ID.nl logo
Van een leuke gebeurtenis naar een sprankelende video: je maakt het met OpenShot
© africa-studio.com (Olga Yastremska and Leonid Yastremskiy)
Huis

Van een leuke gebeurtenis naar een sprankelende video: je maakt het met OpenShot

Heb je een leuk feest gehad, ben je op vakantie of bij een festival of evenement geweest, dan wil je daar natuurlijk op een ander moment nog lekker van kunnen nagenieten. Beter dan met een sprankelende video kan dat niet. De gratis video-editor OpenShot biedt tal van creatieve opties.

In dit artikel laten we je de leukste mogelijkheden van de video-editor OpenShot zien:

  • Overgangen
  • Maskers
  • Effecten, zoals een kleur vervangen
  • Animaties
  • Audio-effecten

Wil je meer met videobewerking gaan doen, lees dan ook dit artikel: Kies de juiste laptop voor videobewerking

OpenShot is een gratis opensource-videobewerker voor Windows, macOS en Linux. We gaan uit van de 64bit-versie voor Windows, maar er is ook een 32bit-versie.

Om een idee te krijgen van de belangrijkste functies kun je een kijkje nemen op deze pagina. Hier vind je ook links naar screenshots, video’s en een Engelstalige gebruikersgids van 130 pagina’s. Je kunt 'm ook als pdf downloaden. Voor vragen kun je terecht op een actief Reddit-forum.

We gaan ervan uit dat je al bekend bent met de basisprincipes van videobewerkingssoftware en richten ons daarom meteen op de belangrijkste en leukste opties. De installatie vergt slechts enkele muisklikken. Het hoofdvenster van OpenShot bevat de klassieke driedeling: selectievenster, voorbeeldweergave en tijdlijn. Volgens de makers zou je met de meeste pc’s van na 2017 aan de slag moeten kunnen, maar voor video-editors geldt natuurlijk: hoe krachtiger je systeem, hoe beter.

Voor wie al eerder met video-editors heeft gewerkt, ziet het hoofdvenster van OpenShot er vast vertrouwd uit.

Project

Het projectprofiel van OpenShot is standaard ingesteld op HD 720p 30 fps (frames per second). Hoewel dit voldoende is voor het bewerkingsproces, is het beter om vanaf het begin het profiel te kiezen dat past bij het gewenste eindproduct. Dit kan via Bestand / Profiel kiezen. Er zijn honderden profielen beschikbaar, waarvan in Europa 30 fps (PAL) gebruikelijk is. Wijzelf kiezen FHD PAL 1080p 25 fps (16:9), maar je kunt natuurlijk een ander profiel selecteren. Het is zelfs mogelijk om je eigen profiel aan de lijst toe te voegen, maar dit is nogal bewerkelijk.

Je kunt kiezen uit wel vierhonderd profielen voor je project.

Voorkeuren

Voor je daadwerkelijk aan de slag gaat, is het raadzaam om Bestand / Voorkeuren te controleren. Op de acht tabbladen kun je namelijk allerlei opties instellen. Hier behandelen we er slechts enkele. Op het tabblad Algemeen kun je bijvoorbeeld de taal instellen, waaronder Nederlands, evenals het standaardthema (wij kozen voor Humanity). Ook interessant is de instelbare optie Afbeeldingsduur, die standaard op 10 seconden per getoonde afbeelding is ingesteld.

Op het tabblad Voorbeeld kun je de optie Standaardprofiel wijzigen, wat handig is als je doorgaans met een vast projectprofiel werkt. We raden aan om de functie Automatisch opslaan ingeschakeld te laten, zodat je bij een onverhoopte crash geen werk kwijtraakt.

Bij Prestaties kun je eventueel hardware-versnelling uitproberen, maar weet dat dit een experimentele functie is. Verder kun je op het tabblad Toetsenbord je eigen sneltoetsen instellen voor zo’n zestig handelingen.

Houd er rekening mee dat je OpenShot waarschijnlijk moet herstarten om de wijzigingen door te voeren.

Loop door alle voorkeuren en stel deze naar wens in.

Mediabestanden

Je bent nu klaar om alle gewenste mediabestanden te importeren, zoals video, audio en foto’s. Open daarvoor het tabblad Projectbestanden onder aan het selectievenster en klik op de knop met het groene plusteken (Bestanden importeren) om je mediabestanden toe te voegen. Zorg ervoor dat je ze naar de tijdlijn onderaan verplaatst. Dit kan door ze te verslepen, maar je kunt ze ook allemaal in één keer selecteren. Klik met rechts op je selectie en kies Aan de tijdbalk toevoegen.

Nu kun je de media in de gewenste volgorde op de tijdlijn plaatsen en je kunt de clips later ook nog op de tijdlijn zelf verplaatsen. Stel de opties Starttijd, Afbeeldingsduur en Spoor in, en geef aan of je wilt faden en/of zoomen, en welke overgang je eventueel wilt gebruiken. Bevestig met OK om je media naar de tijdlijn te kopiëren.

Je kunt ook meerdere mediabestanden in één keer naar de tijdlijn verhuizen.

Nog niet genoeg videomateriaal?

Met een drone kun je mooie beelden maken

Knipwerk

Alle clips staan nu in de juiste volgorde op je tijdlijn, maar wat als je sommige foto’s langer of korter in beeld wilt hebben, of als je specifieke stukken uit een videoclip liever niet wilt laten zien? Dit kun je eenvoudig aanpassen.

Versleep de linker- of rechterzijde van een clip naar binnen of buiten om de duur aan te passen. Vul indien nodig de lege ruimte op door de overige clips te verschuiven en houd de Ctrl-toets ingedrukt voor een meervoudige selectie. Om voldoende in te zoomen op de tijdlijn gebruik je Ctrl+Scrollwiel (helaas ondersteunt OpenShot geen ‘ripple delete’ voor automatische verschuivingen).

Als je een fragment midden in een videoclip wilt verwijderen, verplaats dan eerst de afspeelknop boven de tijdlijn naar het begin van het ongewenste fragment. Klik met rechts op de clip en kies Afsnijden / Beide kanten behouden. Herhaal dit voor het einde van het fragment. Het fragment wordt nu een afzonderlijke clip die je met de Delete-toets kunt verwijderen.

Stel dat je meerdere sporen hebt (zie ook de volgende paragraaf) en je wilt op elk spoor de clip splitsen waar de afspeelknop zich bevindt: klik dan met rechts op de afspeelknop en kies Alles afsnijden / Beide kanten behouden.

Het is ook mogelijk in één keer alle clips op dezelfde afspeelpositie te knippen.

Sporen

Je kunt alle clips op één spoor plaatsen, maar het werkt vaak handiger om meerdere sporen te gebruiken, zoals voor een logo, een emoji uit het aanbod op het tabblad Emoji’s, foto’s, videoclips en achtergrondmuziek.

Klik met rechts op Spoor [n] en kies Spoor hierboven toevoegen of Spoor hieronder toevoegen. Voor audio maakt dit niet zoveel uit, maar het is gebruikelijk om achtergrondmuziek op het onderste spoor te zetten. Vanuit het contextmenu kun je een spoor ook een andere naam geven.

Beelden die je op een hoger spoor plaatst, bedekken de beelden op de sporen eronder, behalve wanneer je het bovenliggende beeld verkleint of deels transparant maakt.

We demonstreren dit met een beeld-in-beeld-effect. Plaats bijvoorbeeld een foto op een spoor bovenop een spoor met een videoclip. Selecteer de foto in de tijdlijn en plaats de afspeelknop boven deze foto. In de voorbeeldweergave zie je nu verschillende handvaten rond de foto. Hiermee kun je de foto kleiner maken zodat een deel van de onderliggende video zichtbaar wordt, maar ook roteren, kantelen en verplaatsen.

Een andere optie is om het bovenliggende beeld deels doorzichtig te maken. Plaats de afspeelknop boven de clip, rechtsklik erop en kies Eigenschappen. Selecteer de eigenschap Alfa bovenaan en schuif de bijbehorende balk wat naar links, of dubbelklik erop om zelf een waarde in te voeren. Merk ook op dat je vanuit dit venster nog heel wat andere eigenschappen kunt aanpassen.

Meerdere sporen maken ook leuke beeld-in-beeldeffecten mogelijk.

Overgangen

Zolang je niet overdrijft, kan een overgangseffect tussen twee clips wel aardig zijn. Open het tabblad Overgangen en versleep de gewenste overgang tussen twee clips op de tijdlijn, zodat deze beide deels overlapt. Een overgang herken je aan een blauwe rechthoek op de tijdlijn. De duur en positie pas je met de muis aan.

Vanuit het eigenschappenvenster van de overgang pas je onder meer de opties Helderheid en Contrast aan. Het is belangrijk om te weten waar de afspeelknop zich precies bevindt, omdat op dat moment een zogeheten keyframe wordt gemaakt (in OpenShot ook wel key-punt genoemd), waarop je aanpassingen van kracht worden. Met de pijltoetsen kun je één frame tegelijk door je video navigeren.

Een keyframe herken je aan een klein wit ruitje onderaan de clip op de tijdlijn. Door bijvoorbeeld twee keyframes te maken, elk met een andere helderheid of ander contrast, kun je een geleidelijk overgangseffect creëren tussen beide. Met de oranje pijlknoppen boven de tijdlijn navigeer je van het ene naar het andere keyframe.

Er zijn heel wat overgangen beschikbaar, die je met keyframes verder kunt aansturen.

Maskers

Het is ook mogelijk je eigen overgangseffecten toe te voegen. Plaats een geschikte afbeelding in grijswaarden of zwart-wit in de standaardmap C:\users\<accountnaam>\.openshot_qt\transitions. Geef het bestand een duidelijke naam. Wanneer je OpenShot herstart, vind je de nieuwe afbeelding met die bestandsnaam achteraan in het overzicht met overgangen.

Stel, je hebt een video en een foto (of een andere video) op het spoor eronder. Je zou nu bijvoorbeeld een wit hart op een zwarte achtergrond als overgang op (een deel van) je video kunnen plaatsen. Stel bij het begin van de overgang of op het eerste zelf ingestelde keyframe de helderheid van je overgang in op 0,00. Op het einde van de overgang of op het tweede keyframe vul je de waarde -1,00 in. Hierdoor zal de onderliggende foto binnen de contouren van het hart zichtbaar zijn bij keyframe 1 en geleidelijk vervagen. Zo kun je dus fraaie maskereffecten creëren.

Geef je overgang een maskereffect met behulp van key-punten.

Effecten

Bij OpenShot zijn naast overgangen ook diverse effecten beschikbaar om video- en audioclips aan te passen. Elk effect heeft aanpasbare eigenschappen, waarvan de meeste geanimeerd kunnen worden. Door keyframes te gebruiken, zorgt OpenShot automatisch voor een geleidelijk effect tussen deze frames.

Om een effect toe te voegen, ga je naar het tabblad Effecten en sleep je het gewenste effect naar het video- of audiospoor. Als voorbeeld nemen we het Chrome Key-effect, waarmee je een specifieke kleur in een video of afbeelding kunt vervangen. Bijvoorbeeld, als je een opname hebt met een felgroen doek als achtergrond, kun je dit met het Chrome Key-effect vervangen door een achtergrond van bijvoorbeeld Parijs.

Plaats de video met de kleur die je wilt vervangen boven het spoor met het gewenste achtergrondbeeld. Sleep het Chrome Key-effect naar de bovenste video. Er verschijnt een pictogram met een groene C. Klik er met rechts op en kies Eigenschappen. Dubbelklik op Key kleur en selecteer de gewenste kleur die je wilt vervangen. Kies hier Pick Screen Color als je een schermkleur wilt aanduiden. Je kunt ook andere eigenschappen van het effect aanpassen. Door extra keyframes toe te voegen, kun je het een en ander nog verfijnen.

Kies een kleur voor het Chrome Key-effect.

Animaties

Naast geanimeerde overgangen en effecten biedt OpenShot ook kant-en-klare animaties. Om een animatie toe te passen, klik je met rechts op een videoclip en selecteer je Animatie. Je kunt kiezen uit Begin van clip, Einde van clip of Volledige clip, waarbij je onder andere kunt zoomen of het beeld in een bepaalde richting kunt bewegen. Als voorbeeld kiezen we Begin van clip / Zoomen / Inzoomen (50% naar 100%).

De animatie is direct klaar en je ziet twee witte cirkeltjes aan het begin van de clip, dit zijn de keyframes waartussen de animatie plaatsvindt.

Het eigenschappenvenster toont twee ingekleurde eigenschappen voor deze zoom-animatie: Schaal X en Schaal Y. Je kunt deze waarden handmatig aanpassen, maar voor extra interpolatie-opties als Bézier, Lineair of Constant klik je met rechts op het bijbehorende curve-icoontje.

Het is ook mogelijk andere eigenschappen in de animatie te betrekken. Klik bijvoorbeeld met rechts op Rotatie en kies Keyframe invoegen, waarna je een geschikte waarde invult.

Je kunt verschillende eigenschappen tegelijk in je animatie opnemen.

Titels

Om een titel aan je beelden toe te voegen, ga je naar het menu Titel en kies je Titel. Uit de lijst van bijna vijftig sjablonen selecteer je een passend exemplaar. Vul de titelregel(s) in en kies het gewenste lettertype, de juiste tekstkleur en de achtergrondkleur. Bevestig met Opslaan en het titelbestand komt in het deelvenster met projectbestanden terecht. Versleep het vervolgens naar een geschikte plek op je tijdlijn, bij voorkeur op een afzonderlijk spoor.

Je hebt ook de mogelijkheid om eigen vectorafbeeldingen als titelsjablonen te gebruiken. Plaats hiervoor een geschikt svg-bestand (met tekst) in de standaardmap C:\Users\<accountnaam>\.openshot_qt\title_templates. Je kunt zo’n bestand bijvoorbeeld maken met het gratis opensource-programma Inkscape.

Na een herstart van OpenShot verschijnt het aangepaste titelsjabloon in de lijst. Als alternatief kun je het sjabloon ophalen via Projectbestanden, waar je met rechts op het svg-bestand klikt en Titel bewerken kiest.

Je hebt wellicht opgemerkt dat in het dialoogvenster voor het bewerken van een titel de optie Geavanceerde editor gebruiken beschikbaar is, evenals de optie Geanimeerde titel in het uitklapmenu. Beide zijn krachtige functies, maar ze vereisen respectievelijk Inkscape en Blender om te gebruiken en daar hebben we hier helaas niet de ruimte voor.

Maak je eigen titelsjabloon en zet het op een spoor.

Audio

Als je bijvoorbeeld achtergrondmuziek op een extra spoor toevoegt, dan wil je natuurlijk niet dat dit het geluid van de video zelf overstemt. Gelukkig kun je makkelijk het volume aanpassen. Klik met rechts op het betreffende spoor, kies Volume / Volledige clip en stel een volumepercentage in. Merk op dat je hier ook geluidseffecten zoals In- en uitfaden ter beschikking hebt.

Zoals gezegd biedt OpenShot op het tabblad Effecten ook een reeks audio-effecten aan, waaronder Compressor, Delay, Echo, Expander, Fluisterstem, Parametrische EQ, Robotstem, Ruis en Vervorming. Vanuit het eigenschappenvenster kun je elk van deze effecten verder aansturen. Je kunt ook meerdere effecten tegelijk op een audioclip toepassen. Experimenteer gerust voor een optimaal resultaat.

Je kunt het volume van een audiospoor simpelweg aanpassen.

Export

Nu je hele videoproject er perfect uitziet en klinkt, is het tijd om het definitieve resultaat vast te leggen. Ga naar het menu Bestand en kies Project exporteren. Geef het exportbestand een naam en selecteer de gewenste opslaglocatie. Bij Doel kun je kiezen uit verschillende videoformaten, zoals MKV, MOV en MP4, elk met verschillende codecs.

Indien nodig kun je hier het videoprofiel aanpassen als je bij aanvang het projectprofiel nog niet had afgestemd op het eindresultaat (zie paragraaf ‘Project’). Selecteer de gewenste kwaliteit – onthoud dat een hogere kwaliteit resulteert in een groter bestand.

Mocht je niet het optimale videoformaat vinden, open dan het tabblad Geavanceerd. Hier kun je onder andere aangeven welke frames je wilt exporteren en zeer nauwkeurig instellen welke video- en audio-codecs je wilt gebruiken, met opties als Samplesnelheid en Bitsnelheid. Je kunt zelfs het videoprofiel tot in de kleinste details aanpassen, inclusief beeld- en pixelverhouding, en de framesnelheid.

Als je alles naar wens hebt ingesteld, start je het exportproces met Video exporteren. Nu rest je niets anders dan te genieten van het eindresultaat.

Je bepaalt de technische kenmerken van het exportformaat volledig zelf.

Lees ook: 15 manieren om media af te spelen op je tv

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Wifi wel snel op je telefoon, maar traag op je laptop? Hier ligt dat aan!
© A Stockphoto
Huis

Wifi wel snel op je telefoon, maar traag op je laptop? Hier ligt dat aan!

Je zit op de bank en streamt probleemloos een 4K-video op je telefoon, maar zodra je je laptop openklapt om een webpagina te laden, lijkt het alsof de verbinding vastloopt. Ligt het aan de router of aan je computer? In dit artikel leggen we uit waarom wifi-snelheden zo sterk kunnen verschillen per apparaat en wat je eraan kunt doen.

Je betaalt voor een snelle internetverbinding, dus is de verwachting dat elk apparaat in huis die snelheid ook daadwerkelijk haalt. Toch voelt het surfen op je computer soms stroperig aan, terwijl je smartphone ernaast nergens last van heeft. Vaak wordt er direct naar de internetprovider gewezen, maar het probleem zit meestal in de apparatuur zelf. Het verschil in hardware, leeftijd en software tussen mobiele apparaten en computers is namelijk groter dan je denkt. Na het lezen van dit stuk weet je precies waar die vertraging vandaan komt.

Generatiekloof: waarom je laptop vaak achterloopt

Het snelheidsverschil tussen je telefoon en je computer komt vaak neer op een simpele generatiekloof. We vervangen onze telefoons gemiddeld elke twee tot drie jaar, waardoor ze vaak uitgerust zijn met de nieuwste wifi-chips (zoals wifi 6 of 6E). Een laptop gaat vaak veel langer mee, soms wel vijf tot zeven jaar. Hierdoor probeert een verouderde netwerkkaart in je laptop te communiceren met een moderne router, wat resulteert in een lagere maximumsnelheid.

Daarnaast speelt de manier waarop data wordt verwerkt een grote rol. Een telefoon is geoptimaliseerd voor directe consumptie: apps op de achtergrond worden gepauzeerd om de app die je nú gebruikt voorrang te geven. Een computer werkt anders. Terwijl jij probeert te surfen, kan Windows of macOS op de achtergrond bezig zijn met zware updates, het synchroniseren van clouddiensten of het maken van back-ups. Je laptop snoept dus al bandbreedte weg zonder dat jij het doorhebt, waardoor er voor je browser minder overblijft.

Wanneer je laptop de strijd wél wint

De laptop wint het van de telefoon wanneer de omstandigheden optimaal zijn voor stabiliteit in plaats van pure mobiliteit. Als je beschikt over een moderne laptop met een recente netwerkkaart en je bevindt je in dezelfde ruimte als de router, kan de laptop vaak stabieler grote bestanden binnenhalen.

Dat geldt vooral als je laptop verbonden is met de 5GHz-frequentieband. Deze frequentie is veel sneller dan de oude 2.4GHz-band, maar heeft een korter bereik. Als je dicht bij het toegangspunt zit, profiteert je laptop van zijn krachtigere processor om complexe webpagina's sneller op te bouwen dan een telefoon dat kan, mits de verbinding zelf niet de bottleneck is.

Waarom je telefoon soepeler aanvoelt

Het verschil wordt pijnlijk duidelijk zodra je verder van de wifi-bron af gaat zitten, bijvoorbeeld op zolder of in de tuin. Smartphones zijn vaak agressiever geprogrammeerd om het sterkste signaal te pakken of snel tussen frequenties te schakelen. Veel laptops blijven daarentegen te lang plakken op een zwak 5GHz-signaal of vallen onnodig terug op de trage en vaak overvolle 2.4GHz-band (het zogeheten 'sticky client'-probleem).

Daarnaast hebben smartphones een trucje dat laptops helaas moeten missen: wifi-assist (of een vergelijkbare term). Als de wifi even hapert, gebruikt de telefoon ongemerkt een beetje 4G- of 5G-data om de stroom stabiel te houden. Je laptop heeft die optie meestal niet en laat direct een laadicoontje zien. Hierdoor voelt de telefoon sneller aan, terwijl hij eigenlijk een beetje vals speelt door mobiele data bij te schakelen.

Harde grenzen: wanneer traagheid onvermijdelijk is

Er zijn situaties waarin je laptop de strijd sowieso verliest, ongeacht hoe dicht je bij de router zit. Dit zijn de harde grenzen:

  • Verouderde standaarden: Als je laptop alleen wifi 4 (802.11n) ondersteunt, zul je nooit de snelheden halen van een telefoon met wifi 6 (802.11ax). De hardware kan het simpelweg niet aan.

  • Actieve VPN-verbinding: Veel werklaptops hebben een actieve VPN-verbinding voor beveiliging. Dit vertraagt de internetsnelheid aanzienlijk vergeleken met een 'open' telefoonverbinding.

  • De 2,4GHz-valkuil: In dichtbevolkte wijken is de 2,4GHz-band zo vervuild door signalen van de buren, dat een laptop die hierop vastzit nauwelijks vooruitkomt.

  • Batterijbesparing: Als je laptop niet aan de lader ligt en in Eco-modus staat, wordt de stroom naar de wifi-kaart vaak geknepen, wat direct ten koste gaat van het bereik en de snelheid.

Zo check je of jouw hardware het probleem is

Om te bepalen of je laptop de boosdoener is, moet je eerst kijken naar de verbinding. Klik op het wifi-icoon op je laptop en controleer of je verbonden bent met een 5GHz-netwerk (vaak te zien bij Eigenschappen of netwerkinformatie). Is dat niet het geval en sta je wel dicht bij de router? Dan is je netwerkkaart waarschijnlijk verouderd of staan de instellingen niet goed.

Kijk ook eens kritisch naar je gebruik. Heb je toevallig nog applicaties openstaan zoals Steam, OneDrive of Dropbox? Deze programma's kunnen de verbinding volledig dichttrekken. Op een telefoon gebeurt dit zelden automatisch op de achtergrond. Als je laptop ouder is dan vijf jaar, kan een simpele upgrade met een moderne wifi-usb-dongle het probleem vaak al verhelpen, zonder dat je een hele nieuwe computer hoeft aan te schaffen.

Kortom: leeftijd en software maken het verschil

Dat je telefoon sneller is op wifi dan je laptop, komt meestal doordat telefoons nieuwere netwerkchips hebben en slimmer omgaan met datastromen. Laptops hebben vaak last van zware achtergrondprocessen of blijven hangen op een tragere frequentieband. Daarnaast schakelen telefoons bij zwak wifi soms ongemerkt over op 4G/5G, wat de ervaring vloeiender maakt. Controleer of je laptop op de 5GHz-band zit en sluit zware achtergrondprogramma's af om snelheid te winnen.

▼ Volgende artikel
Tomodachi Life: Waar Dromen Uitkomen arriveert op 16 april
Huis

Tomodachi Life: Waar Dromen Uitkomen arriveert op 16 april

Tomodachi Life: Waar Dromen Uitkomen komt op 16 april uit voor Nintendo Switch.

Dat heeft Nintendo vanmiddag aangekondigd in een speciale Direct-uitzending die om de game draait. Ondanks dat de game voor de eerste Switch verschijnt, zal hij via backwards compatibility ook speelbaar zijn op Nintendo Switch 2.

In de Tomodachi Life-games van Nintendo kunnen spelers zelf Mii-personages creëren en bijvoorbeeld baseren op het uiterlijk van henzelf, vrienden en familie of beroemdheden. Deze Mii's leiden vervolgens hun eigen leven op een eiland, wat allerlei gekke en hilarische situaties oplevert. Spelers kunnen zelf ook invloed uitoefenen op deze verschillende situaties.

Watch on YouTube

Over Tomodachi Life: Waar Dromen Uitkomen

In de Direct-uitzending werd meer informatie gegeven over het aankomende Tomodachi Life: Waar Dromen Uitkomen. Zo is duidelijk dat spelers hun Mii-personages unieke persoonlijkheden, gewoontes en woningen kunnen geven. Spelers kunnen tijdens de game zien waar de personages aan denken, en ze helpen bij problemen. De tijd in de game verstrijkt daarbij net zo snel als in de echte wereld, wat het de moeite waard maakt om het spel op verschillende momenten op te starten.

Het is daarbij mogelijk om de verschillende Mii-personages kennis met elkaar te laten maken, om te zien wat er vervolgens gebeurd. Personages kunnen bijvoorbeeld praten over hun favoriete eten en filmgenres. Het is daarnaast mogelijk om acht Mii-personages bij elkaar in een huis te laten wonen, wat weer unieke reacties van de personages veroorzaakt.

Op het eiland waar de game zich afspeelt kunnen spelers de personages winkels te laten bezoeken. Bijvoorbeeld een supermarkt waar allerlei etenswaren worden verkocht, of de mogelijkheid om kleding en kostuums te kopen. In een speciale marktkraam worden redelijk geprijsde artikelen meerdere malen per dag ververst.

Ook is er een ontwerpatelier, waar spelers verschillende voorwerpen kunnen maken, waaronder kledingstukken, versiering voor huizen en zelfs huisdieren. Het eiland kan sowieso naar eigen smaak worden ingedeeld, met bankjes, bomen, planten en meer.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.