ID.nl logo
De invloed van tablets op zakendoen
© Rymden - stock.adobe.com
Huis

De invloed van tablets op zakendoen

Pas 18 maanden geleden bracht Apple de iPad uit. De snelle bevolking van bedrijven door tablet pc's heeft nu al grote invloed op gebruikersproductiviteit.

De iPad is een gigantisch succes. Met 32,4 miljoen verkochte exemplaren in het fiscale jaar 2011 valt dat niet te ontkennen. Ook binnen het bedrijfsleven heeft de iPad meer invloed verworven dan menigeen op voorhand had gedacht.

Tijdens het evenement Enterprise MobileNext Forum, vorige week gehouden in San Francisco, was een van de meest besproken onderwerpen de plussen en minnen bij het gebruik van tablets binnen een onderneming. Hoofd onderzoeker Crawford Del Prete van IDC ging in op de mobiele voorspellingen voor de komende tien jaar.

Niet zo verrassend is dat IDC voorspelt dat het gebruik van tablets komende vijf jaar drastisch toeneemt. Del Prete verwacht dat het aantal businessapplicaties wat door mobiele apparatuur wordt benaderd toeneemt van 10 procent (2010), naar 41 procent (eind 2011) om uiteindelijk uit te komen op 70 procent in 2015. Waar in 2010 'slechts' 6,8 miljard mobiele apparaten actief gebruikt werden, verdriedubbelt dat aantal tot 29 miljard apparaten in 2020.

Weliswaar biedt deze verandering veel voordelen, niet vergeten mag worden dat het beheer van tablets een complexe taak is waaraan veel risico's kleven, van ze beveiligen tot er budget voor kunnen vrijmaken,

Het gevaar van voor iedereen een tablet kopen

Hoewel de voordelen van tablets duidelijk mogen zijn - ze zijn mobieler dan laptops, ze doen het direct, kennen duizenden beschikbare apps, kennen prachtige graphics en bieden een handige aanraakgebaseerde gebruiksinterface - zijn er genoeg IT-managers te vinden die worstelen met de uitdagingen die er soms nog liggen.

Misschien belangrijker nog dan het instellen van policies en beveiligde toegang tot data, is het inkaderen van tablets in een budget, zegt Del Prete.

"Tablets kunnen het benodigde budget tot 60 procent laten toenemen en hun verversingscyclus is gelijk aan dat van een smartphone - twee en een half jaar", zegt Del Prete. "Als je zonder blikken of blozen ja zegt tegen iedereen die een tablet wil hebben, ga je failliet."

De onderzoeksdirecteur raadt aan om goed te bepalen wie er van het personeelsbestand werkelijk een tablet nodig heeft. Over het algemeen genomen hebben werknemers die aan een bureau gebonden zijn en content creëren gewoon een pc nodig, terwijl bestuurders en reizigers zoals verkopers die juist content consumeren prima kandidaten zijn voor een tablet.

Beveilig de tablet: vind een balans tussen controle en flexibiliteit

Het belangrijkste bij het veilig houden van een tablet als de iPad en tegelijkertijd gebruikers tevreden stellen is door een balans te zoeken tussen flexibiliteit en controle, zegt IDC-onderzoeksdirecteur Nick McQuire.

"Tabletgebruik en de consumerisatie van IT hebben de traditionele rol van IT ondersteboven gekeerd", zegt McQuire. "Nu maken de gebruikers de beslissingen en is de taak voor IT om deze nieuwe vrijheid toe te staan zonder het te laten ontaarden in anarchie."

iT-afdelingen hebben de keus tussen het ondersteunen van private tablets van werknemers of om ze zelf voor hen te kopen. De meeste bedrijven ondersteunen persoonlijke tablets; een gedeelte van de BYOD-beweging kwam pas van de grond toen C-level directeuren hun iPads naar werk meebrachten en om ondersteuning van IT gingen vragen.

Desondanks zijn er ook organisaties te vinden waar wel tablets voor werknemers worden gekocht (de duurdere optie). Hoe dan ook moet IT securitymaatregelen treffen: het gebruik van sterke wachtwoorden, MDM (Mobile Device Management), dataversleuteling en ondersteuning - zonder dat er sprake is van een 'lock-down' modus waarin de bewegingsruimte van de gebruiker te beperkt wordt. "Je wilt niet de toegang tot apps beperken of het snelle opstarten die de tablet op de eerste plaats een succes maken", zegt McQuire.

Voordelen: tablets 'bevrijden' werknemers

Als je het goed doet, zorgen tablets voor meer productieve werknemers en verdienen ze zichzelf uiteindelijk met gemak terug. Voor Roche, een Zwitserse farmaceut met 80.000 werknemers, betekende een ambitieuze uitrol van iPads eerder dit jaar een bevrijding voor de verkooptak van het bedrijf.

In juli kocht Roche 8000 iPads voor zijn verkopers. De iPads vervangen hiermee traditionele laptops, waarmee het een gewaagde keuze vormt. De verkopers zijn niet ontevreden. Integendeel, zegt projectmanager Marc Wiest van Roche. "Onze salesvertegenwoordigers kunnen efficiënter werken met iPads want ze hebben vaak niet zoveel tijd om iets te pitchen."

"Ze hebben een kwartier met een dokter en moeten zoveel mogelijk in die tijd doen", legt Wiest uit. "De iPad staat direct aan, apps zijn direct toegankelijk en wat getoond kan worden is grafisch van hoogstaande kwaliteit."

Wiest geeft toe dat governance en compliance bij de iPad lastig zijn, helemaal in een streng gereguleerde branche als de farmaceutische industrie. "Het is minder veilig dan een laptop", zegt Wiest, "en het is een uitdaging om te voldoen aan de eisen met wat eigenlijk een consumentenapparaat is."

Hoe meer bedrijven, waaronder Roche, hun eigen apps en app stores bouwen en hoe meer zakelijke softwarereuzen als Citrix, Oracle, SAP en IBM bouwen aan iPad apps, hoe meer de iPad een zakelijk apparaat wordt wat de extra aandacht aan security waard is, zegt Wiest.

"iPads hebben onze salesforce bevrijd van het bureau en hebben hen de vrijheid gegeven om beter zaken te doen", zegt hij.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.