ID.nl logo
Zo maak je je systeem en netwerk veiliger
© Reshift Digital
Huis

Zo maak je je systeem en netwerk veiliger

Je hebt phishingmails zo door en je hebt natuurlijk een firewall en een antivirustool draaien, maar zijn je systeem en je (thuis)netwerk nu helemaal veilig? Microsoft en andere softwareontwikkelaars waarschuwen namelijk geregeld voor nieuwe kwetsbaarheden. Hoe detecteer je die en hoe dicht je de gaten in Windows en in je netwerk?

Elke softwareontwikkelaar hoort zich ook met vulnerability management bezig te houden. Anders gezegd: hij dient grondig na te gaan welke mogelijke kwetsbaarheden de (systeem)software op elk moment bevat, bij voorkeur voor ze daadwerkelijk worden geëxploiteerd. Dat is een arbeidsintensieve en lastige taak. Immers, dat er vandaag geen kwetsbaarheid is, betekent niet dat die er morgen ook niet is. Het zou namelijk best kunnen dat er nieuwe en krachtiger aanvalstechnieken ontwikkeld worden die een eerdere beveiliging zomaar onderuithalen.

Ook Microsoft is zich daarvan bewust (zie ook www.tiny.cc/msvulna). Zo zijn er, naast allerlei ‘bug bounty’-programma’s en geautomatiseerde kwetsbaarheidsscans op basis van AI, ook zogeheten red teams van ethisch hackers die continu bezig zijn met het uitvoeren van penetratiestests.

Dat neemt niet weg dat er nog vaak nieuwe kwetsbaarheden worden gemeld en niet alleen door of van Microsoft. Als (thuis)systeembeheerder doe je er dus goed aan hiervan zo goed mogelijk op de hoogte te zijn. Bruikbare en doorzoekbare informatiebronnen zijn onder meer https://cve.mitre.org/cve (Common Vulnerabilities and Exposures), https://seclists.org/fulldisclosure en www.exploit-db.com (met onder meer de Google Hacking Database).

In deze masterclass gaan we na op welk niveaus kwetsbaarheden zich zoal kunnen voordoen en hoe je die, met behulp van veelal gratis tools, kunt opsporen en als het goed is, neutraliseren.

©PXimport

Kwetsbaarheidsniveaus

Elke goed geïnformeerde gebruiker weet dus dat er altijd wel kwetsbaarheden zijn die zijn systeem of netwerk kunnen compromitteren. De vraag is wel: op welke niveaus komen ze voor? Als we fysieke bedreigingen buiten beschouwing laten, waarbij een aanvaller zich toegang weet te verschaffen tot de fysieke machine, resten eigenlijk alleen aanvallen van buitenaf, via het internet of het netwerk. Dat maakt dat je router (alias de centrale toegangspoort) van cruciaal belang is, zeker wanneer je services bewust van buitenaf toegankelijk wilt maken, zoals een web- of mailserver. In dat geval kan een netwerkscanner absoluut zinvol zijn. Een web-kwetsbaarheidsscanner is ook nuttig wanneer je een dynamische site of webapplicatie draaien hebt, zoals op basis van JavaScript en/of een SQL-database.

Naast de ‘network edge’ dien je ook de individuele netwerkclients op potentiële kwetsbaarheden te scannen. Ongeacht het gebruikte besturingssysteem focus je je hierbij het best op diverse aspecten. We denken onder meer aan updates van het besturingssysteem en van (kritische) applicaties, accountbeheer en (netwerkgerelateerde) configuratie-instellingen, zoals die van je firewall, browser en netwerkprofielen (privé, openbaar, domein). Laten we met zulke clientcontroles beginnen. We richten ons hier op Windows-systemen.

Security suite

Met Windows Defender heb je al een degelijke antimalwaretool in huis en is er eigenlijk weinig reden om een extern antiviruspakket aan te schaffen. Wel is het zo dat de meeste antivirustools deel uitmaken van een security suite en die biedt vaak wel nuttige extra’s. Zo bevat Bitdefender Total Security (vanaf 34,99 euro per jaar voor vijf toestellen), naast modules als antispam, ransomwareprotectie en VPN, onder meer een kwetsbaarheidsanalyse. Die huldigt helaas het black box-principe (lees: niet altijd even duidelijke oorzaken of remedies) maar is toch leerzaam. Via www.bit.ly/bitdefdown vind je een gratis proefversie voor dertig dagen. Ruimschoots de tijd dus om op Kwetsbaarheidsscan te klikken en de resultaten te bestuderen. Ook deze scan focust op verouderde en kwetsbare software, ontbrekende Windows-veiligheidspatches en potentieel onveilige systeeminstellingen. Dit laatste gaat dan onder meer over het automatisch verbinden met publieke hotspots of het niet afdwingen van versleuteling over wifi.

©PXimport

Updatebeheer

Kwetsbaarheidsbeheer kan niet zonder gestructureerd update- en patchbeheer. Nu is het wel zo dat Windows (ga naar Instellingen / Bijwerken en beveiliging / Windows Update) en veel applicaties automatisch op updates kunnen checken en die vaak ook downloaden en installeren. Maar je doet er toch goed aan de update-instellingen regelmatig te controleren en na te gaan of alle nodige updates daadwerkelijk zijn geïnstalleerd.

Twee populaire tools om eventuele lacunes op te sporen (Secunia PSI en MBSA oftewel Microsoft Baseline Security Analyzer) worden helaas niet langer doorontwikkeld en zijn dus ook niet langer betrouwbaar. Het probleem met zulke tools is niet zozeer het bijwerken van de GUI-app maar het actualiseren van de koppeling met achterliggende databases. Verderop in dit artikel bespreken we een paar alternatieven in de vorm van scripts.

Wel zijn er nog diverse tools die nagaan in hoeverre geïnstalleerde applicaties up-to-date zijn en je geautomatiseerde downloads aanbieden. We zijn helaas geen voorstander van dit laatste, omdat niet altijd de juiste downloads (in de gewenste taal) worden opgehaald.

Een gratis en tegelijk een van de grondigste tools is SUMo. Klik na het opstarten op Geïnstalleerde software automatisch detecteren en vervolgens op Controleren. Je ziet nu welke applicaties aan een (grote of minder grote) update toe zijn en welke dat is, waarna je de update na controle zelf kunt downloaden van de ontwikkelaarssite. Via SUMO kan dat alleen als je de PRO-versie aanschaft.

©PXimport

Updatebeheer hoort deel uit te maken van elk kwetsbaarheidsbeheer

-

WSUS offline scan

Tools als SUMo richten zich vooral op updates van bekende applicatiesoftware. Om zeker te weten dat je ook over de alle nodige updates en patches voor Windows zelf beschikt moet je dus naar een andere geautomatiseerde oplossing uitkijken. Een bruikbaar alternatief voor MBSA is de ingebouwde Windows Update Agent (WUA) in combinatie met een WSUS offline scanbestand. Die richt zich in de eerste plaats op domeinnetwerken, maar is ook elders inzetbaar. Download eerst het betreffende scanbestand via www.tiny.cc/wsus2. (let op: het cab-bestand in kwestie wordt gelijk gedownload). Via een script kun je dan op basis van dit bestand een grondige offline scan uitvoeren. Dat kan zowel een VBS-script zijn als een PowerShell-script. Je vindt een voorbeeld voor een VBS-script via www.tiny.cc/wsusvbs (dit verwacht het scanbestand standaard in C:\) en een voorbeeld voor een PowerShell-script via www.bit.ly/wsuspower (zoekt naar het scanbestand in C:\Temp).

We kijken kort naar het PowerShell-script, maar de werking van beide is vergelijkbaar. Start PowerShell als administrator op (wij werken met PowerShell 7.x) en voer het volgende commando uit:

Install-Script -Name Scan-UpdatesOffline

Voeg met Y het scriptpad toe aan de path-variabele en bevestig dat je het script van de repository wilt downloaden. Met:

Set-PSRepository -Name "PSGallery" -InstallationPolicy Trusted

geef je aan dat je deze vertrouwt.

Ten slotte voer je Scan-UpdatesOffline.ps1 uit. Na afloop van de (langdurige) scan verschijnt het resultaat.

©PXimport

WES-NG

Een andere, snelle methode om kwetsbaarheden op te sporen is met de Python-tool Windows Exploit Suggester - Next Generation (WES-NG). Deze tool richt zich op informatie gegenereerd door de ingebouwde opdrachtregeltool systeminfo.exe, waarna die tegen databases met kwetsbaarheden wordt afgezet: Microsoft Security Bulletin, MSRC en NVD (NIST National Vulnerability Database).

Ga naar de GitHub-pagina van WES-NG via www.bit.ly/gitwesng en download het code-zipbestand. Pak dit uit naar een lege map, bijvoorbeeld naar C:\wesng. Download en installeer de complete Python-installer voor Windows via www.python.org/downloads/windows. Gemakshalve plaatst je hier ook een vinkje bij Add Python [x.y] to PATH. Vervolgens voer je de drie volgende commando’s uit op de opdrachtprompt:

pip install chardet

systeminfo.exe > sysinfo.txt

wes.py sysinfo.txt

Met het eerste commando installeer je een (aanbevolen) Python-library en het tweede zorgt ervoor dat de uitvoer van systeminfo in een tekstbestand terechtkomt. Het derde commando voert de eigenlijke kwetsbaarheidsscan uit, op basis van de gegevens uit sysinfo.txt. Als het goed is, krijg je een overzicht van de gedetecteerde kwetsbaarheden met onderaan de aangewezen patches om die gaten te dichten (zie ook kader ‘Knowledge base’). Na de installatie van de patch(es) en de herstart van Windows voer je het best opnieuw een scan uit. Via parameters kun je de uitvoer van WES-NG ook filteren, als volgt:

wes.py sysinfo.txt -s critical of

wes.py sysinfo.txt -e

Het eerste commando somt alleen kritieke kwetsbaarheden op, met het tweede check je op kwetsbaarheden waar reeds exploits voor beschikbaar zijn.

©PXimport

Knowledge base

WES-NG (en ook wel andere kwetsbaarheidsscanners) leveren je de noodzakelijk geachte patches aan in de vorm van een KB-nummer. Dat staat voor Knowledge Base, en verwijst naar Microsofts online database met Windows- en andere Microsoft-updates en patches. Op www.catalog.update.microsoft.com kun je gericht zoeken naar KB’s. We raden je aan eerst goed de bijbehorende informatie te lezen voor je een update downloadt en installeert. Zorg er ook voor dat je de juiste update voor je systeemarchitectuur te pakken hebt. Mocht je zo’n update onverhoopt toch weer willen verwijderen en lukt dat echt niet vanuit Instellingen / Bijwerken en beveiliging / Windows Update, probeer het dan als volgt: open als administrator de Opdrachtprompt en voer het volgende uit: *wusa /uninstall /kb:

©PXimport

AutoLogger

AutoLogger is strikt genomen geen kwetsbaarheidsscanner, aangezien die vooral achteraf naar sporen zoekt. Anders gezegd, naar mogelijke indicaties dat je systeem al is besmet met enigerlei vorm van malware, spyware of adware. We bewandelen hier dus in zekere zin de omgekeerde weg: aan de hand van typische kenmerken van malwaresporen proberen we uit te zoeken aan welke exploits en dus kwetsbaarheden ons systeem wellicht blootstond of -staat. We bekijken kort de werking van het AutoLogger-script van Russische origine.

Met de installatie belanden onder meer de tools AVZ (zie ook www.tiny.cc/kasavz) en HiJackThis Fork (zie ook www.bit.ly/hijackfork) op je systeem.

Je downloadt AutoLogger via www.bit.ly/autologger via de oranje knop. Pak het zip-bestand uit naar een lege map en start AutoLogger.exe op. Even later start het script automatisch een voor een de geïnstalleerde tools op en wordt je systeem grondig gescand. Dit proces kan wel even duren. Na afloop wordt de logbestanden in een zip-bestand opgenomen, in de submap \AutoLogger. Nu kun je dit zip-bestand, na je aanmelding bij GitHub, wel uploaden via een bug-tracking issue-sectie waarna je mogelijk zinvolle feedback ontvangt, maar we raden je toch aan dit bestand eerst uit te pakken en de vier logbestanden zelf te bestuderen. Mogelijk schrikt de detaillering van de gegevens je toch wat af om die data zomaar te uploaden en bovendien zijn deze logs ook best leerzaam. In het kader vertellen we je wat meer over de logs van HiJackThis Fork.

©PXimport

HiJackThis

Veel computergebruikers zullen HiJackThis, van Nederlandse origine, nog kennen als een grondige scanner voor allerlei spyware en andere malware. Helaas is de officiële ondersteuning van de tool al jaren stopgezet, maar gelukkig wordt die wel nog door derden onderhouden op GitHub. De logs zijn vaak erg uitgebreid, maar wel goed gestructureerd via secties met getalcodes. De Help-knop van dit programma geeft je op het tabblad Sections feedback over de diverse secties. Op het tabblad Keys kun je terecht voor een reeks parameters waarmee je HiJackThis verder kunt aansturen.

©PXimport

Poortscan

We verschuiven onze zoektocht naar mogelijke kwetsbaarheden nu naar de netwerkzijde van je systeem. Daar hoort natuurlijk een grondige poortscan bij. Je kunt weliswaar specifieke poorten scannen, bijvoorbeeld als je een ip-camera hebt waarvan je de beelden via een webinterface bekijkt en je wilt weten of die poort ook van buitenaf bereikbaar is. Dat kan heel eenvoudig door het adres www.grc.com/x/portprobe=<poortnummer> in je browser in te voeren. Is het juist je bedoeling dat die poort openstaat, dan ga je in elk geval na of de bijbehorende service up-to-date is en of er geen kwetsbaarheden of exploits van bekend zijn.

We raden je aan om een poortscan op een zo ruim mogelijk poortbereik uit te voeren. Immers, je kunt altijd wel een service of applicatie over het hoofd zien.

Een poortscan van binnenuit uitvoeren is uiteraard een optie, maar gezien hackpogingen doorgaans van buitenaf gebeuren, laat je er het best (ook) een online poortscan op los. Een populaire en snelle scan kan via ShieldsUP!. Klik op Proceed / All Service Ports, zodat de poorten 0 tot 1055 worden gescand.

Een blauw vakje wijst op een gesloten poort, maar nog veiliger is een groen vakje (stealth), aangezien die poort helemaal niet op binnenkomende datapakketjes reageert, wat maakt dat de hacker in principe niet weet dat er een poort aanwezig is. Een rood vakje geeft een open poort aan.

©PXimport

Poortscan: interpretatie

Klik op zo’n poortvakje voor meer details over het poortgebruik en eventuele kwetsbaarheden. Je moet wel even opletten met het interpreteren van de poortscanresultaten. Vergeet immers niet dat al het netwerkverkeer van buitenaf – dus ook de poortscans van ShieldsUP! – je router moet passeren. Voer je zo’n scan uit vanaf een netwerkclient en geven de resultaten open poorten aan, dan betekent dat niet noodzakelijk dat die openstaan op het systeem waarmee je de scan startte. Het zou zomaar kunnen dat je, ik noem maar wat, twee IoT-apparaten of ip-camera’s deze poorten gebruiken en dat je beide poorten via port forwarding (helaas) ongefilterd vanuit je router naar die apparaten hebt doorgelust. Maar het werkt ook in de andere richting: het zou kunnen dat je veel meer groene vakjes te zien krijgt, precies omdat je NAT-router deels ook als firewall fungeert.

Om echt te weten hoe je eigen systeem scoort, kun je dat ofwel rechtstreeks met je modem verbinden ofwel als DMZ in je router configureren. Je kunt ook nagaan in hoeverre het in- of uitschakelen van je firewall een verschil maakt. Besef wel dat het systeem tijdens zo’n test mogelijk onbeschermd is tegen potentiële aanvallen!

©PXimport

Een kwetsbaarheidsscan kun je ook (eerst) in een virtueel testlab uitvoeren

-

Virtueel testlab

Er bestaan natuurlijk ook gespecialiseerde kwetsbaarheidsscanners en wanneer je googelt naar ‘vulnerability scanner’ kom je al snel bij enkele kandidaten uit. Wil je het gratis doen, dan kun je de pentesting-distributie Kali Linux overwegen. Deze heeft namelijk een fraaie rubriek Vulnerability Analysis beschikbaar.

Kali Linux is beschikbaar voor WSL, maar laat zich net zo goed bare metal of in dual boot, als live bootmedium of in een virtuele machine (VM) installeren. Voor je hiermee in een productieomgeving aan de slag gaat, doe je er goed aan ervaring op te bouwen in een virtueel testlab, bijvoorbeeld met VirtualBox.

Start de tool op en ga naar Bestand / Voorkeuren. Bij Netwerk ga je naar het tabblad NAT-netwerken, klik je op de groene plus-knop en dubbelklik je op het toegevoegde item. Eventueel pas je hier de Netwerknaam (NatNetwork) en/of de Netwerk-CIDR (10.0.2.0./24) aan. Plaats een vinkje bij Inschakelen netwerk en bevestig met OK.

Je kunt nu Kali Linux ophalen, bijvoorbeeld via www.osboxes.org/kali-linux (pak het gedownloade 7z-archiefbestand uit) en als VM installeren. Bij deze download is de standaard login voor Kali Linux osboxes (User) en osboxes.org (Password; ook voor root).

Vervolgens installeer je de gewenste doelsystemen in afzonderlijke VM’s. Dat kan net zo goed ook een geïnstalleerd Windows-systeem zijn dat je met de gratis tool Disk2vhd naar een virtuele harde schijf (VHD) hebt omgezet. Deze is in PCM 11/2021 aan bod gekomen, op pagina 92.

©PXimport

Kali: kwetsbaarheidsscanners

Kali bevat al een paar handige kwetsbaarheidsscanners, zoals de populaire en krachtige tool Nikto voor het scannen op kwetsbaarheden in webservers en -applicaties. Sommige hiervan tref je helaas niet meer in Kali Linux aan, maar laten zich met wat moeite alsnog integreren, zoals netwerk-kwetsbaarheidsscanner OpenVAS (Open Vulnerability Assessment System).

OpenVAS is eigenlijk een afgeleide van de ooit zo populaire kwetsbaarheidsscanner Nessus, toen die nog opensource was. Nessus is intussen gecommercialiseerd, maar er bestaan talloze plug-ins voor, geschreven in de scripttaal NASL (Nessus Attack Scripting Language). Handig is wel dat ook OpenVAS met NASL-scripts overweg kan.

Voer de volgende gebruikelijke commando’s uit om alles te updaten:

sudo apt update

sudo apt dist-upgrade

Nu kun je OpenVAS installeren met:

sudo apt install -y openvas

Voor de verdere configuratie en het opstarten vind je meer informatie via www.bit.ly/openvas.

©PXimport

Nessus Essentials

Spreekt de kwetsbaarheidsscanner in Kali je toch niet aan en vind je het integreren van extra tools, zoals OpenVAS, wat lastig, dan heb je aan Nessus Essentials een uitstekend alternatief (dat je overigens ook wel in Kali kunt opnemen: zie www.bit.ly/kaliness).

Je vindt dit op www.tenable.com/products/nessus. Deze gratis editie beperkt je wel tot het scannen van zestien ip-adressen, wat voor veel thuisnetwerken wellicht volstaat. De onbeperkte versie is helaas stevig aan de prijs: zo’n 3450 euro per jaar. Na je registratie met je e-mailadres kun je de tool downloaden, onder meer voor Windows.

De installatie is rechttoe rechtaan en na het invullen van de ontvangen activatiecode en het aanmaken van een beheerdersaccount haalt Nessus de nodige plug-ins op en compileert die. Dit proces kan wel even duren.

Na afloop kun je aan de slag vanuit de Nessus-webclient, standaard op het adres https://localhost:8834. In principe volstaat het om het gewenste ip-bereik of een subnet in CIDR-notatie (bijvoorbeeld 192.168.0.0/24) in te vullen, waarna een zogeheten host discovery en een poortscan worden uitgevoerd. Eventuele kwetsbaarheden vind je op een afzonderlijk tabblad, op basis van ernst (severity).

©PXimport

Nessus heeft inmiddels vele tienduizenden plug-ins geïntegreerd

-

Nessus: plug-ins

Zoals vermeld, schuilt de ware kracht van Nessus in de ondersteuning van plug-ins. Die maken het mogelijk dat je voor je netwerkclients modulaire scans uitvoert, samengesteld uit de plug-ins van jouw keuze. Je vindt een overzicht van de meer dan 160.000 plug-ins op www.tenable.com/plugins, die samen bijna 65.000 CVE’s aanpakken.

Ga naar het tabblad Scans en klik op New Scan: in de Essentials-versie zijn er vijftien scan-sjablonen (templates) beschikbaar, zoals Basic Network Scan, Malware Scan, Spectre and Meltdown enzovoort. Geef een naam op en de gewenste doelsystemen, bevestig met Save en voer de scan uit. Je kunt ook eigen beleidsregels (policies) creëren, die dan als basis voor een scansjabloon fungeren.

We geven je hier al een eerste aanzet voor. Open de rubriek Policies en kies New Policy. Kies een basissjabloon en vul bij Settings / Basic een naam in. Op het tabblad Credentials vul je eventueel de nodige referenties of inloggegevens in. Ga vervolgens naar het tabblad Plugins en klik (eventueel) op Disable all. In het linkervenster open je bijvoorbeeld (een van) de drie Windows-collecties. Rechts verschijnen de bijbehorende plug-ins. Klik op Enable naast de plug-ins die je in je scan wilt opnemen. Bestig met Save. Wanneer je nu op New Scan klikt, vind je de aangepaste scan terug op het tabblad User Defined en kun je die op de gewenste doelsystemen uitvoeren.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.