ID.nl logo
Wat zijn fractals en hoe zien we ze terug in de IT?
© Reshift Digital
Huis

Wat zijn fractals en hoe zien we ze terug in de IT?

Ooit leken fractals niet meer dan een wiskundige curiositeit met een hoog esthetisch gehalte. Maar door de jaren werden er vele praktische toepassingen gevonden en tegenwoordig kan ook de IT niet meer zonder. Aan de hand van Visions of Chaos nemen we een kijkje in de wondere wereld van fractals en aanverwante zaken, want wat zijn fractals eigenlijk?

In 1904 bedacht de Zweedse wiskundige Helge von Koch een uiterst eenvoudige procedure die als volgt gaat: neem een gelijkzijdige driehoek en gum van elke zijde het middelste derde deel uit. Teken nu boven elk uitgegumd deel twee zijden van een nieuwe gelijkzijdige driehoek. Herhaal deze procedure op alle lijnen die je nu hebt en doe dat steeds opnieuw. Het resultaat is de Koch-sneeuwvlok: een figuur met een eindig oppervlak, maar een oneindige omtrek.

Je kunt de procedure overigens ook loslaten op een enkele lijn en ook daarvan wordt de lengte uiteindelijk oneindig lang. In dat geval spreken we van de Koch-kromme. Hoewel het woord nog niet bestond, was dit een van de eerste fractals.

Een Koch-kromme kun je beschrijven met een wiskundige procedure die L-systeem wordt genoemd (de letter L verwijst naar bedenker Aristid Lindenmayer, een theoretisch bioloog). Een handvol simpele regels vormt hierin het recept om objecten te maken waarvan het uiterlijk verbluffend gevarieerd is en die we dan ook nog vaker zullen tegenkomen. Sommige van deze vormen lenen zich uitstekend voor het maken van de zeer compacte antennes die nodig zijn in mobieltjes en die in staat zijn om met meerdere frequentiebereiken te werken.

Al sinds de oudheid kennen we allerlei soorten symmetrie. Symmetrie speelt dan ook een belangrijke rol in zowel de kunsten als de (natuur)wetenschappen. Symmetrieën die iedereen kent zijn translaties (verschuivingen), rotaties en spiegelingen. Samen kun je daarmee allerlei interessante herhalende patronen maken die je bijvoorbeeld vindt in behang, tapijten en kledingdessins.

Maar de Koch-kromme bevat een geheel nieuw soort symmetrie: zoom je erop in, dan lijkt het detail op het geheel en dat blijft zo, ongeacht hoever je inzoomt.

Dit verschijnsel kennen we ook van kustlijnen, al heeft het daar niet de perfecte regelmaat die de figuur van Koch heeft. Vanaf grote hoogte kun je een kustlijn fotograferen en de lengte berekenen. Kom je dichterbij, dan zie je onregelmatigheden die eerst onzichtbaar waren en die de lengte vergroten. Omdat een kustlijn betekenisloos wordt op het niveau van atomen en moleculen, kun je er eigenlijk geen absolute lengte aan toekennen. Bij perfect gevormde wiskundige figuren kan dat juist wel en zulke figuren met dit type symmetrie noemen we fractals.

Aan de analogie tussen de Koch-sneeuwvlok en kustlijnen zien we dat de natuur zich in een bepaald opzicht soms als fractal lijkt te gedragen.

©PXimport

Chaostheorie

Fractals vormden nauwelijks een onderwerp van studie, omdat ze aanvankelijk geen praktisch nut leken te hebben en met de hand nauwelijks te produceren waren. Met de komst van de computer, met alle grafische mogelijkheden van dien, kwam daar verandering in.

Een tweede gevolg van de computerrevolutie was de ontdekking door de Amerikaanse wiskundige en meteoroloog Edward Lorenz dat betrekkelijk simpele weermodellen, bestaande uit slechts een handvol gekoppelde vergelijkingen, een totaal andere uitkomst kunnen hebben als de startwaarden een heel klein beetje afwijken (het ‘vlindereffect’).

De grafieken die dit fenomeen opleverde, leken verdacht veel op fractals. Daarmee bleken die wonderlijke objecten ineens een direct verband te hebben met de echte wereld en dat zorgde weer voor de geboorte van een geheel nieuwe wetenschap die in de volksmond chaostheorie heet en die neerkomt op de studie van zogeheten niet-lineaire systemen.

Dat je zeer complexe patronen kunt beschrijven door middel van een handvol compacte en simpele regels, roept natuurlijk de vraag op of het omgekeerde ook kan.

De vroegste (lossless) compressie-algoritmen waren gebaseerd op het feit dat elke aaneenschakeling van bits de nodige symmetrie bevat in de vorm van translatie of spiegeling. Heb je een blok met bits gevonden waarvoor dat geldt, dan kun je in elk volgend identiek blok daarnaar verwijzen. Mag er wel sprake zijn van enig verlies, zoals bij foto’s, video’s en audio, dan kan fractale symmetrie ook ineens worden benut. Er zijn dan ook inderdaad compressie-algoritmen die hiervan gebruikmaken. De zoektocht naar goede algoritmen is daarbij werk in uitvoering, omdat compressie langs deze weg vaak tijdrovend is. Een groot voordeel is wel dat je afbeeldingen die met dit soort technieken zijn gecodeerd onbeperkt kunt uitvergroten.

©PXimport

Chaostheorie werd pas bekend bij een breed publiek toen James Gleick in 1987 zijn bestseller Chaos uitbracht. De populariteit van het boek was deels te danken aan de intrigerende schoonheid van de vele Mandelbrot-fractals die erin te bewonderen waren.

Deze bijzondere en fraaie objecten (zie beeld bovenaan dit artikel) zijn het resultaat van een zeer simpele wiskundige procedure, waarbij je het resultaat van een berekening telkens als nieuwe invoer voor diezelfde berekening gebruikt. Zo’n procedure is uiteraard gesneden koek voor de computer die inmiddels overal opdook. Een stortvloed aan programma’s om zelf fractals mee te maken was het gevolg.

Hét programma uit die beginjaren was het gratis Fractint dat in leven wordt gehouden via opvolger WinFract. De gratis alleskunner van nu heet Visions of Chaos (kortweg VoC), dat ook de bron vormde voor de meeste illustraties bij dit artikel. Naast de vele soorten fractals die door de jaren zijn ontwikkeld, stelt VoC je in staat om te experimenteren met allerlei aanverwante complexe systemen.

©PXimport

Game of Life en de Turing Machine

In 1970 bedacht de Britse wiskundige John Conway Game of Life. Op een rooster kunnen vakjes aan of uit staan en aan de hand van een paar simpele regels met betrekking tot het aantal buren dat aan of uit staat, wordt bepaald hoe het rooster in de tijd verandert. Dit bleek een dusdanige rijkdom aan vormen en structuren op te leveren dat er al snel studie werd gemaakt van allerlei vergelijkbare sets met regels, ook in meer dan twee dimensies. Al snel werd duidelijk wat de kracht was van deze zogeheten cellulaire automaten.

De Britse wiskundige Stephen Wolfram (ontwikkelaar van Mathematica) speelde zelfs met een eendimensionale variant. Deze allersimpelste automaat begint met drie vakjes op een rij die aan of uit kunnen staan en 256 mogelijke regels voor de ontwikkeling van volgende generaties. De complexiteit die sommige van deze regels laten zien, leidde tot Wolframs (tamelijk omstreden) idee dat een vergelijkbaar maar uiteraard veel ingewikkelder systeem van regels in veel meer dan één dimensie een vervanging zou kunnen vormen voor de bekende natuurwetten.

©PXimport

De Britse wiskundige Alan Turing, wiens bewogen leven meermaals is verfilmd, speelde al voor de komst van de eerste computers met ideeën die beschreven hoe een geautomatiseerd rekensysteem zou moeten werken. Die gedachten leidden tot het definiëren van de zogeheten Universele Turingmachine (UTM), de wiskundige beschrijving van een theoretische computer die alles kan wat echte computers kunnen.

Van Game of Life werd al snel ontdekt dat het een UTM kan nabootsen en zo werden bijvoorbeeld patronen met roosterpunten gevonden die als programma konden dienen om priemgetallen te genereren en zelfs complexe patronen die zichzelf kunnen kopiëren!

Misschien nog wel verrassender is het feit dat ook sommige regels van de eendimensionale automaat van Wolfram complex genoeg bleken om een UTM te vormen. Dergelijke systemen vormen dan ook een actief studiegebied binnen de theoretische informatica.

Iteratief

Eerder zagen we al dat de Mandelbrot-fractal het resultaat is van een iteratieve procedure en dat geldt ook voor de Koch-kromme en andere L-systemen. Een soortgelijke techniek kun je ook toepassen in meerdere dimensies.

Zo kun je bijvoorbeeld starten met een vierkant van N*N roosterpunten en daarvan het middelpunt bepalen. Dat punt verplaats je vervolgens een willekeurige afstand omhoog of omlaag, waardoor je een (al dan niet omgekeerde) piramide krijgt. Het vierkant is nu ook verdeeld in vier kleinere vierhoeken, waarop je de procedure kunt herhalen. In plaats van het wijzigen van de hoogte kun je beginnen met een vierkant dat bestaat uit zwarte pixels en aan het gevonden middelpunt een willekeurige grijswaarde toekennen.

Het plaatje dat zo na een aantal iteraties ontstaat, heet een plasmafractal en is voor allerlei doeleinden bruikbaar, bijvoorbeeld als hoogtekaart in een 3D-ontwerpprogramma.

In films en games zien we soms de meest adembenemende landschappen. In games zijn die altijd computergegenereerd (al dan niet op basis van echte data) en in films soms ook, bijvoorbeeld wanneer dat goedkoper is of wanneer de actie zich afspeelt in een fantasiewereld. Waar Captain Kirk zijn Star Trek-bemanning in de jaren 60 nog moest laten landen in een decor van rotsblokken gemaakt van piepschuim, kunnen filmmakers van nu hun acteurs via greenscreen-technologie op een planeet neerzetten die helemaal in de computer is ontstaan. Het terrein en de bewolking van die wereld komen tot stand via plasmafractals en aanverwante methoden. Een programma als Terragen geeft een mooi voorbeeld van dergelijke technieken. Het principe is ook in VoC te zien (Fractals, Plasma-Clouds of Fractals, Terrain of Fractals, Planet).

Eerder stelden we al vast dat kustlijnen een fractalachtige structuur hebben en zagen we hoe op basis van fractals complete planeten en wolkenluchten kunnen worden gemaakt. Maar ook de levende natuur zit vol met fractale symmetrie. Kijk je naar het wortelstelsel van een boom of naar het vaatstelsel in het menselijk lichaam, dan is niet meteen duidelijk wat de schaal is. Kijk je naar een ingezoomd plaatje van haarvaten? Of is het een beeld van grotere afstand, waardoor de kleine structuren juist niet meer zichtbaar zijn?

Het systeem dat we zagen bij de Koch-kromme plaatst steeds dezelfde structuren in een verkleinde versie in de ontstane lege ruimtes. Daardoor blijven hoeken tussen lijnen op elk niveau hetzelfde. Voegen we juist – net als bij de plasmafractals – een beetje willekeur toe aan elke stap van de procedure, dan maak je van een overduidelijk geometrisch object een voorwerp dat zo uit Moeder Natuur lijkt te komen.

De fantasiewerelden in games en films zouden wel heel saai zijn zonder vegetatie. Dankzij fractals beschikken we inmiddels gelukkig over een breed scala aan technieken om levensechte bomen en planten te maken. De L-systemen die we al eerder zagen, kunnen worden gebruikt om de basisvorm van een boom of plant te maken. Een andere mogelijkheid vinden we in het gebruik van IFS-fractals (Iterated Function Systems).

Voor het modelleren van dieren in 3D bieden fractals geen oplossing, maar voor de fraaie patronen in de vacht van bepaalde diersoorten zijn sommige cellulaire automaten zeer geschikt (zie VoC Cellular Automata, 2D, Smooth Life).

©PXimport

Kunstig

Behalve dat fractals op allerlei manieren nut hebben bij het creëren van de bouwstenen voor een creatieve productie, vormen ze van meet af aan ook van zichzelf al een rijke bron voor het maken van fraaie beelden of objecten.

Aanvankelijk beperkten de mogelijkheden zich tot stilstaande plaatjes. Fabrikanten van posters vonden inspiratie in de standaard Mandelbrot-fractal, terwijl kunstenaars probeerden om deze op allerlei manieren naar hun hand te zetten. Meer rekenkracht bracht ons de mogelijkheid om filmpjes te maken waarin wordt ingezoomd op de Mandelbrot- en aanverwante fractals. YouTube bevat er inmiddels tienduizenden.

Nog krachtiger pc’s brachten ons 3D-fractals (zie VoC Hypercomplex Fractals, Mandelbulb of het gespecialiseerde Mandelbulber). Op basis van deze en aanverwante fractals produceer je complete 3D-animaties met objecten die niet alleen mooi en interessant zijn, maar die je bovendien met geen mogelijkheid zelf zou kunnen modelleren.

Een logische volgende stap is dat kunstenaars en hobbyisten inmiddels ook 3D-printtechnologie gebruiken om de schoonheid van hun creaties tastbaar te maken.

Brein

Eerder zagen we al dat het vaatstelsel een fractale structuur heeft. Dat geldt tot op zekere hoogte ook voor het brein, waarin stelsels van grote verbindingen bestaan naast telkens kleinere vertakkingen. Het complexe en onvoorspelbare gedrag van onze hersenen valt hieruit ook deels te verklaren.

Iets dergelijks zien we ook terug in grootschalige computernetwerken. In de studie daarvan spelen fractals dan ook een rol. Wanneer dergelijke complexiteit kan optreden bij de handvol simpele vergelijkingen uit de weermodellen van Lorenz, dan zal het niemand verbazen dat iets dergelijks zich zéker voordoet bij de neurale netwerken die gebruikt worden voor kunstmatige intelligentie (AI). Zelfs de best getrainde visuele AI kan een voorwerp waarvan het er al duizenden heeft herkend op zeker moment aanzien voor iets anders, net zoals onze hersenen af en toe de fout in gaan.

Een nieuwe ontwikkeling in de creatie van op fractals gebaseerde kunst is dan ook de combinatie van fractals en van het beeld dat AI daarin ‘meent’ te zien.

Visuele AI kan niet alleen objecten herkennen, maar ook de visuele stijl van een afbeelding veranderen op basis van de stijl van een andere, bijvoorbeeld van een bekend schilderij. Op www.deepdreamgenerator.com kun je daarmee online experimenteren.

Wie over een Nvidia-videokaart beschikt, kan VoC ook uitbreiden met de mogelijkheid om lokaal AI los te laten op fractals of gewoon op eigen afbeeldingen. Het installeren van de benodigde componenten kost al snel een uur, maar is zeer de moeite waard.

©PXimport

Fractals in audio

Ruim 2500 jaar geleden ontdekte de Griekse wiskundige Pythagoras al dat klanken die voor ons aangenaam klinken frequenties hebben die in een eenvoudige rekenkundige verhouding tot elkaar staan. Zo horen we twee verschillende tonen als dezelfde noot wanneer de frequentieverhouding 1:2 is (een octaaf) en geeft een verhouding 2:3 een zuivere kwint; de eerste en laatste noot van elk majeur- of mineurakkoord.

Behalve dat je muziek kunt analyseren aan de hand van de gebruikte toonhoogtes, kun je ook naar de structuur van een muziekstuk kijken. Naast een overkoepelende structuur zoals ABA (bijvoorbeeld couplet, refrein, couplet), zie je dan kleinere structuren. Zo kan het couplet een eigen ABA-structuur hebben van twee identieke regels en een afwijkende in het midden. Zelfs deze regels hebben vaak nog een interne structuur die hetzelfde stramien kan volgen en dat alles doet sterk denken aan een fractal.

Er wordt daarom al jaren geëxperimenteerd met het genereren van aangename muziek op basis van fractals. Naast specialistische software zoals Aural Fractals biedt VoC de mogelijkheid om op basis van sommige soorten fractals midimuziek op te slaan.

Conclusie

Het gebruik van fractals voor allerlei toepassingen in de IT heeft inmiddels een grote vlucht genomen en voortdurend worden er nieuwe technieken mee ontwikkeld. Daarnaast hebben ze hun nut bewezen binnen allerlei vakgebieden, variërend van biologie en geneeskunde tot geologie en economie. 

Los daarvan zijn fractals vaak objecten met een grote visuele schoonheid en met een variatie waarover je je eindeloos kunt verbazen. Dus zelfs wie niet geïnteresseerd is in de achterliggende wetenschap, kan er toch volop van genieten.

▼ Volgende artikel
Redesign van mobiele Netflix-app krijgt ruimte voor verticale video's
© ink drop - stock.adobe.com
Huis

Redesign van mobiele Netflix-app krijgt ruimte voor verticale video's

Netflix gaat dit jaar zijn mobiele app van een redesign voorzien. Daarbij komt er ruimte voor verticale video's om het verticale scherm van smartphones tegemoet te komen.

Dat kondigde co-CEO Greg Peters gisteren aan tijdens een gesprek met investeerders. De nieuwe interface van de mobiele app is nog niet getoond, maar moet ergens dit jaar uitkomen en Netflix helpen met "de uitbreiding van onze zaken gedurende het komende decennium".

Verticale video's

Netflix geeft aan dat het al sinds mei vorig jaar experimenteert met verticale video's. Daarbij worden er korte clips uit films en series van Netflix getoond in een verticaal formaat - iets wat voor smartphonegebruikers wereldwijd steeds natuurlijker voelt dankzij socialmedia-apps als TikTok en Instagram. Daarbij wordt het voor consumenten steeds normaler om videocontent op hun mobiel te kijken in plaats van op tv.

Netflix wil de opties voor verticale video's dus uitbreiden en de vernieuwde mobiele app die later dit jaar uit zal komen, moet dit mogelijk maken. Daarnaast wil het bedrijf ook meer stappen maken in de wereld van videopodcasts, waar de vernieuwde app ook geschikter voor moet worden. Deze week heeft Netflix de eerste exclusieve videopodcasts gedebuteerd.

Plannen van Netflix

De hierboven beschreven veranderingen lijken te suggereren dat Netflix zijn markt wil verbreden en het een en ander leert van populaire socialmediaplatforms. Tegelijkertijd blijft het streamingbedrijf investeren in nieuwe films en series.

Netflix wil ook nog altijd filmproductiebedrijf Warner Bros. overnemen, en daarmee dus ook HBO Max. Beide bedrijven zien de overname zitten, maar Paramount zit ertussen en wil Warner Bros. ook graag overnemen. Uiteindelijk beslissen aandeelhouders van Warner Bros. Daarom heeft Netflix de overnamedeal deze week nog wat verfijnd, waarbij er in meer 'contant' geld uitbetaald wordt in plaats van aandelen.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

▼ Volgende artikel
Hoe kies je de juiste powerbank?
© Tevarak Phanduang | NaMaKuki_2016
Huis

Hoe kies je de juiste powerbank?

Je bent onderweg en ziet dat je telefoon nog maar vijf procent batterij heeft. Op dat moment is een powerbank precies wat je nodig hebt. Alleen: welke? De juiste keuze begint met twee vragen: hoeveel energie heb je onderweg nodig en hoe snel moet die energie eruit kunnen?

In dit artikel

Je leest hier hoe je een powerbank kiest die past bij jouw gebruik. Je ziet waarom mAh op de verpakking niet alles zegt en hoe je met wattuur (Wh) beter ziet hoeveel energie een powerbank kan opslaan en afgeven.  Ook leggen we uit waar laadsnelheid vandaan komt, wat usb-c en Power Delivery doen en waarom de juiste kabel bij hogere vermogens belangrijk is. Tot slot krijg je tips voor het opladen van een tablet of laptop.

Lees ook: Slimme tips om energie te besparen op je smartphone

Capaciteit: mAh is handig, maar reken in Wh

In de specificaties van powerbanks zie je bijna altijd een getal in milliampère-uur (mAh). Maar daarbij moet je je wel realiseren dat dat niet het hele verhaal is. Fabrikanten geven die mAh vaak op bij de interne batterijspanning van de cellen in de powerbank (meestal rond 3,6 tot 3,7 volt). Jouw telefoon laadt meestal via 5 volt, en bij snelladen soms op 9 of 12 volt. Die omzetting kost energie.

Zie de powerbank als een watertank met een kraan die je moet omzetten naar een andere maat aansluiting. Dat omzetten levert altijd wat verlies op. Daarom haal je in de praktijk niet 10.000 mAh uit 10.000 mAh. Reken grofweg met een bruikbare opbrengst die vaak ergens rond de 60 tot 80 procent ligt, afhankelijk van de kwaliteit van de elektronica en hoe je laadt. Met 10.000 mAh kun je een gemiddelde smartphone daarom meestal geen twee keer volledig vullen, maar eerder ongeveer anderhalf keer. Heb je een telefoon met een kleinere accu, dan kom je dichter bij de opgegeven twee keer; met een grotere accu haal je dat juist minder snel.

Wil je wat preciezer rekenen, kijk dan naar wattuur (Wh). Dat is de eenheid die echt iets zegt over hoeveel energie erin zit. Een eenvoudige omrekening helpt: Wh = (mAh × volt) / 1000. Staat er op de powerbank bijvoorbeeld 10.000 mAh bij 3,7 V, dan is dat ongeveer 37 Wh aan energie in de cellen, voordat je het omzetverlies meeneemt.

Powerbanks vergelijken

In de winkel zie je bijna altijd mAh als capaciteitsaanduiding. Zoals je hierboven hebt kunnen lezen is dat niet perfect. Maar omdat fabrikanten dezelfde soort cellen gebruiken en allemaal op dezelfde manier rekenen, kun je mAh wel gebruiken om powerbanks onderling te vergelijken. Heb je een powerbank gevonden die je wat lijkt, dan kun je bovenstaande berekening gebruiken om een meer realistisch beeld van het aantal keer opladen te krijgen.

View post on TikTok

Hoeveel capaciteit heb je echt nodig?

Als je vooral een extra lading voor je telefoon zoekt op een lange dag, dan zit je met 10.000 mAh in de praktijk vaak goed. Is 'bijna vol' al al genoeg, dan kan 5.000 mAh ook, maar reken er dan niet op dat je elke moderne smartphone die helemaal leeg is weer volledig volgeladen krijgt. Ga je een weekend weg of laad je meerdere apparaten op, dan is 20.000 mAh een logische stap. Je hebt dan meer oplaadcapaciteit, maar houd er wel rekening mee dat dat ook betekent dat de powerbank groter en zwaarder is.

Voor tablets geldt hetzelfde principe, alleen is de interne accu meestal groter dan die van een telefoon. Daardoor lijkt een powerbank die voor je telefoon prima is, bij een tablet ineens snel leeg. Dat is niet vreemd: je giet simpelweg meer water in een grotere emmer. Voor laptops ligt het net even anders: daar draait het niet alleen om capaciteit, maar vooral om het vermogen (wattage). Daar komen we zo op terug.


🔋Tot zover ging het over de hoeveelheid energie (mAh/Wh). De volgende stap is de afgifte: met welk vermogen (watt) kan de powerbank die energie aan je telefoon, tablet of laptop leveren? 


Snelheid: wattage maakt het verschil

Capaciteit zegt iets over hoe vaak je kunt laden. Snelheid gaat over wattage: hoeveel vermogen de powerbank kan leveren. Dat vermogen is vooral relevant als je snel wilt bijladen, of als je een tablet of laptop wilt opladen. USB-c is daarbij de norm geworden, en USB Power Delivery (PD) is de techniek waarmee lader en toestel afspraken maken over spanning en stroom. Je powerbank en je telefoon of laptop stemmen dat onderling af, zodat laden snel kan zonder dat het onveilig wordt. Daarvoor moeten de poort en je kabel het wel ondersteunen. Let daarom ook op de aansluitingen: usb-c heb je nodig voor snelladen met Power Delivery, terwijl usb-a vooral handig is als je oudere kabels of accessoires gebruikt.

©vadish - stock.adobe.com

Eén powerbank voor telefoon én laptop: waar je op let

Een laptop opladen vraagt meer dan een telefoon. Bij een telefoon kom je vaak weg met 10 tot 20 watt. Een laptop heeft meestal 45 watt of meer nodig, en veel modellen werken prettiger met 65 watt of hoger, zeker als je tijdens het laden ook blijft werken. De beste snelcheck is simpel: kijk naar het wattage van je eigen laptoplader. Dat is je richtgetal. Zit je daar ver onder, dan kan het laden extreem traag worden, of je laptop accepteert de lader helemaal niet.

Ook de juiste kabel is belangrijk. Voor hogere vermogens is niet elke usb-C-kabel geschikt. Tot ongeveer 60 watt (meestal 20 V bij 3 A) gaat het vaak goed met een kabel die expliciet 3 A ondersteunt. Ga je boven de 60 watt, dan heb je doorgaans een usb-c-kabel nodig die 5 A aankan. Zulke kabels hebben meestal een kleine chip in de stekker, een zogeheten e-marker. Die chip vertelt aan de powerbank en je laptop dat de kabel veilig meer stroom kan verwerken. Zie het als een identiteitsbewijs: zonder e-marker schakelt het systeem vaak terug naar een lagere stand, zodat het laden langzamer gaat en de kabel niet te warm wordt. Kijk in de specificaties of op de kabel zelf of er 3 A (tot circa 60 W) of 5 A (voor hogere vermogens) staat; dat is de snelste check. 

Formaat en gewicht: energie weegt nu eenmaal wat

Meer capaciteit betekent meestal meer cellen, en dus meer gewicht. Een powerbank van 20.000 mAh zit vaak ergens in de buurt van 350 tot 500 gram. Dat voelt in een jaszak al snel log. In een rugtas valt het mee. Stel jezelf dus de vraag: wil je elke dag een kleine powerbank mee voor noodgevallen, of is dat voor jou niet genoeg en ga je dus voor een grotere powerbank? 

Veiligheid: kies niet alleen op prijs

Bij draagbare accu's wil je geen twijfel over veiligheid. Een powerbank hoort bescherming te hebben tegen oververhitting, overladen en kortsluiting, maar bij heel goedkope modellen is dat niet altijd goed geregeld. De kans dat het misgaat is klein, alleen zijn de gevolgen groot als het wél gebeurt. Kies daarom liever een merk dat laat zien hoe het met veiligheid omgaat en dat testnormen en keurmerken gewoon vermeldt. Je hoeft die standaarden niet uit je hoofd te leren, maar het helpt als een merk concreet zegt welke testen en keurmerken het gebruikt. 

Zo kies je de juiste powerbank

 De juiste powerbank kies je door stap voor stap te bepalen wat je nodig hebt: eerst de hoeveelheid energie (liefst in Wh, met mAh als praktische indicatie), daarna de laadsnelheid (wattage en PD), en pas daarna pas de vorm en het gewicht. Voor dagelijks gebruik zit je vaak goed met een compacte powerbank rond 10.000 mAh met usb-c en Power Delivery. Wil je meer capaciteit zodat je meerdere keren kunt opladen (of ook je tablet opladen), dan is 20.000 mAh logischer. Houd er dan wel rekening mee dat de powerbank zwaarder wordt. Wil je ook een laptop kunnen laden, kijk dan naar het wattage van je laptoplader en kies een powerbank die dat vermogen via usb-c PD kan leveren, inclusief een kabel die geschikt is voor dat hogere vermogen.