ID.nl logo
Review Teufel Motiv Voice: overtuigt in audioweergave
Huis

Review Teufel Motiv Voice: overtuigt in audioweergave

De Teufel Motiv Voice is een compacte draagbare luidspreker met ondersteuning voor bluetooth en wifi. De speaker heeft een flinke adviesprijs van 300 euro en moet derhalve van goeden huize komen. Overtuigt het apparaat in z’n audioweergave? En hoe zit het met overige functies?

Uitstekend
Conclusie

Voor een bedrag van nét geen 300 euro mag je wel betere kwaliteit qua verbinding verwachten. Op het gebied van audio is het echter bijzonder te noemen wat de Duitse audiofabrikant uit de aluminium behuizing perst. De toevoeging van Google Cast en Google Assistent maken de speaker toekomstbestendig, al voelt het tegelijkertijd wat beperkt aan. Waarom zou je andere integraties achterwege laten? Daardoor is de speaker op dit prijspunt lastig te verantwoorden – maar laat hem niet liggen met wat korting.

Plus- en minpunten
  • Audioweergave
  • Bouwkwaliteit
  • Google Cast en Assistent
  • Hoge prijs
  • Bluetoothverbinding
  • Accuduur

In 2020 bracht Teufel een gloednieuwe bluetoothspeaker uit in de vorm van de Teufel Motiv Go. Dat is een zeer compacte speaker met een overtuigend geluid, waar je bijvoorbeeld je smartphone of tablet aan kunt koppelen. Omdat dat niet altijd ideaal is en omdat mensen hun speakers tegenwoordig ook als bedieningsapparaat gebruiken om producten in hun smarthome mee aan te sturen, komt Teufel nu met de Teufel Motiv Voice. Dat is in essentie precies dezelfde speaker als bijna drie jaar geleden, met deze keer de toevoeging van Google Cast en Google Assistent.

Teufel Motiv Voice is zeer uitgebreid

Ondanks het compacte formaat is de Teufel Motiv Voice bijzonder uitgebreid. Je kunt apparaten via bluetooth en wifi verbinden (via het Google Cast-protocol), maar ook via de audio-aansluiting. Aan de rechterkant van de speaker zit daar een opening voor. Zo kun je dus ook apparaten via de kabel aansluiten, mocht je dat willen. De aanwezige bluetooth is met versie 5.0 wel enigszins achterhaald. Inmiddels is versie 5.3 gangbaar, en die biedt voornamelijk voor draadloze audioproducten voordelen. Denk dan aan een lagere energieconsumptie en een stabielere verbinding.

En vooral dat laatste had de Teufel Motiv Voice goed kunnen gebruiken. Tijdens het gebruik valt de bluetoothverbinding namelijk geregeld weg – soms wel een paar keer per uur, en dat is ontzettend irritant. Zeker als je in een omgeving bent waar je geen wifi tot je beschikking hebt. Al kan het ook gebeuren dat die verbinding soms wat moeite heeft, maar ondanks dat is die verbinding wel betrouwbaar. Als wifi-speaker slaagt de Motiv Voice dus, maar als bluetoothspeaker wat minder. Daarvoor hebben we te vaak de verbinding moeten checken.

Teufel heeft de Motiv Voice voorzien van een riante accu, wat een beloofde accuduur oplevert van ruim zestien uur. Om die speelduur te halen, moet je het geluid niet te hard zetten; dan verbruikt de speaker uiteraard meer energie. Daarnaast is niet helemaal duidelijk in hoeverre de standby-stand invloed uitoefent op de gebruikersduur. De speaker heeft de beloofde zestien uur in elk geval niet gehaald. Als kantoorkompaan stoppen we er toch liever gewoon de stekker in, zodat Google Assistent altijd beschikbaar is.

Intieme audio-ervaring

Net als voorganger Go heeft ook de Voice twee fullrange drivers en twee passieve bass drivers aan boord. Met een totaalvermogen van 20 watt kan het apparaatje geen hele kamer vullen met geluid, maar daar is-ie ook niet voor bedoeld. Je zet deze speaker naast je op het bureau of neemt hem mee de badkamer in, zodat je altijd en overal naar je muziek of podcasts kunt luisteren. Zolang je dat doet, levert de Teufel Motiv Voice een opmerkelijk intieme audio-ervaring af, terwijl het apparaat nergens inlevert op kwaliteit en zowel de hoge als lage tonen alle ruimte krijgen.

Het is opvallend hoe helder de Teufel Motiv Voice klinkt. Artiesten krijgen daardoor de ruimte die ze nodig hebben: je hoort altijd duidelijk wat ze zingen. En omdat de stemmen zo helder worden weergegeven, is de speaker uitermate geschikt voor het beluisteren van podcasts. Hoewel de baslaag eveneens goed vertegenwoordigd is, kan die soms wel wat warmte tekortkomen. Afhankelijk van de muziek die je luistert, klinken dreunen daardoor ietwat dof, terwijl ze op andere momenten juist overaanwezig zijn. Op zo’n moment zou een equalizer fijn zijn, dan kun je die problemen ondervangen.

Met een druk op de knop activeer je de Dynamore-modus. De speaker levert dan zijn intieme (en ietwat beperkte) audioweergave voor een veel bredere geluidspresentatie. De muziek klinkt daardoor rijker, waardoor je er tijdens een feestje wel een kamer mee zou kunnen vullen. Helaas is deze modus niet geschikt voor alle soorten muziek, want het kan een kakofonie aan achtergrondklanken opleveren waar je echt geen chocola van kunt maken. De artiest verdwijnt meer naar het midden, terwijl de klanken elders uitschieten naar de zijkanten. Wel komt de bas hier beter tot z’n recht.

Bediening via knoppen en via apps

Je kunt de Dynamore-functie activeren met het knoppencentrum boven op de speaker. Je kunt die knoppen lekker indrukken, waardoor ze voldoende feedback geven (iets wat bij het vorige model nagenoeg ontbrak). Het nadeel is dat je ze niet helemaal blind kunt bedienen. Ook al hebben de knoppen de vorm van de functie (zoals een plusknop voor meer volume), die voel je niet. Mettertijd wen je uiteraard aan de locatie van de functie, maar aanvankelijk druk je dus makkelijk op de verkeerde knop. Ze zijn in elk geval genoeg van elkaar verwijderd om fouten in de toekomst te voorkomen.

Je bedient de Teufel Motiv Voice met een muziekstreamingdienst naar keuze, mits die Google Cast ondersteunt. Bij Spotify kun je de speaker bijvoorbeeld uit het lijstje met beschikbare apparaten selecteren. Soms heeft dat programma nog weleens moeite met het detecteren van de speaker, en dan moet je de app opnieuw opstarten om de speaker te zien staan. En dat is opnieuw zo’n klein irritant aspect waarmee je te maken krijgt. Vooral op het gebied van verbindingen laat het product dus wat te wensen over. Maar als het eenmaal werkt, dan draaft de Motiv Voice lekker door.

Google Home en Google Assistent

Dankzij de ondersteuning voor Google Assistent kun je de Teufel-speaker ook opnemen binnen de Google Home-app. Door in de app op de speaker te tikken, kun je het volume bedienen. En in de nieuwe versie van Google Home zie je een mooie weergave van het nummer dat je luistert. Hiermee kun je bijvoorbeeld van nummer wisselen en de boel pauzerend. Helaas is ook hier geen equalizer aanwezig. Dat moeten we Google aanrekenen en niet Teufel, maar duidelijk is wel dat de speaker hier om vraagt. De audiokwaliteit is van hoog niveau, maar moet een beetje getweakt kunnen worden.

Tot slot kijken we nog even naar de Google Assistent-integratie. De Teufel Motiv Go is zonder omweg als slimme speaker te gebruiken. Je kunt het apparaat commando’s geven, die de stemassistent vervolgens uitvoert binnen je smarthome. Ideaal voor op kantoor of in de woonkamer. Mocht je liever niet willen dat de Assistent continu meeluistert – een sentiment dat we goed begrijpen – weet dan dat je de microfoon altijd kunt uitschakelen. Rechts zit een klein schuifje waarmee je dat hardwarematig regelt. Dan luistert de Assistent niet langer mee – toch een geruststellend idee.

Teufel Motiv Voice: conclusie

Onderaan de streep zijn we positief te spreken over de Teufel Motiv Voice. Voor een bedrag van nét geen 300 euro mag je wel betere kwaliteit qua verbinding verwachten. Op het gebied van audio is het echter bijzonder te noemen wat de Duitse audiofabrikant uit de aluminium behuizing perst. De toevoeging van Google Cast en Google Assistent maken de speaker toekomstbestendig, al voelt het tegelijkertijd wat beperkt aan. Waarom zou je andere integraties achterwege laten? Daardoor is de speaker op dit prijspunt lastig te verantwoorden – maar laat hem niet liggen met wat korting.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.