ID.nl logo
Golly: spelen met dode en levende pixels
© Flow 37
Huis

Golly: spelen met dode en levende pixels

Een paar simpele regels wekken pixels tot leven. Achter het principe van deze zogeheten cellulaire automaten gaat een hele wereld schuil. Golly laat je er zelf mee spelen.

In dit artikel laten we je zien wat de regels van GoL zo bijzonder maken:

  • Je kunt er asymmetrie mee creëren
  • Er ontstaan patronen door
  • Eenvoudige regels leiden tot grote complexiteit (Wolfram)

Ook interessant: Wat zijn fractals en hoe zien we ze terug in de IT?

Neem een raster met vakjes die aan of uit kunnen staan. Bedenk een paar regels die de toestand van elk vakje bepalen aan de hand van de status van zijn buren en voilà: je hebt een cellulaire automaat gebouwd.

Cellulaire automaten werden in de jaren 40 van de vorige eeuw bedacht door onder andere John von Neumann (die mede aan de wieg stond van de digitale computer). Ze kregen pas in de jaren 70 wat meer (wetenschappelijke) belangstelling toen John Horton Conway een stel regels bedacht die al snel bekend werden onder de naam Game of Life (GoL). De termen ‘aan’ en ‘uit’ worden daarbij vervangen door ‘levend’ en ‘dood’.

Zodra computers grafische mogelijkheden boden, verschenen er programmaatjes waarmee iedereen zelf met GoL kon spelen. Tegenwoordig is Golly hét programma waarmee dat kan. Er bestaat inmiddels zelfs een online versie die heel veel meer sets met regels kent dan alleen het klassieke GoL.

 Golly

Download Golly via deze webpagina. Naast downloadlinks voor Windows, Linux, macOS, iOS en Android is er een link naar de webversie die dezelfde kunstjes kent als de desktop-en mobiele versies.

Standaard gebruikt het programma de regels van GoL die worden aangeduid met de cryptische code B3/S23 (in het statusvak bovenin bij Rule). De B3 hierin zegt dat een dode cel in de volgende ronde tot leven komt als hij drie levende buren heeft (de B staat dan ook voor ‘born’ oftewel geboren worden). De S23 zegt dat een levende cel blijft leven als hij 2 of 3 levende buren heeft (S staat voor ‘survive’ oftewel overleven). Met die twee bepalingen liggen alle andere mogelijkheden ook vast. Heeft een levende cel bijvoorbeeld 0, 1, 4 of meer levende buren, dan voldoet hij niet aan S23 en overleeft hij dus niet.

Experiment

Gewapend met deze kennis is het tijd om eens te kijken wat de regels van GoL nu zo bijzonder maakt. Klik daarvoor op het woord Move achter Cursor en kies in plaats daarvan Draw. Je kunt nu vakjes in het raster wit kleuren, wat betekent dat je ze aanzet, oftewel tot leven wekt. Zoals je ziet heeft het raster dikkere lijnen voor blokken van 10x10 vakjes. Binnen zo’n groot vierkant zetten we de buitenste vakjes aan.

Boven het raster zie je de nodige pictogrammen en met de derde daarvan (+) laat je de regels van GoL één keer op het patroon los. Alle vakjes van het oorspronkelijke vierkant blijven leven omdat ze allemaal twee levende buren hebben. Allerlei vakjes binnen en buiten het vierkant komen tot leven omdat ze drie levende buren hebben.

In het statusvenster bovenin zie je Generation 1. Klik nog enkele keren op + totdat het patroon niet meer verandert. De teller staat dan op 10, zodat stap 9 het laatste unieke patroon was.

Het startpatroon waarop we de regels van GoL gaan loslaten.

Stapje terug

Tussen de pictogrammen zie je ook een gebogen pijl naar links. Dit is de Undo-knop (een functie die je ook in het menu Edit vindt). Klik net zo lang op Undo tot het oorspronkelijke vierkant terug is.

Waar je met + één stapje vooruit gaat, pas je met de Afspeelknop de regels continu toe. Je ziet de veranderingen nu snel gaan. Klik op de Pauzeknop als het beeld niet meer verandert en vervolgens op Undo. Zoals je ziet, ga je nu met één klik terug naar de begintoestand.

Heeft een experiment (veel) meer generaties, dan kun je het afspelen ook versnellen en vertragen met de knoppen Faster (>>) en Slower (<<). Daarbij verandert bovenin de waarde Step met een factor 10, dus van 1 naar 10 naar 100 enzovoort. Zo kun je in combinatie met de knop Advance by step size (naast de +) met grotere sprongen door een experiment gaan. Met een klik op het pictogram =1 zet je de stapgrootte weer op 1.

Asymmetrisch

Kijk je naar de veranderende patronen in ons eerste experiment, dan zal niet meteen duidelijk zijn waarom de regel B3/S23 met leven wordt geassocieerd. Dat verandert wanneer we binnen het witte vierkant een paar extra vakjes wit kleuren om zo een asymmetrisch patroon te maken.

Klik je na het aanpassen van het patroon op de afspeelknop, dan vertonen de opeenvolgende generaties een veel chaotischer gedrag. Het lijkt van een afstand een beetje op bacteriën onder een microscoop.

Een asymmetrisch patroon vertoont veel interessanter en complexer gedrag.

Om zicht op alle veranderingen te houden, zetten we een vinkje bij Auto Fit. Al snel zal de actie zich uitbreiden tot buiten het venster en dankzij Auto Fit zoomt Golly automatisch uit zodra dat gebeurt.

Na ruim 800 generaties zijn drie vormpjes ontstaan die zich in een rechte lijn weg lijken te bewegen, terwijl in het midden meerdere figuurtjes overblijven die ofwel stabiel zijn ofwel een herhalend patroon vormen.

Haal het vinkje bij Auto Fit weer weg en zet de cursor op Move. Zoom vervolgens in op deze figuurtjes met het vergrootglas-pictogram om dit duidelijker te zien.

Er bestaan allerlei stabiele patronen.

Patronen

De patronen die in het laatste voorbeeld ontstaan, komen heel vaak voor. Zo vaak dat ze al snel namen kregen. Zo heten drie blokjes op een rij die telkens wisselen tussen horizontaal en verticaal een Blinker (knipperlicht). Deze behoren tot een grote categorie die Oscillators heet. De meeste leden van die groep oscilleren met twee stappen per periode, zoals de Blinker, maar er zijn ook vormen die pas na meer stappen naar hun begintoestand terugkeren.

De vormpjes die zich voortbewegen heten Gliders (zweefvliegtuigen) en zij zijn een voorbeeld van een vorm uit de grotere categorie Spaceships (ruimteschepen).

Aanvankelijk dacht men dat patronen ofwel zouden stabiliseren ofwel zouden uitsterven. Er werden echter uiteindelijk vormen gevonden die eindeloos konden blijven groeien. Als voorbeeld noemen we het patroon 1111 1111 0111 1100 0111 0000 0011 1111 1011 111. Hierbij staat elke 1 voor een witte cel en elke 0 voor een zwarte (de spaties dienen slechts voor de leesbaarheid). Dit startpatroon groeit diagonaal in twee richtingen waarbij het een spoor van digitale kruimeltjes achterlaat.

Over kruimeltjes gesproken ...

Opruimen doe je met een kruimeldief
Dit simpele patroon van korte lijntjes ...
… leidt tot ongelimiteerde groei.

Turingmachine

Al in de late jaren 30 van de vorige eeuw bedacht de Britse wiskundige Alan Turing – ook al zo’n pionier binnen de informatica – een denkbeeldige computer die we tegenwoordig turingmachine noemen. Een turingmachine kan worden beschreven aan de hand van een aantal simpele regels en leent zich daardoor goed voor (wiskundige) analyse van de vraag of probleem X überhaupt door een computer (hoe krachtig ook) kan worden opgelost. De turingmachine bleek vele verschillende gedaanten te kunnen aannemen en één daarvan waren de regels van GoL! Dat betekent dat je in theorie elk computerprogramma zou kunnen coderen als patroon van vakjes in combinatie met deze regels.

Wolfram

In de jaren 80 experimenteerde de Brits-Amerikaanse natuurkundige en ondernemer Stephen Wolfram (maker van Wolfram Alpha) met regels die nog simpeler waren dan GoL, namelijk in één dimensie in plaats van twee. Dit systeem geeft voor cellen op een lijn aan hoe ze veranderen op basis van de toestand van hun buren links en rechts. Zelfs een van die regels bleek dusdanig complex gedrag te vertonen dat je er elk mogelijk computerprogramma in zou kunnen nabootsen.

Ook dit systeem vind je terug in Golly. Daarvoor kies je in het menu Control voor Set Rule. Geef als regel W110 (de regels van Wolfram zijn op deze manier genummerd en Golly kent alleen de belangrijkste) en klik op OK.

Kleur nu wat vakjes op één regel wit en klik op de afspeelknop. Als je Auto Fit hebt aangevinkt, dan zoomt Golly zelf uit en zie je een zeer complex en onvoorspelbaar patroon ontstaan.

Zelfs een ééndimensionale cellulaire automaat kan een computer nabootsen.

Complexiteit

Als het voorbeeld van Wolframs regel W110 iets duidelijk maakt, dan is het wel dat zeer eenvoudige regels tot grote complexiteit kunnen leiden. In de ruim vijftig jaar dat mensen met GoL spelen, zijn er dan ook heel wat boeiende ontdekkingen gedaan. Een aantal daarvan vind je in het menu links dat vol staat met voorbeelden waarmee je zelf kunt spelen.

Klik bijvoorbeeld op de driehoekjes bij Life en Guns en vervolgens op golly-ticker.rle. Klik op de Afspeelknop en omwille van de snelheid ook één keer op Faster. Je ziet dan hoe de vorm rechts als een lichtkrant continu het woord Golly produceert dat vervolgens door de vorm links wordt opgeslokt.

Tussen de voorbeelden in de groep Life vind je nog heel wat meer opmerkelijks. Zo bevat de categorie Methusalahs overwegend simpele patronen die gedurende duizenden generaties chaotische activiteit blijven vertonen en vind je in Signal-Circuitry patronen die aan computerprogramma’s doen denken.

De aanduiding rle dat je telkens ziet, is overigens de bestandsextensie van Golly en als je zelf iets interessants hebt gemaakt, dan kun je dat via File / Save Pattern in dit formaat opslaan.

Een startpatroon dat de naam ‘Golly’ produceert als lichtkrant.

Toestand

De regels van GoL zijn van alle cellulaire automaten verreweg het meest bestudeerd en er is dan ook het meest over bekend. Een van de redenen dat GoL zich redelijk gemakkelijk laat analyseren, is dat elke cel maar twee toestanden kent: aan of uit. Je kunt de mogelijkheden van cellulaire automaten drastisch uitbreiden en een van de manieren om dat te doen, is via meer dan twee toestanden per cel. Voorbeelden daarvan vind je in het menu met patronen (Patterns) links onder Generations. Zo gebruikt het voorbeeld MeteorGuns.mcl een set regels waarbij elke cel acht toestanden kan hebben.

Meer toestanden per cel zorgt uiteraard voor veel meer nieuwe mogelijkheden.

Een andere manier om de regels uit te breiden, is door niet alleen te kijken naar directe buren, maar ook naar cellen verder weg. Voorbeelden daarvan vind je in de rubriek Larger than Life. Zo laat liquid-methuseblob-soup.rle je heel goed zien dat dit soort regels tot veel soepeler bewegingen kunnen leiden.

In Help / Algorithms vind je nog meer mogelijkheden en lees je hoe je zelf regels definieert.

Als ook verder verwijderde cellen van invloed zijn, worden bewegingen vloeiender.
Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Online samenwerken in LibreOffice versie 25.8
© monticellllo
Huis

Online samenwerken in LibreOffice versie 25.8

De opensource kantoorsuite LibreOffice blaast 40 kaarsjes uit en viert dat met een sprong voorwaarts. Welke vernieuwingen vallen ons op in de recente versie en hoe maken ze de onderlinge samenwerking tussen gebruikers makkelijker?

LibreOffice kent een lange geschiedenis in verschillende vormen die teruggaat tot 1985. Toen verscheen het eerste programma onder de naam StarWriter. Vijftien jaar later belandde de suite bij de open-sourcegemeenschap en werd ondergebracht bij The Document Foundation, die het pakket de naam gaf waaronder we het nu kennen. Het is sindsdien uitgegroeid tot een volwaardig, gratis alternatief voor Microsoft Office. Ook de nieuwste versie blijft trouw aan de klassieke reeks toepassingen, al zijn die verder verfijnd en nauwer met elkaar geïntegreerd. LibreOffice 25.8 is beschikbaar op www.libreoffice.org/download.

De suite bestaat uit zes kernprogramma’s. Writer voor tekstverwerking, Calc als spreadsheet-programma, Impress is presentatiesoftware vergelijkbaar met PowerPoint, Draw is een vectorgebaseerde tekenapplicatie, Base gebruik je voor databases en ten slotte is er de formule-editor Math. Naast deze zes is er nog de component Chart om grafieken te maken binnen Calc, Writer en Impress. Bovendien heeft LibreOffice een bibliotheek met extra functies, sjablonen en steeds vaker ook AI-tools. Op de mogelijkheden van die kernprogramma’s zijn we al dieper ingegaan in een eerder artikel Aan de slag met LibreOffice. Hier bespreken we wat nieuw is en onderzoeken we de mogelijkheden van onderling samenwerken.

Aanpasbare interface

Wanneer je voor het eerst een applicatie opent, toont LibreOffice hoe je de interface kunt aanpassen. Wil je de standaardwerkbalk of wil je tabbladen? Daarnaast kun je kiezen voor een enkelvoudige werkbalk, voor compacte tabbladen, voor de zijbalk en meer. Telkens beslis je of je de gekozen interface alleen op het huidige programma wilt toepassen of op alle programma’s van LibreOffice.

De werkomgeving met tabbladen lijkt het meest op wat we van Microsoft Office gewend zijn.

Uiterlijk aanpassen

Met Extra / Opties / LibreOffice zet je de weergave van LibreOffice op licht, donker of de systeeminstelling. In hetzelfde venster bepaal je de kleuren waarmee spelfouten, tabelgrenzen, niet-afdrukbare tekens in Writer, de documentachtergrond en alle speciale markeeritems worden weergegeven. Door op het pictogram van het puzzelstukje te klikken bij Uiterlijk / LibreOffice-thema kom je bij de thema’s voor deze suite. Als je op de knop Internetpagina klikt, zie je telkens hoe ieder thema in de verschillende basisprogramma’s van LibreOffice eruitziet. Daarbij lees je welke versie van LibreOffice vereist is om het gekozen thema toe te passen. Gebruik de knop Installeren om het gekozen thema binnen te halen. Na een klik op OK past LibreOffice het thema onmiddellijk toe.

Daarnaast ondersteunen Writer, Calc en Impress ook kleurenschema’s voor specifieke documenten. Nadat je een van de drie applicaties hebt geopend, ga je naar Opmaak / Thema. Kies een van de bestaande thema’s uit Rainbow, Beach, Sunset … Je kunt via de knop Toevoegen ook zelf een thema samenstellen. Bevestig met de knop Toepassen. Alle elementen die met stijlen en thema-kleuren werken (koppen, tabellen, grafieken et cetera) worden meteen aangepast.

Met een thema pas je in één keer het volledige uiterlijk van de LibreOffice-applicatie aan.

Wijzigingen tonen

Een eerste opvallende vernieuwing is de manier waarop je tijdens het samenwerken veel duidelijker zicht krijgt op de voorgestelde wijzigingen. Activeer dit via Bewerken / Wijzigingen / Wijzigingen bijhouden of met de sneltoets Ctrl+Shift+C. Vanaf dat moment markeert Writer automatisch alles wat je typt, verplaatst of aanpast.

Met Bewerken / Wijzigingen / Tonen
maak je de aanpassingen zichtbaar. Toevoegingen verschijnen onderstreept of in kleur, verwijderingen worden doorgestreept en opmaakwijzigingen krijgen een ballon of markering in de kantlijn.

De voorgestelde wijzigingen worden zichtbaar.

Wijzigingen beheren

In het venster Wijzigingen beheren (Alt+7) zie je in één oogopslag alle voorgestelde aanpassingen. Klik je in de lijst op een item, dan wordt de bijbehorende wijziging meteen in de tekst gemarkeerd. En omgekeerd: selecteer je een wijziging in de tekst, dan springt Writer automatisch naar de juiste entry in de lijst. Dat was vroeger veel minder overzichtelijk, waardoor correcties in lange documenten lastig te volgen waren.

Nu kun je niet alleen sneller door honderden wijzigingen bladeren, maar ook instellen hoe elk type wijziging wordt weergegeven, van kleur tot markering. Met de knoppen Accepteren en Verwerpen beslis je per wijziging of je alles in één keer verwerkt. Bovendien kun je de lijst filteren op auteur en/of tijdstip, wat vooral bij samenwerking met meerdere gebruikers tijd bespaart.

Je kunt de wijzigingen filteren op auteur en op datum.

Commentaren geïntegreerd in Navigator

Commentaren zijn in de nieuwe versie beter geïntegreerd in de Navigator, waardoor je ze als overzichtslijst kunt gebruiken. Open het zijpaneel Navigator met F5 of via het kompas-pictogram in de zijbalk. Vanuit dit venster navigeer je met één klik naar koppen, afbeeldingen, secties en tabellen. Voeg je in de tekst een commentaar toe via rechtermuisknop en de optie Notitie toevoegen of de sneltoets Ctrl+Alt+C, dan verschijnt deze niet alleen in de tekst, maar ook in de Navigator. Klik je daar op een commentaar, dan springt Writer meteen naar de juiste plaats in het document.

In het panel Navigator vind je alle opmerkingen.

Extern opslaan

Onder het menu Bestand vind je ook de optie Extern opslaan. Hiermee sla je een bestand op een andere locatie op dan je eigen computer. Dit kan bijvoorbeeld een netwerkschijf of gedeelde map zijn, via WebDAV, FTP, SSH of een andere netwerkverbinding, of in een cloudomgeving zoals Nextcloud, Google Drive of OneDrive.

Het voordeel is dat het document direct op een plek staat waar anderen toegang toe hebben, of waar je er zelf vanaf meerdere apparaten bij kunt. Om een externe opslaglocatie in te stellen, klik je bij Extern opslaan op Service beheren. Daarna selecteer je de gewenste online dienst en vul je de gebruikersnaam en het wachtwoord in.

Je kunt verschillende externe bestandsservices aanspreken.

Multi opslaan als

Aanvullend kun je de mogelijkheden van LibreOffice uitbreiden door middel van extensies. Bijvoorbeeld met MultiFormatSave sla je hetzelfde document meteen in meerdere indelingen tegelijk op. Deze extensie ondersteunt het OpenDocument-formaat, het Microsoft Office-formaat en tegelijk de pdf-indeling. Handig bij samenwerking met mensen die Microsoft Office gebruiken, zodat iedereen toch over een kopie beschikt waarmee hij of zij kan werken. Daarnaast is er de extensie MultiFormatSave-Draw die hetzelfde doet voor illustraties. Hiermee bewaar je dezelfde afbeelding tegelijk in het odf-, png-, svg- en pdf-formaat.

Eerst moet je de extensie installeren via het menu Extra / Extensies. Daar klik je linksonder op de knop Haal meer extensies online. Dan kom je in een store om extensies te zoeken en te downloaden. Wanneer de download binnen is, dubbelklik je op het bestand multiformatsave-v1-5-6.oxt in de map Downloads. Er verschijnt een waarschuwing die aangeeft dat je op het punt staat om een extensie te installeren voor LibreOffice. Klik op OK. Daarna moet je LibreOffice opnieuw opstarten. Vanaf nu heb je in het menu Bestand een nieuwe functie: Multi Opslaan als. Als je die functie aanspreekt, krijg je een pop-up waar je verschillende indelingen kunt selecteren. Via Extra / Extensie kun je achteraf ook extensies verwijderen.

Plaats vinkjes bij de verschillende bestandsindelingen die LibreOffice simultaan moet opslaan.

AI-afbeeldingsgenerator

Een nieuwe interessante extensie is Stable Diffusion for LibreOffice. Hiermee kun je via prompts AI-gegenereerde afbeeldingen rechtstreeks toevoegen dankzij de gratis AI Horde backend. Je hebt hiervoor geen account of abonnement nodig, maar wel een internetverbinding. Bovendien krijg je het beste resultaat met Engelse prompts. Dit is een interessante manier om op een eenvoudige manier visuals toe te voegen. Ga naar Extra / Extensies / Haal meer extensies online en gebruik de zoekmachine om Stable Diffusion for LibreOffice te downloaden. De extensie gebruikt een cluster van Stable Diffusion-servers die door vrijwilligers wordt onderhouden, de zogenaamde AIHorde.

Zodra de extensie is geïnstalleerd, kies je Invoegen / Image from text. Dan opent zich de pop-up Stable Horde for LibreOffice waar je de prompt typt. Daarbij geef je zowel de hoogte als de breedte in van de illustratie die je nodig hebt en je klikt op de knop Process. Even later staat de illustratie in het tekstdocument of in de presentatie. Na de installatie vind je de knop naar deze extensie in Writer, Draw en Impress.

Onder de afbeelding komt ook de prompt die je hebt ingegeven.

Echte open standaarden

Wat LibreOffice uniek maakt, is dat het volledig inzet op open standaardformaten die door iedereen gebruikt en geïmplementeerd kunnen worden. Voor elk type document is er een open formaat: odt voor tekstdocumenten, ods voor spreadsheets en odp voor presentaties. Deze formaten zijn vastgelegd door de internationale standaardisatieorganisatie OASIS en officieel erkend door ISO/IEC. Dat betekent dat ze vrij beschikbaar zijn, zonder dat er een bedrijf de spelregels bepaalt.

Daarnaast kan LibreOffice ook werken met de Microsoft Office-formaten zoals docx, xlsx en pptx. Het kan bestanden in die formaten zowel openen als opslaan, zodat uitwisseling met gebruikers van Microsoft Office vlot verloopt. Het belangrijkste voordeel van de open formaten is dat de documenten in LibreOffice er hetzelfde uitzien wanneer je ze opnieuw opent, of wanneer iemand anders ze opent in een toepassing die deze standaard ondersteunt. Je verliest geen opmaak, inhoud of metadata.

Bij de Microsoft-formaten ligt dat genuanceerder. De typische Microsoft-indelingen zoals docx, xlsx en pptx bevatten vaak functies of elementen die alleen door Microsoft Office volledig worden ondersteund. Dit is deels een bewuste strategie. Microsoft hanteert zijn eigen implementatie en voegt soms afwijkingen toe, waardoor bestanden niet altijd 100 procent identiek openen buiten het eigen ecosysteem. Daardoor wordt het overstappen naar alternatieve software bemoeilijkt.

LibreOffice ondersteunt echte open standaarden.

Documenten schoon opslaan

Alle applicaties zijn bovendien in staat om documenten te creëren die de privacy van de gebruiker respecteren. Bij het opslaan kun je namelijk aangeven of je het bestand zonder persoonlijke metadata wilt bewaren, zoals de auteur of de tijdstempels. Dit kan belangrijk zijn als je documenten deelt in een professionele of juridische context. Terwijl het bestand geopend is, ga je naar het menu Bestand / Eigenschappen. Dan kies je het tabblad Algemeen. Je zult zien dat hierbij je naam als auteur al ingevuld is en ook de wijzigingsdatum, de totale bewerkingstijd enzovoort …

Klik op de knop Eigenschappen terugzetten. Hiermee wis je auteur, wijzigingsdatum, bewerkingstijd en woordentelling. Sla het bestand dan opnieuw op. Wil je het programma instellen zodat je de metadata altijd wist bij het opslaan, zodat je dit niet kunt vergeten? Ga naar Extra / Opties. Kies links in de lijst LibreOffice / Beveiligen. In de groep Beveiligingsopties en waarschuwingen klik je op de knop Opties. Daarna vink je de optie aan: Persoonlijke informatie verwijderen bij het opslaan. Bevestig met OK. Vanaf nu worden alle documenten automatisch schoon opgeslagen.

Het is mogelijk om de metadata in LibreOffice te verwijderen.

Samenwerken

Er zijn drie manieren om samen te werken met LibreOffice. De eerste is de klassieke aanpak. Je werkt alleen op je eigen computer en deelt het bestand via e-mail of usb. Andere gebruikers kunnen het document vervolgens aanpassen en opmerkingen toevoegen. Alle wijzigingen zie je overzichtelijk terug in het venster Wijzigingen beheren. De tweede manier is het gebruik van een gedeelde map in de cloud. Iedereen met toegang kan het bestand bewerken, zij het niet tegelijkertijd. Dankzij kleurmarkeringen blijft zichtbaar wie welke aanpassing heeft gedaan. De derde optie is de online variant van LibreOffice. Daarmee werk je in realtime samen aan hetzelfde document. Het grote voordeel is de simultane bewerking, maar het nadeel is dat de installatie en configuratie van deze oplossing wat complexer is.

Zo versleutelen we het bestand op Dropbox, de ander moet dan het wachtwoord kennen.

Online versie

De oplossing om online de opensource tekstverwerker, spreadsheet- of presentatie-applicatie te gebruiken, is een combinatie van een online platform en een online toepassing. LibreOffice 25.8 heeft de mogelijkheden om met anderen samen te werken uitgebreid door koppelingen met cloudoplossingen zoals Nextcloud. De bijbehorende online toepassing heet Collabora Online. Het gaat om een webgebaseerde Office-omgeving op basis van LibreOffice die zich integreert met cloudplatformen zoals Nextcloud. Hiermee kunnen teams, onderzoekers en scholieren in realtime veilig samenwerken, zonder afhankelijk te zijn van commerciële clouddiensten zoals Google of Microsoft. Bovendien is de privacy beter gewaarborgd.

Om te starten heb je een Nextcloud- of ownCloud-account nodig. Wij vonden Nextcloud het meest gebruiksvriendelijk, omdat deze Collabora al standaard aanbiedt. Nextcloud heeft clients voor Windows, macOS, Linux, iOS en Android (https://nextcloud.com/install). De laatste versie (31.0.8) verscheen op 14 augustus 2025. Wil je geen tijd besteden aan installatie en onderhoud, dan kun je kiezen voor een beheerde Nextcloud-hostingdienst. Er zijn verschillende aanbieders en de prijzen variëren volgens opslagcapaciteit. Je kunt er ook voor kiezen om op een eigen server Collabora CODE te installeren (Collabora Online Development Edition, een gratis community-versie), maar dat is meer iets voor specialisten.

Maak eerst een account aan bij Nextcloud.

Compatibel met de courante Office-indelingen

Met Collabora Online krijg je een webversie van LibreOffice, volledig opensource en privacy-vriendelijk. Op https://collaboraonline.com kun je een gratis demo uitproberen. Je vult je naam, e-mailadres en herkomst van je aanvraag in, waarna je een e-mail ontvangt met een link, login en wachtwoord. Vervolgens kom je in een omgeving waar je tekstverwerkingsdocumenten, spreadsheets en presentaties kunt openen. Het gaat om een set online documenten in de odt-, docx-, pdf-, pptx-, xlsx-, odg-, doc- en ods-indeling. Met een dubbelklik opent Collabora Online het bestand rechtstreeks in de browser, zonder dat je iets hoeft te installeren.

Je ziet in Nextcloud welke bestanden je in Collabora kunt openen.

Alle bewerkingen in de browser

Wanneer een document geopend is, herken je meteen de vertrouwde LibreOffice-modules. De interface van Collabora Online is niet 100 procent identiek aan de desktopversie van LibreOffice, maar de functies en compatibiliteit zijn zeer vergelijkbaar. De interface past zich aan de taalinstellingen van je systeem aan (in ons geval Nederlands). Je kunt elk bestand bewerken en opslaan in verschillende formaten. Zo kun je een geopende odp-presentatie bewaren als odf-presentatie, PowerPoint-bestand (.pptx) of PowerPoint 2003-presentatie (.ppt). Een tekstdocument in odt-formaat kun je opslaan als rtf, Word (.docx) of Word 2003-document (.doc). Ook exporteren naar pdf of epub is mogelijk. Alles gebeurt volledig in de internetbrowser, zonder dat je een lokale toepassing nodig hebt. Bovendien ben je niet beperkt tot de demo-bestanden: je kunt zelf ook eigen bestanden uploaden, bewerken en opslaan in deze indelingen.

De interface van Collabora Online werkt ook in het Nederlands.

Delen

In Nextcloud klik je op de Deel-knop en voeg je een gebruiker of groep toe. Je kunt zelfs een openbare link aanmaken. Daarbij bepaal je of de ander het document alleen mag lezen of ook mag bewerken. Vanaf dat moment kunnen meerdere mensen tegelijk in hetzelfde document werken. Elke auteur krijgt een eigen kleur voor de cursor en de selecties en alle wijzigingen verschijnen direct op het scherm. Net als in de desktopversie kun je opmerkingen toevoegen en wijzigingen bijhouden. Ondertussen kun je chatten en altijd teruggaan naar eerdere versies.

Je kunt het document delen met een of meer personen en je kunt een openbare link creëren.
▼ Volgende artikel
Vuurwerk fotograferen met je smartphone: zo krijg je de mooiste foto's
© ID.nl
Huis

Vuurwerk fotograferen met je smartphone: zo krijg je de mooiste foto's

De jaarwisseling 2025/2026 is het laatste keer dat we zelf vuurwerk mogen afsteken. Reken maar dat er dus heel wat siervuurwerk de lucht in gaat op oudejaarsavond! Natuurlijk wil je daar foto's van maken, maar het blijft lastig om dit spektakel goed vast te leggen met een telefoon. Vaak eindig je met bewogen strepen of een overbelichte waas op je scherm. Met de juiste voorbereiding en instellingen maak je dit jaar foto's die wél de moeite waard zijn om te bewaren.

In dit artikel

Vuurwerk fotograferen met je smartphone vraagt om een goede voorbereiding en de juiste instellingen. Je leest hoe je je telefoon stabiel houdt, waarom een schone lens verschil maakt en welke instellingen helpen om lichtsporen scherp vast te leggen. Ook leggen we uit hoe Live Photos op de iPhone en de Pro-modus op Android werken, en waar je op let bij timing en compositie voor een sterker eindresultaat. 

Lees ook: Betere foto's met je smartphone? 5 fouten die je nooit moet maken! (Plus: de beste camera-smartphones 2025)

Begin met een schone lens door er even een microvezeldoekje overheen te halen. Vette vingers veroorzaken namelijk vlekken waardoor het felle licht van het vuurwerk minder goed wordt vastgelegd. Controleer daarnaast of je nog voldoende opslagruimte vrij hebt op je toestel. Omdat je waarschijnlijk veel beelden achter elkaar schiet, loopt je geheugen sneller vol dan je denkt. Vergeet ook niet om je batterij volledig op te laden, want als het koud is, gaat de accu van je smartphone sneller leeg.  

Stabiliteit voor scherpe beelden

Lichtflitsen in het donker fotograferen vraagt om een langere sluitertijd. Hierdoor is elke kleine beweging van je handen direct zichtbaar als een onscherpe vlek. Gebruik bij voorkeur een klein statief of een smartphonehouder om je toestel stil te houden. Heb je die niet bij de hand? Leun dan tegen een muur of lantaarnpaal en houd je smartphone met beide handen stevig vast. Gebruik in geen geval de digitale zoom. Dit verlaagt de kwaliteit van je foto aanzienlijk en maakt de korreligheid alleen maar erger.

©ID.nl

Lichtsporen vastleggen met iPhone

Heb je een iPhone, dan is de functie Live Photos je beste vriend tijdens de jaarwisseling. Zorg dat het ronde icoontje voor Live Photos bovenin je camera-app geel gekleurd is. Nadat je de foto hebt gemaakt, open je deze in de Foto's-app. Tik linksboven op het woordje 'Live' en kies uit het menu voor 'Lange belichting'. Je telefoon voegt dan alle beelden uit de opname samen tot één foto. Hierdoor veranderen de losse lichtpuntjes in vloeiende, lichtgevende banen tegen een donkere lucht. Gebruik hierbij bij voorkeur een statief of zet je iPhone ergens stabiel neer. Wanneer je namelijk los uit de hand fotografeert, worden de bewegingen die je zelf maakt ook meegenomen, en dat kan zorgen voor een wazig eindresultaat.

De Pro-modus op Android gebruiken

Veel Android-telefoons hebben een Pro-modus waarmee je handmatig de sluitertijd aanpast. Open deze stand in je camera-app en zoek naar de letter 'S' (Sluitertijd). Voor vuurwerk werkt een sluitertijd tussen de twee en vier seconden vaak het best. Houd de ISO-waarde laag, bijvoorbeeld op 100, om ruis in de donkere delen te voorkomen. Omdat de sluiter nu langer openstaat, is een statief echt een vereiste. Je krijgt dan de bekende foto's waarbij je de hele weg van de vuurpijl als een lichtspoor ziet.

Timing en compositie bepalen

Het moment waarop je afdrukt is bepalend voor het eindresultaat. Werk je met een normale sluitertijd, dan is de burst-modus handig: houd de ontspanknop ingedrukt wanneer een pijl de lucht in gaat. Zo leg je de hele explosie vast en kies je achteraf de mooiste foto uit de reeks. Denk ook na over de compositie van je beeld. Een foto van alleen de lucht is vaak wat kaal. Probeer elementen uit de omgeving mee te nemen, zoals silhouetten van gebouwen of bomen. Dit geeft context en maakt het plaatje een stuk interessanter.

🎆 Snelle checklist 🎆

Wat?Hoe?
StatiefGebruik een stabiele ondergrond of een houder
FlitserSchakel deze functie handmatig uit
FocusVergrendel de scherpte op de plek van de explosie
BelichtingVerlaag de helderheid voor diepere kleuren
ZoomBlijf op de standaardstand staan voor maximale scherpte
ModusGebruik de burst-functie voor een reeks opnames