ID.nl logo
Wat is multithreading en wat heb je er aan?
© Reshift Digital
Huis

Wat is multithreading en wat heb je er aan?

De afgelopen jaren is het aantal cores in mainstream desktopplatformen flink toegenomen. Er is nu zelfs een 16core-processor te krijgen. Maar wat is multithreading nou precies? En wat zijn de technische beperkingen en uitdagingen die hiermee gepaard gaan?

Toen in de jaren 2000 bleek dat de kloksnelheden van processors niet onbeperkt verhoogd konden worden, werd de keuze gemaakt om in te zetten op meer processorcores. Een systeem met meerdere cores was niet nieuw. Servers hadden al langere tijd multisocket-moederborden, met ondersteuning voor meerdere processors. Doordat nu meerdere cores werden geïntegreerd in een enkele zogenoemde ‘die’, werd multithreading een stuk toegankelijker.

Het daadwerkelijk goed benutten van die extra cores loopt wel achter op de technische verbeteringen. Sommige programma’s zijn goed geoptimaliseerd voor multithreading en kunnen 16 cores benutten, maar dit is lang niet altijd het geval. Dit heeft meerdere oorzaken, waar we nu naar gaan kijken.

Wat zijn threads?

Allereerst is het belangrijk om onderscheid te maken tussen processen en threads. Elk proces beschikt over zijn eigen geheugensegment en opereert in principe compleet onafhankelijk van andere processen. Het besturingssysteem voorkomt elke poging van een proces om bij het geheugen van een ander proces te komen. Daarentegen zijn threads niet volledig onafhankelijk. Ze kunnen bij het geheugen van andere threads komen, maar het is wel een andere ‘draad’ van executie, die tegelijkertijd met de andere threads wordt uitgevoerd. Een proces kan meerdere threads hebben, maar een thread kan zelf geen eigen processen hebben.

Er zijn twee soorten threads: software-threads en hardware-threads. Het aantal software-threads wordt bepaald door het totale aantal ‘draden’. Dit kan veranderen, afhankelijk van het opstarten en afsluiten van programma’s. Wanneer we in dit artikel het woord thread zonder kwalificatie gebruiken, bedoelen we software-threads.

Het aantal hardware-threads ligt juist vast, en is afhankelijk van het aantal cores en of er Simultaneous Multithreading (SMT) wordt ondersteund. Een 8core-processor met SMT heeft bijvoorbeeld 16 threads.

Ideaal is een situatie waarbij er evenveel software-threads zijn als hardware-threads. Wanneer er minder software-threads zijn, wordt de hardware niet efficiënt benut. Dat spreekt voor zich, maar ook een te groot aantal software-threads kan negatief uitpakken voor de prestaties.

Threads versus processen

Zowel processen als threads kunnen gebruikt worden voor ‘concurrency’, een term die iets breder is dan multithreading, omdat het alles omvat waarbij meerdere taken tegelijkertijd worden uitgevoerd. Het voordeel van het gebruik van processen is dat het crashen van een proces niet leidt tot het beëindigen van het programma: Google gebruikt voor zijn Chrome-browser bijvoorbeeld meerdere processen om de stabiliteit te verbeteren.

Het grote nadeel is dat het opstarten van een proces veel trager is dan het starten van een thread. Dit is vooral het geval op Windows, waarbij alle bronnen van tevoren toegekend moeten worden. Linux heeft een andere implementatie, waarbij een proces zichzelf kan klonen. Deze kloon of ‘fork’ heeft toegang tot alle bronnen van het eerste proces. Door copy-on-write krijgt het tweede proces pas zijn eigen kopie van delen van het geheugen, als het ernaar probeert te schrijven. Dit zorgt voor veel efficiëntere multiprocessing dan op Windows, waarbij het zoals gezegd voor het creëren van een proces noodzakelijk is dat alle bronnen van tevoren toegewezen worden.

©PXimport

Aangezien threads dezelfde bronnen delen, is het makkelijker voor threads om te communiceren dan voor processen (maar zoals in de paragraaf ‘Gezamenlijk geheugengebruik’ wordt uitgelegd, is dit ook erg gevaarlijk). Inter-process communication is een kunst op zich en dat gaat vaak via omwegen die veel zwaarder en trager zijn dan wat voor threads mogelijk is. Niettemin is er een plaats voor multiprocessing en dit is vaak ook een stuk eenvoudiger te programmeren dan multithreading.

Sommige taken zijn relatief eenvoudig multithreaded te maken, dit geldt bijvoorbeeld voor 3D-rendering en encoderen onder. Andere programma’s, zoals computer assisted design (CAD), zijn dan weer noodgedwongen singlethreaded. Dit is niet willekeurig, maar hangt af van hoe geschikt een bepaald programma is voor multithreading.

Rekenen

Het belangrijkste punt is dat er zo min mogelijk afhankelijkheidsrelaties moeten zijn. In wiskundige termen moet de taak associatief zijn, wat inhoudt dat het niet uitmaakt in welke volgorde hij wordt uitgevoerd. De plusoperatie is bijvoorbeeld associatief, waardoor de volgende simpele berekening prima in een andere volgorde kan worden uitgevoerd: x = 4 + 2 + 5 + 6.

We zouden deze som met of zonder afhankelijkheid kunnen uitvoeren. In het eerste geval berekenen we eerst 4 + 2, vervolgens 6 + 5 en uiteindelijk 11 + 6. Tijdens elke stap hebben we de uitkomst van de vorige berekening nodig. Stel dat we dit anders doen, dat we eerst 4 + 2 berekenen, dan 5 + 6 en tot slot de uitkomst hiervan bij elkaar optellen. Het aantal benodigde berekeningen verandert niet, dat blijft drie, maar de afhankelijkheid is verminderd.

Voor de mens wordt het er niet makkelijker op, maar een cpu zou de eerste twee berekeningen tegelijkertijd kunnen uitvoeren, waardoor er (uitgaande van een enkele klokcyclus voor de add-instructie) maar twee klokcycli nodig zijn en niet drie. Dit voorbeeld dient ter illustratie, want als deze getallen worden ingevoerd als ‘literals’ (vaste getallen), weet een beetje compiler wel het juiste antwoord direct in te voeren.

©PXimport

Heel spannend klinkt dit misschien niet, maar de vorige paragraaf verklaart waarom bijvoorbeeld het encoderen van video zo goed als perfect multithreaded is. Het beeld wordt opgedeeld in bijvoorbeeld zestien verschillende delen. Deze hebben ieder niets te maken met de andere delen, waardoor processorthreads er onafhankelijk aan kunnen werken. Uiteindelijk wordt het beeld samengevoegd, iets wat wel afhankelijk is van de eerdere berekeningen, maar triviaal is daarmee vergeleken.

Het verklaart ook waarom sommige andere taken heel slecht geschikt zijn voor multithreaded, zoals CAD en sommige Photoshop-filters. Deze hebben een zeer hoge mate van afhankelijkheid van andere delen van een foto, waardoor het niet mogelijk is om de taak op te splitsen in verschillende delen. Het gevolg is dat er minder threads aan kunnen werken.

In hoeverre multithreading de prestaties kan verbeteren, kan uitgerekend worden op basis van het deel van het werk dat parallel te maken is. Dit heet de wet van Amdahl en luidt als volgt: 1 / (1 – p), waarbij p staat voor het deel dat te parallelliseren is. Een programma waarbij de helft geschikt is voor multithreading, kan met een onbeperkt aantal cores maximaal twee keer zo snel worden. Dit is omdat het voor de helft van de tijd niet uitmaakt hoeveel cores er zijn.

Thread-safety en cache coherence

Drie termen die vaak worden gebruikt in combinatie met multithreading zijn thread-safe, thread-unsafe en thread-compatible. Dit gaat altijd over delen van een bepaald programma, oftewel functies. Allereerst heb je functies die thread-unsafe zijn. Deze kunnen überhaupt niet vanuit meerdere threads gebruikt worden. Dit is vrijwel altijd het resultaat van slecht programmeerwerk. Het standaardniveau is thread-compatible. Dit betekent dat de functie geen problemen oplevert, zolang er niets naar het geheugen wordt geschreven.

Zonder wijzigingen is er ook geen synchronisatie noodzakelijk. Het hoogste niveau is thread-safe. Dit betekent dat er data wordt gewijzigd, maar dit levert geen problemen op dankzij de synchronisatiemechanismes die we verderop bespreken.

©PXimport

Iets wat multithreading heel ingewikkeld maakt, is het probleem van ‘cache coherency’, een van de fundamentele uitdagingen in de computerwetenschap. Dit gaat over de vraag hoe je ervoor zorgt dat het geheugen consistent is wanneer er meerdere programma’s zijn die hetzelfde geheugen lezen en ernaar schrijven. Het grote probleem is dat deze lees- en schrijfoperaties via de cache gebeuren, omdat deze vele malen sneller is dan het werkgeheugen. Aangezien iedere core zijn eigen cache heeft, kan het gebeuren dat de waarde hier verschilt met die in het geheugen, doordat een andere thread het geheugen heeft veranderd, of doordat de huidige thread de cache heeft aangepast en deze nog niet is bijgewerkt in het geheugen.

Gezamenlijk geheugengebruik

Op zich is het geen enkel probleem als er meerdere threads gebruik willen maken van hetzelfde geheugen, zolang er maar geen enkele thread is die naar het geheugen schrijft. Als er meerdere threads naar het geheugen schrijven, is dat zeker een probleem. Dit maakt multithreading onmiddellijk een stuk moeilijker … en gevaarlijker! Om een heel simpel voorbeeld te geven: stel dat er een programma is met een functie die enkel een teller verhoogt. Het volgende is een voorbeeld in C++:

void incr(){
static int i = 0;
++i; }

We willen dit programma graag multithreaded maken. Simpeler dan dit kan niet, dus je zou verwachten dat dit geen problemen zou kunnen geven. Helaas niet. Er gaat veel meer gepaard met het verhogen van een teller dan je zou verwachten. Dit heet een RMW- operatie: read-modify-write. Het systeem moet eerst uitlezen wat de teller is (bijvoorbeeld door het te kopiëren naar een processorregister), vervolgens dit aantal verhogen met 1 en dit daarna terugschrijven naar de geheugenlocatie. Vooral deze laatste stap gaat gepaard met een aanzienlijke vertraging. Wat als de teller op 2 staat en de functie wordt twee keer tegelijkertijd aangeroepen? In beide gevallen zal de functie 2 lezen en zal de verhoging daarom uitkomen op 3, terwijl het eigenlijk 4 zou moeten zijn.

Het kan nog erger. Het uitlezen ging het vorige voorbeeld immers nog netjes, ondanks het gelijktijdig beschrijven van exact hetzelfde geheugen. We krijgen óf de waarde van voor de laatste verandering óf die van daarna, maar niet iets anders. Dit is lang niet op alle processorarchitecturen zo (maar wel op x86). In een ander geval kan de tweede functie een willekeurig getal uitlezen, bijvoorbeeld 284 of -90. Dit getal wordt dan netjes vermeerderd met 1, maar het komt helaas op iets anders uit dan de 4 die we willen hebben. Het resultaat is ongedefinieerd gedrag, wat inhoudt dat er geen enkele garantie is voor wat de uitkomst is.

Een race-conditie is wanneer de uitkomst van een programma afhangt van de volgorde waarin of de tijd waarop bepaalde code toevallig wordt uitgevoerd. Een programma hoort deterministisch en daarmee voorspelbaar te zijn, dus een goed programma hoort vrij te zijn van race-condities. Wat we willen, is dat de tweede oproep van de functie netjes wacht totdat de vorige klaar is, en dat hij daarom ook de nieuwe waarde leest. Hiervoor is synchronisatie noodzakelijk, iets wat we hierna bespreken.

©PXimport

Mutex en Atomics

Een veelgebruikt synchronisatiemechanisme is een ‘mutual exclusion object’ (mutex). Een mutex is vergelijkbaar met een ‘stoplicht’, dat voorkomt dat meerdere threads tegelijkertijd bij een bepaald deel van het geheugen kunnen komen. Een thread die toegang wil, zal eerst een vrije mutex op ‘slot’ zetten. Elke volgende thread die bij de mutex komt, zal geblokkeerd worden totdat de mutex weer vrijgegeven wordt door de eerste thread.

Mutexen hebben alleen wel de nodige problemen. Zo zijn ze relatief sloom en gevaarlijker is het probleem van potentiële deadlocks. Dat is wanneer verschillende delen van een programma meerdere van dezelfde mutexen nodig hebben, dan kan het gebeuren dat een benodigde mutex nooit vrijgegeven wordt en dat het programma blijft hangen. Deze kans is nog aanzienlijker wanneer met andere mutexen beschermde delen van het programma afhankelijk zijn van elkaar. Als deze dan tegelijkertijd gedraaid worden, dan wacht de ene thread op een vrije mutex totdat hij zijn eigen mutex vrijgeeft, terwijl de eerste mutex niet vrijkomt totdat de eerste thread klaar is met zijn werk. Er moet dus op een goed doordachte manier geprogrammeerd worden. Een simpel voorbeeld in C++:

void incr(){
static mutex mut1;
static int i = 0;
lock_guard<mutex> lck(mut1); </mutex>
++i;
} // mutex wordt automatisch vrijgegeven

In sommige gevallen kan het lonen om in plaats van een gewone mutex een ‘reader writer’-mutex te gebruiken. Deze kan of aan één thread schrijftoestemming geven of aan een onbeperkt aantal threads leesbevoegdheid. Aangezien alleen veranderend geheugen race-condities oplevert, kan dit de prestaties verbeteren als er maar weinig naar het beschermde geheugen wordt geschreven.

Concurrency-problemen kunnen in sommige gevallen ook opgelost worden door het gebruiken van variabelen die geen tussenstaat laten zien. Deze heten ‘atomics’ in C en C++, en ‘volatile’ variabelen (vluchtige variabelen) in Java en C#. Als we een atomische variabele gebruiken voor ons eerdere scenario, dan begint de tweede operatie pas wanneer de eerste klaar is. Dan heb je niet het probleem dat een van de vermeerderingen potentieel verloren gaan.

Volgorde

Simpele atomics lossen niet alle problemen op. Atomische variabelen kunnen ook garanderen dat bepaalde code in een voorgeschreven volgorde wordt uitgevoerd. Elke atomische operatie heeft een bepaalde ‘memory barrier’, ook wel ‘memory order’ genoemd. Deze barrière bestaat uit een ‘acquire’-laadoperatie die wordt gekoppeld aan ‘release’-opslagoperatie. Tussen deze twee operaties wordt er een zogenoemde ‘çritical section’ gecreëerd. Instructies binnen dit deel is sterk beperkt in herordening: ze mogen niet buiten de sectie worden gebracht door de compiler of de processor. Dit garandeert dat alle instructies binnen (en voor) dit deel zijn uitgevoerd wanneer er een ‘acquire’ wordt uitgevoerd. Ook wordt er gegarandeerd dat de laatste waarde van de atomische variabele is geschreven naar het geheugen en de caches, zodra de acquire is uitgevoerd.

Als er toegang wordt gevraagd voordat het systeem hier klaar mee is, wordt toegang tot de betrokken delen van het geheugen geblokkeerd. Dit om te voorkomen dat er iets gebeurt met de tussenstaat van de variabele. Hier zijn speciale machine-instructies voor, die het werk efficiënter kunnen verrichten dan een mutex. Het volgende voorbeeld laat zien hoe dat werkt.

void incr(){
static atomic<int> i(0); </int>
++i; }

In de praktijk komt dit erop neer dat een ‘release’ informatie publiceert die een ‘acquire’ kan opvragen (bij een RMW-operatie is er een gecombineerde acquire en release). Waar zou dit nuttig voor kunnen zijn? Veel systemen moeten van een valide staat naar een andere valide staat gebracht worden, zonder dat er het een en ander kan gebeuren in de tussenstaat. Om maar een voorbeeld te geven: bij het uitvoeren van een banktransactie is het een goed idee om zowel de vermindering als de vermeerdering op de respectieve rekeningen als een alles-of-niets-transactie uit te voeren.

Het voordeel van atomics ten opzichte van een mutex, is dat ze sneller zijn en dat deadlocks niet tot de mogelijkheden behoren. Het nadeel is dat ze nog altijd substantieel langzamer zijn dan gewone variabelen, vooral wanneer het gaat om schrijfacties. Veranderingen moet immers verspreid worden naar niet alleen de verschillende caches, maar ook naar het werkgeheugen. In de tussentijd mag er geen enkele andere thread gebruikmaken van de oude waarde. Een verder nadeel is dat niet alles met atomische variabelen geïmplementeerd kan worden. Programma’s die hier wel gebruik van maken, heten ‘lockfree’, omdat ze geen gebruikmaken van een mutex-slot.

▼ Volgende artikel
3 Windows-instellingen die je direct moet aanpassen voor een snellere en veiligere pc
© ID.nl
Huis

3 Windows-instellingen die je direct moet aanpassen voor een snellere en veiligere pc

Frustraties over een trage pc of ongewenste advertenties? Grote kans dat de standaard Windows-instellingen de boosdoener zijn. Met drie simpele ingrepen optimaliseer je direct de snelheid, privacy en veiligheid van je systeem. Wij zetten de belangrijkste aanpassingen op een rij, zodat je direct weer vlot en zorgeloos aan de slag kunt!

Of je nu net een gloednieuwe laptop uit de doos haalt of al jaren op dezelfde vertrouwde desktop werkt, de standaardinstellingen van Windows zijn zelden optimaal. Microsoft kiest vaak voor opties die hun eigen diensten promoten in plaats van jouw gebruiksgemak centraal te stellen. Gelukkig kun je met een paar gerichte ingrepen direct winst behalen. Pas deze drie essentiële instellingen aan voor meer privacy, snelheid en overzicht.

Schakel onnodige opstart-apps uit

Niets is zo frustrerend als een computer die er minutenlang over doet om startklaar te zijn. De grootste boosdoener hiervoor is vaak een overdaad aan programma's die automatisch opstarten zodra je de pc aanzet. Veel applicaties, van Spotify tot samenwerkingstools als Microsoft Teams, nestelen zich tijdens de installatie ongevraagd in je opstartproces. Dat vreet direct aan je systeemgeheugen en vertraagt de opstarttijd aanzienlijk.

Je lost dit eenvoudig op door naar de instellingen van Windows te navigeren en te zoeken naar de optie Opstart-apps. Hier zie je een duidelijk overzicht van alle software die met Windows mee start, inclusief de impact die elk programma heeft op de prestaties. Loop kritisch door deze lijst heen. Programma's die je niet dagelijks direct na het inloggen nodig hebt, kun je zonder risico uitschakelen door het schuifje om te zetten. Je verwijdert de software hiermee niet; je voorkomt alleen dat ze op de achtergrond draaien zonder dat je erom gevraagd hebt. Je pc zal hierdoor merkbaar vlotter reageren.

Weg met die advertenties en suggesties!

Windows is in de loop der jaren steeds meer veranderd in een platform waarop Microsoft eigen en gesponsorde diensten probeert te verkopen. Dat uit zich in zogenaamde 'suggesties' in je Startmenu, op je vergrendelingsscherm en zelfs in de Verkenner. Voor de meeste gebruikers voelt dat – terecht – als ongewenste reclame binnen een besturingssysteem waarvoor al betaald is. Het zorgt bovendien voor ruis en leidt af van waar je eigenlijk mee bezig bent.

Om deze stroom aan prikkels te stoppen, duik je in het menu Persoonlijke instellingen. Bij de instellingen voor het Startmenu en het Vergrendelingsscherm vind je opties die verwijzen naar het tonen van suggesties, tips of leuke weetjes. Vink deze opties uit om een schonere, rustigere interface te krijgen. Vergeet ook niet bij de privacy-instellingen de optie uit te zetten die Windows toestaat om je Instellingen-app te gebruiken voor het tonen van voorgestelde inhoud. Het resultaat is een professionelere werkomgeving die doet wat hij moet doen, zonder je continu te proberen te verleiden tot extra klikken.

Maak bestandsextensies zichtbaar

Een van de meest riskante standaardinstellingen in Windows is het verbergen van bestandsextensies voor bekende bestandstypen. Standaard zie je alleen de naam van een bestand, bijvoorbeeld 'factuur', maar niet of het een .pdf, .docx of een .exe is. Cybercriminelen maken daar dankbaar gebruik van door virussen te vermommen als onschuldige documenten. Een bestand dat 'foto.jpg.exe' heet, wordt door Windows dan getoond als 'foto.jpg', waardoor je denkt een afbeelding te openen terwijl je in werkelijkheid schadelijke software installeert.

Je kunt dit veiligheidsrisico direct verhelpen via de Bestandsverkenner. Zoek in de menubalk naar de optie Weergeven en navigeer vervolgens naar de instellingen voor weergeven. Hier vind je een optie genaamd Extensies voor bestandsnamen. Zorg dat deze optie aangevinkt staat. Hoewel het in het begin even wennen kan zijn om achter elk bestand een punt en drie of vier letters te zien staan, geeft het je volledige controle en inzicht. Je ziet nu in één oogopslag met wat voor type bestand je écht te maken hebt, en dat verkleint de kans op een succesvolle malware-infectie drastisch.

Populaire merken voor Windows-laptops

Wie op zoek is naar hardware die het meeste uit Windows haalt, komt al snel uit bij een aantal gevestigde namen die de markt domineren. Een van de grootste spelers is Lenovo, dat met name met de ThinkPad-serie een ijzersterke reputatie heeft opgebouwd in de zakelijke markt dankzij robuuste bouwkwaliteit en uitstekende toetsenborden. Voor consumenten die design en innovatie zoeken, is HP (Hewlett-Packard) een veelgekozen merk, mede dankzij de Omnibook- en Envy-lijnen die esthetiek combineren met krachtige prestaties. Ook Acer blijft een vaste waarde, waarbij vooral de Aspire-modellen steevast hoge ogen gooien in reviews vanwege hun interessante prijs-kwaliteitverhouding. Tot slot biedt het Taiwanese ASUS vaak veel rekenkracht voor een scherpe prijs en durven zij met hun ZenBook-serie vaak te experimenteren met nieuwe technologieën zoals dubbele schermen.

▼ Volgende artikel
Dekbed in de wasdroger: helpt een tennisbal echt?
© ID.nl
Huis

Dekbed in de wasdroger: helpt een tennisbal echt?

Wanneer je je dekbed gewassen hebt, wil je dat het natuurlijk weer lekker dik en luchtig aanvoelt. Maar wanneer je hem gewoon in de droger gooit, kan de vulling gaan klonteren, zodat er dunne stukken en dikke stukken ontstaan. Dat slaapt niet echt lekker. Om dat te voorkomen, gooien veel mensen er een paar tennisballen bij. Helpt dat echt?

In dit artikel

Je leest wat tennisballen in de droger doen en bij welke dekbedden dat wel of juist minder goed werkt. We leggen uit hoeveel ballen je nodig hebt, waar je op let bij het type tennisbal en waarom voldoende ruimte in de trommel belangrijk is. Ook staan we stil bij alternatieven zoals speciale drogerballen en geven we praktische tips om je dekbed gelijkmatig te laten drogen en mooi in vorm te houden.

Lees ook: 9 veelgemaakte fouten bij het drogen van je was

Wat tennisballen in de droger doen

Tijdens het drogen raken de tennisballen telkens het dekbed. Dat helpt vooral bij dons en veren. Als die nat zijn, blijven ze aan elkaar plakken en zakt de vulling in. Door de constante beweging vallen die samengepakte delen weer uiteen, waardoor de vulling zich opnieuw verspreidt. Zo kan de warme lucht overal beter bij en droogt het dekbed gelijkmatiger. De droogtijd wordt er niet korter van, maar het dekbed komt wel duidelijk voller uit de droger.

Hoe vaak moet je je dekbed eigenlijk wassen?

Een dekbed hoeft niet vaak in de was. Voor de meeste mensen is één tot twee keer per jaar genoeg. Dat komt omdat het meeste vuil (denk bijvoorbeeld aan zweet of huidschilfers) niet in het dekbed zelf terechtkomt, maar in het dekbedovertrek. Dat overtrek was je regelmatig, meestal eens per één à twee weken. Het dekbed blijft daardoor relatief schoon.

Soms is vaker wassen wel logisch. Bijvoorbeeld als je veel zweet in je slaap, last hebt van een huisstofmijtallergie of het overtrek niet zo vaak verschoont. Ook na ziekte of bij zichtbare vlekken is een extra wasbeurt verstandig.

Hoe vaak je kunt wassen, hangt ook af van de vulling. Niet elk dekbed kan namelijk even goed tegen veel wasbeurten. Dons- en verendekbedden kunnen meestal in de wasmachine, mits je het waslabel volgt en ze daarna goed laat drogen. Synthetische dekbedden zijn in dat opzicht wat vergevingsgezinder en kunnen vaak vaker gewassen worden zonder dat de vulling daaronder lijdt.

Twijfel je of wassen echt nodig is? Dan is luchten een goed alternatief. Hang je dekbed regelmatig buiten of bij een open raam. Daarmee kun je een wasbeurt vaak nog maanden uitstellen.

View post on TikTok

Hoeveel tennisballen zijn genoeg?

Met één tennisbal in de wasdroger merk je vaak weinig, zeker bij een groot dekbed. Die verdwijnt al snel in de stof en heeft dan weinig effect. Met twee tot vier ballen werkt het beter, omdat ze het dekbed op meerdere plekken tegelijk in beweging houden. Zolang de ballen vrij kunnen bewegen en niet vast blijven zitten in de vulling, doen ze hun werk.

Kun je elke tennisbal gebruiken bij het drogen van een dekbed in de droger?

iet elke tennisbal is even geschikt. Vooral nieuwe of felgekleurde ballen kunnen bij hogere temperaturen kleur afgeven en kleine pluisjes verliezen van de vilten buitenlaag. Dat komt niet vaak voor, maar het risico is wel aanwezig. Gebruik je oudere tennisballen, dan is de kans hierop kleiner. Wil je dat verder beperken, dan kun je de ballen in een oude witte sok stoppen en die dichtknopen. Het effect blijft grotendeels hetzelfde, al is het iets minder uitgesproken dan met losse ballen.

Speciale drogerballen

Er bestaan ook speciale drogerballen van wol of kunststof. Die zijn bedoeld voor gebruik in de droger en geven geen kleur af. Ze doen hetzelfde als tennisballen: ze zorgen dat het dekbed tijdens het drogen in beweging blijft. Wolballen maken minder lawaai en zijn milder voor stoffen. Stop je je dekbed regelmatig in de droger? Dan kun je beter deze speciale bollen gebruiken in plaats van tennisballen.  

Geef het dekbed genoeg ruimte in de droger

Tennisballen helpen alleen als het dekbed voldoende ruimte heeft om te bewegen. Is de trommel te vol, dan draait alles als één geheel rond en gebeurt er weinig. Wil je grote tweepersoonsdekbedden drogen, dan heb je een droger met een ruime trommel nodig. Heb je die niet zelf? Kijk dan of er een wasserette bij je in de buurt is. Meer ruimte zorgt voor meer beweging en daarmee voor een beter eindresultaat.

Niet elk dekbed kan in de droger

Tennisballen hebben vooral effect bij dons- en verendekbedden. Bij synthetische vulling is dat verschil kleiner en kan de constante beweging van de ballen de vulling na verloop van tijd zelfs vervormen. Wol, zijde en andere natuurlijke materialen mogen meestal helemaal niet in de droger. Check daarom altijd eerst het waslabel voordat je het dekbed in de trommel legt.

Even tussendoor opschudden helpt

Haal het dekbed halverwege het programma even uit de droger en schud het los, alsof je het bed opmaakt. Leg het daarna omgedraaid terug in de trommel. Zo verdeelt de vulling zich opnieuw en kan het dekbed gelijkmatiger drogen.

Wat kun je van het eindresultaat verwachten?

Tennis- of drogerballen zijn vooral een hulpmiddel, geen vervanging voor de juiste drooginstellingen. Droog het dekbed niet te vaak of te heet: kies een lage of middelhoge temperatuur en selecteer een speciaal dons- of beddengoedprogramma als dat op je droger zit. Zorg ook voor voldoende ruimte in de trommel. Als je dan ook nog eens ballen laat meedraaien, heb je er alles aan gedaan om te zorgen dat je dekbed weer lekker vol uit de droger komt!