ID.nl logo
Van CC-licenties tot opensource: wanneer is content rechtenvrij?
© Pakin - stock.adobe.com
Huis

Van CC-licenties tot opensource: wanneer is content rechtenvrij?

Er is heel veel gratis content te vinden op het internet, zowel boeken, multimediabestanden als foto’s, audio, video en software. Naast de vraag waar je hiervoor het beste terechtkunt is er ook nog de vraag: is dit allemaal wel legaal?

In dit artikel brengen we je op de hoogte van de verschillende licenties die er bestaan. Daarna laten we zien waar je gratis content - al dan niet onder naamsvermelding - kunt vinden:

  • Boeken en literatuur
  • Afbeeldingen
  • Audio en muziek
  • Video's
  • Software

Je bent vast vertrouwd met het copyright-teken (©), dat aangeeft dat een (natuurlijke of rechts)persoon of zijn erfgenamen de maker en/of auteursrechthebbende is. Hoewel dit teken vaak gebruikt wordt, is het eigenlijk overbodig. Auteursrecht ontstaat namelijk automatisch bij creatief werk, waardoor niemand dit werk zonder toestemming mag publiceren of kopiëren. Zomaar een foto van het internet halen en op je eigen website zetten, kan dus een duidelijke inbreuk op het auteursrecht zijn. In de EU is het wel zo dat auteursrecht automatisch vervalt in het ‘publieke domein’, 70 jaar na de dood van de maker of, bij bedrijfsopdrachten, 70 jaar na de eerste publicatie. Na deze termijn mag het werk in principe vrij gebruikt worden.

Auteursrecht is trouwens niet het enige waarvoor je moet uitkijken. Vergeet ook niet het persoonlijkheidsrecht (morele rechten die de persoonlijke band tussen de maker en zijn werk bewaken), portretrecht (afgebeelde personen moeten akkoord gaan met de publicatie), exploitatierecht (de maker kan beslissen in hoeverre zijn werk openbaar mag worden gemaakt of mag worden gekopieerd), merkrecht (mogen die Nike-schoenen zomaar op een online afbeelding) en naburig recht (voor creatieve prestaties door uitvoerend kunstenaars, muziekproducenten, omroeporganisaties enzovoort).

©Cagkan Sayin

Het ©-teken is geen vereiste, want auteursrecht ontstaat vanzelf bij creatief werk.

1 Licentie-model

Auteursrecht beschermt de makers door hen exclusieve rechten te verlenen, maar sommigen vinden dit te beperkend. Daarom bestaan er flexibelere licenties waarmee makers hun werk op diverse manieren kunnen delen. Voordat we allerlei bronnen en hulpmiddelen voor het downloaden en gebruiken van content aan je voorstellen, is het belangrijk dat je eerst de belangrijkste licenties leert kennen.

We beginnen met Creative Commons (CC), een prominente organisatie met licenties voor diverse soorten inhoud, zoals tekst, muziek, foto’s en educatief materiaal. Vervolgens duiken we in licenties specifiek ontwikkeld voor software, zoals van het Open Source Initiative (OSI) en van de Free Software Foundation (FSF). Samen worden ze FOSS-licenties genoemd (Free and Open Source Software) en vormen ze de tegenhanger van propriëtaire software.

2 Creative Commons

Creative Commons is een wereldwijd initiatief dat diverse licenties verstrekt, toegespitst op tal van nationale rechtssystemen (zie bijvoorbeeld www.creativecommons.nl), en tevens ondersteuning biedt aan gebruikers.

Er zijn zes hoofdlicenties naast het publieke domein. Variërend van meest tot minst toegestaan zijn dit:

  1. CC BY (By Attribution): laat toe het werk op alle manieren te gebruiken, zelfs commercieel, mits de originele maker gecrediteerd (benoemd) wordt zoals dit door de maker of de licentiegever is gespecificeerd.

  2. CC BY-SA (Attribution-ShareAlike): staat gebruik, aanpassing en verspreiding toe, ook commercieel, als de maker gecrediteerd wordt en nieuwe werken dezelfde licentie krijgen. Wikipedia bijvoorbeeld maakt hier veelvuldig gebruik van.

  3. CC BY-ND (Attribution-NoDerivatives): laat elk gebruik toe, ook commercieel, mits je de maker crediteert en geen aanpassingen doorvoert.

  4. CC BY-NC (Attribution-NonCommercial): staat alleen niet-commercieel gebruik toe (inclusief aanpassingen), met opnieuw vereiste creditering van de maker.

  5. CC BY-NC-SA (Attribution-NonCommercial-ShareAlike): laat alleen niet-commercieel gebruik en aanpassingen toe als je de maker crediteert. Afgeleide werken dien je onder dezelfde voorwaarden aan te bieden.

  6. CC BY-NC-ND (Attribution-NonCommercial-NoDerivatives): staat, bij creditering van de maker, gebruik en delen toe, maar zonder aanpassingen en niet voor commercieel gebruik.

Denk je eraan om zelf creatief werk aan te bieden en zoek je naar de optimale CC-licentie? Op deze site vind je hiervoor een handige licentiekiezer.

Beantwoord enkele vragen en je weet onder welke CC-licentie je werk valt.

3 Opensource

Opensource-licenties hebben als doel ontwikkelaars in staat te stellen hun werk te delen zoals zij dit bedoelen, vergelijkbaar met CC-licenties. Ook FOSS-licenties willen de zekerheid bieden dat afgeleide werken onder dezelfde licentieverspreiding vallen. Een uitgebreide tabel met FOSS-licenties vind je via www.kwikr.nl/foss. We lichten hier enkele veelgebruikte types toe, buiten de publieke domeinlicenties:

  • 'Permissieve licenties', zoals Apache, BSD en MIT, stellen minimale eisen aan gebruik, distributie en wijziging. Het behoud van het originele auteursrecht en licentievermeldingen is wel een vereiste.

  • 'Copyright-licenties', zoals de GNU General Public License (GPL), eisen dat afgeleide werken onder dezelfde licentie worden verspreid, analoog aan CC BY-SA. Copyleft, uiteraard een woordspeling op de term copyright, zorgt ervoor dat wijzigingen ook in de toekomst aanpasbaar blijven. In dit opzicht verschilt copyleft van bijvoorbeeld BSD-licenties, die wel toestaan dat men (delen van) het werk of afgeleiden daarvan onder een propriëtaire licentie opnieuw uitbrengen.

  • 'Licenties met zwakke copyleft', zoals de GNU Lesser General Public License (LGPL), hebben minder eisen dan volledige copyleft-licenties, omdat ze toestaan dat afgeleide werken ook onder een andere licentie worden verspreid.

Een kleine greep uit de talrijke opensource-licenties (bron: Wikipedia).

Dubbelcheck Bij het gebruik van CC- en FOSS-licenties dek je veel gebruiksscenario’s af voor gratis media en software, maar extra waakzaamheid blijft geboden bij het downloaden van dergelijke bestanden. Gratis aanbod op een website betekent niet automatisch dat het legaal is. Zo vind je op www.z-lib.io talrijke boeken, maar de bijbehorende ‘request codes’ leiden je wel naar een obscure Discord-server. Wees alert als sites geen betrouwbare contactgegevens tonen, overladen zijn met opdringerige reclame of essentiële informatie missen, zoals pagina’s rond DMCA-verwijderverzoeken (Digital Millennium Copyright Act), privacybeleid of gebruiksvoorwaarden. Sites die normaliter te betalen werken gratis aanbieden, moeten ook een lampje doen branden.

Om de authenticiteit van een gedownload beeldbestand te controleren, kun je eventueel CIBR-tools (Content-based Image Retrieval) gebruiken, zoals PimEyes of Google Afbeeldingen (klik hier op het tweede icoontje Zoeken op afbeelding). Maar het kan ook om een legale site gaan, die met aangepaste licenties werkt. Dit geldt bijvoorbeeld voor het populaire Pixabay. In de voorwaarden lees je onder meer dat zelfs inhoud onder CC0 bepaalde beperkingen kan hebben, zoals aangegeven in het begin van dit artikel.

Soms is het aanbod te mooi om waar te zijn.

4 Boeken en literatuur

Nu je bekend bent met de belangrijkste licenties voor gratis content en je je ervan bewust bent dat je altijd de legaliteit en specifieke voorwaarden van websites moet controleren, kun je met een gerust geweten van je downloads genieten.

Voor e-books is Project Gutenberg een uitstekende bron, met een collectie van meer dan 60.000 boeken. Deze bevat vooral klassiekers waarvan de auteursrechten zijn verlopen of die tot het publieke domein behoren. Open Library, een ambitieus initiatief van Internet Archive en ManyBooks bieden ook een aanzienlijke boekencollectie, voornamelijk in de Engelse taal. Voor luisterboeken is LibriVox een prima keuze, met bijna 20.000 titels. Google Books laat je toe om via Geavanceerd zoeken volledige boeken te bekijken (van de meeste boeken zijn er gedeeltes weggelaten), en je kunt zoeken op trefwoorden, jaartal, taal, titel en auteur. Specifiek wat educatieve teksten betreft, biedt OpenStax een reeks (vooral Engelstalige) leerboeken voor het hoger onderwijs.

Zijn klassiekers helemaal op je lijf geschreven? Dan is Project Gutenberg een must.

5 Afbeeldingen

Om diverse gratis afbeeldingen te vinden, is Google een prima startpunt (). Voer je zoekwoorden in, klik op Tools en filter bij Gebruiksrechten op Creative Commons-licenties. De licentiegegevens van een afbeelding controleer je in het rechterdeelvenster. Voor exclusief publiek domein-materiaal, probeer je www.publicdomainpictures.net, waar je met trefwoorden of via filters als Categorieën en Seizoen Foto’s kunt zoeken. Voor clipart in het publiek domein is er Openclipart, met circa 160.000 gratis plaatjes. Blijkt de site niet beschikbaar te zijn (wat weleens gebeurt) dan heb je met FreeSVG een vergelijkbaar alternatief. Ook Freepik biedt een breed scala aan vectorafbeeldingen en iconen.

Voor hoogwaardige foto’s is Pixabay, met ongeveer 1 miljoen afbeeldingen een uitstekende bron. Je kunt hier trouwens ook terecht voor illustraties en vectorbestanden, en zelfs audio en video. Klik op een foto voor de licentiegegevens en voor downloads in diverse resoluties. Net als Pixabay komen ook Pexels (3 miljoen foto’s) en Unsplash (2 miljoen foto’s) met aangepaste licenties, geïnspireerd op Creative Commons. PxHere beschikt over zo’n 1,2 miljoen foto’s, allemaal onder een CC0-licentie en eveneens beschikbaar in diverse resoluties.

Vind je niet de gewenste tekening of foto in deze immense collecties, dan kun je eventueel je geluk nog beproeven bij generatieve AI-chatbots, zoals ChatGPT Plus, waarin Dall-E 3 is inbegrepen, of het gratis Copilot. In het kader ‘Generatieve AI’ lees je meer over de totstandkoming van deze beelden en het auteursrecht.

Ook bij de vertrouwde Google-zoekmachine kun je specifiek naar CC-afbeeldingen zoeken.

Generatieve AI De opkomst van generatieve AI, die zelfstandig content zoals tekst, beelden, muziek en video’s creëert, brengt zware juridische uitdagingen met zich mee, vooral op het vlak van auteursrecht. Centraal staat de vraag of deze werken als ‘origineel’ en het resultaat van ‘menselijk auteurschap’ gezien kunnen worden: essentiële concepten binnen het auteursrecht.

AI-systemen worden getraind met enorme datasets, vaak inclusief auteursrechtelijk beschermd materiaal. Het gebeurt dan ook geregeld dat AI-output elementen bevat die lijken op deze trainingsdata. Daarom is het van belang dat gebruikers van generatieve AI inzicht hebben in de oorsprong van de content, om te bepalen of er bijvoorbeeld een Creative Commons-licentie op van toepassing is. Het gegenereerde kan tenslotte nog onder bestaande auteursrechtelijke beperkingen vallen.

Misschien niet dé Mona Lisa, maar toch minstens haar tweelingzus.

6 Audio en muziek

Zoals vermeld kun je bij Pixabay ook terecht voor geluidseffecten en muziek, en dan vooral voor korte soundtracks en instrumentale stukjes. Is het je alleen om geluidseffecten te doen, dan is FreeSound een betere optie.

Ook op YouTube vind je gratis muziek en audio-effecten. Ga naar de audiobibliotheek en open het tabblad Muziek of Geluidseffecten. Ook de FMA-site is absoluut de moeite waard (gratis registratie). Je typt je trefwoord(en) in, waarna je de resultaten eventueel nog verder filtert op onder meer genre, duur, instrumentaal of op licentietype, waaronder de zes CC-licenties. Op de site vind je trouwens ook een link naar Tribe of Noise PRO, voor een uitgebreide collectie muzieknummers die je voor mediaprojecten kunt gebruiken. Jamendo is een platform voor gratis muziek onder CC-licenties, dat zich voornamelijk richt op onafhankelijke artiesten. Voor wie het nog wat creatiever mag, is het muziekplatform CC Mixter een leuke optie. Hier kun je muziektracks downloaden om te remixen, waarna je je creaties onder een CC-licentie kunt delen. Ook bij Bensound vind je een ruim aanbod aan muzieknummers van verschillende genres. Let wel, alleen de songs met een Download-knop zijn echt gratis (onder de CC BY-licentie).

Het zal je weinig verbazen dat ook hier weer AI opduikt. Zo kun je op Soundraw muziektracks op basis van een beschrijving laten genereren, met een specifiek genre, stemming of thema. Ook bij Suno is dit mogelijk, inclusief gezongen tekst en lyrics.

Lees zeker ook dit artikel voor nog gratis muziek: 🎧 Op deze plekken kun je gratis muziek downloaden

Op de FMA-site kun je onder meer filteren op publiek domein en op CC-licenties.

7 Video’s

Pixabay blijkt van alle markten thuis, want je vindt hier ook rechtenvrije video’s, met filters als Effecten (zoals Animatie, Time lapse en Slow Motion) en Resolutie. Ook op het reeds vermelde Pexels vind je een fraai video-aanbod.

Zowel Mixkit als Videezy bieden ook talrijke video’s aan, maar je moet hier wel goed controleren om welke licentie het gaat, want niet exemplaren zijn gratis in alle resoluties te gebruiken. Bij Videezy bijvoorbeeld zijn alleen de licenties Standaard en CreativeCommons echt gratis, en in beide gevallen is attributie vereist.

Erg fraaie stockvideo’s vind je ook bij Videvo, zowel gratis als premium (vanaf zo’n 7,50 euro per maand). Dankzij filters als Free clips en Creative Commons 3.0 kun je snel inzoomen op de gratis exemplaren, maar deze vereisen bijna altijd naamsvermelding. Ook op de site Mazwai vind je een selectie uit het gratis Videvo-aanbod, maar deze is relatief beperkt en je kunt eigenlijk alleen filteren op een beperkt aantal tags.

De eerste stappen op het gebied van het genereren van video’s met AI zijn er inmiddels ook. Zo heeft OpenAI de videogenerator Sora uitgebracht, maar helaas is deze nog niet voor het grote publiek beschikbaar. Op www.openai.com/sora vind je wel al enkele indrukwekkende voorbeelden.

Het bovenste gedeelte met ‘Video’s gesponsord door iStock’ laat je op Videezy maar beter links liggen (omdat ze niet gratis zijn).

8 Diverse media

Er zijn nog heel wat andere sites en tools die je naar uiteenlopende gratis media leiden. Een ervan is het zoekportaal Creative Commons Search waar je via links naar zo’n twintig online collecties als Nappy, Sketchfab, Vimeo, SoundCloud en Flickr kunt zoeken naar de gewenste media.

Ook Wikimedia Commons bevat een uitgebreide databank met uiteenlopende media als foto’s, audio en video, die je vrij kunt gebruiken en bewerken. De inhoud is beschikbaar onder diverse licenties, waaronder – uiteraard – Creative Commons.

Het Internet Archive stelt al bijna 30 jaar een digitale bibliotheek samen van sites, media en culturele artefacten en mag dus evenmin op je lijst ontbreken. Je kunt hier terecht voor vele miljoenen boeken en teksten, audio-opnames, video’s, afbeeldingen en zelfs 1 miljoen softwareprogramma’s. Via Advanced Search komen er heel wat extra filteropties beschikbaar, zodat het aanbod wat minder overweldigend is.

Ben je vooral geïnteresseerd in het digitale culturele erfgoed van Europa, zoals kunst, boeken, films en muziek, dan is Europeana een absolute must. Deze collectie kun je via trefwoorden doorzoeken, met zoekfilters als thema, media, taal, kleur, bestandsformaat en gebruiksrechten via het uitklapmenu bij Kan ik dit gebruiken?. Onderaan elk object lees je de licentie af, zoals Copyright, Public Domain of CC BY-NC-SA.

Europeana biedt een online culturele bibliotheek met meer dan 50 miljoen items.

9 Software

Zoek je naar software, dan biedt GitHub een uitstekend platform. Talrijke ontwikkelaars werken hier namelijk samen aan allerlei projecten, delen elkaars code en rapporteren bugs. Het is onder meer de thuisbasis voor miljoenen opensource-projecten. Ook op SourceForge vind je talrijke opensource-projecten, kun je software downloaden, beoordelen en erover discussiëren.

Ook zijn er natuurlijk de meer ‘traditionele’ freeware-collecties, zoals FileHippo, MajorGeeks, Ninite en SnapFiles (rubriek Freeware).

Handig is ook AlternativeTo. Deze site laat je bijvoorbeeld de naam van een bekende, commerciële applicatie invoeren waarna je een reeks alternatieven voorgeschoteld krijgt. Bij elk alternatief krijg je een beschrijving evenals reacties van de community en worden de ondersteunde platformen vermeld. Rechtsboven vind je onder meer filters als Free en OpenSource.

Voor je (gratis) software opstart of installeert, raden we je in elk geval en ongeacht de bron aan deze door een online virusscanner als VirusTotal te laten controleren. Zodra pakweg meer dan 5% van de geraadpleegde virusscanners onraad ruiken, installeer je de software beter niet direct op je werk-pc. Probeer het programma dan bijvoorbeeld eerst uit in een virtuele omgeving, via systeemvirtualisatie, zoals met VirtualBox, of via toepassingsvirtualisatie, zoals met SandBoxie Plus.

Gedownloade freeware haal je veiligheidshalve eerst door een virusscanner als VirusTotal.
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.