergestuurde vriend die vooral gezelschap biedt.

Terwijl je samen van boei naar boei vaart, doemt er in de verte een rotspartij op. Oh, die ziet er groot uit. Wacht, die is écht groot! Als je eenmaal bij het strand komt, ram je je bootje het zand in. Zo, die ligt lekker stevig.

Als je een dichte deur tegenkomt, snap je als gamer wel wat je missie is: zoek maar naar een sleutel. Vervolgens blijf je zonder echte reden maar een pad volgen, al kom je er gaandeweg achter dat je andere kinderen probeert te redden van monsters.

©THQ Nordiq/Tarsier Studios

Een versleten screenshotknop

Het verhaal staat dus niet echt voorop - en eerlijk gezegd staat diepgaande gameplay óók niet echt voorop. Maar wat maakt deze game dan in godsnaam zo indrukwekkend? Dat komt allemaal neer op fenomenaal ontworpen omgevingen en geniaal ontworpen monsters.

Het helpt daarbij dat Reanimal een ontzettend goed gevoel van schaal weet over te brengen: je voelt je piepklein, en grote dingen in de spelwereld voelen gigantisch. Daar komt ook een sterk staaltje camerawerk bij kijken. Op precies de juiste momenten wordt de camera naar achteren getrokken om te onthullen dat er in de achtergrond al de hele tijd een of ander gemuteerd boerderijdier op je ligt te wachten.

Op de PlayStation 5, waar we de game op hebben gespeeld, ziet Reanimal er prachtig uit. Op een zeldzame lelijke texture na is het spel gevuld met visuele meesterwerkjes. Je kunt op ieder willekeurig moment een screenshot maken, en het bij wijze van spreken inlijsten en ophangen. In vijf uur speeltijd heb ik 108 screenshots gemaakt, mede vanwege de mooie lichtinval.

Slide
Slide
Slide
Slide

Niet meer dan een middag

Daar is dan ook meteen het grootste struikelblok: in vijf uurtjes was ik wel door de game heen, terwijl ik het best rustig aan deed. Het spel gaat voor vier tientjes over de toonbank - toch best een hoge prijs voor zo’n korte game. In coöp doe je er misschien nog iets langer over, maar ik zou er niet op rekenen.

In de omgeving zijn er nog enige collectibles te vinden: posters met concept art en dierenmaskers, waar je je personages mee kan aankleden. Dat is best leuk, want die art is belachelijk mooi en die maskers worden steeds absurder. Gelukkig spat de kwaliteit er wel van af, want iedere omgeving is een kunstwerk op zich.

©Tarsier Studios/Tijn Kranen

Lekker rondkijken

Om nog even op die coöp-gameplay terug te komen: we hebben hier niet te maken met een game als Portal 2, waarbij de puzzels zijn gebouwd om als duo op te lossen. Hoewel de functie een van de selling points is, heb je absoluut geen tweede speler nódig.

De coöp-modus is zowel online als lokaal beschikbaar, al is er geen matchmaking. Je moet de lobbycode invoeren van de persoon met wie je wil spelen, dus met een vreemdeling spelen is er niet bij. We hebben de functie daardoor niet uitvoerig kunnen testen, maar het lijkt prima te werken.

Voor de puzzels heb je ook geen twee sets hersenen nodig: het zijn vrij simpele puzzels die er vooral voor zorgen dat je aandacht naar de mooie locaties getrokken wordt. Ingewikkelder hoeft het ook niet te zijn, want als je echt je hersens had moeten gaan kraken, dan had het die melancholische droomsfeer misschien wel kapotgemaakt.

©Tarsier Studios/Tijn Kranen

Hypnotiserend

Tarsier Studios weet precies wat Reanimal moet zijn: hypnotiserend, surrealistisch, schattig en tegelijkertijd doodeng. Het minimalistische verhaal is lastig te volgen, maar de gevoelens raken wél - al is het einde wat abrupt. Het grijpt je niet bij de keel, maar glijdt langzaam om je strot heen en knijpt zonder dat je het doorhebt.

Het voelt als de vreemdste plekken uit Silent Hill, of de Dark Place uit Alan Wake 2, maar het heeft ook weer wat weg van Coraline en Guillermo Del Toro’s Pinocchio. Het deed me misschien nog het meest denken aan deze concept trailer van Silent Hills, een game die helaas nooit het daglicht heeft mogen zien.

Stel je voor dat je door een bioscoop heen loopt, waar een dood (of gehypnotiseerd) publiek zit te kijken naar iets dat je alleen kan vergelijken met de videoband uit The Ring. Als je naar buiten komt, staat er een grote spinachtige man met een ijscowagen op je te wachten om je op te grissen. Als je eenmaal aan hem bent ontsnapt, wordt je geconfronteerd met de volgende griezelige omgeving en een nieuw, prachtig, tragisch en doodeng gemuteerd monster. In Reanimal snap je misschien niet precies wat er gebeurt, maar je gaat het zeker niet vergeten.

Reanimal is vanaf 13 februari verkrijgbaar voor PlayStation 5, Xbox Series-consoles, Nintendo Switch 2 en pc. Voor deze review is de game op PlayStation 5 gespeeld.

Goed
Conclusie

De visie achter Reanimal is duidelijk: geen ingewikkelde puzzels of verhaallijnen, maar een gestroomlijnde, sfeervolle koortsdroom met gedetailleerde plaatjes (en monsters) die nog lang in je hoofd blijven hangen. Tarsier Studios had de game kunnen opvullen met meer omgevingen of meer simplistische puzzels, maar dat zou wellicht alleen maar aan de ervaring af doen. Reanimal is daardoor wat aan de simpele en korte kant, maar de game blijft na het uitspelen wel nog veel langer door je hoofd spoken.

Plus- en minpunten
  • Kunstzinnige monsters en omgevingen
  • Mooie graphics
  • Co-op-functie is een welkome toevoeging
  • Gameplay maar weinig diepgaand
  • Kort en een tikje anticlimactisch
  • Niet erg uitdagend