ID.nl logo
Windows 10 sneller opstarten met gratis tools
© Reshift Digital
Huis

Windows 10 sneller opstarten met gratis tools

Windows 10 sneller opstarten omdat het iedere keer zo lang duurt? Er zijn verschillende opties denkbaar en in dit artikel zetten we er een paar uiteen. Binnen het besturingssysteem zelf kun je al veel doen, maar er zijn ook handige tools als Process Monitor en BootRacer beschikbaar.

Zoals bij veel andere systeemprocessen houdt Windows gedetailleerde logs bij over het bootproces. Om deze in te zien, voer je het commando eventvwr.msc uit in het Windows startmenu en navigeer je in het linkervenster achtereenvolgens naar Logboeken (lokaal) / Logboeken Toepassingen en Services / Microsoft / Windows / Diagnostics-Performance / Operational. In het middelste venster klik je vervolgens op de kolomtitel Gebeurtenis-id, zodat die oplopend wordt gesorteerd. Iedere keer dat Windows opstart worden er namelijk gebeurtenissen met ID 10x gelogd inclusief de starttijd, de ID’s lopen van 100 tot 110: 101 voor applicaties, 102 voor drivers, 103 voor services enzovoort.

Afhankelijk van hoe deze starttijd afwijkt van wat als normaal wordt beschouwd, krijgt het item een aangepast niveau mee: Waarschuwing, Fout of Kritiek. Je kunt de gebeurtenissen desgewenst ook sorteren volgens niveau. Handig om weten: ook bij het afsluiten van Windows worden hier gebeurtenissen gelogd (met ID 200, of 201 en hoger indien het afsluitproces te lang duurde).

Lees ook: Windows troubleshooting met logboeken

©PXimport

Wat heb je nou aan die logs met gebeurtenissen-ID’s 100 tot 110? Het kan geen kwaad ze af en toe even door te lopen. Als je op zo’n event klikt, lees je in het venster eronder niet alleen de Totale tijd (in milliseconden) af, maar ook de Tijd van degradatie. Dit laatste kan relevant zijn aangezien dat aangeeft hoeveel langer dan gewoonlijk de opstart van dit onderdeel duurde. Zelfs als die relatief hoog blijkt, hoeft er niet noodzakelijk iets aan de hand te zijn. Immers, het kan bijvoorbeeld om een automatische update van dit onderdeel gaan. Blijken dergelijke vertragingen zich frequenter voor te doen, dan doe je er wellicht goed aan dit onderdeel nader te bestuderen.

Mocht je je afvragen wat BootTime precies inhoudt (op het tabblad Details bij een Event-ID 100): dat is de som van MainPathBootime (de tijd tussen het verschijnen van het Windows-logo en het inlogscherm of het bureaublad) en de BootPostBootTime (de tijd tussen het verschijnen van het inlogscherm of het bureaublad en het moment waarop het systeem echt bruikbaar is, vanaf 80% ‘idle time’).

Onderaan het tabblad Algemeen tref je weliswaar de link Help online aan, maar die leidt haast nooit tot concrete tips. Je kunt meer bruikbare feedback krijgen door die links aan een andere bron te koppelen. Start de Windows Register-editor op via het startmenu en navigeer je naar HKEY_LOCAL_MACHINE\SOFTWARE\Microsoft\Windows NT\CurrentVersion\Event Viewer, waar je de waarde van de sleutel MicrosoftRedirectionURL vervangt door https://www.howtogeek.com/eventid. Je kunt natuurlijk ook zelf googelen naar feedback. Dat doe je dan het best op basis van de bron en het event-ID.

Process Monitor

Weinig gebruikers weten dat de populaire Sysinternals-tool Process Monitor zich ook laat inzetten voor een analyse van het bootproces. Start de applicatie op, ga naar het menu Options en activeer Enable Boot Logging. Wil je extra veel feedback, plaats dan een vinkje bij Generate thread profiling events (Every second) en bevestig met OK. Sluit Process Monitor af en start je pc opnieuw op.

Na het booten start je ook Process Monitor weer opnieuw: je krijgt de vraag te zien of je de verzamelde data wilt bewaren. Een bevestigend antwoord zorgt dat het logbestand (Bootlog.pml) standaard in de map C:\Users\<gebruikersnaam>\Documents terechtkomt. Process Monitor laadt het meteen in, maar je kunt het logbestand ook altijd later weer oproepen (via File / Open). Om snel in te zoomen op de processen die relatief veel tijd in beslag nemen tijdens het booten, kun je een extra filter activeren.

Kies Filter / Filter en stel bijvoorbeeld de volgende filterregel in: Duration more than 1 then Include. Bevestig met OK (dat herleidde het aantal items in onze test van een onwerkbare 4,8 miljoen naar een behapbare 187). Vervolgens kun je de resterende items aan een nader onderzoek onderwerpen. Een wat ouder, maar nog steeds informatief voorbeeld van zo’n analyse vind je hier.

©PXimport

BootRacer

Zowel de Windows Logboeken als Process Monitor geven je informatie over het bootproces, maar de tool BootRacer giet het ook nog in een gebruiksvriendelijk format (gratis voor niet-commercieel gebruik). Toegegeven, het is geen tool die je permanent op je systeem wilt hebben, maar bij het troubleshooten of optimaliseren van het bootproces komt Bootracer goed van pas. Tijdens de installatie laat je bij voorkeur alle opties ingeschakeld. Wanneer je vervolgens je systeem opnieuw start, zul je BootRacer aan het werk zien (helaas inclusief een paar advertenties). Wanneer je de app vervolgens oproept, zie je precies hoelang het opstartproces duurde.

BootRacer deelt dit proces op in vier fasen: Preboot, Windows Boot, Password Timeout en Desktop. De Preboot-fase speelt zich vooral op het niveau van uefi of bios af en kan derhalve niet door BootRacer worden gemeten. De derde fase (Password Timeout) wordt door de app genegeerd. Immers, tijdens deze fase wacht Windows op het invoeren van je wachtwoord. Overigens kun je deze wachttijd desgewenst compleet uitschakelen: druk op Windows-toets+R, voer netplwiz of control userpasswords2 uit, selecteer de standaard accountnaam, verwijder het vinkje bij Gebruikers moeten een gebruikersnaam en wachtwoord […] en bevestig met OK.

©PXimport

Met de overige twee fasen houdt BootRacer wél rekening bij het berekenen van de boottijd: enerzijds de systeeminitialisatie zoals het laden van stuurprogramma’s en het opstarten van services (Windows Boot), anderzijds het voorbereiden van het bureaublad en het uitvoeren van automatisch opstarten programma’s (Desktop).

Standaard voert BootRacer deze analyse bij elke Windows-start uit, maar dat schakel je desgewenst uit: klik op Advanced / Options en kies Only once. Kies je wel voor een doorlopende analyse, via de knop History krijg je zicht op de evolutie van de opeenvolgende starttijden van je systeem.

BootRacer kan je ook haarfijn vertellen hoeveel tijd elk automatisch opstartende app (‘autostart’) telkens in beslag neemt. Ga opnieuw naar Advanced / Options en open het tabblad Startup Control. Klik op Enable Control en plaats een vinkje bij beide opties. Bevestig met Save. In het hoofdvenster druk je vervolgens op de knop History en kies je History of Executed Startup Programs. Via het menu (met de drie streepjes) krijg je tevens zicht op de evolutie in de starttijden van de diverse autostarts.

Klik met rechts op een van de items in het venster Startup Control en kies Control Startup Programs. Verwijder het vinkje bij het automatisch startende item dat je niet langer nodig acht of druk op de Delete-knop als je het item uit de lijst wilt verwijderen. Via de Undo-knop kun je een eerdere toestand alsnog herstellen (Restore). De knop Set Order ten slotte laat je via pijltjesknoppen toe de startvolgorde aan te passen.

©PXimport

Het is goed mogelijk dat je in het overzichtsvenster van BootRacer de melding “Partial Boot Time” ziet verschijnen. Dat houdt in dat er geen normale, volledige boot werd uitgevoerd. Dat is logischerwijze het geval wanneer je je bij je account afmeldt en je opnieuw aanmeldt, en eveneens wanneer je de pc in slaapstand of sluimerstand had gezet en vervolgens weer opstart. Maar zelfs wanneer je je pc afsluit kan deze melding opduiken.

Windows 10 brengt het systeem bij het afsluiten standaard in een gedeeltelijke slaapstand, en wel zodanig dat het besturingssysteem bij het opnieuw opstarten niet langer de kernel, drivers en de systeemstatus één voor één hoeft in te laden, aangezien die bij het afsluiten netjes in een bestand werden bewaard. Applicaties daarentegen worden niet bewaard, maar wel degelijk afgesloten.

Je controleert deze instellingen als volgt: druk op Windows-toets+S, tik energie in, kies Een energiebeheerschema selecteren en klik op Het gedrag van de aan/uit-knoppen bepalen. Klik zo nodig op Instellingen wijzigen die momenteel niet beschikbaar zijn en plaats al dan niet een vinkje bij Snel opstarten inschakelen (aanbevolen). Je zult (eventueel met behulp van BootRacer) merken dat je systeem inderdaad een aantal seconden sneller opstart wanneer deze functie is ingeschakeld.

De functie Snel opstarten (fastboot) zorgt dan wel voor een rapper bootproces, er kunnen ook wel nadelen aan kleven. Heb je bijvoorbeeld een dualboot-installatie met een Linux-distributie, dan kan dat tot corruptie van het bestandssysteem leiden als je in deze (slaap)toestand intussen de Linux-distributie opstart. Snel opstarten kan er tevens voor zorgen dat je via een speciale toets (zoals Del, F2, F8 enzovoort) niet meer in het uefi-bios of in het bootkeuze-menu terechtkomt. Dit kun je oplossen door de Shift-toets ingedrukt te houden wanneer je Afsluiten kiest, waarna je de pc opstart en de speciale toets indrukt.

Verder kan het incidenteel ook gebeuren dat bepaalde updates niet (correct) kunnen worden uitgevoerd wanneer deze functie is ingeschakeld.

Services

Standaard zijn er in Windows tot slot een paar tientallen services actief op de achtergrond. Overbodige services uitschakelen zorgt niet alleen voor een kortere boottijd, er worden ook minder systeembronnen aangesproken. Echter, meer nog dan bij externe programma’s is het uitschakelen van services een delicate operatie. Immers, wanneer je de verkeerder services uitschakelt, kan dat zelfs tot een onstabiele Windows leiden.

Je bereikt de module voor servicebeheer door in het Windows-startmenu de opdracht services.msc uit te voeren. Om een service (tijdelijk) op non-actief te zetten, open je het contextmenu, kies je Eigenschappen en stel je het Opstarttype in op Uitgeschakeld.

©PXimport

Let op: je kunt hier ook Automatisch (vertraagd starten) kiezen: de service wordt dan pas opgestart nadat het bureaublad is verschenen (standaard twee minuten na het opstarten van de laatste automatische service), waardoor het niet langer een impact heeft op de eigenlijke bootprestaties. Open hier zeker ook het tabblad Afhankelijkheden. Je ziet hier welke andere services van de (goede werking van de) geselecteerde service afhangen, zodat je niet ongewild ook die services uitschakelt.

▼ Volgende artikel
Meta test betaalde abonnementen voor WhatsApp, Facebook en Instagram
© ER | ID.nl
Huis

Meta test betaalde abonnementen voor WhatsApp, Facebook en Instagram

Meta gaat tests uitvoeren met betaalde abonnementen voor WhatsApp, Facebook en Instagram, zo heeft het bedrijf laten weten.

Dat liet Meta weten aan TechCrunch. In ruil voor betaalde abonnementen op bovengenoemde apps krijgen mensen toegang tot extra functies, al zijn die nog niet uit de doeken gedaan. De reguliere versies van de platforms moeten wel gratis beschikbaar blijven.

De precieze opties die mensen die betalen voor WhatsApp, Facebook of Instagram krijgen is niet bekend, maar Meta heeft het over "speciale features en meer controle over hoe men deelt en connecties maakt".

Manus en Vibes

Eén van de dingen die mogelijk onder de abonnementen gaan vallen, is Manus, een AI-agent die pas is aangeschaft door Meta voor ongeveer 2 miljard dollar. Manus moet geïntegreerd worden in Meta-producten, maar ook los beschikbaar komen. Op Instagram wordt er naar verluidt al gewerkt aan een shortcut naar de AI-tool.

Meta wil de abonnementen ook voor andere AI-features testen, zoals het genereren van videocontent in Vibes. Deze AI-videotool is nu nog gratis beschikbaar, maar het is de bedoeling dat extra opties via een abonnement beschikbaar komen.

Op Instagram zou een abonnement gebruikelijks wellicht de mogelijkheid kunnen geven om mensen die men volgt te bekijken die niet terug volgen. Ook zou het mogelijk een optie worden om een Story te bekijken zonder dat de persoon die het heeft geplaatst ziet dat deze door de persoon in kwestie is bekeken.

Meta wil de komende maanden de abonnementen testen, en niets is nog zeker - ook niet eventuele prijzen voor abonnementen. Duidelijk is in ieder geval dat het bedrijf hiermee gaat experimenteren.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

▼ Volgende artikel
Je oude Windows-pc als thuisserver: zo zet je Jellyfin en Syncthing op
© ID.nl
Huis

Je oude Windows-pc als thuisserver: zo zet je Jellyfin en Syncthing op

Heb je nog een oudere pc of laptop, dan is het zonde om deze ongebruikt te laten. Je kunt hem namelijk eenvoudig omvormen tot een veelzijdige thuisserver. Wat dacht je van een mediaserver of een synchronisatietool, beide gratis, opensource en beschikbaar voor vrijwel elk platform?

In dit artikel

Je hebt een nieuwe pc gekocht, maar je oude Windows-computer is vaak nog prima bruikbaar. Met gratis servertools maak je er een thuisserver van, bijvoorbeeld voor streamen, een (s)ftp-server, een NAS-omgeving, domotica of het blokkeren van advertenties en trackers. Veel oplossingen draaien direct op Windows. En wil je toch iets met Linux, dan kan dat vaak ook via WAMP, WSL2 of Docker Desktop.

In dit artikel houden we het bewust bij twee gratis opensource-servers die rechtstreeks op Windows draaien: Jellyfin en Syncthing. Je leest hoe je je pc klaarzet met een schone Windows-installatie, een vaste netwerkplek en een vast intern ip-adres. Daarna richt je Jellyfin in als mediaserver met bibliotheken, gebruikers en apps voor tv en telefoon. Ook stel je Syncthing in als 'private cloud' waarmee je bestanden direct tussen je eigen apparaten synchroniseert. Tot slot laten we zien hoe je beide ook op je mobiel gebruikt, eventueel buiten je thuisnetwerk, en welke instellingen helpen om snelheid, opslag en veiligheid in balans te houden.

Lees ook: Nieuwe laptop kopen? Zo kies je een laptop die jaren meegaat

Voorbereiding

Voor je begint, is het verstandig om je (oude) computer goed voor te bereiden met een schoon besturingssysteem. Installeer bij voorkeur Windows 10 of 11 opnieuw. Dit doe je via Instellingen / Systeem / Systeemherstel, waar je PC opnieuw instellen kiest en eventueel Alles verwijderen selecteert.

Update daarna het systeem via Instellingen / Windows Update / Naar updates zoeken en controleer ook of alle drivers up-to-date zijn. Dit kan handmatig door met rechts op de Windows-startknop te klikken, Apparaatbeheer te openen, met rechts op een apparaat te klikken en Stuurprogramma bijwerken te kiezen. Je kunt eventueel tijdelijk de gratis tool Driver Booster (let wel op voor extra software) installeren om snel verouderde drivers te detecteren, al raden we wel aan om ze handmatig te downloaden (van de websites van de fabrikant).

Plaats je pc liefst dicht bij de router of zeker op een plek met een stabiele verbinding, bij voorkeur via een ethernetkabel. Geef je computer ook een vast intern ip-adres, zodat het niet telkens wijzigt. Dit kun je instellen via Instellingen / Netwerk en internet: kies Ethernet (of Wi-Fi, en klik daarna op het juiste netwerk) en klik bij IP-toewijzing op Bewerken, waarna je Handmatig kiest en geschikte waarden invult.

Controleer bovendien of er genoeg opslagruimte beschikbaar is, zeker als je grote mediabestanden wilt bewaren. Schakel ten slotte energiebesparende slaapstanden uit wanneer de server continu actief moet blijven. Open Instellingen / Systeem / Aan/uit en zet alle opties bij Time-outs voor scherm, slaapstand en sluimerstand op Nooit.

Driver Booster: een snelle manier om verouderde drivers op te sporen - maar het downloaden doe je van die drivers doe je bij voorkeur zelf, vanaf de website van de fabrikant.

Jellyfin installeren

We starten met een wat complexere installatie, deze van mediaserver Jellyfin. Hiermee bouw je een Netflix-achtige omgeving voor films, series en muziek. De server biedt vrijwel alle functies van een modern mediacenter, van metadata en transcodering tot streaming met ondersteuning voor meerdere gebruikers, zonder beperkingen of betaalde upgrades. Op https://demo.jellyfin.org kun je een online demo bekijken.

Spreekt dit je aan, dan kun je meteen aan de installatie beginnen. Download de serversoftware via https://jellyfin.org/downloads/windows, klik op AMD64 en haal het bijbehorende exe-bestand op. Installeer het met een dubbelklik. Tijdens de setup kies je bij voorkeur Basic Install (Recommended) om toegangsproblemen bij mappen te vermijden. Bevestig met Next (twee keer) en kies een lege installatie- en datamap. Klik opnieuw op Next (twee keer) en sluit af met Install en daarna Close.

Je kunt de server nu starten via het Windows-startmenu (Jellyfin Tray App) of via het bureaubladpictogram. In het Windows-systeemvak verschijnt dan het bijbehorende pictogram. Klik er met rechts op om de server te starten, te stoppen, te openen of om de logs te bekijken. Plaats hier een vinkje bij Autostart. Je kunt de server ook 'handmatig' openen door in je browser het adres http://localhost:8096 in te voeren.

Een Basic Install is de aanbevolen optie (om machtigingsproblemen te vermijden).

Jellyfin: basisconfiguratie

Bij de eerste keer opstarten verschijnt een instelgids. Vul een korte servernaam in en kies de weergavetaal, bijvoorbeeld Nederlands. Klik op Volgende en maak een beheeraccount aan met een gebruikersnaam en wachtwoord (twee keer). Klik nogmaals op Volgende om je mediabibliotheken te beheren.

Klik op Mediabibliotheek toevoegen, kies het gewenste inhoudstype, zoals Films, Muziek, Series of Homevideo's en foto's, en geef een weergavenaam op. Klik daarna op het plusje bij Mappen en selecteer een of meer mediamappen voor deze bibliotheek. Je kunt ook verwijzen naar gedeelde netwerkmappen via het UNC-pad, zoals \\nas\media.

Bevestig met OK om de bibliotheek aan te maken. Op dezelfde manier kun je vervolgens extra mediabibliotheken toevoegen.

Kies een passend inhoudstype voor je mediabibliotheken.

Jellyfin: bibliotheekinstellingen

Klik nu eerst op het knopje met de drie puntjes bij een toegevoegde bibliotheek. Naast voor de hand liggende opties als Hernoemen en Verwijderen vind je hier onder meer ook Bibliotheek beheren, met instellingen die deels afhangen van het gekozen inhoudstype. Sommige, zoals Voorkeurstaal voor downloads, spreken voor zich, maar een optie als Ingesloten titels boven bestandsnamen verkiezen vraagt wellicht enige toelichting. Deze is namelijk vooral handig als de bestandsnamen van je media de inhoud niet duidelijk weergeven.

Een andere optie is nog Nfo bij Metadata-opslag: activeer deze als je wilt dat Jellyfin de metadata en afbeeldingen opslaat in de mediamappen zelf in plaats van in de programmamap. Bij films kun je bovendien bepalen van welke diensten afbeeldingen mogen worden gedownload en of deze in de mediamappen bewaard moeten blijven. Er zijn verder opties voor het tonen van hoofdstukafbeeldingen en het zogeheten trickplay, wat bijvoorbeeld handig is tijdens het spoelen, maar wel meer rekenkracht vergt.

Afhankelijk van het inhoudstype zijn er best veel opties voor je bibliotheek.

Jellyfin: gebruikersbeheer

Terug in het venster met je bibliotheken klik je op Volgende en stel je de voorkeurstaal (Dutch; Flemish) en regio in (Netherlands of Belgium). In het volgende scherm laat je het vinkje staan bij Externe verbindingen met deze server toestaan als je ook buiten je netwerk toegang wilt tot je mediaserver. Rond af met Voltooien en meld je aan.

Via de knop linksboven kun je diverse instellingen aanpassen. Open Controlepaneel voor allerlei technische informatie over je serverinstallatie. Bij Gebruikers kun je anderen, bijvoorbeeld gezinsleden, toegang geven tot Jellyfin. Klik op de plusknop, vul een naam en wachtwoord in en bepaal tot welke mediabibliotheken de gebruiker toegang heeft. Klik op het knopje met de drie puntjes naast een gebruiker en kies Gebruiker bewerken om de machtigingen nauwkeurig aan te passen. Het tabblad Ouderlijk toezicht is daarbij handig voor kinderen.

Je legt haarfijn vast wat welke gebruikers (niet) mogen doen.

Jellyfin: extra opties

In het menu vind je nog een paar nuttige opties. Bij Afspelen / Transcoderen kun je hardwareversnelling inschakelen als je systeem dit ondersteunt. Onder Afspelen / Streamen kun je een bitsnelheidslimiet instellen om te voorkomen dat apparaten buiten je netwerk je uploadverbinding te zwaar belasten. Bij Geavanceerd / Netwerken staan diverse instellingen voor een optimale netwerkconfiguratie. Je kunt hier het poortnummer aanpassen waarop Jellyfin draait (standaard 8096 voor http en 8920 voor https), https activeren als er een certificaat beschikbaar is en bepalen welke apparaten of netwerken extern toegang krijgen tot je server. Bevestig alle aanpassingen onderaan met Opslaan.

Verder is er het onderdeel Plug-ins, waarmee je Jellyfin eenvoudig uitbreidt. Standaard zijn enkele plug-ins al aanwezig, maar via Alle vind je er nog zo'n dertig, zoals Open Subtitles en LrcLib Lyrics. Doorgaans volstaat het een plug-in te openen en op Installeren te klikken. Na een herstart verschijnt deze bij de geïnstalleerde plug-ins en kun je deze via Instellingen verder configureren.

Jellyfin laat zich handig uitbreiden met meer dan 30 plug-ins.

Jellyfin: client-verbinding

Om je mediabibliotheken via een ander apparaat te benaderen, kun je een browser gebruiken met het adres http://<interne-ip-adres-server>:<serverpoort>, zoals http://192.168.0.138:8096. Open daarna een bibliotheek en kies wat je wilt afspelen. Je kunt dit ook anders doen: op www.jellyfin.org vind je namelijk verschillende client-apps voor smart-tv's, mediaspelers als Google Cast en Apple TV, en desktop- en mobiele apps voor onder meer Android, iOS en iPadOS.

We nemen de Jellyfin-app uit de Android Play Store als voorbeeld. Installeer de app en start deze op. Bevindt jouw Android-toestel zich in hetzelfde netwerk als de Jellyfin-server, tik dan op Server kiezen en selecteer de juiste server. Je kunt natuurlijk ook handmatig het (interne) ip-adres of de hostnaam van de server met de netwerkpoort invoeren.

Na een succesvolle aanmelding heb je toegang tot je gedeelde media. Via het pictogram Afspelen op kun je de inhoud ook streamen naar onder meer een Google Chromecast.

Jellyfin heeft clients voor uiteenlopende platformen (hier: Android).
View post on TikTok

Syncthing: wat en hoe?

Wil je, bijvoorbeeld om privacyredenen, je data liever niet via cloudproviders synchroniseren, dan kun je dat doen binnen je eigen 'private cloud' met Syncthing. Je koppelt bijvoorbeeld je pc, laptop en NAS rechtstreeks via een beveiligde verbinding.

De tool werkt via peer-to-peer-synchronisatie: elk apparaat draait dezelfde software en communiceert via versleutelde verbindingen. Na het koppelen van apparaten met een unieke ID en het delen van een map zorgt Syncthing dat alle wijzigingen in realtime worden overgezet, zonder tussenkomst van externe servers of cloudaccounts. Alleen als een directe verbinding uitzonderlijk niet lukt, ondanks geavanceerde NAT-traversaltechnieken, schakelt Syncthing over op publieke relayservers. Je data blijven ook dan nog steeds end-to-end versleuteld en worden niet opgeslagen op die servers.

Syncthing installeren

Ga naar www.syncthing.net en klik op Syncthing Windows Setup of bezoek rechtstreeks www.github.com/Bill-Stewart/SyncthingWindowsSetup. Klik daar op Latest en download syncthing-windows-setup.exe. Start het met een dubbelklik. Klik op Next (twee keer) en kies een geschikte, lege installatiemap. Klik opnieuw op Next (twee keer) en laat de standaardinstellingen staan, tenzij je bijvoorbeeld de standaardpoort 8384 van de service wilt wijzigen. Klik nogmaals op Next en laat de vinkjes staan zodat Syncthing automatisch met Windows opstart. Bevestig met Installeren en vervolgens met Ja om de firewallregels toe te voegen. Sluit af met Finish en open je browser op het adres http://localhost:8384.

Je kunt de basisinstellingen in principe ongemoeid laten.

Syncthing: basisconfiguratie

Je komt nu in het Syncthing-dashboard met enkele gebruiksstatistieken. Open eerst Acties / Instellingen en ga naar het tabblad GUI om veiligheidshalve een gebruikersnaam en wachtwoord in te stellen voor toegang tot het dashboard. Bevestig met Opslaan en meld je aan.

Ga daarna opnieuw naar Instellingen en open het tabblad Verbindingen. Hier kun je onder meer de download- en uploadsnelheid beperken. Je laat hier bij voorkeur de opties NAT traversal inschakelen, Relaying inschakelen, Globale detectie en Lokale detectie aangevinkt staan. Bevestig opnieuw met Opslaan.

In het hoofdvenster klik je vervolgens op +Map toevoegen. Geef een naam op bij Maplabel, kies een (hoofdlettergevoelig) Map-ID en vul bij Maplocatie het volledige pad in, bijvoorbeeld C:\Gegevens. Klik op Opslaan. Bij de toegevoegde map kun je vervolgens detailinformatie bekijken, de map (opnieuw) scannen, bewerken of verwijderen.

De eerste map is klaar om via Syncthing gedeeld te worden.

Syncthing: client-verbinding

Nu moet je Syncthing nog vertellen met welke apparaten je de map wilt delen voor synchronisatie. Daarvoor heb je minstens één extra apparaat nodig. Clients bestaan voor verschillende platformen; voor iOS kun je Möbius Sync gebruiken.

We nemen Android als voorbeeld, met de app Syncthing-Fork uit de Play Store. Tik tijdens de eerste setup op Machtiging verlenen en activeer de gevraagde rechten voor datadeling, batterij-optimalisatie, locatie en meldingen.

In het hoofdvenster van Syncthing-Fork open je het tabblad Apparaten en tik je op de plusknop. Als server en client zich in hetzelfde netwerk bevinden, wordt het apparaat-ID van je server meestal automatisch gedetecteerd. Zo niet, open dan op je serverdashboard Acties / ID weergeven en vul het getoonde ID handmatig in of scan de QR-code. Geef op de client een apparaatnaam op en bevestig met het vinkicoontje.

Herhaal dit op je server door in het hoofdvenster op de groene knop +Apparaat toevoegen te klikken en het juiste apparaat-ID van het clienttoestel in te voeren. Bevestig met Opslaan.

Open daarna op je server de gedeelde map, kies Bewerken, ga naar het tabblad Delen, vink het clienttoestel aan en bevestig met Opslaan. Accepteer de meldingen om de synchronisatie te starten en kies op je client welke map voor downloads wordt gebruikt.

De synchronisatie tussen beide apparaten is gelukt.

Externe connectie

Omdat Syncthing gebruikmaakt van NAT-traversaltechnieken en relayservers, kun je de server ook via internet bereiken. In je client-app geef je dan eventueel nog aan dat Syncthing via een mobiele dataverbinding mag werken, via Instellingen / Uitvoervoorwaarden.

Bij Jellyfin en veel andere thuisservers komt er helaas wat meer kijken om externe verbindingen mogelijk te maken. Je moet dit niet alleen in de server toestaan, maar ook op netwerk- en routerniveau instellen. In je router kun je bijvoorbeeld een poortdoorverwijzing (Port Forward of ook wel Virtual Server) maken naar het interne ip-adres van je server, eventueel met een andere poort. Zo kun je ook poort 80 koppelen aan <internet-ip-adres-jellyfin-server>:8096, zodat externe gebruikers poort 8096 niet hoeven te onthouden.

Maak bij voorkeur ook een gratis dynamische DNS-naam aan, zodat je netwerk bereikbaar blijft, zelfs bij een wisselend ip-adres, bijvoorbeeld via een ddns-provider als Dynu. Met de bijbehorende updater-tool houd je deze koppeling actief.

Nog betrouwbaardere, maar technisch complexere alternatieven zijn een VPN (eventueel Tailscale op basis van WireGuard) of een Cloudflare Tunnel.