ID.nl logo
Zo deel je je Windows-pc veilig met meer gebruikers
© Monkey Business - stock.adobe.com
Zekerheid & gemak

Zo deel je je Windows-pc veilig met meer gebruikers

Je Windows-computer wordt misschien door verschillende gezinsleden of collega’s gebruikt. Je wilt elkaar natuurlijk niet in de weg zitten en alleen die data delen waar ieder zich prettig bij voelt. Ook wanneer je de pc zowel persoonlijk als zakelijk gebruikt, wil je beide zoveel mogelijk gescheiden houden. Hoe regel je dit alles efficiënt in Windows? ID.nl geeft je handige 12 tips.

**Wat gaan we doen? **

We laten je hoe je Windows-systeem efficiënt door meerdere gebruikers kan worden gebruikt. Je gaat werken met het gebruikersbeheer en machtigingenbeleid, en met beveiligingstechnieken waarin onder meer encryptie een rol speelt. We behandelen het volgende:

  • Administratoraccount en standaardaccount
  • Selectieve toegang 
  • Delen via netwerk
  • Wil jij nog meer halen uit jouw Windows computer? Lees dan: [Zo maak je Windows sneller, beter en persoonlijker](https://id.nl/huis-en-entertainment/computer-en-gaming/desktops-en-monitoren/zo-zet-je-windows-naar-hand](https://id.nl/huis-en-entertainment/computer-en-gaming/desktops-en-monitoren/zo-zet-je-windows-naar-hand "smartCard-inline"))

Tip 01: Administratoraccount 

Een Windows-pc voor gedeeld gebruik opzetten, begint steevast met het maken van een account voor elke gebruiker. Daar heb je dus een beheerder voor nodig: we veronderstellen dat jij dit bent en dat je dus met een administratoraccount bij Windows bent aangemeld. Je checkt dit via Instellingen / Accounts / Uw info: onder je accountnaam staat (als het goed is) Administrator vermeld. 

Aangezien Microsoft je al tijdens de installatie in de richting van een Microsoft-account duwt, is de kans groot dat je eigen account ook van dit type is. Op zich is dat geen probleem, maar je moet er wel voor opletten dat je persoonlijke bestanden dan niet automatisch in OneDrive worden opgeslagen – tenzij je dit niet erg vindt natuurlijk. Je kunt je account op elk moment nog omzetten in een lokaal account als je dit wenst. Open opnieuw Instellingen / Accounts / Uw info en klik op In plaats daarvan aanmelden met een lokaal account en volg de verdere instructies. Even later kun je je dan met een lokaal (administrator)account aanmelden. 

Uit veiligheidsredenen zou je je voor dagelijks gebruik overigens toch het best met een standaardaccount moeten aanmelden. Immers, zo’n account geef malware of hackers minder speelruimte. 

We hebben voor onszelf een lokaal administrator-account gemaa

Tip 02: Standaardaccount 

Hoe ga je nu te werk om voor elk van je medegebruikers een afzonderlijk account te maken? Open Instellingen / Accounts / Gezin en andere gebruikers en klik op Account toevoegen. Als je de instructies zonder meer volgt, kom je automatisch uit bij een Microsoft-account. Geef je de voorkeur aan een lokaal account, klik hier dan op Ik beschik niet over de aanmeldgegevensvan deze persoon en vervolgens op Gebruiker zonder Microsoft-account toevoegen. Vul een naam en wachtwoord (2x) in, evenals een drietal beveiligingsvragen en -antwoorden. De gebruiker kan het wachtwoord naderhand zelf aanpassen, tenzij je dit bewust niet wilt (zie ook kader ‘Accountbeheer’). Druk op Volgende om het account toe te voegen. Klik op het toegevoegde account en op Accounttype wijzigen. Doorgaans staat hier Standaardgebruiker, zoals het hoort. Mocht je voor een gebruiker (tijdelijk) een administratoraccount willen (om bijvoorbeeld bepaalde bewerkingen die administratorrechten vereisen te kunnen uitvoeren), dan kun je dit hier dus aanpassen. 

Met enige moeite kun je ook een lokaal (standaard)account maken. 

Accountbeheer 

Vanuit het venster Instellingen van Windows kun je accounts maken, verwijderen en het type aanpassen, maar dat is het ongeveer. Gebruikers van Windows Pro en hoger hebben ook de tool Lokale gebruikers en groepen voorhanden (druk op Windows-toets+R en voer lusrmgr.msc uit). Wanneer je hier Gebruikers opent en op een account dubbelklikt, kun je bijvoorbeeld zorgen dat deze zijn wachtwoord niet kan wijzigen. 

Heb je Windows Home, dan zijn er vanaf de Opdrachtprompt nog diverse mogelijkheden. Met dit commando bijvoorbeeld zorg je ook dat iemand zijn wachtwoord niet zelf mag aanpassen: 

net user <accountnaam> /passwordchg:no 

Of voer dit commando uit om allerlei eigenschappen van een account op te vragen: 

net user <accountnaam> 

Je kunt ook een externe, portable tool als Quick User Manager gebruiken om allerlei aspecten van je accounts te beheren. Hiermee verander je bijvoorbeeld makkelijk het accounttype, schakel je het account tijdelijk uit. Andere opties zijn het vastzetten of wijzigen van het wachtwoord of het aanpassen van het accountlogo. Bevestig je keuzes met Save changes / Yes

Quick User Manager biedt een handig grafisch venster voor je accountbeheer. 

Tip 03: Profielmap 

Door elke gebruiker een afzonderlijk account te geven, en met een wachtwoord of Windows Hello-token te beveiligen, heb je al een aardige aanzet gegeven tot een werkbare omgeving met meerdere gebruikers. Immers, elke gebruiker krijgt automatisch een eigen profielmap toegekend, in de standaardlocatie C:\Users\<accountnaam>. Je eigen profielmap bereik je snel door Windows-toets+R in te drukken en %userprofile% in te tikken. 

Alleen administrators kunnen zich makkelijk toegang verschaffen tot de bestanden in die profielmap: het volstaat in Verkenner op de map te klikken en op de knop Doorgaan te drukken. Standaardgebruikers kunnen dit niet (tenzij ze de pc bijvoorbeeld via een live Linux-stick opstarten en zo de ingebouwde Windows-beveiligingen omzeilen). 

Wil je hoe dan ook vermijden dat een andere gebruiker bij de gegevens in je profielmap kan, dan kun je inhoud eventueel versleutelen, maar het werkt handiger als je een afzonderlijke map gebruikt voor je privacygevoelige gegevens en die met behulp van NTFS-machtigingen voor andere gebruikers dichttimmert. Hoe je dit doet lees je in de volgende tip. 

Administrators geven zichzelf moeiteloos toegang tot de profielmap van medegebruikers. 

Tip 04: Selectieve toegang 

Stel, je wilt een map hebben waarbij je helemaal zelf bepaalt welke gebruikers wel of geen toegang krijgen, en of dat volledige toegang dan wel alleen leestoegang mag zijn. Dit kan met elke willekeurige map. We gaan er wel van uit dat deze zich op een NTFS-partitie bevindt. 

Klik nu in Verkenner met rechts op de mapnaam, kies Eigenschappen en open het tabblad Beveiliging. Vervolgens klik je op Bewerken en op Toevoegen. Bij Geef de objectnamen op vul je de exacte naam (of het e-mailadres) van het account in dat je toegang tot de map wilt geven. Zodra je op Namen controleren klikt, wordt de volledige aanmeldnaam ingevuld. Bevestig met OK en met Toepassen. Selecteer het account bij Namen van groepen of gebruikers en plaats bij Machtigingen voor <accountnaam> een vinkje bij Volledig beheer in de kolom Toestaan. Wil je een ander account alleen leesrechten geven, dan herhaal je deze procedure voor dat account, maar plaats je alleen een vinkje bij Lezen en uitvoeren, Mapinhoud weergeven en Lezen. Accounts die je de toegang wilt ontzeggen, voeg je simpelweg niet toe. 

Terug op het tabblad Beveiliging kies je Geavanceerd / Overname uitschakelen. Kies Converteer de overgenomen machtigingen voor dit object in expliciete machtigingen en bevestig met OK. Druk op Bewerken, selecteer Geverifieerdegebruikers in de namenlijst en klik op Verwijderen. Herhaal dit voor de groep Gebruikers. De overige gebruikers(groepen), zoals SYSTEM en Administrators laat je ongemoeid. Je hebt nu precies de machtigingen die je wenst. 

Je kunt voor elke map precies bepalen wie welke machtigingen krijgt toebedeeld. 

Tip 05: Delen via netwerk 

De machtigingen die we in de vorige tip hebben toegekend werken enkel op lokaal niveau (NTFS). Maar wat als je ook toegang wilt geven aan medegebruikers die vanaf een andere pc via je thuisnetwerk de map willen benaderen? Dan moet je nog share-machtigingen instellen (gedeelde netwerkmappen worden dus ook wel ‘shares’ genoemd) en dit vergt enige voorbereiding. 

Open Instellingen /Netwerk en internet. Klik op Ethernet en zorg dat Privé als netwerkprofieltype is geselecteerd bij je netwerk. Of je kiest Wifi / Bekende netwerken beheren, je klikt op het actieve netwerk en selecteert ook hier Privé

Je gaat tevens het volgende na: open het Configuratiescherm en kies Netwerk en internet / Netwerkcentrum / Geavanceerde instellingen voor delenwijzigen. Vouw de rubriek Particulier netwerk uit en zorg dat zowel Netwerkdetectieinschakelen als Bestands- en printerdeling inschakelen zijn geselecteerd. Bevestig met Wijzigingen opslaan. Bij het profiel GastofOpenbaar horen beide opties om veiligheidsredenen te zijn uitgeschakeld. 

Vouw het profiel Alle netwerken uit en selecteer je bij voorkeur Met wachtwoord beveiligd deleninschakelen. Dit zorgt ervoor dat gebruikers het wachtwoord van een account op de pc met de gedeelde map moeten kennen om via het netwerk toegang tot je pc te krijgen (zie ook kader ‘Geen wachtwoord’). 

Tot slot druk je op Windows-toets+R en voer je sysdm.cpl uit. Druk op de knop Wijzigen en zorg dat de computernaam uniek is binnen je netwerk. Bij Werkgroep daarentegen vul je wel overal dezelfde naam in. Bevestig met OK en herstart je pc. 

Controleer vooraf enkele instellingen voor je met gedeelde netwerkmappen aan de slag gaat. 

Geen wachtwoord

De veiligste manier om data via je netwerk te delen is gebruikers te verplichten zich bij de pc met de aangeboden gedeelde mappen aan te melden. Geef je er toch de voorkeur aan om je data te delen met willekeurige netwerkgebruikers zonder dat die om een account-ID worden gevraagd, vouw dan het profiel Alle netwerken uit (zie tip 5) en selecteer de optie Met wachtwoord beveiligd delen uitschakelen.    Om een map met willekeurige andere gebruikers te delen, klik je in Verkenner met rechts op deze map en kies je Meer opties weergeven / Toegang verlenen tot / Specifieke personen (zie ook tip 6), waar je in het uitklapmenu Iedereen selecteert. Bevestig met Toevoegen en maak duidelijk welke machtigingen je de gebruikers wilt toekennen: alleen Lezen of Lezen/schrijven. Bevestig met Delen.    Krijg je vanaf een Windows Pro-editie (of hoger) geen toegang tot zulke gedeelde mappen, druk op dat systeem dan op Windows-toets+R en voer gpedit.msc uit. Navigeer naar Computerconfiguratie / Beheersjablonen / Netwerk / Lanman-werkstation, dubbelklik op Onveilige gastaanmeldingen inschakelen in het rechterdeelvenster, stel dit in op Ingeschakeld en bevestig met OK

Gedeelde mappen zonder aanmelding: niet de veiligste oplossing, maar het kan wel. 

Tip 06: Eenvoudig delen 

Alles is nu klaar om data via het netwerk met anderen te delen, maar je moet natuurlijk zelf nog aangeven welke mappen je precies wilt delen. De eenvoudigste manier is als volgt: klik in Verkenner met rechts op de beoogde map en kies (Meer opties weergeven) /Toegang verlenen tot / Specifieke personen. Verschijnt deze optie niet, ga dan naar het menu Beeld in Verkenner, druk op de knop Opties, open het tabblad Weergave en zet een vinkje bij Wizard Delen gebruiken (aanbevolen). Nu zou Specifieke personen wel beschikbaar moeten zijn. Vervolgens selecteer je de gewenste account(s) in het uitklapmenu. Wil je alle gebruikers in één keer toegang verschaffen, dan kies je Iedereen. Bevestig met Toevoegen en selecteer de gewenste machtigingen voor elk toegevoegd account. Als je de machtigingen wilt intrekken, dan kun je een account hier trouwens ook altijd weer verwijderen. Windows toont je nu het zogeheten UNC-pad (Universal Naming Convention) naar de gedeelde map: \\<computernaam>\<sharenaam>

Een wizard helpt je bij het snel en eenvoudig delen van mappen. 

Tip 07: Geavanceerd delen 

Als je in de vorige tip Toegang verlenen had geselecteerd, dan heb je naast SpecifiekePersonen nog een tweede optie opgemerkt: Geavanceerd delen. Deze kun je trouwens ook bereiken door het eigenschappenvenster van een map op te vragen en op het tabblad Delen de optie Geavanceerd delen te selecteren. Via deze weg kun je de machtigingen nog fijnmaziger instellen. 

Plaats een vinkje bij Deze map delen en vul een naam voor je gedeelde map in. Handig om weten: als je deze naam afsluit met het teken $, dan wordt de gedeelde map standaard niet zichtbaar in de netwerkomgeving van de andere pc’s. 

Vervolgens kies je Machtigingen / Toevoegen en vul je de accountnamen in, gescheiden door een puntkomma. Bevestig met OK. Selecteer een account en duid bij Toestaan aan of je die de machtigingen Lezen, Wijzigen of Volledig beheer wilt toekennen. Met deze laatste wordt het bijvoorbeeld ook mogelijk de lokale NTFS-machtigingen aan te passen. Wil je niet dat alle gebruikers zomaar toegang krijgen, dan selecteer je hier best Iedereen en haal je die gebruikersgroep weg met Verwijderen

Delen zonder wizard vergt logischerwijze iets meer configuratiewerk. 

Machtigingenconflict 

Stel, je hebt een gebruiker op lokaal NTFS-niveau alleen leesmachtigingen toegekend op een map, maar op het niveau van delen via het netwerk heb je de machtigingen ingesteld op Volledig beheer of op Wijzigen. Wat gebeurt er dan wanneer deze gebruiker de map benadert via het netwerk? Windows is hierin duidelijk: bij een machtigingenconflict wordt op een gedeelde map de meest beperkende combinatie van lokale en netwerkmachtigingen toegepast. Dit houdt in dat in dit scenario de gebruiker ook via het netwerk de map alleen zal kunnen openen en inkijken, maar dus niet bewerken. 

Windows houdt bij het benaderen van een gedeelde map ook rekening met de lokaal ingestelde machtigingen. 

Tip 08: Sharebeheer 

Je gedeelde mappen (shares) zijn klaar en wachten op de eerste gebruikers. Om een gedeelde map te bereiken hoeven ze doorgaans alleen maar Verkenner te openen en onderaan het navigatievenster de rubriek Netwerk uit te vouwen. Windows kan hier weleens nukkig doen, maar dan kun je een gedeelde map altijd nog bereiken door in de Verkenner-balk het UNC-pad van de map in te tikken: \\<computernaam>\<sharenaam>. Dit is trouwens ook de gangbare methode wanneer het om een verborgen share gaat (zie ook tip 7). 

Open je een gedeelde map die met een wachtwoord is afgeschermd, dan verschijnt er een venster waarin je je moet aanmelden. Om te vermijden dat je dit telkens opnieuw moet invullen, plaats je hier een vinkje bij Mijn referenties onthouden. Heb je per ongeluk de verkeerde referenties ingevuld en krijg je niet zomaar toegang meer tot de gedeelde map, open dan het Configuratiescherm van Windows en kies Gebruikersaccounts /Referentiebeheer. Open Windows-Referenties, selecteer de foutieve referentie en kies Verwijderen

Wil je een snel overzicht van de gedeelde mappen die je op je pc beschikbaar hebt gemaakt, dan hoef je in de Verkenner-balk slechts \\localhost in te tikken. 

Een handige beheertool is verder nog Gedeelde mappen. Je opent deze door Windows-toets+R in te drukken en het commando fsmgmt.msc uit te voeren. Ook hier krijg je een overzicht van de shares, evenals van de actieve deelsessies en de geopende bestanden. 

De app Gedeelde mappen toont je alle shares, actieve sessies en geopende bestanden. 

Tip 09: Duaal gebruik 

Je weet inmiddels hoe je je computer optimaal instelt voor medegebruikers, zowel op lokaal als op netwerkniveau. Maar we kunnen ons voorstellen dat je zelf (en eventueel ook andere gebruikers) in twee ‘hoedanigheden’ achter je pc zit: enerzijds voor persoonlijk gebruik, anderzijds voor zakelijke activiteiten, zoals in een thuiswerksituatie. 

Dan wil je beide profielen wellicht gescheiden houden en (vooral) de zakelijke gegevens afschermen voor medegebruikers. Zoiets is ook prettig als onverhoopt een computer wordt verloren of gestolen. We komen dan al snel uit bij dataencryptie. Windows Pro en hoger is voor zulke situaties het best uitgerust, maar met wat externe hulp kom je ook met Windows Home een heel eind. 

Om te beginnen maak je in zo’n situatie voor jezelf twee aparte Windows-accounts, bij voorkeur lokale accounts. Zorg er tevens voor dat je je zakelijke account omzet in een Administrator-type (zie ook tips 1 en 2). 

Je maakt het best een afzonderlijk account voor je zakelijke computeractiviteiten. 

Tip 10: Container (Pro) 

Het is nu de bedoeling dat (vooral) je zakelijke data veilig worden afgeschermd. Je zou hiervoor in principe je complete pc of partitie kunnen versleutelen, maar dat werkt niet handig. Daarom is het een beter idee een afzonderlijk containerbestand te maken dat je vervolgens versleutelt. We tonen eerst hoe je dit kunt aanpakken in Windows Pro en hoger, al geven we in tip 12 een alternatief dat ook in Windows Home werkt. 

In Windows Pro gaan we aan de slag met een virtuele harde schijf. Maak alvast een map, druk op Windows-toets+R en voer diskmgmt.msc uit. Selecteer de betreffende partitie en kies Actie / Virtuele harde schijf maken. Selecteer VHDX, verwijs via Bladeren naar de zojuist gemaakte map en noem je virtuele schijf bijvoorbeeld werk.vhdx. Stel de maximale schijfgrootte in (bijvoorbeeld 1 TB), maar laat de optie Dynamisch uitbreiden (aanbevolen) bij voorkeur geselecteerd, zodat de schijf met je actuele behoefte meegroeit tot het ingestelde maximum. Bevestig met OK

Je virtuele schijf verschijnt nu onderaan het grafische overzicht. Klik met rechts op de schijf (bijvoorbeeld Schijf 3) en kies Schijf initialiseren, laat de partitiestijl bij voorkeur ingesteld op GPT en druk op OK. Klik vervolgens met rechts op de niet-toegewezen ruimte van je schijf en kies Nieuw eenvoudig volume. Druk op Volgende (2x), selecteer bij voorkeur een stationsletter achteraan het alfabet, druk weer op Volgende, vul een herkenbare volumenaam in en druk nogmaals op Volgende / Voltooien

Je virtuele schijf is klaar, maar die moet je dus nog wel versleutelen. 

De vhdx-schijf verschijnt als een heus volume in het schijfbeheer van Windows. 

Tip 11: Encryptie (Pro) 

Voor de encryptie maken we gebruik van de ingebouwde functie BitLocker to Go. Klik met rechts op je virtuele station in Verkenner en kies BitLocker inschakelen. Kies Eenwachtwoord gebruiken om het station te vergrendelen en vul tweemaal een wachtwoord in. Zodra je op Volgende drukt, krijg je de gelegenheid een back-up van de herstelsleutel op te slaan, wat we je alleen maar kunnen aanraden voor het geval je ooit het wachtwoord vergeet. Je kunt hier trouwens meerdere mogelijkheden na elkaar selecteren, zoals Opslaan ineen bestand of De herstelsleutel afdrukken. Bevestig met Volgende en laat zeker de optie Alleen gebruikte schijfruimte versleutelen geselecteerd. Druk weer op Volgende (2x) en rond af met Versleutelen starten

Zolang je virtuele schijf als station is gekoppeld zijn de data onversleuteld bereikbaar vanuit Verkenner. Heb je de data een tijd niet meer nodig, klik dan met rechts op het station in Verkenner en kies Uitwerpen, waarna je het vhdx-bestand bijvoorbeeld kunt back-uppen. Om je vhdx-bestand weer te koppelen, dubbelklik je op het bestand, waarna het virtuele station weer in Verkenner verschijnt. Dubbelklik hierop en vul je wachtwoord in om het station weer te kunnen benaderen. 

Om het station bij je aanmelding automatisch te laten koppelen, druk je op Windows-toets+R, voer je shell:startup uit en maak je een snelkoppeling naar het vhdx-bestand in je persoonlijke map Opstarten. Je doet er wel goed aan telkens de schijf te ontkoppelen net voordat je je Windows-sessie afsluit. 

Met BitLocker To Go kun je ook een virtueel station versleutelen. 

Tip 12: VeraCrypt (Home) 

Gebruik je Windows Home, dan is er een prima alternatief (dat trouwens ook onder Windows Pro werkt): VeraCrypt (voor Windows, macOS en Linux). Download de software en voer de installatie uit, bij voorkeur via de optie Installeren (en niet Uitpakken). Je verwijdert ook het best het vinkje bij Installeren voor alle gebruikers. Start de tool na de installatie op. 

Klik op Volume aanmaken. Kies Eenversleutelde bestandscontainer aanmaken, druk op Volgende, laat Standaard VeraCrypt-volume geselecteerd en druk op Volgende. Druk op Bestand selecteren, navigeer naar een geschikte locatie en vul de naam van een (niet-bestaand) bestand in, bijvoorbeeld veracrypt-container.txt. Bevestig met Volgende (2x) en vul een maximumgrootte in. Druk op Volgende en vul tweemaal een wachtwoord in. Druk nogmaals op Volgende, selecteer Ja als je bestanden groter dan 4 GB wilt kunnen opslaan, druk op Volgende en beweeg de muis tot de balk groen kleurt. Plaats eventueel een vinkje bij Snelformatteren en bij Dynamisch. Deze laatste optie zorgt ervoor dat je virtuele schijf zal meegroeien met de data die je erin plaatst; houd er wel rekening mee dat dit tot mindere prestaties kan leiden. Druk op Formatteren en bevestig na afloop met OK en met Sluiten

Druk in het VeraCrypt-venster op Bestand selecteren en verwijs naar je containerbestand. Selecteer een vrije stationsletter in de lijst, bij voorkeur achteraan het alfabet en klik op Koppelen. Vul je wachtwoord in en bevestig met OK. Je virtuele station is gebruiksklaar en kun je vanuit VeraCrypt op elk moment ontkoppelen (en weer opnieuw koppelen). 

VeraCrypt is een flexibel alternatief voor de ingebouwde BitLocker-functie van Windows. 
▼ Volgende artikel
Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?
© ER | ID.nl
Huis

Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Haperende streams en trage downloads op zolder zijn grote ergernissen in veel huishoudens. Om dat op te lossen twijfelen veel mensen tussen een krachtiger router of een set powerline-adapters. In dit artikel leggen we precies uit wanneer je voor welke oplossing moet kiezen, zodat je geen geld verspilt aan de verkeerde apparatuur.

Voordat je naar de winkel rent: je moet eerst begrijpen wat er precies misgaat met je verbinding. Wifi-problemen kun je doorgaans opdelen in twee categorieën: een gebrek aan bereik of een gebrek aan capaciteit. Bij een gebrek aan bereik komt het signaal simpelweg niet ver genoeg, bijvoorbeeld omdat dikke betonnen muren of plafonds het signaal blokkeren. Je hebt dan op zolder één streepje bereik of zelfs helemaal geen verbinding. Bij een gebrek aan capaciteit is het signaal wel sterk, maar is de router niet krachtig genoeg om alle data te verwerken. Dat merk je als het internet traag wordt zodra iedereen thuis tegelijk online is. Het onderscheid tussen deze twee oorzaken bepaalt of je een router of een powerline-adapter nodig hebt.

Wanneer is een nieuwe router de oplossing?

De router is het hart van je thuisnetwerk en regelt al het verkeer. Vaak gebruiken mensen het standaardmodem dat ze van hun internetprovider hebben gekregen, maar deze apparaten blinken zelden uit in prestaties. Een losse, hoogwaardige router kopen is de beste keuze wanneer je merkt dat de verbinding in de buurt van het modem al niet optimaal is of wanneer je regelmatig met veel apparaten tegelijk online bent.

Als je in de woonkamer zit en de verbinding hapert zodra de kids op hun tablets zitten, is je huidige router waarschijnlijk niet krachtig genoeg om al die gelijktijdige datastromen te verwerken. Een moderne router met ondersteuning voor wifi 6 kan veel meer apparaten tegelijk bedienen en zorgt voor een hogere, stabielere snelheid op de verdieping waar hij staat.

©Andrii

Internet via het stopcontact met powerline

Een powerline-adapter, ook wel homeplug genoemd, werkt volgens een totaal ander principe. Dit systeem maakt gebruik van het bestaande stroomnet in huis om het internetsignaal te verplaatsen. Je stopt één adapter in het stopcontact bij je router en de tweede adapter in een stopcontact op de plek waar je internet nodig hebt, bijvoorbeeld op zolder of in het tuinhuis.

Dit is de ideale oplossing wanneer het wifi-signaal door dikke betonnen muren of plafonds moet dringen. Waar wifi-golven afketsen op gewapend beton, stuurt de powerline het signaal simpelweg via de koperdraden in de muur naar boven. Dat maakt powerline-adapters uitermate geschikt voor specifieke 'dode zones' die te ver weg liggen voor het bereik van een gewone router.

Populaire merken voor netwerkoplossingen

Als je op zoek gaat naar powerline-adapters, kom je al snel uit bij Devolo. Dit Duitse merk is de onbetwiste marktleider op het gebied van homeplugs en staat bekend om de Magic-serie die zeer stabiele verbindingen via het stroomnet garandeert.

Voor routers en mesh-systemen is TP-Link een zeer populaire keuze vanwege de goede balans tussen prijs en prestaties, met modellen voor elk budget. Netgear richt zich met de Nighthawk-serie vaak op de veeleisende gebruiker en gamers die maximale snelheid wensen. Tot slot is AVM, bekend van de FRITZ!Box, een merk dat zowel uitstekende routers als powerline-oplossingen biedt die naadloos met elkaar samenwerken in één netwerk.

Stabiliteit versus snelheid

Bij de keuze tussen deze twee speelt ook het gebruiksdoel een rol. Powerline-adapters zijn vaak de favoriete keuze voor gamers of mensen die thuiswerken op een vaste pc. De reden hiervoor is dat de tweede adapter vaak beschikt over een netwerkafsluiting, waardoor je je computer met een kabel kunt aansluiten. Een bekabelde verbinding via powerline is doorgaans stabieler en heeft een lagere vertraging (ping) dan wifi, wat cruciaal is bij online gamen. Een nadeel is wel dat de snelheid van powerline afhankelijk is van de kwaliteit van je stroomnet. Oude bedrading of zware apparaten zoals een wasmachine kunnen storing veroorzaken, waardoor de snelheid soms fluctueert. Een high-end router biedt daarentegen vaak een hogere topsnelheid, maar is dus gevoeliger voor afstand en obstakels.

De opkomst van mesh-systemen

Tegenwoordig is er een hybride oplossing die de traditionele router steeds vaker vervangt: Multiroom Wifi of Mesh. Dit zijn feitelijk meerdere routers die met elkaar communiceren. Als je een groot huis hebt en overal perfecte wifi wilt zonder kabels te trekken, is dit vaak een betere, maar ook duurdere oplossing dan een simpele powerline-set. Kies je echter voor een budgetvriendelijke oplossing om snel internet op één specifieke, lastig bereikbare kamer te krijgen, dan wint de powerline-adapter het vaak op prijs-kwaliteitverhouding. Is je doel echter om de algehele snelheid en capaciteit in de woonkamer en keuken te verbeteren, investeer dan in een goede router.

▼ Volgende artikel
Professioneel en gratis video's bewerken? Aan de slag met VSDC Free Video Editor
Huis

Professioneel en gratis video's bewerken? Aan de slag met VSDC Free Video Editor

Maak jij tijdens een welverdiende vakantie talloze video’s? Met VSDC Free Video Editor giet je de leukste fragmenten in een gelikte film. Dankzij het gebruik van mooie overgangen en fraaie effecten oogt het resultaat zeer professioneel. Het kost je bovendien geen cent, want je installeert deze zeer uitgebreide videobewerker gratis op een Windows-computer.

Tegenwoordig liggen er best wat goede gratis videobewerkers voor het oprapen. Zeker wanneer je geen torenhoge eisen aan de videomontage stelt, heb je niet per se een betaald programma als Adobe Premiere Elements of Magix Video Deluxe nodig. Zo krijg je met het gebruiksvriendelijke VSDC Free Video Editor al een heleboel voor elkaar. In tegenstelling tot diverse gratis alternatieven voegt dit programma geen lelijk watermerk toe aan jouw film. Deze freeware heeft daarnaast een verrassend uitgebreide gereedschapskist.

Videobewerker installeren

VSDC Free Video Editor heeft relatief lage systeemeisen. Zeker voor video’s tot een resolutie van 1920 × 1080 pixels heb je geen supersnelle pc of laptop nodig. Wil je haarscherpe 4K-video’s bewerken? In dat geval adviseren de makers een systeem met 8 of 16 GB werkgeheugen. Daarnaast is een krachtige processor met meerdere rekenkernen geen overbodige luxe.

Particulieren mogen VSDC Free Video Editor voor nop installeren. Ga naar de site via www.kwikr.nl/vsdc en download het installatiebestand. Je hebt keuze tussen de 32bit- en 64bit-versie. De meeste computers kunnen met de 64bit-versie uit de voeten. Dubbelklik op het gedownloade exe-bestand en doorloop de stappen van de installatie. 

Nieuw project starten

Zodra je de videobewerker voor de eerste keer opstart, verschijnt er een pop-upvenster met een aanbeveling voor de betaalde Pro-versie (zie kader). Je klikt dat via het kruisje weg. Laat de ietwat drukke gebruikersomgeving even op je inwerken. Het beginscherm toont diverse instructies voor geavanceerde bewerkingen. Laat die als beginnende gebruiker links liggen. Je kunt wel alvast even de tabbladen doornemen, want die herbergen verschillende bruikbare functies.

Je gaat nu eerst een nieuw (video)project starten. Klik op het tabblad Projects en daarna op New project. Er verschijnt een nieuw venster waarin je diverse instellingen voor de videomontage kunt bepalen. Het belangrijkste is de waarde achter Resolution. Voor een scherp beeld en soepele montage laat je de huidige waarde van 1920 × 1080 pixels (16:9) staan. Filmt jouw smartphone of videocamera in een hogere resolutie, dan kun je een andere waarde overwegen. Laat de overige opties ongewijzigd. Je typt achter Project title een relevante projectnaam en kiest onderaan voor Blank project. Bevestig tot slot met Finish.

Welke resolutie ken je aan de videomontage toe?
VSDC Pro

Naast de hier besproken gratis versie bestaat er met VSDC Pro (www.videosoftdev.com/video-editor-pro) ook een betaalde variant. Die bevat allerlei extra snufjes voor geavanceerde gebruikers. Je kunt bijvoorbeeld een achtergrondkleur verwijderen, gesproken commentaar toevoegen en trillende beelden stabiliseren. Daarnaast ondersteunt de Pro-versie hardwareversnelling door een geschikte grafische kaart. Dit leidt tot betere prestaties, omdat de processor minder hoeft te rekenen. Je merkt dat bijvoorbeeld aan kortere wachttijden en een vloeiendere videoweergave. VSDC Pro kost op het moment van schrijven circa 31 euro. 

Video’s toevoegen

Nu ga je met het zojuist aangemaakte videoproject aan de slag. Merk op dat het tabblad Editor is geopend. Je zit nu dus in de videobewerker. Zoals je ziet, zijn er flink wat opties beschikbaar. Laat je hierdoor niet afschrikken, want we nemen de basisfuncties stap voor stap met je door.

Je dient eerst relevante videoclips aan het programma toe te voegen. Gunstig is dat VSDC Free Video Editor alle bekende beeldformaten ondersteunt. Klik bovenaan in de werkbalk op Add object / Video en navigeer naar de map met de bestanden. Je selecteert één of meer video’s, waarna je bevestigt met Openen / OK. Wanneer je minimaal twee fragmenten toevoegt, kies je Add to layer.

Wegens de talloze toeters en bellen ziet deze videobewerker er nogal imponerend uit.

De videoclips verschijnen allemaal in de tijdlijn onderaan het venster. Deze tijdlijn is belangrijk, want die bepaalt welke momenten er in de uiteindelijke film terechtkomen. Verder kun je hieraan bijvoorbeeld ook titels, overgangen, speciale effecten en audiotracks toevoegen. Vind je de tijdlijn te klein? Je kunt dit onderdeel eenvoudig vergroten. Zweef onder Layer 1 op de scheidslijn totdat er een dubbele pijl verschijnt. Beweeg de muis nu met ingedrukte muisknop omlaag. In VSDC Free Video Editor pas je op soortgelijke wijze de grootte van alle deelvensters aan. Kortom, richt op die manier het bewerkvenster naar eigen wens in.

Alle geïmporteerde videobestanden belanden op de tijdlijn.

Volgorde clips wijzigen

Waarschijnlijk heb je een bepaalde volgorde voor de videoclips in gedachten. Geen probleem, want je kunt de clips op de tijdlijn verplaatsen. Sleep het beoogde fragment met ingedrukte muisknop één laag omlaag. De overgebleven video’s schuif je daarna naar links of rechts. Creëer op die manier een ‘gat’ en sleep het fragment ernaartoe. Het is belangrijk dat er geen loze ruimtes op de tijdlijn achterblijven. Anders zie je namelijk zwart beeld.

Sleep videoclips naar onder, boven, rechts en links om de volgorde op de tijdlijn te wijzigen.

Scènes inkorten

Vanzelfsprekend wil je alleen boeiende scènes in de film tonen. Saaie passages snijd je daarom resoluut weg. Dat doe je door een videoclip in te korten. Gebruik hiervoor wederom de tijdlijn. Selecteer een fragment en beweeg de rode schuifregelaar naar deze clip. Het bijbehorende beeld verschijnt nu in de voorbeeldweergave. Vind je dit beeld te klein? Klik dan helemaal rechtsonder in het programma op het kleine plusteken. Je past daarmee het zoomniveau aan. Klik nu onder de voorbeeldweergave op de rode afspeelknop (PijltjeRechts) om de video te starten. Begint of eindigt het saaie gedeelte? Via dezelfde rode knop (twee verticale streepjes) pauzeer je de video.

Inkorten is vrij eenvoudig. Een geselecteerde videoclip heeft op de tijdlijn aan weerszijden twee piepkleine vierkanten. Klik daarop en houd de muisknop ingedrukt. Beweeg de muis nu naar links of rechts tot de rode schuifregelaar. Laat de muisknop als laatste los. Het fragment is nu een kopje kleiner gemaakt! 

Fragmenten splitsen

Je kunt een lang fragment ook in twee (of meer) delen opsplitsen. Dat is nuttig wanneer je deze videootjes op verschillende momenten in de film wilt tonen. Selecteer in de tijdlijn een videoclip en bepaal met de rode schuifregelaar een geschikt ‘splitmoment’. Overigens kun je met de mediaknoppen onder de voorbeeldweergave dit moment heel precies bepalen. Spoel bijvoorbeeld een seconde voor- of achteruit. Het is zelfs mogelijk om een video frame voor frame door te nemen. Staat de rode schuifregelaar exact op de goede plek? Klik dan in de werkbalk boven de tijdlijn op het pictogram met de twee rode haakjes. Je ziet vervolgens twee aparte clips.

Maak via de optie Split into parts van één clip twee losse fragmenten.

Roteren en bijsnijden

Soms is het noodzakelijk om een video negentig graden te roteren, omdat het beeld in VSDC Free Video Editor is gedraaid. Gelukkig herstel je deze ‘fout’ simpel. Je selecteert in de tijdlijn de juiste video en klikt helemaal bovenaan bij de sectie Tools op het pictogram met de gebogen pijl. De video draait meteen.

Staat er een ongewenst persoon, lelijk logo of storend object in beeld? Gooi de videoclip dan nog niet weg! Je kunt het fragment namelijk nog bijsnijden. Beslis welk deel van de video je wilt gebruiken en gooi het overtollige beeldmateriaal weg. Je klikt met de rechtermuisknop op een videoclip in de tijdlijn en kiest Crop tools / Custom region. Bepaal in het nieuwe venster welk deel uit beeld moet verdwijnen. Je regelt dat door de zwarte vierkantjes aan de randen van de voorbeeldweergave te verslepen. Tevreden? Met OK voer je de actie definitief uit.

Nuttig om te weten is dat je met deze functie de oorspronkelijke resolutie verkleint. Zeker wanneer je de uiteindelijke film op een grote televisie of pc-monitor bekijkt, zie je mogelijk korrelige beelden. Snijd daarom liever niet te veel beeldmateriaal weg.

Alles buiten de rechthoekige selectie verdwijnt uit de video.

Video-effecten

Wie dat wil, gaat in deze videobewerker helemaal los met speciale effecten. Klik maar eens bovenaan in de werkbalk op Video effects. Er verschijnt een uitgebreid menu. Voordat je iets uitkiest, selecteer je eerst een clip op de tijdlijn. Via Quick styles pas je heel makkelijk een effect toe, omdat hiervoor geen extra instellingen zijn vereist. Laat de video bijvoorbeeld op een gedateerde film uit de jaren ‘70 lijken of pas automatisch de contrastwaarden aan.

Wil je zelf meer invloed op in hoeverre het programma een video-effect toepast? Bij veel filters stel je naar eigen inzicht de intensiteit in. Bekijk hiervoor de mogelijkheden via Video effects / Adjustments. Zo wijzig je onder andere de kleurverzadiging en helderheid. Daarnaast kun je ook een stijlvol sepia- of zwart-wit-effect op de video loslaten. Zodra je eenmaal iets hebt gekozen, pas je in het deelvenster Properties window aan de rechterkant de waarden aan. Als je dit deelvenster niet ziet, klik je achtereenvolgens op het tabblad View en Properties. Tot slot zijn ook de video-effecten binnen de rubrieken Filters en Nature de moeite waard. Spijt van een bepaalde keuze? Met de sneltoets Ctrl+Z maak je de laatste handeling weer ongedaan. Experimenteer er dus lustig op los!

Met het Auto contrast-filter optimaliseer je heel eenvoudig de contrastwaarden.
Gebruik het deelvenster Properties window om de instellingen van een video-effect te wijzigen.

Overgangen

Tijdens de montage van een video ontkom je eigenlijk niet aan het gebruik van overgangen. Doe je dat niet, dan lopen de fragmenten nogal abrupt in elkaar over. Dat is onprettig voor de kijker. Met een overgang wordt een nieuwe videoclip op subtiele wijze geïntroduceerd.

Klik in de tijdlijn op de videoclip waarbij je aan het einde een overgang wilt toevoegen. Je opent zo nodig eerst het tabblad Editor en navigeert daarna naar Video effects / Transitions. Probeer nu één van de beschikbare overgangen uit. Zo laat je het oude fragment bijvoorbeeld in vlammen opgaan (Paper burn) of in scherven uit elkaar vallen (Shattered glass). Kies een overgang en controleer in het pop-upvenster of de optie To the end of scene is geselecteerd. Klik op OK.

Merk op dat er op de tijdlijn een verse laag met de gekozen overgang verschijnt. Klik op de rode afspeelknop onder de videoweergave om de overgang te bekijken. Je past in het eigenschappenvenster aan de rechterkant diverse zaken aan, waaronder de tijdsduur en transparantie.

Deze videobewerker heeft een aantal spectaculaire overgangen in huis.

Geluid

De audiokwaliteit van zelfgeschoten video’s is vaak matig. Stond er toentertijd tijdens de opname een stevig briesje, dan hoor je waarschijnlijk voornamelijk windgeruis. Zet het geluid van dergelijke videoclips daarom gewoon uit. Klik in de tijdlijn op een fragment om de bijbehorende eigenschappen aan de rechterkant te tonen. Verschijnt dat niet, dan klik je op View / Properties. Je scrolt zo nodig een stukje omlaag totdat je de optie Audio track tegenkomt. Klik achter Track 1 op het kleine pijltje en kies Don’t use audio.

Je kunt eventueel zelf audio aan de videomontage toevoegen, zoals achtergrondmuziek of een voice-over. Klik zo nodig op het tabblad Editor en kies Add object / Audio. Je selecteert nu pakweg een mp3-, wma-, wav- of flac-bestand op de computer. Via Openen / OK belandt de audiotrack als nieuwe laag op de tijdlijn. Kies een geschikte plek en pas diverse eigenschappen in het Properties window desgewenst aan. Denk hierbij onder meer aan de snelheid en het volumeniveau.

Schakel bij video’s met slecht geluid het audiospoor eenvoudig uit.

Film opslaan

Deze workshop is slechts een bescheiden introductie van VSDC Free Video Editor. Je kunt namelijk nog veel meer met deze veelzijdige videobewerker doen. Ga er dus vooral ook zelf mee stoeien. Ben je eenmaal klaar, dan sla je het resultaat op. Je kunt de film daarna op verschillende schermen bewonderen.

Klik in de werkbalk op het tabblad Export project en speel zekerheidshalve de volledige videomontage nog eens af. Ben je helemaal tevreden, dan geef je in de werkbalk het gewenste videoformaat aan. Kies bijvoorbeeld voor mp4, mkv, mov, flv of mts. Het is ook mogelijk om de film op een dvd te branden. Wijzig via Change name zo nodig de bestandsnaam en opslaglocatie. Je bevestigt bovenaan ten slotte met Export project / Continue.

VSDC Free Video Editor ondersteunt een heleboel exportformaten.