ID.nl logo
Alles over decentralized finance: Bankieren zonder bank
© Reshift Digital
Huis

Alles over decentralized finance: Bankieren zonder bank

Begin 2020 stond decentralized finance nog in de kinderschoenen en bijna niemand was er mee bezig. Inmiddels hebben gebruikers meer dan tien miljard dollar aan cryptomunten in deze diensten gestopt. Hiermee voeden ze de mogelijkheid om munten te wisselen en geld te lenen, allemaal zonder dat er een tussenpersoon of gecentraliseerde organisatie aan te pas komt.

Twintig jaar geleden kregen klanten een paar procent rente op hun spaargeld, maar tegenwoordig moeten we blij zijn als er geen negatieve rente op een bankrekening zit. Consumenten mogen niet op hun geld zitten, maar moeten consumeren en investeren. Logisch dat er initiatieven ontstaan als alternatief voor het traditionele bankwezen. Met de uitvinding van de Bitcoinblockchain tien jaar geleden, werd de eerste stap gezet. 

Daarna deed centralized finance zijn intrede, waarbij bedrijven financiële diensten verzorgen voor digitale assets, waaronder cryptocurrencies. Denk hierbij aan wisselkantoren en handelsplatformen. Onlangs heeft decentralized finance haar doorbraak gemaakt. Handelaren worden ‘liquidity providers’, verdienen ‘SUSHI’, en zijn bezig met ‘yield farming’. Het is momenteel de grote trend in het blockchain-landschap.

Wat is decentralized finance?

In het kort kan decentralized finance het best beschreven worden als het idee dat traditionele financiële diensten van banken en andere investeringsdiensten nagemaakt en verbeterd kunnen worden door middel van blockchain-technologie. Deze diensten draaien volledig op zogeheten smart contracts, ofwel opensource software op de blockchain. Hierbij is niemand afhankelijk van een gecentraliseerd orgaan of aandeelhouders. Gedecentraliseerde financiële diensten, ook wel DeFi genoemd, zijn toegespitst op het opslaan, verdienen en versturen van bijvoorbeeld cryptomunten. Er zijn diensten die draaien om het lenen of verhandelen van cryptomunten, en er zijn zelfs verzekeringen.

DeFi beschikt over enkele unieke kenmerken. Zo zijn er bijvoorbeeld geen tussenpersonen. Gebruikers handelen onderling door middel van een softwarematige interface. Bovendien houden gebruikers controle over hun eigen cryptomunten via hun eigen portemonnee. Metamask is hiervoor een veelgebruikte browser-extensie. Iedereen met een crypto-portemonnee, waar dan ook ter wereld, kan meedoen. 

©PXimport

Daarnaast beschikken de meeste DeFi-platformen over een zogeheten governance token. Deze verdienen gebruikers door te participeren op het platform, en geeft hen stemrecht bij bepaalde beslissingen.

DeFi-producten gebruiken verschillende diensten om het eigen product op te bouwen. Aan de basis staat uiteraard een blockchain, vooral Ethereum wordt momenteel veel gebruikt. Daar bovenop komen andere frameworks, zoals technologie om verschillende blockchains met elkaar te verbinden of zogeheten oracles die zorgen voor een geverifieerde datavoorziening. 

Daarnaast zijn er verschillende cryptomunten die ontwikkelaars of gebruikers kunnen verbinden aan een DeFi-product. Uiteindelijk heeft een consument alleen te maken met een eindproduct, denk hierbij aan een crypto-portemonnee, een leenplatform of een wisseldienst.

Liquidity providers

Laten we vooropstellen dat decentralized finance een zeker vertrouwen vereist in de toekomst van cryptomunten. Hoewel toepassingen binnen DeFi een uitstekend rente geven op basis van je inbreng, wordt deze rente wel uitbetaald in cryptomunten. Op die manier kan een rente van 15 procent teniet worden gedaan als de waarde van de munten te hard daalt. 

Een van de meest toegankelijke manieren om mee te doen aan deze trend, is door als liquidity provider, ofwel liquiditeitsvoorziener, op te treden. Die biedt de valuta aan die het mogelijk maakt om handel te drijven. Op een decentraal wisselkantoor ligt geen pot met cryptomunten. Het zijn de gebruikers zelf die het wisselgeld beschikbaar stellen. Participeren als liquiditeitsvoorziener is voor iedereen weggelegd. Zo krijgen gebruikers die 100 DAI, een cryptomunt gelijkwaardig aan de dollar, in het Aave platform stoppen een rente van 4,33 procent op jaarbasis. Leg je USDT in, dan krijg je ‘slechts’ 2,65 procent. Dat heeft alles te maken met vraag en aanbod. Het is de kern van een trend binnen decentralized finance: yield farming.

Momenteel is Uniswap het meest populaire decentrale wisselkantoor voor allerlei cryptomunten. Handelen vindt hier plaats in een zogeheten pool, bijvoorbeeld een pool waar handel tussen Ether (ETH) en de dollar (USDT) plaatsvindt. 

©PXimport

Als liquiditeitsvoorziener stel je een hoeveelheid ETH beschikbaar en een gelijkwaardige hoeveelheid USDT, vervolgens ontvang je een speciale token als kassabonnetje. Dit bonnetje wordt opgeslagen in de cryptoportemonnee van de persoon die de cryptomunten beschikbaar stelt. Op basis van de handel die plaatsvindt in de betreffende pool en het aandeel in de totale pool, verdient de liquiditeitsvoorziener een percentage over de transactiekosten.

Met ruim 2,9 miljard dollar is Uniswap de absolute marktleider in de wereld van decentralized finance. Waar rente op een bank maandelijks of jaarlijks wordt uitbetaald, kan dat via decentralized finance dagelijks. Deze eigenschap brengt ook gevaren met zich mee waar menig investeerder zich al aan heeft gebrand, namelijk het eerder aangestipte yield farming. 

Wanneer iemand vroeg in een nieuw project duikt, zal die persoon naar alle waarschijnlijkheid flinke winsten maken. Hebberigheid heeft al verschillende problemen van decentralized finance blootgelegd. Bij yield farming verdienen liquidity providers een nieuwe token voor het aanbrengen van liquiditeit. Zo verdienen liquiditeitsvoorzieners bij Yam Finance de YAM token. Alleen software op de blockchain is niet altijd foutloos. Zo kunnen kwaadwillenden proberen een zwakte in een smart contract uit te buiten.

Dit gebeurde recent bij Yam Finance, waardoor het project als een kaartenhuis in elkaar stortte. De waarde van de YAM token kelderde van 160 dollar naar 20 cent. Het opensource project is inmiddels aan een doorstart begonnen. Op het moment van schrijven is YAM net iets meer waard dan 9 dollar.

Grootschalige hacks

Na Yam deden deze zomer verschillende projecten hun intrede, waarbij vooral SushiSwap in het oog springt. Dit gedecentraliseerde wisselkantoor kopieerde het systeem van Uniswap en gooide daar een vorm van gamificatie overheen. Liquiditeitsvoorzieners verdienen hier SUSHI voor hun inbreng, en deze token kan vervolgens ook weer verhandeld worden. De anonieme beheerder van het project ging er met 14 miljoen dollar vandoor, maar gaf dit uiteindelijk enkele dagen later weer terug. 

Niet iedereen is zo goedwillig als de anonieme SushiChef, want decentralized finance heeft in haar korte bestaan al diverse scams meegemaakt. Toch is het een goede manier om in de economie van cryptomunten te participeren. Standaard wisselkantoren bieden immers ook geen zekerheid.

©PXimport

Bij een gecentraliseerd wisselkantoor plaatsen gebruikers hun cryptomunten in het beheer van een bedrijf, denk aan Binance or Coinbase. Ook dit is niet zonder risico’s. Binance en Coinbase zijn in het verleden slachtoffer geweest van grootschalige hacks waarbij hackers miljoenen hebben buitgemaakt. Recent werd het wisselkantoor Kucoin ook gehackt, waarbij dieven zo’n 140 miljoen dollar aan cryptomunten hebben buitgemaakt.

Grote wisselkantoren zijn verzekerd en hebben een buffer om dit soort tegenslagen op te vangen. Toch helpt dit niet altijd. Het in Nieuw Zeeland gevestigde Cryptopia werd op 14 januari 2019 gehackt en is deze klap niet meer te boven gekomen. Vier maanden later werd de stekker uit het wisselkantoor getrokken.

Dit zijn problemen die we bij decentralized finance niet tegenkomen. Iedere deelnemer handelt vanuit zijn eigen portemonnee en legt zijn vertrouwen in de software. Is de software goed, dan hoeft niemand bang te zijn voor een hack.

Snelle ontwikkelingen

De ontwikkelingen op het gebied van gedecentraliseerde financiële diensten zitten in de lift. Waar gebruikers tot voor kort alleen maar konden handelen, zijn er inmiddels allerlei toepassingen in ontwikkeling. Gebruikers kunnen geld lenen via platformen als Compound, Cream Finance en Maker. Ook aan wisselplatformen is geen tekort. Naast Uniswap zijn er platformen als dYdX, Bancor, Kyber en Balancer. 

Het is slechts een kleine greep uit de mogelijkheden die decentralized finance biedt. Er zijn zelfs initiatieven om je cryptomunten te verzekeren. Hiervoor biedt Yearn Finance een opensource oplossing waarbij de gemeenschap geld inlegt. Het platform gebruikt dit vervolgens om de waarde van cryptomunten bij liquiditiy providers te verzekeren. Daalt de waarde van je investering, dan dekt de verzekering het verschil.

Yearn Finance erkent de problemen rond het risico van decentralized finance. Daarom lanceerden zij in samenwerking met Nexus Mutual een platform genaamd Yinsure Finance. Via dit platform kunnen investeerders zich indekken tegen onvoorziene marktbewegingen. Dit alles werkt op basis van smart contracts, en hier komt verder dus geen tussenpersoon aan te pas. Yearn Finance is overigens ook geen kleine partij, want de governance token van dit project is inmiddels bijna twee keer zoveel waard als een bitcoin.

©PXimport

Andre Cronje is het grote brein achter Yearn Finance. Hij is continu bezig nieuwe projecten op de markt te brengen. Eind september ontdekten enthousiastelingen dat Cronje bezig was met iets nieuws. Niemand wist wat het was, maar binnen de kortste keren hadden gebruikers miljoenen dollars aan cryptomunten in het smart contract geplaatst. 

De hebberigheid en zoektocht naar gemakkelijk geld hebben zij duur moeten bekopen. Een hacker zag dit alles gebeuren en besloot de 15 miljoen dollar uit het contract mooi in zijn eigen zak te steken. Cronje kreeg vervolgens veel kritiek te verwerken vanuit de online gemeenschap, maar benadrukte vooral dat het dom is van gebruikers om geld in iets te stoppen dat nog niet eens is onthuld.

Maak er een spelletje van

Bankieren leuker en gemakkelijker maken begon eigenlijk al jaren geleden. Wie kan zich die Pennie Rekening spaarpot nog herinneren van de Postbank? Het is een fysiek schoolvoorbeeld om bankieren leuker te maken. Met decentralized finance gebeurt in zeker zin hetzelfde. Bovendien is er een grote overlap tussen decentralized finance en games. 

Zo zijn er games die hun eigen token op de markt hebben gebracht. The Sandbox gebruikt de SAND-token om spelers te belonen, maar diezelfde token kunnen gamers ook weer gebruiken om een virtueel landgoed of een gamepersonage te kopen. Bovendien kunnen gamers hun inkomsten uit The Sandbox omzetten naar andere cryptomunten. 

Daarnaast wordt SAND ook verhandeld op handelsplatformen als Uniswap, wat weer rente oplevert voor de liquiditeitsvoorzieners. Dit onderstreept maar weer dat decentralized finance meer is dan een handige bankrekening, en dat games in combinatie met blockchain-technologie en decentralized finance meer is dan een spelletje.

©PXimport

The Sandbox is niet het enige voorbeeld. Zo heeft Animoca Brands een racegame op de markt gebracht, genaamd F1 Delta Time. In dit spel speelt een token genaamd REVV een centrale rol. Spelers verdienen REVV, maar moeten ook REVV gebruiken. Het interessante aan dit ecosysteem is dat F1 Delta Time niet het enige spel is voor REVV. Animoca Brands wil al haar racespellen integreren in het ecosysteem, waaronder een spel gebaseerd op de MotoGP en twee klassieke racespellen van Atari. 

Gamers verdienen cryptomunten door te participeren in de gamewereld, en kunnen dat verdiende geld ook weer uitgeven aan in-game items of iets totaal anders. Maar de gamesindustrie is pas net begonnen met de implementatie van decentralized finance. De verwachting is dat dit in de komende jaren een vogelvlucht zal nemen.

Waar games steeds meer aspecten van decentralized finance omarmen, is decentralized finance juist erg bezig met gamificatie. Met tokens als YAM en SUSHI gebeurt het op het niveau van de gebruikerservaring en de gebruikersinterface. Wanneer we praten over SAND gaat het meer om de integratie van een financieel product in een game. 

Eén van de meest opvallende producten van dit jaar is zonder twijfel MEME. Dit project begon als een grap, maar is inmiddels uitgegroeid tot één van de meest besproken producten. Jordan Lyall is eigenlijk een Ethereum ontwikkelaar bij Consensys. Op Twitter maakte hij een grap over het Wilde Westen dat ontstaan is rond decentralized finance. Een half uur later was de MEME-token een feit. 

Door de MEME-token in een smart contract te stoppen, genereert de gebruiker ananas-punten. Deze ananas-punten kunnen vervolgens gebruikt worden om digitale kunstwerken en collectibles te kopen. Het klinkt allemaal als een spelletje, maar er zit wel geld achter. De meest zeldzame digitale kunstwerken kosten de meeste punten, maar worden vervolgens ook voor de grootste bedragen verkocht. Verschillende van deze collectibles zijn al voor 15 duizend dollar over de toonbank gegaan.

Moeten traditionele banken al vrezen?

Gebruikers hebben op het moment van schrijven meer dan 11 miljard dollar vastgelegd in financiële diensten op de blockchain. Ter vergelijking: het Amerikaanse bankwezen zag 865 miljard dollar bijgeschreven worden in alleen de maand april 2020. Het is dan wel erg gemakkelijk om te stellen dat decentralized finance nog in de kinderschoenen staat. Het bankwezen heeft op basis van absolute aantallen weinig te vrezen. Toch zijn deze ontwikkelingen wel iets voor banken om in de gaten te houden. Decentralized finance biedt oplossingen die goedkoop zijn om uit te voeren en het zakelijke model van het bankwezen ondermijnen.

Zo’n twintig miljard dollar is opgeslagen in kluizen en omgezet naar digitale dollars als USDT en USDC op verschillende blockchains. Zo stroomt er steeds meer geld in het blockchainlandschap en de Ethereumblockchain in het bijzonder. Niet alleen dollars vinden hun weg naar de Ethereumblockchain, maar ook de bitcoin. Een bitcoin wordt dan ‘ingepakt’ en via een smart contract aangeboden op de Ethereumblockchain. Zodoende is Wrapped Bitcoin (WBTC) altijd gelijkwaardig aan de bitcoin zelf. 

Dit zijn interessante ontwikkelingen voor handelaren waarbij blockchaintechnologie steeds meer openheid biedt om te handelen. Het is niet voor niets dat bedrijven als MicroStrategy en Square gezamenlijk recent zo’n 200 miljoen dollar aan bitcoin hebben ingekocht. De verwachting is dat meer investeringsfondsen een deel van hun portfolio in cryptomunten gaan stoppen.

Decentralized finance heeft recent een plek in de schijnwerpers gekregen. De ontwikkeling van nieuwe protocollen en producten gaat onverminderd door. Het mooie is dat iedereen mee kan doen, ongeacht waar iemand vandaan komt. Het is een open systeem dat draait om participatie. In de komende jaren gaan we zeker nog meer horen van deze financiële systemen. 

De vraag is wanneer decentralized finance echt volwassen wordt. De Verenigde Staten, China, de Europese Unie en verschillende andere landen zijn bezig om hun geld te digitaliseren, en misschien moet het bankwezen dan ook wel op de schop. Het lijkt alleen alsof handel op de blockchain enkele jaren voorsprong heeft en de traditionele banken er een beetje achteraan hobbelen.

Tekst: Robert Hoogendoorn

▼ Volgende artikel
Column: De PlayStation 6 mag nog jaren op zich laten wachten
Huis

Column: De PlayStation 6 mag nog jaren op zich laten wachten

De PlayStation 6 zou wel eens pas ergens na 2028 uit kunnen komen, zo claimde een analist onlangs. Dat betekent dat we minstens acht jaar met de PlayStation 5 opgescheept zitten. Maar niet getreurd: dat is juist goed nieuws voor de gemiddelde gameliefhebber.

Dat de PlayStation 6 in ontwikkeling is bij Sony, mag voor zich spreken. Nadat een nieuwe spelcomputer is uitgekomen, beginnen consolebedrijven vaak al snel met de research voor diens opvolger. Onderzoek naar de juiste specificaties en features van consoles beslaat vaak meerdere jaren, om nog maar te zwijgen over het maken van afspraken met bedrijven die de componenten daadwerkelijk leveren, en natuurlijk het produceren ervan.

Het is dan ook waarschijnlijk dat de specificaties van de PlayStation 6 al geruime tijd vastliggen, en dat Sony intern ook een schatting heeft gemaakt voor een releaseperiode voor de langverwachte console. Misschien was het bedrijf er zelfs van overtuigd dat het de console volgend jaar uit zou kunnen brengen.

Watch on YouTube

Verlengde levenscyclus

Onlangs meldde MST Financial-analist David Gibson dat Sony nu echter overweegt om de PS6 pas ergens na 2028 te leveren. “Sony verwacht dat de levenscyclus van de PlayStation 5 wordt verlengd, en dat de PlayStation 6-release langer op zich laat wachten dan de meesten voorspellen.” Dat zou betekenen dat de PS6 misschien pas ergens in 2029 of zelfs later in de winkels ligt.

De eerdere voorspellingen van ingewijden mikten voorheen vooral op eind 2027 of in de loop van 2028, op basis van wanneer de productie oorspronkelijk zou beginnen. De PlayStation 5 kwam in het najaar van 2020 uit, dus dat zou de console al een levenscyclus van ruim zeven jaar geven voordat de opvolger op de markt komt. Dat is in principe een zeer ruime levensloop voor een spelcomputer, en een release in 2027 of 2028 zou dan ook volkomen logisch zijn.

©PXimport

Stijgende RAM-prijzen

Maar de wereld houdt geen rekening met consolereleases, en gezien de huidige ontwikkelingen is de komst van een PlayStation 6 in 2027 of 2028 helemaal niet zo logisch meer. Dat heeft voor een groot deel te maken met de prijzen van RAM (Random Access Memory), die steeds hoger oplopen. RAM is namelijk in grote getale nodig om de alsmaar populairder wordende AI-assistenten als ChatGPT en Gemini draaiende te houden.

Als gevolg daarvan wordt RAM steeds schaarser en dus duurder, en laten spelcomputers nu ook net RAM nodig hebben. In deze periode een nieuwe spelcomputer uitbrengen zou dan ook betekenen dat de prijs van de console mogelijk erg hoog komt te liggen, wat de verkoop niet bepaalt stimuleert. Een dergelijke ‘valse’ start van de levenscyclus van een spelcomputer is iets dat veel bedrijven willen vermijden.

Ook de importheffingen die de Amerikaanse president Donald Trump op producten die buiten de Verenigde Staten worden gemaakt doorvoert, zorgen voor veel onzekerheid. Eerder moesten de prijzen van diverse spelcomputers, waaronder de PlayStation 5, al stijgen om dit op te vangen. Trump is – unieke politieke ontwikkelingen buiten beschouwing gelaten – de komende jaren nog aan de macht, dus ook dat maakt het uitbrengen van een nieuwe console bepaald geen veilige onderneming. De komende jaren een console lanceren is kortom dus een gigantisch risico, dat Sony volgensgeruchten zo klein mogelijk wil houden.

Trage consolegeneratie

Sony hoopt wellicht dat de economie eind dit decennium kalmeert. Dat zou echter wel betekenen dat we nog meerdere jaren op de komst van de PlayStation 6 moeten wachten. Wat mij betreft is dat niet iets om over te treuren, maar juist goed nieuws. Het geeft ontwikkelaars namelijk de kans om echt alles uit de PlayStation 5 te halen. Een kans die ze hopelijk met beide handen aangrijpen.

Hoewel de PS5 in november van 2020 uitkwam – ruim vijf jaar geleden – heb ik nog altijd het gevoel dat deze consolegeneratie nog maar net is begonnen. De generatie kwam sowieso vrij traag op gang, omdat deze middenin de coronapandemie viel. Dat was ook voor spelontwikkelaars een ingewikkelde tijd waarin halsoverkop naar thuiswerkmogelijkheden gekeken moest worden, waardoor veel games die in ontwikkeling waren vertraging op liepen.

Sony’s eigen game-line-up is de afgelopen vijf jaar ook wat karig geweest. Dat heeft deels te maken met een focus op liveservicegames, waarbij diverse projecten die bij Sony’s meest prominente studio’s in ontwikkeling waren uiteindelijk werden geannuleerd. Denk bijvoorbeeld aan de The Last of Us-multiplayergame die na jaren productie in de prullenbak werd gegooid.

Daarbij is de ‘cross-generation’-periode van deze generatie uitzonderlijk lang. Nog altijd komen diverse games niet alleen op PlayStation 5, maar ook op PlayStation 4 uit. Nu is dat iets wat in de toekomst alleen maar vaker voor zal komen – de grenzen tussen consolegeneraties vervagen en daarmee is het ook makkelijker om de prestaties van games terug of juist op te schalen.

Toch zorgt het er ook voor dat er onder gamers een gevoel groeit dat nog lang niet het uiterste uit de PS5 is gehaald. Er is méér met dat apparaat mogelijk, vooral met de bestaande PS5 Pro in het achterhoofd. Een verlengde levenscyclus voor de console geeft ontwikkelaars de kans om een aantal schitterende spellen af te leveren in de laatste jaren van de spelcomputer – de ontwikkeltijd van games wordt immers ook steeds langer. Met toppers als Grand Theft Auto 6, The Witcher 4 en Intergalactic: The Heretic Prophet nog in het verschiet, is er meer dan genoeg potentie om het de komende jaren uit te zingen met de PS5.

Niet zonder risico’s

Natuurlijk brengt het uitstellen van een consolelancering ook risico’s met zich mee, zowel voor Sony als voor de consument. Het is namelijk helemaal niet zeker dat de wereldeconomie er eind dit decennium beter voor staat. Daarnaast zet het Sony voor een moeilijke keuze: gooit het jaren aan research voor de PS6 weg om de console eind dit decennium met moderne specificaties uit te kunnen brengen, of behoudt het simpelweg de huidige specs zodat deze op release mogelijk al deels zijn verouderd?

De eventuele keuze om de PlayStation 6 uit te stellen zal dan ook niet over één nacht ijs gaan. Het is aan de goedbetaalde mensen in topposities binnen het bedrijf om die knoop door te hakken. Maar puur vanuit mijn eigen, egoïstische liefde voor games gezien, heb ik er totaal geen moeite mee om nog een jaar of drie, vier op de PlayStation 5 te spelen. Laat maar eens zien wat die console nog kan, en blaas ons in 2029 of 2030 weg met een nieuwe consolegeneratie die écht een flinke technologische stap zet!

▼ Volgende artikel
Code geel en oranje wegens ijzel: zo check je of jouw route al gestrooid is
© Rijkswaterstaat
Huis

Code geel en oranje wegens ijzel: zo check je of jouw route al gestrooid is

Het is weer #codegeel en #codeoranje wegens gladheid door ijzel. Moet je toch de weg nog op? Via een online kaart van Rijkswaterstaat zie je live waar strooiwagens rijden en op welke wegen net is gestrooid.

Ga je naar Rijkswaterstaatstrooit.nl, dan krijg je een interactieve kaart van Nederland te zien. Op die kaart bewegen kleine icoontjes die de actieve strooiwagens voorstellen. De gegevens worden voortdurend bijgewerkt, waardoor je vrijwel live ziet waar op dat moment wordt gestrooid.

Naast de voertuigen vallen de gekleurde lijnen op de wegen op. Een paarse lijn betekent dat er in de afgelopen zes uur zout is gestrooid. Zo kun je zelf een inschatting maken of jouw route redelijk begaanbaar zal zijn of dat je éxtra moet opletten.

©Rijkswaterstaat

Zo lees je de strooikaart

De kaart laat zien wat er nu en in de afgelopen zes uur op de weg is gebeurd, inclusief strooiacties, wegdektemperaturen en radarbeelden. Kijk je vooruit, dan toont de kaart een verwachting tot twee uur met de voorspelde verwachte radarbeelden en wegdektemperaturen. Goed om te weten: je kunt niet vooruitkijken om te zien waar de strooiwagens gaan rijden.

Wegtemperatuur

De kaart laat meer zien dan alleen strooiwagens. Op veel plekken vind je ook de actuele wegdektemperatuur. Die metingen komen van 330 meetpunten verspreid over het hele land. Dat is relevant, omdat het asfalt vaak al onder nul kan zijn terwijl de buitentemperatuur dat nog niet is. Gaat het sneeuwen of regenen op wegdek dat al beneden nul is, dan neemt de kans op gladheid toe. Is de temperatuur nu nog boven het vriespunt? Kijk dan zeker even vlak voordat je vertrekt. Vanaf een uur of drie 's middags daalt de temperatuur namelijk meestal. En een wegdek dat nu net boven nul is, kan dan ineens zomaar weer kouder zijn. Als het dan gaat regenen, moet je echt uitkijken.

©Rijkswaterstaat

Dinsdag 3 februari, 14:30 uur: in het noordoosten van Groningen duikt de temperatuur van het wegdek al onder het vriespunt.

Neerslag

Links op de kaart zie je ook nog een icoontje van een regenwolk met een zonnetje erachter. Klik je daar op, dan krijg je actuele beelden te zien van de neerslagradar van het KNMI. Je ziet niet alleen waar de neerslag valt, maar ook of er veel of weinig valt. Dit neerslagbeeld wordt elke vijf minuten opnieuw samengesteld.

De weg op? Doe het veilig!

Door voor vertrek de strooikaart te checken, vergroot je de veiligheid onderweg. Of, anders gezegd, je verkleint het risico. Wat je zelf nog kunt doen? Controleer de bandenspanning. Bij kou daalt de luchtdruk, niet alleen buiten maar ook in je banden, wat invloed heeft op de grip. Kijk daarnaast of je voldoende ruitensproeiervloeistof hebt en of die bestand is tegen vorst; daar bestaan verschillende gradaties in. Leg voor de zekerheid ook een zaklamp en een warme deken in de auto. Een powerbank is eveneens handig. Mocht je vast komen te staan, dan blijf je in ieder geval warm en heb je genoeg stroom om je smartphone een paar uur te gebruiken.