ID.nl logo
Krita moet de nieuwe opensource Photoshop worden
© Reshift Digital
Huis

Krita moet de nieuwe opensource Photoshop worden

Waarom zou je een alternatief bouwen voor software die én allang bestaat én veelgebruikt is? Boudewijn Rempt had de wens om het net anders, beter en vooral vrij te doen. Grafisch pakket Krita wil sneller zijn dan Adobe Photoshop, beter zijn dan Corel Paint en toch gratis blijven.

Dit is Boudewijn

Al meer dan tien jaar werken aan een tekentool, terwijl de wereld allang Photoshop kent, waarom? Boudewijn Rempt is ooit als Linux-gebruiker gefascineerd geraakt door een Wacom-tekentablet en de hordes die hij moest nemen voor zijn gebruik daarvan. Hij werkte begin deze eeuw aan een fantasy-boek en wilde daarvoor een landkaart tekenen. Het grafische opensource-pakket GIMP stelde hem voor flinke uitdagingen ... dus koos hij een weg die uiteindelijk nog veel meer uitdagingen opleverde. Het meewerken aan - en uiteindelijk als hoofddeveloper ontwikkelen van - Krita: een opensource-pakket voor serieus grafisch werk. De slogan: 'digitaal schilderen, creatieve vrijheid'.

Jij bent een echte opensource-developer?

"Nou, ik ben van huis uit taalkundige, gespecialiseerd in Oost-Nepal. En ik heb me ooit omgeschoold tot programmeur. Programmeren ben ik lang geleden al gaan doen: op de Spectrum. Die heb ik hier nog aan de muur hangen, als herinnering."

Dat is jouw oude, eerste Spectrum daar aan de muur bij je bureau?

"Nee, het is 'een' Spectrum."

Hoe ben je van die microcomputer gekomen tot pc-programmeren?

"Zo rond 1993 kwam ik via een buurman in aanraking met Linux. Daarmee is het begonnen."

Maar Krita draait ook op Windows. Hoe zit dat?

"Fast forward van 1993 naar 2003: ik had toen een Wacom Graphire-tekentablet en wilde op Linux tekenen. Op Linux heb je het grafische pakket GIMP. Alleen snapte ik GIMP niet, de interface was voor mij niet duidelijk.

Het voordeel van opensource-software is dat je kunt kijken naar de code en het zelf kunt aanpassen. Maar GIMP was geschreven in een taal die ik niet kende. Nu had ik toen net een boek over Python en Qt [respectievelijk programmeertaal en programmeerraamwerk - red.] geschreven. Dus ben ik zelf software gaan schrijven om die tekentablet te kunnen gebruiken. Dat programmeerwerk heb ik precies drie dagen volgehouden. Ik wist totaal niet wat ik deed."

©PXimport

Waarom die tekentablet niet gewoon aansluiten op een Windows-pc?

"Ik geef de voorkeur aan Linux en ben daarop een gebruiker van KDE [een bekende grafische gebruikersinterface voor Linux - red]. Voor KDE was er al het applicatiepakket KOffice, met daarin een tekentool. Die was voortgekomen uit de behoefte voor een GIMP-alternatief en had oorspronkelijk de naam KImage Shop. Ik ging dus als KDE-gebruiker op zoek naar een manier om dáármee mijn tekentablet te gebruiken."

Hoe is daaruit Krita ontstaan?

"Gaandeweg is die tekentool van KDE vier keer hernoemd en drie keer herschreven. Het hernoemen was vanwege rechten op de naam. Van kimp naar KImageShop, naar Krayon en uiteindelijk naar Krita. Het herschrijven was vanwege de overgang van KDE versie 3 naar versie 4 en daarna weer vanwege een overstap naar een nieuwe versie van Qt (versie 4).

De oorspronkelijke developer Patrick Julien, een Canadees die het in z'n eentje deed, had er op een gegeven moment niet meer zo'n zin in. Dat was in 2004, na de tweede rewrite van de programmacode. Ik wilde wel bijdragen, maar ik kende C++ nog niet. Toen zijn ook Sven Langkamp en Cyrille Berger betrokken geraakt bij dit opensource-project. Zij werken nu nog steeds mee."

Wat een werk. Met resultaat?

"Ja, mijn eerste bijdrage was voor de painttool in Krita, om mijn tekentablet te kunnen gebruiken. Ik kon daarmee toen ineens met de tekenpen op de Wacom-tablet drukken, waardoor er op het computerscherm een vierkantje verscheen. Wow, dit programma kan nu iets wat het in de afgelopen vijf jaar niet kon."

In de tien jaar sindsdien was het simpelweg functies toevoegen?

"Nee, want toen kwam de volgende complete rewrite. Patrick Julien had zich namelijk erg gespiegeld aan GIMP, waardoor bijvoorbeeld een laagje in een afbeelding altijd vaste dimensies heeft. Dat wilden we anders."

Het ging je toch om het tekenen met je Wacom-tablet?

"Ik had door het ontwikkelwerk toen helemaal geen tijd meer om te tekenen. Ik ben ter ontspanning gaan beeldhouwen. Je moet af toe van het toetsenbord en het scherm, vandaan. Want er is altijd wel iets dat je kunt doen of verbeteren op je computer. Er zijn altijd wel bugs."

Maar het werk aan Krita ging door?

"In 2005 waren we klaar voor onze eerste release. Die hebben we versie 1.4 genoemd, om gelijk op te gaan met de nummering van KOffice. We waren heel blij, erg enthousiast. Vervolgens hebben we versie 1.5 en daarna 1.6 ontwikkeld. Die laatste had alles. Behalve gebruikers.

Soms kwam er wel eens iemand langs die Krita gebruikte, maar een echte gebruikersbasis hadden we niet."

Kwestie van werving en rustig doorontwikkelen?

"Er is toen iets gebeurd dat voor ons een ramp was. Krita was geschreven in Qt versie 3 ... en toen kwam versie 4 uit waarin alles compleet anders was. Met Qt 4 konden we met een schone lei beginnen, dachten we. Het heeft vier jaar geduurd voordat we iets hadden waarvan we dachten: 'hier kunnen we wat mee'. Dat lange ontwikkelwerk was een fout van ons; een enorme valkuil waar we in zijn getrapt. Ondertussen waren er onderling wrijvingen en liep het kleine aantal gebruikers dat we hadden ook weg."

Gevalletje developers die niet naar gebruikers luisteren?

"We hebben daar wel van geleerd. In 2009 was er de opensource-film Sintel, wat het derde grote contentproject was van Blender [een opensource 3D-animatietool, van Nederlandse bodem - red.]. Artiest David Revoy liet in een uitlegfilmpje zien hoe je met opensource kunst kunt maken. Hij had voor zijn illustraties GIMP en MyPaint gebruikt. Wij waren pissig, we wilden bewust niet alles voor iedereen zijn, maar dit was juist het terrein van Krita. Waarom was zijn keuze niet op Krita gevallen?

Het bleek dat David wel eerst naar Krita had gekeken. Het crashte. Tsja, je kunt dan als makers steigeren of eerlijk zijn.

Gelukkig woonde David vlakbij mede-ontwikkelaar Cyrille, die toen in Frankrijk woonde en langs is gegaan om hem om feedback te vragen. Rond die tijd was Lukáš Tvrdý bezig met zijn masterthesis over brushes voor Krita. Hij vroeg of hij fulltime aan Krita kon werken. Dat hebben we met crowdfunding via PayPal mogelijk gemaakt. Hij moet zijn appartement in Tsjechië wel kunnen betalen. We hebben toen ook developmentsprints bij mij thuis gedaan. Als doel hadden we: laten we David Revoy blij maken."

En, is David blij gemaakt?

"We hebben een nieuwe versie gemaakt en die aan David geshowd. Hij zei verbaasd: ja, jullie hebben veel verbeterd. Hij kon met de tools die hij toen gebruikte niet goed uit de voeten met CMYK [een veelgebruikt kleurensysteem voor grafische professionals - red.]. Maar dat heeft Krita wel!

Een halfjaar later was versie 2.4 er en is David geheel overgestapt. Daarmee heeft hij in 2012 materiaal gemaakt voor Tears of Steel, het vierde Open Movie-project van Blender. Hij heeft in één weekend zo'n vierhonderd illustraties gemaakt voor het storyboard. Ik heb toen live met hem meegeprogrammeerd om features te verbeteren en te maken. Verder maakt hij webcomic Pepper&Carrot helemaal in Krita."

Is David Revoy de enige ijkpersoon?

"Nee. We hebben er bij de developmentsprints ook voor gezorgd dat we artiesten ter plaatse hadden. Die lieten we Krita gebruiken, met een camera erop, en ze mochten dan alles zeggen.

Soms waren er dan vragen als 'Photoshop kan dit, Krita niet. Waarom?'. Belangrijk is dat je doorvraagt: wát wil je gebruiker echt? Soms gaat het om sneltoetsen, dat is altijd heel moeilijk. Sommige mensen komen vanaf Photoshop en zijn die toetscombinaties heel erg gewend. De functies zijn er wel alleen via andere sneltoetsen of opties."

©PXimport

Hoe kwamen jullie aan die artistieke testers? Krita had toch een gebrek aan gebruikers?

"De artiesten kwamen uit het opensource-wereldje. Daar was wel meer interesse ontstaan, want in versie 2.2 was de belofte van Krita al wel zichtbaar."

Kan Krita het opnemen tegen Photoshop?

"We doen ons best. Vergeet niet dat Adobe wel honderd developers fulltime in dienst heeft. Wij zijn een dozijn vrijwilligers plus één fulltime developer en één parttime developer."

Hoe los je die geldkwestie op voor een gratis opensource-pakket?

"In 2014 hielden we onze eerste crowdfundingsactie op Kickstarter. We doen één keer per jaar een grote crowdfunding, meestal zo rond mei. Dat is vanuit mijn Nederlandse gedachte: dan hebben de mensen hun vakantiegeld binnen, maar nog niet uitgegeven."

Druist geld vragen niet tegen de opensource-gedachte in?

"Nee, want het is en blijft opensource. De broncode is vrijelijk beschikbaar, je kunt Krita gewoon downloaden, je hóeft er niet voor te betalen. Maar bepaald ontwikkelwerk kun je niet 'even ernaast' doen. Voor sommige dingen moet je echt fulltime aandacht hebben. Zoals de optimalisatie waar we nu mee bezig zijn.

Soms is er wel wrijving over dat we aan crowdfunding doen. Zo was er een tijdje terug iemand die op forumsite Reddit daarover wat zei. Ik moet af en toe op mijn handen zitten om niet lelijk te reageren."

Kickstarten loont

De filosofie achter opensource is vrijheid: software waarvan de onderliggende programmacode openlijk toegankelijk is voor iedereen. Dat de software zelf daarmee gratis is, is 'slechts' een neveneffect. Terwijl Krita opensource is, vraagt het toch geld. Op de eigen site vraagt de in 2012 opgerichte Krita-stichting donaties en één keer per jaar wordt er een grote crowdfundingsactie gehouden. Sinds vorig jaar gebeurt dat op Kickstarter. Die eerste Kickstarter heeft bijna 20.000 euro binnengehaald (bij een bescheiden 690 backers), terwijl het doel 15.000 euro was. De actie van mei dit jaar heeft meer dan 30.000 euro opgeleverd (gedoneerd door ruim 900 backers), terwijl het doel 20.000 euro was.

Speelt er nog iets naast mankracht?

"Ja, technologie. Bijvoorbeeld Photoshop-bestandsformaten, die zijn een nachtmerrie. Kijk, ik heb ooit bij Nokia op de N9 Calligra Office gemaakt. De bestandsformaten van Microsoft Office zijn nog gestructureerd, psd [het formaat van Photoshop - red.] is dat niet. Als je iets op drie manieren kunt doen, doet Photoshop het op vier manieren. Dat is niet als 'evil empire' hoor; Adobe zit daar zelf ook in verstrikt."

Wat is er gedaan sinds versie 2.4?

"We dachten dat 2.4 het beste ooit was. Maar we proberen twee versies per jaar uit te brengen. Voor 2.6 hebben we serieus gewerkt aan HDR-painting [high dynamic range - red.], zodat je foto's met enorme kleurdiepte kunt krijgen.

Dat werk hebben we gedaan met het oog op filmstudio's. Krita was daar al wel in gebruik, maar onder de radar. Er was hier en daar een individuele artiest die het zelf gebruikte. Vorig jaar ben ik op de Siggraph-conferentie aangeschoten door een artiest die Krita 'stiekem' gebruikte. Hij was erg te spreken over de vooruitgang."

Je noemde al werk aan optimalisatie?

"Ja, we willen Krita sneller dan Photoshop maken. Daar was de Kickstarter-campagne van dit jaar voor. Daarnaast hebben we nog twee grote doelen voor dit jaar. De eerste is betere tools voor animatie, waarmee ik klassieke, handgemaakte animatiefilms bedoel en niet Flash-animaties."

Bewaak je wel de scope? Krita krijgt ook animatiefuncties, het is toch alleen een tekentool?

"Nou, daar hebben we het lang over gehad; of dat niet strijdig was met onze aanpak dat we bewust niet alles voor iedereen wilden zijn.

Maar buiten het Krita-team waren er al developers hiermee aan de gang geweest. Zo had een Russische jongen een Krita-module voor animaties gemaakt. Alleen is die software vervolgens in de steek gelaten. Later heeft een Indiër tijdens Googles Summer of Code ook zoiets gemaakt, voor eigen gebruik. En daarna was er een Australiër die animatiemogelijkheden in Krita wilde voor een game die hij maakte. Er was dus vraag, er waren gebruikers.

Andere opensource-pakketten doen animaties óf in 3D zoals Blender óf met vector-graphics. Dat zijn heel andere grafische stijlen dan wat met Krita kan."

Wanneer komen de animatiefuncties?

"In Krita 2.9 of misschien in versie 2.10. Het is in ieder geval 's zomers door-coden."

En wat is dat tweede grote doel voor dit jaar?

"We gaan van Qt versie 4 over naar Qt 5."

Ho! Krijgen we dan weer een hiaat van vier jaar?

"Nee! We werken aan Krita 3.0 én we blijven 2.9 onderhouden. Pas als 3.0 af is, komt het uit. Niet eerder."

'When it's done', weleens gehoord van Duke Nukem Forever?

"Ja, zo'n situatie hadden we met Krita 2.0. In die valkuil trappen we echt niet nog een keer.

Krita 3.0 moet dit jaar nog enigszins af zijn, met versie 3.1 erna in februari. We houden dit tempo aan!"

Boudewijns toptips

Iedereen kan een opensource-developer zijn. Het is volgens Boudewijn niet moeilijk om mee te werken aan een opensource-project als Krita. "Doe drie bugfixes en je bent al developer. Daarvoor moet het project mensen wel vertrouwen." Boudewijn is niet bezorgd dat onervaren programmeurs fouten maken, daar valt immers van te leren. "Ik heb als beginner ook aan de KDE-broncode gewerkt. Ik ben niet bang dat iemand dommere fouten maakt dan ik."

Crowdfunding vereist zorg. Uit de Kickstarter-campagne van eerder dit jaar heeft Boudewijn nuttige lessen gedestilleerd. De mensen die Krita met financiële bijdrages hebben gesteund, stelden prijs op het feit dat er frequent updates over het project waren. Dat informeren van steunbetuigers is niet alleen iets voor tijdens de crowdfundingscampagne, ook - en juist - daarna is het van belang om mensen betrokken te houden. Laat weten wat je doet met de financiering. Laat zien dat je te vertrouwen bent. Er zijn te veel Kickstarters die geld inzamelen en dan ermee verdwijnen.

▼ Volgende artikel
Review Poco F8 Ultra – Toptoestel zodra de prijs zakt
© Wesley Akkerman
Huis

Review Poco F8 Ultra – Toptoestel zodra de prijs zakt

De smartphones van Poco zijn over het algemeen goed geprijsd als je kijkt naar wat je ervoor terugkrijgt. De nieuwe Poco F8 Ultra heeft een prijskaartje van minimaal 800 euro. Gaat die regel ook hier op?

Uitstekend
Conclusie

De Poco F8 Ultra oogt uniek, vindt in de subwoofer een handige toevoeging en voelt stevig aan. De door ons geteste Denim Blue-uitvoering heeft bovendien een faux denimlaagje op de achterkant voor extra grip (wat deze variant een paar gram zwaarder maakt dan de zwarte versie). Wel plaatsen we wat kanttekeningen bij de software- en camera-ervaring. De prijs is misschien gevoelsmatig nog wat hoog, zeker voor dit merk. Maar zakt de prijs richting de 600 euro, dan krijg je een toptoestel dat zijn prijs meer dan waarmaakt en waar je langdurig plezier van hebt.

Plus- en minpunten
  • Bose-subwoofer
  • Faux denim achterop
  • Stevig, handzaam en licht
  • Vlotte en overzichtelijke software
  • Gemiddeld tot goed softwarebeleid
  • Batterijduur
  • Kleuren kunnen beter
  • Camera laat te wensen over
  • Bloatware en advertenties
CategorieSpecificatie
Display6,9 inch Amoled-display, 120Hz (adaptief), 3500 nits maximale helderheid
ProcessorSnapdragon 8 Elite Gen 5 (3nm)
Geheugen12 GB of 16 GB LPDDR5X (9600 Mbps)
Opslag256 GB of 512 GB (UFS 4.1)
Batterij6500 mAh met 100W HyperCharge en 50W draadloos laden
Camera achter50 MP hoofdcamera (OIS), 50 MP periscooptelelens (OIS), 50 MP ultragroothoek
Camera voor32 MP met autofocus
VideoTot 8K op 30 fps (achter) / 4K op 60 fps (voor)
SoftwareXiaomi HyperOS 3
BouwIP68 waterbestendig, POCO Shield Glass, 218 (Black) - 220 gram (Denim Blue)
Connectiviteit5G, Wifi 7, Bluetooth 6.0, NFC
Extra'sUltrasone vingerafdrukscanner, Infrarood (IR-blaster), Bose audio

Want wat voor smartphone kun je precies aanbieden als je er net wat meer geld tegenaan gooit? Dat idee heeft een unieke telefoon opgeleverd, voorzien van een denimlook én een extra subwoofer achterop. Gewaagde keuzes, maar in een wereld waarin smartphones steeds meer naar elkaar toe groeien, en in hun identiteitscrisis meer en meer op iPhones gaan lijken, geen verkeerde ontwikkeling. Alleen daarom al zijn we enthousiast over de Poco F8 Ultra (Blue Denim-uitvoering).

Het helpt dan ook zeer dan de subwoofer daar niet alleen voor de show zit. Dit compacte speakertje geeft geluiden en audio meer dan genoeg ruimte om beter tot hun recht te komen vergeleken met reguliere smartphonespeakers. Weg is dat blikkige geluid, dat nu ruimte maakt voor warmere tonen en een bredere soundstage. Klinkt de muziek perfect? Dat kun je niet verwachten, maar we zijn desondanks onder de indruk van de Bose-luidspreker.

©Wesley Akkerman

Uniek en tof

De Poco F8 Ultra ligt prettig in de hand en voelt solide aan dankzij het aluminium frame. Met 220 gram is hij ook niet overdreven zwaar. Het fauxdenim op de achterkant draagt daarbij merkbaar bij aan de grip, waardoor hij niet snel uit je handen glipt. Juist door dat eigenzinnige uiterlijk is dit zo'n smartphone die je liever zonder hoesje gebruikt, ook al loop je daarmee iets meer risico op valschade.

Het grote amoled-paneel van 6,9 inch stelt evenmin teleur. Met zijn hoge resolutie (1.200 bij 2.608 pixels) en verversingssnelheid (120 Hertz) kom je niets tekort en oogt alles scherp en vlot. Het contrast is breed en zwartwaarden zijn diep, maar de kleuren kunnen soms net even wat flets ogen. Dat valt alleen op in directe vergelijkingen met andere smartphones; de kans is heel klein dat dit je hier iets van merkt in het dagelijkse gebruik of als je een minder geoefend oog hebt.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Wat je mag verwachten

Ook al draait de Poco F8 Ultra niet op de krachtigste processor die Qualcomm te bieden heeft, in de praktijk merk je daar weinig van. De Snapdragon 8 Elite Gen 5 voelt vlot aan bij multitasking en kan games zonder moeite aan, al moet je er wel rekening mee houden dat de Gen 5 warm (niet heet, gelukkig) kan worden wanneer je high-end spellen speelt. Niets om je zorgen over te maken, je zult hier namelijk je vingers niet aan branden.

Ook de accu stelt niet teleur. Met een capaciteit van 6.500 mAh haal je in veel gevallen probleemloos twee dagen, al hangt dat vanzelfsprekend af van hoe intensief je de smartphone gebruikt. Speel je veel games, dan loopt hij sneller leeg, maar opladen gaat razendsnel. Met een geschikte 100w-lader, die je zelf moet aanschaffen, zit de accu binnen ongeveer veertig minuten weer helemaal vol.

0,7x

1x

2x

Camera en software

Toch is niet alles goud wat er blinkt. Onder de juiste lichtomstandigheden maakt de Poco F8 Ultra kleurrijke en gedetailleerde beelden. Zoomen is geen probleem en ook de selfiecam lijkt goed om te gaan met verschillende huidtypen. De groothoeklens presteert echter minder goed: kleuren komen minder goed uit de verf en details vallen weg. De avondmodus stelt teleur, met een overdaad aan exposure, gebrekkige kleurenaccuraatheid en trage vastlegging.

Aangezien Poco een dochteronderneming is van Xiaomi, draait het toestel op HyperOS 3.0. De Poco staat daardoor vol met overbodige en dubbele apps, waaronder die van Xiaomi, waarvan je het gros kunt verwijderen. Ook kom je her en der wat reclame tegen. Verder is het besturingssysteem vlot en overzichtelijk, twee eigenschappen die we extreem belangrijk vinden. Je krijgt tot slot 'maar' vier Android-upgrades, evenals zes jaar aan beveiligingsupdates.

5x

10x

Poco F8 Ultra kopen?

Ondanks de kanttekeningen die we plaatsen bij de software- en camera-ervaringen, zijn er eigenlijk weinig redenen om niet voor de Poco F8 Ultra te kiezen. Hij oogt uniek, vindt in de subwoofer een handige toevoeging en voelt stevig aan. De door ons geteste Denim Blue-uitvoering heeft bovendien een faux denimlaagje op de achterkant voor extra grip (wat deze uitvoering wel een paar gram zwaarder maakt dan de Poco F8 Ultra Black). De prijs is misschien gevoelsmatig nog wat hoog, zeker voor dit merk. Maar zakt de prijs richting de 600 euro, dan krijg je een toptoestel dat zijn prijs meer dan waarmaakt en waar je langdurig plezier van hebt.

52137934

▼ Volgende artikel
Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid
© ER | ID.nl
Huis

Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid

Spatial audio, oftewel ruimtelijke audio, belooft een luisterervaring waarbij het geluid niet alleen van links en rechts komt, maar je volledig omringt. Hoewel de marketingkreten je geregeld om de oren vliegen, is de techniek niet in elke situatie even zinvol. In dit artikel ontdek je wanneer ruimtelijke audio je ervaring verrijkt en wanneer je prima zonder kunt.

Vergeet het statische geluid van je oude vertrouwde stereo-set. Met spatial audio krijgt geluid eindelijk de diepte die het verdient. Dankzij slimme algoritmes die de akoestiek van de echte wereld nabootsen, ontsnapt de audio aan je koptelefoon of soundbar. Geluid beweegt vrij door de kamer, waardoor een helikopter in een film ook echt boven je hoofd lijkt te cirkelen. Het is de overstap van een platte foto naar een hologram, maar dan voor je oren.

Bioscoopervaring thuis

De meest logische toepassing voor spatial audio is zonder twijfel de moderne filmervaring. Wanneer je een blockbuster kijkt die is gemixt in formaten zoals Dolby Atmos, komt de techniek pas echt tot leven. Een helikopter die overvliegt of regen die op een dak klatert, krijgt een verticale dimensie die voorheen onmogelijk was met een standaard hoofdtelefoon of een simpele soundbar.

Voor filmliefhebbers die niet de ruimte hebben voor een volledige surround-installatie met fysieke speakers in het plafond, biedt spatial audio een overtuigend en compact alternatief dat de zogenaamde immersie aanzienlijk vergroot.

Spatial audio in de praktijk

Je komt ruimtelijke audiotechnieken op steeds meer plekken tegen, vaak zonder dat je er specifiek naar hoeft te zoeken. In de filmwereld is Dolby Atmos de absolute standaard, waarbij streamingdiensten zoals Netflix en Disney+ deze techniek inzetten om geluidseffecten via een soundbar dwars door je kamer te laten bewegen.

Muziekliefhebbers vinden soortgelijke ervaringen bij Apple Music en Tidal, waar speciale mixes van bekende albums een breder en dieper geluidsveld bieden dan de originele stereoversie. Ook in de gamingwereld is het inmiddels de norm; Sony gebruikt de Tempest 3D-technologie voor de PlayStation 5 om spelers midden in de actie te plaatsen, terwijl Microsoft met Windows Sonic en Dolby Atmos for Headphones vergelijkbare resultaten behaalt op de Xbox en pc.

©ER | ID.nl

Muziek met een extraatje

Voor muziek is het nut van ruimtelijke audio iets genuanceerder en sterk afhankelijk van de productie. Bij klassieke concerten of live-opnames kan de techniek je het gevoel geven dat je midden in de concertzaal zit, waarbij de akoestiek van de ruimte tastbaar wordt. Ook bij moderne popmuziek die specifiek voor dit formaat is geproduceerd, kunnen artiesten creatiever omgaan met de plaatsing van instrumenten of subtiele geluidseffecten.

Toch blijft voor de purist die zweert bij een eerlijke, ongefilterde weergave van een studio-album de traditionele stereomix vaak de voorkeur genieten, omdat spatial audio de oorspronkelijke balans soms onnatuurlijk kan veranderen.

Gaming en de functionele voorsprong

In de wereld van gaming verschuift de waarde van spatial audio van puur esthetisch naar functioneel. Vooral in competitieve shooters is het horen van de exacte positie van een tegenstander een serieus dingetje. Door gebruik te maken van ruimtelijke audio kun je voetstappen boven, onder of achter je nauwkeurig lokaliseren. Dat geeft niet alleen een intensere spelervaring waarbij je volledig wordt opgeslokt door de spelwereld, maar biedt ook een tactisch voordeel dat met standaard audio simpelweg niet te evenaren is. Hierdoor is de techniek voor fanatieke gamers bijna onmisbaar geworden.

Wanneer kun je het beter uitschakelen?

Ondanks de indrukwekkende demonstraties is spatial audio niet altijd de beste keuze. Voor dagelijks gebruik, zoals het luisteren naar podcasts of het kijken van het journaal, voegt de extra ruimtelijkheid weinig toe en kan het de verstaanbaarheid van stemmen zelfs negatief beïnvloeden. Ook bij oudere opnames die door softwarematige kunstgrepen naar ruimtelijk geluid worden omgezet, ontstaat er vaak een hol en onnatuurlijk resultaat. In dergelijke gevallen is een zuivere stereoweergave nog altijd de meest betrouwbare weg naar een prettige luisterervaring.

Populaire merken voor spatial audio

Verschillende fabrikanten lopen voorop in de adoptie van ruimtelijke audiotechnieken. Apple heeft met de integratie in de AirPods Max en AirPods Pro in combinatie Apple Music de techniek toegankelijk gemaakt voor de massa, terwijl Sony met hun 360 Reality Audio een sterk eigen ecosysteem heeft gebouwd dat vooral schittert bij gaming en specifieke streamingdiensten. Daarnaast is Sonos een dominante speler op het gebied van home-entertainment met soundbars die Dolby Atmos ondersteunen. Bose en Sennheiser zijn eveneens belangrijke namen die met hun geavanceerde algoritmes en hoogwaardige hardware zorgen dat de ruimtelijke beleving ook voor de veeleisende luisteraar geloofwaardig blijft.