ID.nl logo
De LG 8X ThinQ is een slim alternatief voor de opvouwbare smartphone
© Reshift Digital
Huis

De LG 8X ThinQ is een slim alternatief voor de opvouwbare smartphone

De nieuwskoppen worden voor smartphones gedomineerd door Samsung en Huawei, die in een race beland zijn om als eerste een smartphone met opvouwbaarbaar scherm op de markt te brengen. Dit levert de nodige kinderziektes op. LG lijkt een stuk inventiever op dat gebied: de LG G8X ThinQ heeft een tweede scherm in z’n openslaande hoesje.

Opvouwbare schermen ogen heel futuristisch en Samsung en Huawei willen (respectievelijk) zo snel mogelijk de Galaxy Fold en de Mate X op de markt brengen. Toch blijken er aardig wat kinderziektes, waardoor vertraging op vertraging wordt gestapeld en de Galaxy Fold verschijnt uiteindelijk niet eens op de Nederlandse markt. Ook de prijs is zeer ontoegankelijk. Je betaalt tegen de 2.000 euro voor een smartphone met opvouwbaar scherm. Opvouwbare schermen zijn een beetje de conceptauto’s onder de smartphones.

LG G8X ThinQ

Een stuk praktischer en toegankelijker is de G8X ThinQ van LG. Op het ook een gewone smartphone van het Zuid-Koreaanse bedrijf. Het is echter het hoesje dat de smartphone speciaal maakt. In deze flip-cover zit aan de binnenkant een tweede scherm verwerkt. Het scherm in het hoesje is identiek aan het scherm van de smartphone: zelfde formaat, zelfde oledscherm, zelfde helderheid, zelfde kleurweergave. Het hoesje klap je met een scharnier open, waardoor je beide schermen kunt positioneren zoals je zelf prettig vindt: als een boek, helemaal recht, of helemaal doorgedraaid zodat je een scherm aan de voor- en achterzijde hebt.

Dit concept is wel wezenlijk anders dan de opvouwbare smartphones. Je houdt twee losse schermen, terwijl de opvouwbare schermen als één groot paneel dienen. Het maakt de praktische toepassingen van de G8X ThinQ net even anders. Zo kun je bijvoorbeeld het toestel kantelen en bij het spelen van games de controller op het onderste scherm tonen, zodat je kunt gamen als met een Nintendo 3DS. Of als een laptopje typen door een toetsenbord op het onderste scherm te plaatsen. Wat me gek genoeg met (enige weemoed) doet terugdenken aan de HTC Desire Z uit 2010. Natuurlijk zijn er ook andere concepten voor te bedenken, bijvoorbeeld videobellen, aantekeningen maken bij een video, twee browservensters naast elkaar… Of gewoon twee apps.

©PXimport

Hoesje

Het hoesje waar je de LG G8X in plaatst is niet bijzonder dik, waardoor het toestel dichtgeklapt een stuk dunner is dan een samengevouwen Mate X of Galaxy Fold. De voorkant van dit hoesje is spiegelend, waardoor de liefhebber met een spiegeltje op zak heeft. In het spiegelende oppervlak heeft LG ook een always on-display geplaatst, zodat je altijd kunt zien hoe laat het is, welke notificaties er zijn en wat voor weer het buiten is.

Natuurlijk valt de smartphone ook zonder hoesje te gebruiken. Dan heb je een toestel zoals je gewend bent. In dit geval een smartphone gelijkend op de LG G8, die afgelopen zomer verscheen. Op deze manier is hij iets kleiner en makkelijker mee te nemen.

©PXimport

Smartphone van de toekomst?

Natuurlijk staat of valt het concept van LG bij praktische toepassingen. Twee apps naast elkaar draaien is leuk, maar daar koop je geen smartphone voor. LG en app-ontwikkelaars zullen hier nog flink creatief aan de bak moeten om gebruikers te overtuigen van het concept. In ieder geval heeft LG een groot pluspunt ten opzichte van de opvouwbare smartphone: de prijs blijft onder de duizend euro: 949 euro. Hoewel dat nog altijd een hoop geld is voor een telefoon, is die prijs een stuk toegankelijker dan de opvouwbare alternatieven, die minstens twee keer zo duur zijn.

De LG G8X ThinQ is vanaf 14 november verkrijgbaar.

▼ Volgende artikel
Column: Overwatch 2 heeft juist nu een PvE-modus nodig
© Blizzard
Huis

Column: Overwatch 2 heeft juist nu een PvE-modus nodig

Liveservicegames en hero shooters waren in 2016 niet per se nieuw. Destiny ging al twee jaar hard, en hoewel nieuwkomer Overwatch erg goed ontvangen werd, trokken sommigen al snel vergelijkingen met Valve’s inmiddels oude Team Fortress 2. Toch wist de hero shooter van Blizzard een Game of the Year Award voor de neus van onder andere Uncharted 4: A Thief’s End weg te grissen. Het was een glorieus begin van een moeizaam traject.

In de afgelopen tien jaar onderging Overwatch grote veranderingen. Na een groot succes met ruim 50 miljoen totale spelers in de eerste drie jaar kondigde Blizzard in 2019 aan dat er een vervolg zou komen, dat ‘naast het originele Overwatch’ moest bestaan en uitgebreid werd met Player-versus-Environment-content. De 6-tegen-6 Player-versus-Player-gameplay waar Overwatch om bekendstaat, zou blijven bestaan en voorzien worden van dezelfde content in de twee games. Ook zou Overwatch 2 een exclusieve PvE-modus met een verhaallijn en skill-trees krijgen, waarmee ieder personage op zowel grote als subtiele wijze aangepast kon worden.

©Blizzard

Nee, toch niet

Wie Overwatch 2 sinds de early access-verschijning eind 2022 heeft gespeeld, weet dat daar maar bar weinig van is waargemaakt. Overwatch en Overwatch 2 werden ten eerste geen aparte titels: laatstgenoemde heeft de plaats van het origineel simpelweg ingenomen. Die verhaalmodus? Voor 15 euro kreeg je met de 1.0-release van Overwatch 2 in augustus 2023 toegang tot drie missies. Die verkochten niet goed genoeg voor Blizzard – volgens bronnen Bloomberg - waarmee de mogelijkheid van meer PvE-content direct werd begraven.

Het was toen zelfs al bekend dat de PvE-modus grotendeels geschrapt was, gezien de modus volgens regisseur Aaron Keller ‘de focus tijdens het ontwikkelproces van de game belemmerde’. Dat is geen vreemde redenering, maar PvE was wel juist datgene dat Overwatch 2… nou ja, Overwatch 2 maakte. Uiteindelijk was de lancering van de ‘nieuwe’ game vooral een grote update, met drie nieuwe personages, wat extra arena’s en een nieuwe 5v5-opzet in plaats van 6v6. Er stond nu slechts een ‘2’ achter.

©Blizzard

Een alternatieve toekomst

Recent werd aangekondigd dat Overwatch 2 het cijfer van de naam afknipt met het twintigste seizoen en dus weer gewoon Overwatch heet – we zijn dus weer terug bij af. Ik stapte zelf destijds op de Overwatch-trein door juist de belofte van PvE in het vervolg, en heb uiteindelijk pakweg 300 uren tussen beide games verdeeld. Hoewel ik naarmate de tijd vorderde wat uren in de competitieve modus stak, maakte het spelen met vrienden de ervaring écht vermakelijk.

Gezellig kletsen, schreeuwen tegen willekeurige teamgenoten en de mix van tactiek en variatie die de vele personages in Overwatch bieden: dat staat mij bij. Een PvE-modus waarin juist dat samenspel en de speelwijze van de verschillende heroes aan te passen zijn naar jouw speelstijl was een soort heilige graal, die uiteindelijk dus nooit verscheen. Dat is eeuwig zonde. De competitieve e-sportscene van Overwatch is al sinds het begin een belangrijk aspect van de game, dus ergens is het begrijpelijk dat het team dit niet uit het oog wilde verliezen.

©Blizzard

Maar juist in de laatste jaren zien we een interessante verschuiving naar PvE, of in ieder geval multiplayer-ervaringen die niet geheel om competitie draaien. Denk aan Helldivers 2 van een paar jaar terug, waarin vrienden en willekeurige spelers het opnemen tegen legioenen aan vijanden – en zelfs wereldwijd samen naar een doel werken. Of de explosie aan zogenaamde ‘friendslop’ games als Peak en Lethal Company, die geheel draaien om het samen uitvoeren van taken als een berg beklimmen of het verzamelen van schroot. Een game als Arc Raiders bevat daarbij ook PvP-elementen, maar staat ook bij omdat meerdere spelers samen kunnen komen om een gigantische robot te verslaan. Video’s waarbij spelers plots oude vrienden tegenkomen in de game tonen aan waarom PvE momenteel zó ontzettend leuk kan zijn.

De realiteit

Het is achteraf makkelijk te zeggen, maar de originele visie voor Overwatch 2 had best een prominente rol in het huidige gamelandschap kunnen bekleden. Met de aankondiging werden uitgebreide skilltrees getoond voor de verschillende personages waar Overwatch om bekendstaat.

©Blizzard

Een van Mei’s speciale vaardigheden is bijvoorbeeld het veranderen in een ijspegel, om zo health terug te verdienen en een paar seconden onverwoestbaar te zijn. Met een van de skills die getoond werd veranderde deze ijspegel in een ijsbal, waarmee ze op spectaculaire wijze door groepen vijanden kan kegelen. De PvE-modus had de potentie om een soort zandbak voor dergelijke ideeën en ingrijpende veranderingen voor het klassieke Overwatch te worden. Een speelsere mix van skills en samenwerking om juist die avonturen uit bijvoorbeeld een Helldivers 2 te nabootsen. De tactische teamgameplay had dan ook niet hoeven verdwijnen, het zou juist vet geweest zijn om met vrienden verschillende skills af te stemmen en los te laten op de robots van Null Sector.

Dat is nog zoiets: de lore en verhaallijn van Overwatch zijn ontzettend interessant, en had meer in de schijnwerpers kunnen staan met de PvE-insteek. Nog voordat ik de games überhaupt had aangeraakt, verslond ik de prachtig geanimeerde filmpjes van Blizzard en verhalen die ze voor de personages uitbrachten.

Watch on YouTube

Wat ik dan ook zie van de nieuwe update wringt met mijn gevoel. Ja, het lijkt erop dat Blizzard een inhaalslag maakt en sneller met nieuwe personages komt om de game fris te houden. Het wekt de indruk dat we weer terug zijn bij het ‘oude’ Overwatch, en dat de ontwikkelaar nog altijd een sterke hero shooter wil behouden nu concurrenten als Marvel Rivals het speelveld hebben betreden. Toch kan ik het niet laten om te fantaseren over hoe Overwatch meer had kunnen zijn dan een hero shooter.

De realiteit is dat het Overwatch-team geen goede balans wist te vinden tussen het bijhouden van de PvP- en competitieve scene van Overwatch en de ontwikkeling van de PvE. Zonde, want zeker in het huidige multiplayerklimaat, waar mensen steeds meer achterover lijken te hangen om met elkaar te spelen in plaats van tegen elkaar, had het originele Overwatch 2 perfect gepast.

▼ Volgende artikel
We geven Mario Tennis Fever weg voor de Switch 2
Huis

We geven Mario Tennis Fever weg voor de Switch 2

Samen met onze vrienden van bol geven we wekelijks een nieuwe game weg, en deze week is dat natuurlijk Mario Tennis Fever.

Fever verscheen namelijk deze week voor de Nintendo Switch 2 en is volgens onze Simon een uitstekende Mario-sportgame. Met z'n Fever Rackets - die speciale slagen vol onvoorspelbare effecten mogelijk maken - goede basisgameplay en flink wat content weet Fever boven de afgelopen delen uit te stijgen:

Mario Tennis Fever barst van de content. De vele personages, banen en rackets geven unieke, diepere lagen aan de gameplay en multiplayerpotjes gaan met grote glimlach en een berg vertier gespeeld worden. Jammer voor de wat volwassenere spelers dat die volgende laag diepgang nét niet geraakt wordt. Daarvoor is het singleplayeraanbod niet genoeg, de tegenstanders niet uitdagend genoeg en ontbreekt er hier en daar net wat finesse. Maar ga zo door, Nintendo. Mario Tennis Fever zit namelijk wél in de richting van die tijdloze Camelot-klassiekers waar we zo naar hunkeren.

Winnen

Wat moet je doen om te winnen? Ga naar de website van bol, vind de productcode in de url (bestaande uit zestien cijfers) en vul die hieronder in het invulformulier in! Vergeet ook niet je naam en emailadres in te vullen, dan sturen we je zo snel mogelijk een code om de game fysiek op bol.com te bestellen!

Werkt het formulier niet? Klik dan hier.

Watch on YouTube