ID.nl logo
Laat jezelf innig omhelzen door het 3D-geluid van deze 10 soundbars
Huis

Laat jezelf innig omhelzen door het 3D-geluid van deze 10 soundbars

Hoewel high-end-tv’s steeds betere audiomogelijkheden krijgen, is bij de meeste televisies toch iets extra nodig om het geluid even meeslepend als het beeld te maken. De populaire keuze op dit vlak? Een soundbar. Het neusje van de zalm zijn de betere soundbars die Dolby Atmos ondersteunen en ook echt beschikken over de nodige speakers om 3D-geluid accuraat weer te geven. We nemen tien premiummodellen onder de loep die overtuigende surroundprestaties beloven.

In dit artikel bespreken we de beste soundbars met Dolby Atmos, waardoor ze 3D-geluid kunnen weergeven. We kijken daarbij naar:

  • De aansluitingen
  • De geluidsprestaties
  • Streamingopties
  • Speakers en subwoofers

Ook interessant: De ideale soundbar voor jouw tv

Soundbars worden alsmaar populairder. Duik je dieper in marktcijfers, dan ontdek je sterke groei bij topmodellen die vaak duizend euro of meer kosten. Een aardig bedrag, maar je krijgt er wel iets voor. Het zijn doorgaans grote soundbars met een mooi design, veel snufjes en veel ingebouwde speakers. Bijna altijd worden ze geleverd met een draadloze subwoofer en aparte draadloze speakers die je achter en naast je bank neerzet. Of je kunt later extra speakers toevoegen.

Meer functies

Nieuwe soundbars lijken aan de buitenkant niet zo anders dan modellen van tien jaar geleden. Toch zijn de nieuwe producten op verschillende vlakken sterk geëvolueerd. Er is om te beginnen de opkomst van nieuwe surroundformaten, met Dolby Atmos op kop.

Even belangrijk is hoe we anno 2023 een tv gebruiken. Streamingdiensten zijn populair en er wordt ook meer gegamed. Dit heeft geleid tot een grondige update van de HDMI-standaard. De nieuwste HDMI2.1-standaard bevat bijvoorbeeld veel functies die handig zijn voor gamers. De ondersteuning die HDMI 2.1 biedt voor hoge resoluties in combinatie met hoge framerates (4K met 120 fps of 8K met 60 fps) zijn momenteel enkel relevant voor wie een PlayStation 5 en Xbox Series X gebruikt: dit zijn namelijk de enige bronnen voor dergelijke content.

Heel verwarrend voor consumenten is dat HDMI2.1-functies zoals eARC of Variable Refresh Rate (VRR) aanwezig zijn bij toestellen met enkel HDMI 2.0b. Soundbarfabrikanten bieden daarom nog zelden HDMI2.1-ingangen. Misschien ook wel omdat je volgens de HDMI-eARC-logica beter de console rechtstreeks aan de tv hangt.

Een nieuwe trend is de toenemende synergie tussen tv en soundbar bij (vooral) Samsung en LG. Niet verrassend willen die merken graag dat je zowel een tv als soundbar bij hen koopt. Om dat aan te moedigen zijn er veel marketingacties én zijn er functies toegevoegd waardoor een soundbar en de tv-speakers samen geluid produceren om een grotere geluidsbubbel te creëren. Bij Samsung valt dat onder de noemer Q-Symphony, bij LG heet het WOW Orchestra.

Groter en uitgebreider

Voor de meeste mensen volstaat een 40inch-televisie niet langer. De norm bij tv’s is inmiddels 55 inch, en de verkoop van 65- en zelfs 75inch-televisies zit enorm in de lift. Vele topsoundbars volgen die trend en groeien mee. Dat zorgt voor toestellen die netjes bij zo’n grotere tv passen, maar soms wel lastiger te plaatsen zijn op een meubel. Akoestisch is een grotere soundbar mogelijk wel beter, omdat er meer ruimte zit tussen de speakers. Hierdoor kan het geluidsbeeld – de soundstage – groter worden, wat ook fijn is bij muziek.

Groot, groter, grootst!

Ga voor een bioscoopervaring met een tv van bijna 2 meter

Hoe goed soundbars ook mogen zijn, het is uitdagend om geluidseffecten achter je te laten klinken. Daarom zijn extra draadloze speakers (gebundeld of optioneel) bij high-end-soundbars bijna standaard. Hier zie je wel wat verschillen. Sommige achterspeakers leveren één kanaal, anderen bevatten meerdere speakers en geven een hoogtekanaal weer.

Steeds zijn (optioneel) verkrijgbaar met achterspeakers, dit zijn de achterspeakers van Samsungs HW-Q990C.

3D-geluid

De grootste impact op soundbardesign hebben de nieuwe generatie surroundformaten: Dolby Atmos, DTS:X en (in Aziatische landen) MPEG-H 3D Audio. Deze formaten voegen een extra laag geluid toe die hoger in de kamer hangt. Geluidseffecten kunnen daardoor niet enkel horizontaal bewegen, maar ook verticaal. Dat verklaart ook waarom er vroeger pakweg over 5.1 werd gesproken (vijf kanalen plus één Low Frequency Effect-kanaal voor de subwoofer) en tegenwoordig bijvoorbeeld over 5.1.4 (5.1 plus vier hoogtekanalen).

Verder kan er gespeeld worden met volumeniveaus om diepte te creëren. Luid is dichtbij, stil is verder weg. Vandaar dat er bij deze formaten informeel gesproken wordt van 3D-geluid. Een geluidseffect, zoals het geluid van een landende jet, kan van hoog achter je over je heen vliegen en laag voor je landen. De technici die het geluid bij een film samenstellen, beschikken over geavanceerde software om die geluidseffecten accuraat in een virtuele bubbel te plaatsen. Elk geluid (en zelfs de individuele instrumenten en elke stem) is bij deze formaten immers een apart object die door een audiodesigner kan worden gemanipuleerd. Bij een heftige actiescène hoor je misschien wel meer dan honderd geluidsobjecten.

Een moderne soundbar zoals Sony’s HT-A5000 creëert een virtuele geluidsbubbel.

En DTS:X dan? We hebben het niet vaak over DTS:X, de tegenhanger van Dolby Atmos. Dat is geen toeval. Dolby Atmos is met afstand het meest gebruikte 3D-surroundformaat. Dat komt door de sterke ondersteuning door streamingdiensten zoals Netflix, Amazon Prime Video en Disney+. Of dat komt door het goede lobbywerk van Dolby of omdat Atmos technisch meer flexibel is, is moeilijk te zeggen. Ook de meeste Ultra HD blu-ray-schijven zijn uitgerust met Atmos-audio.

Toch is DTS nog niet helemaal uitgespeeld. DTS:X is namelijk de audiotechnologie die ingebakken is in IMAX Enhanced, wat een ruimere standaard is voor beeld en geluid. Er is sprake van dat sommige streamingdiensten, zoals Disney+, ook IMAX Enhanced-content gaan aanbieden. Er is al content met een IMAX-label, maar dat gebruikt dan weer Atmos. DTS:X heeft ook een rol bij het gamen, met name op de pc en de Xbox. De nadruk bij gamen ligt wel meer op headsets dan soundbars.

Trucjes met software

In de bioscoop wordt de surroundbubbel gevormd door te werken met heel veel speakers, 64 stuks of meer zijn niet uitzonderlijk. Bij je thuis is het vaak lastig om veel luidsprekers rondom je bank te plaatsen en er nog een aantal aan het plafond te hangen. Het zou in theorie kunnen met een AV-receiver en vele meters luidsprekerkabel, maar de kosten en het ongemak maakt dat de soundbar veel geliefder is.

Maar hoe kan een enkel toestel een vergelijkbare ervaring geven als een ruimte gevuld met veel losse speakers? Het antwoord is deels software: het knappe aan Dolby Atmos en vergelijkbare standaarden is dat de aanpak met geluidsobjecten heel flexibel is. Bij het decoderen van het Atmos-geluid van een film zal de soundbar de complexe audiodata aanpassen naar de beschikbare speakers in de soundbar. Bij duurdere modellen is er steeds vaker een kalibratiefunctie. Deze zal met testtonen de eigenschappen van je woonkamer vaststellen en het geluid waar nodig verder tweaken zodat de surroundervaring beter klopt.

Bij het ontwerpen van de Atmos-standaard werd rekening gehouden met soundbars. Voor de plafondluidsprekers is er een alternatief: Dolby-speakers. Dit zijn weergevers die naar boven gericht zijn en het geluid van het plafond laten weerkaatsen. Vanwege die omhoog gerichte speakers plaats je zo’n soundbar daarom enkele centimeters vóór het tv-scherm, niet half eronder of weggewerkt in een kast.

Een high-end Atmos-soundbar zoals de JBL Bar 1000 bevat tien (of meer) speakers of drivers en een DSP-eenheid om de surrounddata te verwerken.

Het belang van een subwoofer

De meeste soundbars worden gebundeld met een draadloze subwoofer of de mogelijkheid deze achteraf toe te voegen. Is dat echt noodzakelijk? Eigenlijk wel. Lage tonen zijn immers heel belangrijk bij zowel films als muziek, zowel om knallende geluidseffecten heftig te maken als om diepgang te geven aan stemmen en muziek. Een mooi voorbeeld is het gebruik van orgeltonen in Christopher Nolans Interstellar. Het zijn daar net de hele lage noten die emotie opwekken.

Soundbars bevatten kleine speakers die geen lage frequenties voortbrengen. Dat vereist een grote driver of luidspreker die voldoende lucht in beweging kan brengen. Dit probleem speelt minder bij high-end-soundbars, omdat deze wat groter zijn en de ruimte hebben om bepaalde audiotechnieken toe te passen. Toch is het bijna onmogelijk om tonen lager dan 80 Hz uit een soundbar te krijgen.

Fabrikanten wekken ook weleens de indruk dat je een draadloze subwoofer overal in de kamer mag plaatsen. Dit klopt niet, je zet hem het best dicht bij het scherm om te voorkomen dat je een soort echo van stemmen krijgt in een uithoek van de kamer. Merk wel op dat subwoofers staande golven in een kamer kunnen activeren. Dat betekent dat naargelang waar je ze plaatst, een bepaalde basfrequentie enorm versterkt wordt. Een soundbar met een kalibratiesysteem (zoals de Trueplay-functie van Sonos) zal dit aanpakken. Je kunt ook proberen de subwoofer wat te verplaatsen.

Een subwoofer (hier in combinatie met de Sennheiser Ambeo Plus) zet je het beste dicht bij je scherm.

10 Dolby Atmos-soundbars getest

Canton Smart Soundbar 10 S2

Het Duitse Canton is een rasecht hifi-merk dat in zijn eigen land bekend is door zijn stereo- en hifi-speakers. Het merk heeft ook z’n eigen draadloos Smart-platform dat op bijzonder flexibel is. Zo kun je de soundbar combineren met enorm veel andere Smart-producten. De Smart Soundbar 10 werd recent geüpdatet met meer streamingopties. Het is een 5.1.2-soundbar met een onderscheidend design van metaal en glas, verkrijgbaar in zwart of wit.

De slanke soundbar is heel volledig uitgerust. Zo zijn er drie HDMI-ingangen en veel audio-ingangen, inclusief een RCA-aansluiting voor een cd- of platenspeler. Voor streaming biedt de Canton Smart Soundbar 10 AirPlay 2, bluetooth, Chromecast, Spotify Connect en DLNA. Er komt ook een app met ingebakken streamingopties, maar die was tijdens onze test nog in bèta. Instellen doe je via een karige tv-interface. De muzikale prestaties zijn uitstekend, met voldoende aandacht voor het middengebied en dynamiek. Tijdens films en tv-series valt de heldere dialogenweergave op, terwijl details in geluidseffecten mooi uit de mix springen.

De kracht van het Smart-platform is dat je veel uitbreidingsmogelijkheden hebt. Er zijn bijvoorbeeld meerdere subwoofers die je met de soundbar kunt koppelen, inclusief een muurmodel. Deze subwoofers zijn wat duurder, maar presteren op een hoger niveau dan doorsnee soundbar-subwoofers. Draadloze speakers zijn er ook, of je kiest voor een paar draadloze hifi-speakers (er zijn meerdere keuzes) en gebruikt de soundbar enkel als middenkanaal. Uitbreiden kan zelfs naar een heuse draadloze surroundopstelling met speakers aan het plafond. Geen enkele concurrent biedt zoiets.

Pluspunten

  • Muzikale hoogvlieger

  • Slank en luxueus

  • Ongeziene uitbreidbaarheid

  • Veel ingangen

Minpunten

  • Afstandsbediening

  • Geen HDMI 2.1

  • Tv-interface is wat karig

JBL Bar 1000

De JBL Bar 1000 is een krachtige 7.1.4-soundbar die zich net onder de fors grotere JBL Bar 1300 nestelt (overigens met dezelfde subwoofer). De Bar 1000 is ook nog steeds bijzonder groot: de sobere behuizing herbergt tien aparte speakers en twee draadloze speakers die elk twee kanalen afspelen. Typisch voor JBL is dat deze speakers vastklikken op de zijkanten van de soundbar. In die modus zet de grote soundbar muziek en filmgeluid heel breed neer rond de tv. Maak je de speakers los, dan verkleint het geluidsbeeld. Maar je wint wel aan omhulling door de twee draadloze speakers. Dankzij meegeleverde kappen blijft het design in losgekoppelde modus strak.

Het gebruiksgemak van de JBL-app is top, al loopt hij niet over van de mogelijkheden. Je vindt er wel een aantal ingebakken streamingdiensten die de andere streamingopties (AirPlay 2, bluetooth en Chromecast) aanvullen. Gebruik zeker de kalibratie, dan presteert de Multibeam-technologie van de Bar 1000 significant beter.

De Bar 1000 moet je correct opstellen: met de draadloze speakers heel dicht bij de zitplaats, en de soundbar en subwoofer op circa drie meter afstand. Machtige filmscènes brengt de JBL zeer goed over, dynamisch en heftig maar ook met fris detail. En de dialoogweergave is bovendien zeer goed. Verrassend is dat de soundbar met de speakers vooraan overtuigender was dan met de toestel losgekoppeld. Je mist dan wat omhulling, maar bij de tv is het geluid grootser.

Pluspunten

  • Afneembare speakers

  • Veel streamingopties

  • Zeer krachtig

  • Multibeam en kalibratiefunctie

  • Prima voor actie

Minpunten

  • Draadloze speakers missen kracht

  • Functioneel afgewerkt

  • Mist wat finesse

LG SC9S

De kleine LG SC9S is op verschillende vlakken een buitenbeentje. Waar de meeste high-end-toestellen 5.1.4 of meer kanalen aanbieden, levert deze LG 3.1.3. Weinig surroundkanalen dus, al kan een optionele kit extra draadloze speakers toevoegen. Maar let vooral op die laatste ‘3’, want dat is speciaal. De SC9S komt namelijk met een derde bovenliggende speaker. Deze ondersteunt het centerkanaal om dialogen overtuigend uit het tv-scherm te laten komen.

In de doos vind je accessoires waarmee de soundbar de voet van bepaalde LG-tv’s vervangt of bij het ophangen strak gekoppeld kan worden. Vooral de integratie met de LG evo C3-tv’s wordt door LG in de kijker gezet. Op sommige LG-tv’s kun je WOW Orchestra instellen, zodat de soundbar samenspeelt met de tv-speakers. Het is een compact ding, maar beschikt toch over drie HDMI2.1-ingangen.

Muziek streamen gaat via AirPlay 2, bluetooth of Chromecast. Voor de beste muziekprestaties kies je voor de modus AI Sound Pro of Cinema, niet Music.

Ondanks het beperkte aantal speakers kon de SC9S overtuigen tijdens actiefilms. Geluidseffecten, zoals tijdens de race in de film Ready Player One, bewegen goed rond de tv. Explosies knallen echt. Een zeer goed resultaat, zeker als je een soundbar zoekt die niet al te fors is. In combinatie met een LG evo C3 van 65 inch zorgde WOW Orchestra voor een grotere en sfeervollere ervaring, maar werd het minder spectaculair.

Pluspunten

  • Echte HDMI2.1-ingangen

  • Grotere surroundbubbel bij WOW Orchestra

  • Ook interessant bij tv’s van derden

  • Goede AI Sound Pro-modus

Minpunten

  • Functies verschillen per tv

  • WOW Orchestra mist wat spektakelgehalte

Loewe klang bar3 mr

De klang bar3 mr is de kleinste in deze test én afgewerkt met een stijlvol stofje. Je kunt deze soundbar makkelijk combineren met een kleinere tv of een bescheiden tv-meubel. Door de twee grote speakers aan de bovenkant is hij wel vrij diep. Deze speakers leveren geen Atmos-geluid, maar zijn subwoofers. En inderdaad, de kleine klang bar3 mr produceert echte diepe bassen. Desgewenst kun je de Loewe aanvullen met een aparte subwoofer, maar in een middelgrote woonkamer hoeft dat niet. Heel uniek zijn de 5.1-pre-out-uitgangen achterop. Je zou bijvoorbeeld de linkse en rechtse kanalen naar een stereoversterker kunnen sturen voor een betere muziekweergave.

Voor streaming kun je rekenen op AirPlay 2, bluetooth en Chromecast. Een vierde optie is Play-Fi, een drukke app met veel streaming- en multiroom-opties die ook door andere merken wordt gebruikt. Het werkt wel, maar is niet zo intuïtief. Voor muziek is de Loewe een hoogvlieger.

De ruimtelijke Dolby Atmos-ervaring mis je wel bij de klang bar3 mr. Daar staat tegenover dat de soundbar heel detailrijk klinkt en dialogen uitstekend weergeeft. Zelfs in de hectische keuken van de film The Bear springt elk geluidje er perfect uit. Het gevoel dat je ‘in’ de actie zit, is dan weer iets minder, tenzij je in een kleine kamer zit. Uitbreiden met extra draadloze speakers lijkt ons een aanrader.

Pluspunten

  • Knap design

  • Geen subwoofer nodig

  • DetailrijkSterk in muziek

  • Drie HDMI-ingangen

Minpunten

  • Play-Fi

  • Achterspeakers nodig voor betere omhulling

  • Minder geschikt voor grote kamers

Verkrijgbaar via www.loewe.de

Philips Fidelio FB1

Hoewel je de sober ogende Fidelio FB1 kunt uitbreiden met de optionele FW1-subwoofer, is deze 7.1.2-soundbar eigenlijk bedoeld als een alleenstaande oplossing. De FB1 is betrekkelijk groot en diep, omdat het een aantal woofers voor bassen bevat. Kom je dichterbij, dan zie je wat discrete luxe, zoals het leer rond de toetsen bovenaan. De oplichtende woofers zijn dan weer apart, en gelukkig: uit te schakelen.

Philips is een grote voorstander van DTS Play-Fi, zowel bij z’n soundbars als bij tv’s. Naast Play-Fi kun je streamen via AirPlay 2, Chromecast en Spotify Connect. Fidelio is bij Philips de naam van de betere producten, wat je hier merkt aan de evenwichtige, lichtwarme muziekweergave. Met de aparte Fine Tune-app regel je alle kleine en grote instellingen. Handig is dat je fijnmazig alle kanalen kunt afregelen, waardoor je de soundbar in de meeste kamers goed kunt laten klinken.

De FB1 pakt de zaken wat anders aan dan de meeste concurrenten. Sommige effecten, zoals de geldstukken in de race van de film Ready Player One weerklinken waanzinnig ver in de kamer. De bassen zijn eerder gedetailleerder dan heftig. Je krijgt bij deze Philips daardoor echt de indruk te genieten van de volle rijkdom van een soundtrack. Maar de spanningsboog is soms wat afwezig, het mocht nog wat spectaculairder – zeker in de moviemodus. Maar als allrounder doet de Philips het prima.

Pluspunten

  • Totale controle via Fine Tune-app

  • Brede spreiding geluidseffecten

  • Streamingopties

  • Subtiel apart design

  • Prijs

Minpunten

  • HDMI 2.1 maar max 4K60

  • Stemmen zijn wat dun

Verkrijgbaar via www.philips.nl

Samsung HW-Q990C

De potige HW-Q990C is Samsungs topmodel, de opvolger van de bejubelde HW-Q990B. Een lettertje verschil verklapt het al: grote veranderingen zijn er niet. Het doel van Samsung is alle rivalen overtreffen en dat doet het bijvoorbeeld door een ongekende 11.1.4 kanalen te bieden, onder meer via meegeleverde draadloze speakers die elk drie kanalen leveren. Deze luidsprekers zijn bovendien geen flauwe extra’s, maar heel krachtige eenheden die niet onderdoen voor de soundbar zelf. Je moet ze wel op de juiste manier plaatsen. De grote subwoofer levert machtige, maar zeer gedetailleerde bassen.

Samsung wil alles verbinden met z’n SmartThings-platform, inclusief de HW-Q990C. Met veel andere smartproducten zorgt dit wel voor een drukke interface. In het soundbargedeelte vind je echter veel nuttige opties. Verrassend genoeg kan de HW-Q990C zelf een SmartThings-hub zijn en dus slimme producten van derden aansturen.

Soundbars blijven doorgaans achter op een AV-receiver met losse speakers, maar deze Samsung komt dicht in de buurt. De kalibratiefunctie helpt daarbij. Een nog beter resultaat krijg je als je de HW-Q990C met een recente Samsung-tv met Q-Symphony combineert. De tv-speakers werken dan mee en er is een uitgebreidere kalibratie. Maar ook zonder zijn de prestaties heel overtuigend. Bij de woudscène in de film No Time To Die zit je echt in het midden van de actie en lijkt de omgeving heel groot, met pistoolschoten die weergalmen in de verte. Dat stukje verfijning en detailweergave gekoppeld aan het vermogen om een grootse geluidsmuur neer te zetten, is wat de Samsung onderscheidt.

Pluspunten

  • Uitmuntende surroundervaring

  • Soundbar is ook smarthomehub

  • SpaceFit-kalibratie

  • Volledig pakket

Minpunten

  • Beste prestaties vereisen Samsung-tv

  • Plaatsing draadloze speakers is cruciaal

  • Prijs

  • Neemt veel plaats in

Sennheiser Ambeo Plus

Toen Sennheiser enkele jaren geleden de Ambeo-soundbar uitbracht, deed dat de wenkbrauwen fronsen. De Ambeo-surroundtechnologie leverde een geweldig resultaat, maar het prijskaartje van 2500 euro was niet mals én het toestel was gigantisch. De nieuwe Ambeo Plus is goedkoper en even groot als een modale soundbar, wat meteen de twee grootste punten van kritiek aanpakt. Waar het echt om draait, is Ambeo: een algoritme ontwikkeld door Fraunhofer om speakers aan te sturen, zodat ze geluid overal in de kamer laten weerklinken. Het werkt zeer goed, al moet de ruimte er voor geschikt zijn. Je moet eerst een meting uitvoering met een meegeleverde meetmicrofoon.

De Ambeo Plus-soundbar komt zonder subwoofer, maar je kunt tot drie draadloze Ambeo Subs toevoegen. Meerdere subwoofers is ongebruikelijk bij soundbars (enkel de Sonos Arc ondersteunt het ook), maar is een beproefde techniek om de kwaliteit van lage tonen te verbeteren. Wie graag tweakt, vindt in de Smart Control-app genoeg geavanceerde opties.

Het Ambeo-algoritme is heel indrukwekkend, zowel qua plaatsing van geluidseffecten als het aanbieden van een naadloos surroundveld waarin hevige explosies naast kleine details kunnen bestaan. Het is echte immersie, ook bij het bombardement in de film Top Gun Maverick waar het gehijg van de piloten over de jetmotoren heen de fysieke inspanning overbrengt. Wat niet lukt, is geluid achter je projecteren. Daar heeft een soundbar met aparte draadloze speakers toch een streepje voor.

Pluspunten

  • Tot drie subwoofers

  • Overtuigende Ambeo-prestaties

  • Goede connectiviteit

  • Zeer uitgebreide streaming

  • Bouwkwaliteit

Minpunten

  • Prijs

  • Geen achterspeakers beschikbaar

  • Subwoofer is betrekkelijk duur

Sonos Arc met Era 300

De Arc werd in 2020 geïntroduceerd als de beste soundbar van Sonos. Inmiddels zijn er een paar kleine upgrades aangebracht, zoals ondersteuning voor DTS-formaten. Voor streaming en multiroom beschikt de Arc over precies dezelfde ruime mogelijkheden als de andere Sonos-speakers. Dat betekent een eenvoudige configuratie, een gebruiksvriendelijk app en ondersteuning voor veel streamingdiensten. AirPlay 2 is er ook, terwijl Trueplay-kalibratie akoestische problemen oplost (helaas alleen met een iOS-toestel).

De keerzijde is wel een beperkt functieaanbod. Er zijn geen HDMI-ingangen voor andere bronnen. Als je de Arc combineert met een oudere tv-toestel zonder eARC krijg je daardoor geen Dolby Atmos-weergave. Niet echt een aanrader, want juist met Atmos-content presteert de Sonos Arc optimaal. De bovenliggende speakers zijn geen doetjes, waardoor je rond het scherm veel beweging kunt waarnemen.

De Arc kan gecombineerd worden met een Sonos Sub of Sub mini, en twee Sonos-speakers. Kies je voor twee Era 300’s die ontworpen zijn voor ruimtelijke audio, dan creëer je een 5.1.4-systeem dat zeer goed scoort qua immersie en omhulling. Het zijn wel forse speakers om ergens naast je zetel te plaatsen, maar ze leveren wel een heel vol en krachtig geluid. Een Sub is nodig om een machtig bioscoopgeluid te krijgen. Nadeel: de kostprijs van dit systeem benadert dan 3000 euro. En dat is nogal wat.

Pluspunten

  • Gebruiksvriendelijk

  • Veel muziekopties

  • Samen met Era 300’s superieure prestaties

  • Gestroomlijnd design

  • App

Minpunten

  • Geen HDMI-ingangen

  • Kostprijs van maxi-systeem

  • Trueplay vereist iOS-toestel

Verkrijgbaar via www.sonos.nl

Sony HT-A5000

Officieel is de HT-A5000 het klein broertje van de HT-A7000, Sony’s topmodel dat 7.1.2 biedt. Toch spreek je hier van een toestel dat qua afwerking en mogelijkheden niet teleurstelt. Het grotere formaat en de knappe afwerking maken deze soundbar heel geschikt bij grotere schermmaten. Er is maar één HDMI-ingang, en die houdt rekening met een PlayStation 5 en kan 4K120 verwerken.

De HT-A5000 kan uitgebreid worden met extra achterspeakers en een subwoofer. Je hebt op dat vlak zelfs twee keuzes. Helaas zijn die uitbreidingen pittig geprijsd. Het is interessant om ze direct in een (goedkopere) bundel te kopen.

De Sony-app bij deze soundbar is niet zo uitgebreid. Erg is dat niet, want de HT-A5000 geef je toegang tot alle opties via een fraaie on-screen-interface. Daar stel je de Sound Field in, een effectief 3D-algoritme. Zo weet het heel goed de vele subtiele geluidseffecten in de Netflix-film Roma heel ruimtelijk te presenteren.

De sterkte van de HT-A5000 is ongetwijfeld de Sound Field-technologie. Naast de Ambeo Plus is de Sony de beste in het creëren van een groots aanvoelende surroundweergave enkel vanuit een soundbar. De vuurpijl bij de start van de race in de film Ready Player One kwam zo uit het scherm gevlogen. Wat zwakker zijn dan weer de ingebouwde woofers. Wie zijn films of games graag overweldigend beleeft, voegt het beste een subwoofer toe.

Pluspunten

  • Veel surroundopties

  • Mooi afgewerkt

  • Sound Field

  • LDAC-ondersteuning

Minpunten

  • Kostprijs uitbreidingen

  • Ingebouwde woofer is weinig subtiel

Yamaha True X SR-X50A

Yamaha was de uitvinder van de soundbar en bezit een heel volwassen streaming- en multiroom-platform genaamd MusicCast. Toch put het True X-systeem weinig uit dat verleden. Het kloppende hart is de SR-X40A, een slanke en minimalistisch soundbar met een ingebouwde subwoofer, en met AirPlay 2, bluetooth, Chromecast en Spotify Connect.

Uitbreiden kan met een draadloze subwoofer (de geteste SR-X50A van 899 euro is de bundel van soundbar en subwoofer) en met een paar draadloze speakers. Die draadloze speakers zijn heel makkelijk te koppelen met de soundbar, maar ook los te gebruiken als bluetooth-speakers. Een meerwaarde als je soms muziek wilt beluisteren in de tuin of in een vakantiehuis. Ondanks hun kleine formaat spelen deze speakers wel heel luid en relatief gedetailleerd. Dat zorgt voor een geslaagde surroundervaring, al ontbreken de Atmos-hoogtekanalen. Is dat een gebrek? Niet echt. Dit systeem lijkt eerder te mikken op mensen die voor doorsnee tv-avonden de soundbar voldoende vinden en enkel bij het gamen of een film de twee draadloze speakers neerzetten als snelle ‘upgrade’.

De soundbar zelf levert in combinatie met de subwoofer een volwassen, gelaagd geluid. Het is niet het toppunt qua weergave van spectaculaire geluidseffecten, wel is er heel wat detail en diepgang te bespeuren. Muziek speelt ook natuurlijk en verfijnd af. Dat maakt de Yamaha een goede keuze voor liefhebbers van series die het minder moeten hebben van ontploffingen en meer van soundtracks die de spanning verhogen.

Pluspunten

  • Weergave muziek

  • Minimalistisch design

  • Gedetailleerde surroundbubbel

Minpunten

  • Geen MusicCast

  • Geen DTS:X

  • Beperkte ingangen

Resultaten

In onderstaande afbeelding vind je de testresultaten van de soundbars. 

Klik op de afbeelding voor een grotere weergave.

Conclusie

De lat ligt hoog in het topsegment van soundbars. Je betaalt er best wat voor en mag daarvoor veel verwachten. In de meeste gevallen krijg je ook een bovengemiddelde upgrade van je tv-geluid. Maar welke soundbar is de beste? Eerst moet je kijken naar wat je wenst. Wil je het beste surroundgeluid vanuit één toestel? Dan is de Ambeo Plus van Sennheiser de best presterende, maar ook relatief duur. De Loewe klang bar3 mr, Sony HT-A5000 en Philips Fidelio FB1 zitten in deze categorie elkaar dicht op de hielen. De Loewe heeft het mooiste design en beste muziekprestaties, de Sony is dé keuze voor filmliefhebbers en gamers, terwijl de Philips een allrounder is met een zachter prijskaartje. Met een lichte voorkeur voor films krijgt de Sony HT-A5000 van ons het keurmerk Redactietip.

De Canton is heeft dan heel eigen sterktes, namelijk dat je hem kunt laten uitgroeien tot een volwaardig surroundsysteem op hoog niveau.

Als je mikt op totale immersie in surroundgeluid, dan is de beste keuze zonder twijfel de Samsung HW-Q990C en die verdient daarom ons keurmerk Best Getest. Hij is niet goedkoop, maar je krijgt meteen alles wat je nodig hebt. De Sonos Arc met de Era 300’s scoort ook zeer goed, maar is minder flexibel én flink duurder. De Yamaha True X is dan weer iets goedkoper.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.