ID.nl logo
Alles over de herbruikbare raket van SpaceX, Starship
© Reshift Digital
Huis

Alles over de herbruikbare raket van SpaceX, Starship

Het ruimtevaartbedrijf SpaceX ontwikkelt de grootste raket ooit, die bovendien volledig herbruikbaar zal zijn: Starship. De aanvankelijk sceptische NASA investeert er miljarden in. Ergens volgend jaar moet de eerste testvlucht naar een baan om de aarde plaatsvinden en dat wordt hoe dan ook een spektakel.

Elon Musk reisde in 2001 af naar Rusland om een afgedankte ICBM te kopen – een raket waarvan de atoomkop verwijderd is. Hij wilde er een plantenkas mee lanceren naar Mars, met als doel het enthousiasme voor de bemande ruimtevaart te reanimeren. De Russen namen hem totaal niet serieus en zitten nu met de gebakken peren, want Musk besloot zelf een raket te ontwikkelen. Binnen een paar jaar molesteerde deze Falcon 9 de ooit zo lucratieve Russische lanceermarkt. Daarnaast ontwikkelde hij een bemand ruimteschip, waardoor de Russen ook hun peperdure tickets voor Sojoez-vluchten niet meer aan de straatstenen kwijtraakten.

Het staat daarmee vast dat Musk tot veel in staat is. De Falcon 9 is niet alleen betaalbaar en betrouwbaar, maar ook nog eens grotendeels herbruikbaar. SpaceX is de enige ruimtevaartorganisatie ter wereld die de eerste trap van een draagraket routinematig terugbrengt naar de aarde voor hergebruik. Musk roept al jaren dat hij het belachelijk vindt om een raket na één vlucht af te danken. “Stel dat we vliegtuigen na elke vlucht zouden weggooien, hoe zou het dan met de luchtvaart gesteld zijn?”

De Falcon 9 en zijn grotere broer, de Falcon Heavy, zijn overigens niet helemáál herbruikbaar. De eerste trap versnelt tot zo’n 7000 kilometer per uur. Het is al een hele uitdaging om deze heelhuids terug te brengen. Voor de tweede trap, die tot ruim 27.000 km/h versnelt, is dat bijna onmogelijk. Het benodigde hitteschild en andere systemen zouden qua gewicht ernstig ten koste gaan van de zogenoemde nuttige lading.

Uiteraard heeft dit Musk nooit lekker gezeten: hij bleef dromen van een multifunctioneel ruimteschip dat zonder veel onderhoud talloze keren gelanceerd zou kunnen worden. Inmiddels is hij de prototypes van zo’n toestel aan het testen in het zuidelijkste puntje van Texas, nabij het dorpje Boca Chica.

Miljardensubsidie

Starship, zoals het schip heet, stamt af van een idee dat Musk in het najaar van 2016 wereldkundig maakte en dat hij het Interplanetary Transport System doopte. Het bestond uit een tweetrapsraket van monsterlijke omvang, gemaakt van koolstofcomposieten. De tweede trap zou naar de aarde kunnen terugkeren voor een rechtstandige landing, net als de herbruikbare Falcon 9-boosters. 

Vanwege de enorme schaal van het ding, zou er ondanks het benodigde hitteschild voldoende lading kunnen worden meegenomen. Dezelfde trap zou ook in een baan om de aarde volgetankt kunnen worden om daarna naar de maan of zelfs Mars te vertrekken. Beide trappen zouden worden uitgerust met nieuwe motoren van het type Raptor, die op methaan werken. Dat is een brandstof die in principe op Mars kan worden bereid uit water en CO₂. Aldus zou het toestel ook de terugreis naar de aarde kunnen aanvaarden.

©PXimport

Ondanks Musks reputatie klonk dit te mooi om waar te zijn. Ook de tycoon zelf gaf toe dat de financiering misschien een dingetje zou zijn. Om NASA tot een miljardensubsidie te verleiden, zou het project sterk aan geloofwaardigheid moeten winnen. In 2017 presenteerde hij, opnieuw tijdens het jaarlijkse Internationale Astronautica-Congres, een afgeslankte versie van het toestel. En in 2019 verklaarde hij dat Starship niet van dure koolstofcomposieten zou worden gemaakt, maar van veel goedkoper roestvrij staal. 

Op 9 december 2020 vloog het eerste prototype tot een hoogte van ruim 12 kilometer. De landing eindigde in een vuurbal, maar verder gedroeg het toestel zich voorbeeldig. Na nog een aantal explosies maakte prototype SN15 op 5 mei 2021 een landing volgens het boekje. De geplande volgende sprong voorwaarts is een vlucht naar een baan om de aarde, waarbij prototype SN20 gelanceerd zal worden op de bijbehorende ‘Super Heavy’-booster. Uitgerust met 28 tot 33 Raptor-motoren is dat de krachtigste raket ooit gebouwd. Deze lancering moet volgend jaar plaatsvinden.

Apollo-model

Zelfs de grootste Musk-sceptici denken dat Starship inderdaad over een paar jaar lading zal gaan vervoeren naar een baan om de aarde. Waarschijnlijk een lading Starlink-satellieten. Maar een reis naar Mars? Dan zal eerst de uitdaging van het tanken in de ruimte moeten worden opgelost. Het vullen van één Starship vereist minimaal zes vluchten van een tanker-Starship. 

De brandstoffen, vloeibaar methaan en vloeibare zuurstof, hebben temperaturen van respectievelijk 161,5 en 183 graden Celsius onder nul. In het onbarmhartige zonlicht van de ruimte kan de druk in de brandstoftanks dan al snel gevaarlijk oplopen. En Musk is tot nu toe rijkelijk vaag over hoe die stoffen precies zullen worden overgepompt. 

Niettemin heeft de NASA, tot verbijstering van velen, Starship aangewezen als de maanlander van het Artemis-project dat in de tweede helft van het decennium de eerste vrouw en de eerste mens van kleur op de maan moet neerzetten. NASA betaalt SpaceX daar 2,9 miljard dollar voor. NASA’s eigen Orion-ruimteschip, gelanceerd bovenop de peperdure SLS-raket, brengt de astronauten naar een baan om de maan. Daar stappen ze over op de Starship-maanlander. Hoe de vluchtige brandstoffen tijdens dat verblijf op de maan onder controle kunnen worden gehouden, is vooralsnog de vraag.

©PXimport

De Mars-versie van Starship roept nog meer vragen op. Musk zegt er honderd ‘kolonisten’ mee te kunnen vervoeren, maar sceptici rekenen voor dat dat vanwege de benodigde life support-systemen en voorraden volstrekt niet past. Een eerste expeditie van een mens of zeven lijkt realistischer. De terugkeer naar de aarde zal voor deze mensen sowieso een heikele onderneming worden. 

Om het methaan en de zuurstof te produceren en te koelen waarmee een Starship terug kan keren naar de aarde, is een hoeveelheid energie nodig die onmogelijk door een pionierende expeditie te produceren lijkt. Het Apollo-model lijkt veel logischer: gebruik een minimalistische opstijgraket die in de baan om Mars koppelt aan een schip dat terugkeert naar de aarde.

Wanneer Musk opschept dat Starship het zonnestelsel zal veroveren, is het beter hem niet op zijn woord te geloven. Want het staat nog helemaal niet vast of het concept van Starship ook buiten een baan om de aarde levensvatbaar is. Maar dat de eerste lancering de tongen los zal maken, is zeker.

Tekst: Ed Croonenberg

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.