ID.nl logo
Zekerheid & gemak

Het Lint aanpassen in Office 2010

Met Office 2007 pakte Microsoft grondig het uiterlijk en de werking van de menubalk binnen alle programma's aan. In plaats van een gewone knoppenbalk kwam er nu een speciaal 'lint' (ribbon in de Engelstalige versie). Voortaan kregen we bovenin Word, Excel, Outlook of Access te maken met een knoert van een knoppenzone, netjes verdeeld over een aantal tabbladen en samengebracht in groepen. De wijze waarop we die kunnen aanpassen en uitbreiden kreeg in Office 2010 een verdere facelift. Daarvoor hoeven we echt geen expert te zijn of te worden: een aantal eenvoudige handelingen leveren toch best handige resultaten op.

Waar moet ik zijn?

Het Lint is aanwezig en gedraagt zich hetzelfde in alle onderdelen van Office 2010. Alles wat in deze expertcursus beschreven staat, zou dus op precies dezelfde manier moeten lukken in zowel Word, als Excel, Outlook, PowerPoint, OneNote of Access. De namen van en het aantal getoonde tabbladen, groeperingen en opdrachten verschillen uiteraard in functie van de module die u aan het gebruiken bent en de situatie of modus waarin het bewerkte document zich bevindt (bijvoorbeeld: wanneer er een plaatje wordt geselecteerd, dan verschijnt een extra tabblad Opmaak, maar dit blijft enkel beschikbaar zolang die selectie actief blijft).

1. Een eerste aanpassing

U kunt via twee wegen naar de gewenste bestemming navigeren: rechtsklikken in het Lint en de optie Het lint aanpassen kiezen in het menu dat verschijnt, of in het hoofdmenu via Bestand / Opties / Lint aanpassen. Beide methoden leveren eenzelfde dialoogvenster op, waarin we rechts de huidige structuur van het Lint aangeboden krijgen en links een lijst met alle mogelijke opdrachten. Rechts ziet u welke onderdelen het huidige Lint bevat. Het Lint bestaat uit een aantal hoofdtabbladen die al of niet aangekruist (en daardoor getoond) of uitgeklapt zijn. Het onderliggende niveau geeft de groepen weer: dit zijn bij elkaar horende opdrachten, die in het Lint in een rechthoekig vakje weergegeven worden met onderaan een samenvattende naam. Op het laatste niveau treft u de eigenlijke opdrachten aan. De meeste daarvan zijn grijs, ten teken dat ze standaard zijn en dus niet zomaar uitgeschakeld kunnen worden. Wat we wél kunnen verwijderen, zijn de groepen waartoe ze behoren. Een soort alles of niets keuze dus. Om een groep te verwijderen selecteert u de niet langer gewenste groep in de rechterlijst, en klikt u op de knop Verwijderen. Bent u daarin te ver gegaan, geen paniek: onderaan is er een knop Beginwaarden, met de opties Alleen het geselecteerde linttabblad opnieuw instellen (enkel toegankelijk als u een tabblad geselecteerd hebt waarin een wijziging gebeurd is) en Alle aanpassingen opnieuw instellen.

©PXimport

De eerste weg naar het Lint opent met een rechtsklik.

©PXimport

Rechts staat de structuur van het Lint ter beschikking voor aanpassing.

Let op uw situatie

Sommige tabbladen worden slechts op het Lint getoond als ze relevant zijn.

Neem nu de sinds versie 2007 toegevoegde mogelijkheid om blogberichten aan te maken vanuit Word. Dan moet u eerst kiezen voor Bestand / Nieuw / Blogbericht / Maken. Als een blogaccount gedefinieerd wordt, dan krijgt u een gestripte versie van het Lint te zien, waarop enkel de relevante tabbladen Bestand, Blogbericht en Invoegen ter beschikking staan.

Het tabblad Overzicht verschijnt enkel als u in Word overschakelt naar de documentweergave Beeld / Overzicht. En om Achtergrond verwijderen te zien verschijnen, moet u dubbelklikken op een afbeelding en de gelijknamige opdracht kiezen in het tabblad Opmaak.

Weg met dat ding!

Mocht u het Lint als storend ervaren, dan zijn er verschillende manieren om het (al of niet permanent) uit het zicht te halen. U kunt dubbelklikken op een kopje van een tabblad, of gebruikmaken van de toetscombinatie Ctrl+F1. Deze mogelijkheden bestonden al in Office 2007, maar werden blijkbaar niet vaak gevonden door de gebruikers. Vandaar dat in Office 2010 nog een extra knopje toegevoegd is, net voor het hulpvraagteken uiterst rechts. Wijst het pijltje naar boven (ˆ), dan kunt u het Lint wegklikken, het pijltje gaat naar beneden wijzen (ˇ) om indien nodig een en ander weer tevoorschijn te halen.

2. Een macroknop toevoegen

Vaak is een aanpassing van het Lint nodig om een nieuwe knop aan te maken, waarmee dan op een snelle en elegante manier een eigen macro geactiveerd kan worden. Stel: u hebt een macro genaamd Opkuis ontwikkeld (die op het einde van een Word-sessie door het actieve document gaat en alle dubbele spaties door enkele vervangt) en u wilt dit macro graag aan een nieuwe knop in het Lint vastmaken. Hiervoor kiest u Macro's uit de lijst met opdrachten links in het optiescherm, waardoor de onderliggende lijst verandert in een overzicht van alle aangetroffen macro's. Daar zou Project.NewMacros.Opkuis in terug te vinden moeten zijn (of, als de naam van uw macro anders is, dan staat er natuurlijk wat anders achter 'Project.NewMacros'). Macro's kunnen enkel toegevoegd worden aan een aangepaste groep: dit is een tabblad-annex-groep die u eerst zelf dient te definiëren door middel van de knoppen Nieuw tabblad en Nieuwe groep onderaan het optievenster. Vervolgens geeft u die een meer sprekende naam en eventueel een pictogram via de knop Naam wijzigen. Plaats daarna uw tabblad op de gewenste plaats in de hiërarchie van het Lint door gebruik te maken van de twee knopjes Omhoog en Omlaag uiterst rechts. Ten slotte selecteert u Project.NewMacros.Opkuis en klikt u op Toevoegen. U kunt een pictogram toewijzen en de naam wat eenvoudiger te maken, al was het maar door het nietszeggende 'Project.NewMacros' te wissen.

©PXimport

Met de knop Naam wijzigen geeft u duidelijkere naam aan de macroknop.

©PXimport

In het nieuwe tabblad Mijn macro's is uw macro beschikbaar via een eigen knop.

Klikken en slepen

In plaats van een opdracht te selecteren in het linkerdeel van het aanpasmenu, de gewenste nieuwe plaats aan te duiden in het rechterdeel en op de knop Toevoegen te klikken, is één en ander ook mogelijk door intuïtief te klikken en te slepen. Blijft u met de ingedrukte muiscursor zweven boven de rechterboomstructuur, dan kunt u uit zijn vorm opmaken of u zich boven een mogelijke nieuwe plaats bevindt. U krijgt een verbodscirkel als de muisknop loslaten niets uithaalt of een pijltje met een plusteken en een potentiële bestemmingslijn in het andere geval.

Terug naar af...

Als het Lint uit Office 2007 of 2010 u werkelijk doet balen en smachten naar de tekstuele eenvoud van Office 2003 of eerder, dan is er het Zwitserse UBitMenu. Dit is een gratis add-on, die zich zonder al teveel technische bemoeienis laat installeren (lees: geen actieve code, geen .NET-omgeving of andere toestanden vereist, vertraagt het gedrag van Office niet, is heel klein, enz). Het voegt een tabblad genaamd Menu toe aan het Lint, waaronder de traditionele interface terug te vinden is.

©PXimport

Een gratis add-on integreert de Office 2003-menubalk in het Lint van Office 2007 en 2010.

3. Neem uw Lint mee naar een andere pc

Een interessante nieuwigheid in Office 2010 is de mogelijkheid om een volledig op maat aangepast Lint te exporteren, het aldus gecreëerde exportbestand mee te nemen naar een ander werkstation en het daar te importeren binnen een andere Office-installatie. Zo kunt u voortaan overal beschikken over uw eigen knopjes en (indeling van) tabbladen. Kies Bestand / Opties / Lint aanpassen, klik op de knop Importeren en exporteren en selecteer de optie Alle aanpassingen exporteren. Het programma vraagt dan waar het ergens een bestand met extensie .exportedUI mag aanmaken, waarvan u zelf de naam kunt kiezen. Standaard wordt Word -aanpassingen (de spatie na 'Word' is een bugje) voorgesteld. Het is raadzaam om de naam van de moederapplicatie in een eventuele nieuwe naam te behouden, en om een aangepast Lint van Word niet te importeren in Excel (bijvoorbeeld). Onthoud de map waar u opslaat, of doe de export rechtstreeks naar usb-stick en ga daarmee naar het andere systeem. Daar voeren we dan de andere optie uit van de knop Importeren en exporteren, namelijk Aanpassingsbestand importeren.

Hoewel de extensie .exportedUI is (en dit ook moet blijven) gaat het hier in werkelijkheid om een XML-bestand, dat met Kladblok of WordPad geopend en bewerkt kan worden. Opgelet: gebruik geen gespecialiseerde XML-editor, want dergelijke tools helpen bij het opslaan te vaak de structuur van het bestand om zeep. In ieder geval biedt de mogelijkheid tot bewerking allerlei perspectieven, maar dan moet u technisch goed overweg kunnen met XML- en XSD-definitiebestanden en dergelijke.

©PXimport

Dit is het stukje aangepast Lint dat we wensen mee te nemen.

©PXimport

Een aangepast Lint is na export 'stiekem' een bestand met wat XML-code.

Duiken in de .exportedUI XML

Wenst u verder te experimenteren met wat enkel mogelijk is via de XML-code, gegenereerd door de export van het Lint, dan dient u wat technische documentatie te doorworstelen. Een goed vertrekpunt is een relevante pagina van het Microsoft Download Center. Zo krijgt u de overeenstemmende XSD in handen: dit is een beschrijving van de structuur van de .exportedUI XML.

Als dit iets te technisch wordt, dan kunt u ook een aanpassing in het Lint aanbrengen, en de geëxporteerde XML-code vergelijken met de voorgaande versie. Het levert u in eerste instantie enkel de code voor wat standaardaanpassingen op, maar het opzoeken hiervan in de XSD kan dan allerlei interessante uitbreidingen opleveren.

4. De Werkbalk Snelle Toegang en het Lint

Naast het Lint bevat de Office 2007/2010-gebruiksinterface ook nog de verwante Werkbalk Snelle Toegang (WST). Het gaat om de knopjes die zich helemaal bovenaan het venster van een Office-module nestelen, of die (op bevel van de gebruiker) een plaatsje net onder het Lint hebben gekregen. Dit laatste kan door op het uiterst rechtse knopje van de WST te klikken en de optie Onder het lint weergeven te kiezen. Verder is deze knoppenbalk even aanpasbaar als het Lint, op precies dezelfde manier en met exact dezelfde export/importmogelijkheden. Het volstaat de optie Meer opdrachten te kiezen, en u komt op de bijbehorende pagina van de opties voor de Office-module in kwestie terecht. Het enige verschil daarbij is het ontbreken van tabbladen en groepen en daarmee ook de knoppen om deze te creëren. De WST kan namelijk enkel één rij knoppen bevatten, en dient dan ook in de eerste plaats als verzamelplaats voor de meest gebruikte opdrachten. Als u bepaalde functionaliteit op ieder gewenst moment wilt kunnen oproepen met één muisklik, plaats dan het bijbehorende knopje op de Werkbalk Snelle Toegang. Initieel staan daar enkel de opdrachten Opslaan, Ongedaan maken en Opnieuw, maar daar hoeft het uiteraard niet bij te blijven.

©PXimport

De Werkbalk Snelle Toegang is dé pleisterplaats voor de belangrijkste opdrachten.

5. Mogelijkheden en onmogelijkheden

Eigenlijk werd het Lint met de introductie in Office 2007 ons haast door de strot geramd, terwijl er nog wel het een en ander aan mankeerde qua instelmogelijkheden. En zelfs in Office 2010 is het nog niet perfect. Neem nu een voor de hand liggende instelling als het weergeven van een knop als enkel een pictogram of enkel tekst. Het eerste is deels mogelijk door het wissen van de knoptekst, maar het probleem is dat de plaats voor dat tekstlabel wel behouden blijft onder het pictogram, waar het voor een oneigenlijke leegte zorgt. Echt netjes kunnen we dit niet noemen. Gelukkig is er nog een tweede trucje: wijs een groep aan in de rechterboomstructuur van het aanpasvenster en klik er met rechts op. In het zwevende menu dat verschijnt, vindt u de optie Opdrachtlabels verbergen. Dit staat standaard niet aangevinkt. Een vinkje doet de labels verdwijnen (door het vinkje te verwijderen, komen ze terug). Helaas is dit geldig voor ALLE knoppen uit de groep. Het is weer alles of niets dus.

De andere situatie is nog minder evident: een pictogram weghalen om enkel de beschrijvende tekst te behouden, lukt niet met de standaardmogelijkheden van de Office-gebruiksinterface. We komen het dichtste in de buurt door tijdens de creatie van de knop geen pictogram toe te wijzen. Maar ook dan weer dezelfde frustratie: er gaapt leegte waar normaliter een plaatje zou moeten staan. De knop staat er wel met enkel de tekst, maar ten koste van veel blanco ruimte erboven. Het rare is dat al deze instelmogelijkheden in de oude 2003-werkbalken wél mogelijk waren.

6. Meer pictogrammen

Als u een pictogram wenst te veranderen via de knop Naam wijzigen, hebt u slechts beperkte keuze: u krijgt immers maar 180 mogelijkheden voorgeschoteld. Nochtans heeft Office op de achtergrond meer dan tien keer die hoeveelheid pictogrammen ter beschikking. Alleen ... u moet (1) hun interne naam te weten komen, en (2) die naam via de XML aan de knop toekennen. U lost het eerste probleem op door een download en installatie van de Office Icons Gallery. Dit levert een Excel-werkblad op met een groep Office Icons in het tabblad Ontwikkelaars, waar u ingedeeld in negen galerijen meer dan 2500 pictogrammen voorgeschoteld krijgt.

Kies het gewenste pictogram. Een dialoogvenster verschijnt met een plaatje van de kleine en grote versie ervan en de imageMso-naam. Maak er een notitie van. Exporteer het in Word aangepaste Lint, open het .exportedUI-bestand met Kladblok en zoek de knop op waarvan u het pictogram wenst te wijzigen. Vervang de benaming van het imageMso-argument door de naam uit de Office Icons Gallery, sla het bestand op en importeer het opnieuw in Word. En ziezo, de toegevoegde knop vertoont een nieuw plaatje!

©PXimport

De Office Icons Gallery-download geeft in het Lint van Excel een overzicht van meer dan 2500 pictogrammen.

En in Office 2007?

Het Lint deed zijn intrede in (de hoofdmodules van) Office 2007. Alleen was van enige aanpasbaarheid via de gebruiksinterface nog geen sprake. De enige configuratiemethode was/is een erg technische. De eenvoudigste - alhoewel, wat heet 'eenvoudig'? - manier is door gebruik te maken van een (gelukkig opensource, dus gratis) hulpje, de Office Custom UI Editor. Op het MSDN (Microsoft Developer Network) is een driedelige serie terug te vinden over de mogelijkheden en de werkwijze. Dat er nog talrijke andere websites bestaan die proberen te verduidelijken hoe ingegrepen kan worden in het Lint van Office 2007 (bijvoorbeeld Greg Maxey MVPS of The Word MVP Site), wijst op het technische karakter van die behoefte. Enkel geschikt voor wie zich thuis voelt in XML!

7. Het formaat aanpassen

De optie Lint aanpassen in het optiemenu focust op het toevoegen of weghalen van knoppen, en hun indeling in tabbladen en groepen. Op de manier waarop de functie van de knop getoond wordt, heeft de gebruiker helaas geen impact. De tekst en het pictogram wijzigen, daar houdt het mee op. Zo beslist het Lint binnen de betrokken Office-module zelf over de grootte en plaatsing van zowel knop als tekst. Is het onderschrift klein genoeg, dan krijgt u een groot pictogram met het label eronder. Maakt u de tekst van een knop binnen een groep langer, dan plaatst het Lint alle knoppen vertikaal, en krijgt u kleinere versies van de pictogrammen met de bijbehorende labels rechts ervan.

Wenst u iets meer controle over die gang van zaken, dan dient opnieuw ingegrepen te worden in de XML, en moet u weer de omweg maken van een export/wijziging/import van de aanpassingen.

©PXimport

Zodra een onderschrift te lang wordt, kantelt het Lint de schikking van de groep.

▼ Volgende artikel
6 handige tips voor het gebruik van je staafmixer
© luismolinero
Huis

6 handige tips voor het gebruik van je staafmixer

Als je alles uit je staafmixer wilt halen, moet je wel weten hoe je ermee om moet gaan. Met deze tips krijg je niet alleen de beste (lees: lekkerste) resultaten, maar gaat je staafmixer ook langer mee. Win-win! 

In het kort: Een staafmixer is in principe een heel simpel apparaat. Je zet hem aan en hij pureert de boel voor je. Maar let op: een staafmixer kan overbelast raken en sneller stukgaan als je hem niet op de juiste manier gebruikt. Ook kunnen je gerechten er minder lekker op worden. Wil je weten hoe je je staafmixer optimaal benut? Lees dan de tips in dit artikel.

Lees ook: Dit kun je allemaal (nog meer) met een staafmixer

Tip 1: Ingrediënten voorsnijden

Hoewel staafmixers erg krachtig kunnen zijn, hebben ze ook relatief kleine mesjes. In tegenstelling tot bijvoorbeeld een blender kan het voor een staafmixer daarom lastig zijn om grote stukken goed en gelijkmatig te verpulveren. Je kunt je staafmixer dus een handje helpen door je ingrediënten van tevoren in kleinere stukken te snijden. Hiermee verklein je de kans op klonten of stukjes in je soep of saus én raken de messen minder snel overbelast. 

Tip 2: Let op het vermogen

Het is altijd belangrijk om rekening te houden met het vermogen van je staafmixer, want dat bepaalt welke ingrediënten het apparaat kan pureren. Het pureren van harde ingrediënten zoals noten of ongekookte groenten met een staafmixer met een laag vermogen gaat hoogstwaarschijnlijk niet lukken. Of het lukt wel, maar met een overbelaste motor tot gevolg. Voor harde ingrediënten is vaak een vermogen van minstens 600 watt nodig. Wil je vaak en veel gaan pureren, kies dan voor een vermogen van minstens 1000 watt. Maar let ook op het toerental, oftewel het aantal rotaties per minuut (RPM). Een staafmixer kan namelijk een laag vermogen hebben, maar wél een toerental van minstens 10.000 RPM. Dan is hij alsnog krachtig genoeg om harde ingrediënten te pureren. 

©Khaletski Siarhei | goffkein.pro

Tip 3: Niet te lang pureren

Lang achter elkaar pureren is funest voor de messen en de motor van een staafmixer. Beter is om in pulsen te pureren, waarbij je de motor tussen het pureren door steeds een paar seconden laat rusten. Vooral bij dikkere mengsels, zoals notenpasta, smoothies en dikke soepen, is dit belangrijk. Het is afhankelijk van het vermogen van een staafmixer hoe lang hij achter elkaar kan pureren. Vaak staat dit aangegeven bij de specificaties. Heb je geen idee? Pureer zachte ingrediënten dan niet langer dan 1,5 minuut en harde ingrediënten niet langer dan 45 seconden. Maakt je staafmixer een raar geluid of wordt hij erg warm, stop dan meteen met pureren. Dit zijn signalen dat het apparaat overbelast is. 

Tip 4: De juiste snelheid

De meeste staafmixers hebben meerdere snelheidsstanden en dat is niet zonder reden. Zo heb je voor het fijn pureren van dikkere mengsels en harde ingrediënten vaak een hogere snelheid nodig dan voor lichte bereidingen. En de turbostand kan handig zijn om harde ingrediënten kort maar krachtig te verpulveren of om een extra gladde soep te maken. Soms wil je een combi van snelheden gebruiken. Je begint bijvoorbeeld met een lage snelheid om spatten in de keuken te voorkomen en bouwt vervolgens geleidelijk op naar een hogere snelheid voor een glad resultaat. 

Tip 5: Ronddraaiende beweging

Beweeg je je staafmixer tijdens het pureren altijd gewoon op en neer? Op zich niks mis mee, want pureren doet het apparaat toch wel. Maar wil je zeker weten dat je geen plekken overslaat, maak dan tijdens het op en neer gaan óók een cirkelvormige beweging. Want op een mayonaise met klontjes zit natuurlijk niemand te wachten. 

©VI Studio

Tip 6: Schoonmaken

Een staafmixer neemt je veel werk uit handen, maar daar moet je wel iets voor terugdoen. Een staafmixer die niet goed schoongemaakt wordt, zal sneller vastlopen door aangekoekte etensresten. De motor moet dan tijdens het pureren harder werken en zal waarschijnlijk sneller overbelast raken. Daarnaast is een vieze staafmixer natuurlijk niet zo hygiënisch. Wil je geen bacteriën en nare geurtjes in je verse soep, maak je staafmixer dan na elk gebruik goed schoon. Dat kost je nauwelijks moeite: laat het apparaat even draaien in een maatbeker met warm water en wat afwasmiddel of doe hem, als dat kan, in de vaatwasser.

Nog meer doen met je staafmixer?

De beste accessoires, van gardes tot hakmolens

▼ Volgende artikel
Sony in 2025: nieuwe soundbars en tv's, maar minder vaak updates
Huis

Sony in 2025: nieuwe soundbars en tv's, maar minder vaak updates

Tijdens het persevent van Sony op het Europese hoofdkwartier in Weybrigde in het Verenigd Koninkrijk werden de nieuwe soundbars en tv's van 2025 aangekondigd. Het bedrijf zegt het misschien niet met zoveel woorden, maar de boodschap is duidelijk: minder frequente updates van alle modellen, en miniled blijft de technologie voor het topmodel.

 De 2023 A95L qd-oled-tv heeft twee jaar in het aanbod gestaan, ondanks het feit dat er vorig jaar wel degelijk een nieuw paneel beschikbaar was. In 2025 krijgt het model wel een update. De Bravia 8 II - te lezen als Bravia 8 Mark 2 - zal uitgerust zijn met het nieuwste (3e generatie) qd-oled-paneel van Samsung Display. Sony claimt dat dit paneel een 25% hogere piekhelderheid zal leveren ten opzichte van de A95L. Als we kijken naar wat Samsung Display (de panelfabrikant) claimde op CES, dan kan dit paneel tot 4.000 nits piekhelderheid leveren. We vermoeden dat Sony daar onder zal blijven, het merk is over het algemeen wat voorzichtiger en pusht zijn oled-panelen niet tot het uiterste op het gebied van piekhelderheid. Opmerkelijk genoeg vermeldde Sony expliciet dat de Bravia 8 II goedkoper zal zijn dan de A95L, maar concrete prijzen zijn er nog niet. De Bravia 8 II zal beschikbaar zijn in 55 en 65 inch.

©Eric Beeckmans | ID.nl

De Bravia 5 en Bravia 3

Verder naar onder in de line-up worden de Bravia 5 en Bravia 3 aangekondigd, ze vervangen respectievelijk de X90L en de X75WL. De Bravia 5 wordt uitgerust met de XR-processor (ook te vinden op de hogere modellen) en een XR Backlight Master Drive, een miniled-achtergrondverlichting die zes keer meer zones zal gebruiken dan de X90L. Hij zal beschikbaar zijn in 55, 65, 75,85, en 98 inch. De Bravia 3 is een instap 4K-model met direct led-achtergrondverlichting en de X1-processor. Dit model zal beschikbaar zijn in 43, 50, 55, 65, 75, en 85 inch. Beide modellen ondersteunen Dolby Vision en Dolby Atmos.

Demo's van nieuwe modellen

Sony toonde een aantal demonstraties van de nieuwe modellen, in vergelijking met een aantal concurrenten (dat waren uiteraard 2024-modellen). De Bravia 8 II stond opgesteld naast de voorganger de A95L, een Sony referentie studiomonitor, en een LG G4 en Samsung S95D. Zowel in Vivid Mode als de Filmmaker Mode (of vergelijkbaar want Sony gebruikt geen Filmmaker Mode) liet de Bravia 8 II een sterke indruk na. Zijn beelden leunen erg dicht tegen de studioreferentie aan. Kleuren in zeer heldere accenten zijn beter, en donkere gradaties worden nauwkeuriger weergegeven.

De Bravia 5 stond opgesteld naast een X85L (wat overigens een ietwat vreemde vergelijking is, want het toestel vervangt de X90L) en een Samsung QN85D. De XR Backlight Master Drive geeft de Sony flink wat extra helderheid en een duidelijke verbetering in contrast. Sony toonde ook een nieuwe techniek voor ruisonderdrukking bij oude bronnen (SD-content zoals Friends). Dat presteerde in sommige gevallen goed, maar liet in andere gevallen meer ruis zien. Mogelijk verfijnt Sony dit nog voordat het model op de markt komt. Het feit dat de testen in Vivid beeldmode gedaan werden, maakt de vergelijking ook moeilijk, vermits fabrikanten daar vaak veel vrijheid nemen.

Audioverwerking, beeldverwerking en Studio Calibrated

Op het gebied van beeldverwerking liet Sony dit keer geen belangrijke nieuwigheden zien. Ons oordeel over het nieuwe ruisonderdrukkingsalgoritme dat tijdens de Bravia 5 demo getoond werd, laten we nog even achterwege totdat we het zelf kunnen testen. De Bravia 3 heeft een nieuw algoritme voor beeldkwaliteit, maar dat werd alleen in Vivid-mode getoond en dat is een test waaruit weinig op te maken valt.  

©Eric Beeckmans | ID.nl

Sony benadrukte verder nog de aanwezigheid van Voice Zoom 3 op de Bravia 8 II en Bravia 5. Daarmee kan de processor nauwkeurig stem of dialogen isoleren van de rest van de audio. Zo kun je die selectief versterken (voor film kijken ’s avonds) of verzwakken (om de commentator bij sport wat stiller te maken).

De tagline van Sony, ‘Cinema is coming home', wil de fabrikant garanderen met een aantal Studio Calibrated beeldmodes: Netflix Adaptive Calibrated Mode, Prime Video Calibrated Mode en Sony Pictures Core Calibrated Mode. Die modi zijn specifiek in samenwerking met de respectievelijke streamingdienst opgezet. Voor alle andere content is er de ‘Professional’-beeldmode.

Tweejaarlijkse cyclus en miniled als toptechnologie

Net als vorig jaar heeft Sony alleen een deel van line-up vernieuwd. Dat is een aanpak die we toejuichen, want het maakt de verbeteringen die een nieuw model krijgt veel duidelijker. Sony kan daar eventueel nog wel van afwijken, bijvoorbeeld als een model het slecht doet in de markt. Maar we hopen dat dit voorbeeld navolging krijgt.

De 2024 Bravia 9 - een miniled-model - geldt nog steeds als het topmodel, ondanks de vernieuwde Bravia 8 II QD-OLED. Sterker nog, Sony kondigde voor volgend jaar een RGB-miniled technologie aan die duidelijk voorbestemd is om het nieuwe topmodel te worden.

Wat is een rgb-miniled achtergrondverlichting?

De achtergrondverlichting is het onderdeel van een lcd-tv dat licht produceert. Dat kunnen witte leds zijn, maar een moderne premium lcd-tv gebruikt doorgaans talloze minileds die blauw licht produceren, dat via een quantum dot-folie wordt omgezet naar wit licht. De leds worden onderverdeeld in zones die de processor individueel kan aansturen om het contrast te verbeteren. In donkere zones dimt hij het licht, in heldere zones kan hij de leds sterker aansturen. Om kleur te produceren wordt elke pixel met behulp van een kleurfilter opgedeeld in een rode, groene en blauwe subpixel.

©Sony

RGB-miniled technologie vervangt dit systeem door trio's van rode, groene en blauwe minileds te gebruiken die samen wit licht creëren, waardoor de quantum dot-laag overbodig wordt. Omdat er nog steeds veel minder leds dan pixels zijn, blijft het kleurenfilter nodig om per pixel de juiste kleuren te creëren. Net zoals bij een huidige miniled-tv worden de leds onderverdeeld in zones om het contrast te verbeteren.

©Sony

Maar deze technologie kan nog een stapje verder gaan. Als de processor detecteert dat er in een bepaalde zone enkel groen licht nodig, dan kan hij de rode en blauwe leds uitschakelen. Dat is alvast veel efficiënter dan het overbodige licht weg te filteren.

Wachten tot 2026 voor nog rijkere, helderdere kleuren

Sony claimt dat dit soort achtergrondverlichting een piekhelderheid van 4.000 nits en kleurbereik van 99 % P3 kan bereiken en 90% Rec.2020. Dat is een flinke upgrade ten opzichte van de beste tv’s die momenteel wel 4000 nits halen, maar eerder 95% P3 en 75% Rec.2020 leveren. Concreet kan een rgb-miniled veel helderdere kleuren tonen, die toch erg intens zijn.

©Sony

Daarnaast zijn ook meer nauwkeurige kleurgradaties mogelijk, en dat zowel in heel donkere als heel heldere tinten. Een aangezien meer en meer filmmakers vaak erg donkere scènes gebruiken, zou dat een welkome verbetering zijn. De technologie heeft nog twee extra voordelen. Ze is schaalbaar naar grote tv-maten. En een rgb-miniled tv zou ook een betere kijkhoek hebben, al liet Sony niet weten hoe dat gerealiseerd wordt. Sony zal een eerste model vermoedelijk in 2026 lanceren.

Ook bij audio een beperkt aantal nieuwe modellen

Net als bij de televisies worden ook de audioproducten niet meer elk jaar vernieuwd zo blijkt. Vorig jaar kreeg de top van het aanbod een make-over, dit jaar is de onderste helft aan de beurt. De Bravia Theatre Bar 6 is een 3.1.2 soundbar met subwoofer. De Bravia Theatre System 6 is een 5.1 soundbar met bijgeleverde surroundluidsprekers en subwoofer. Beide ondersteunen Dolby Atmos, DTS:X, Voice Zoom 3. We kregen een korte demo van de vernieuwde Bravia Bar 6, die een duidelijk vollere en stevigere klank produceerde dan de voorganger.

©Eric Beeckmans | ID.nl

Daarnaast zijn er ook twee optionele accessoires. De Bravia Theatre Rear 8 bestaat uit één paar draadloze surroundluidsprekers die je kunt gebruiken om de Bar 6 uit te breiden. De Bravia Theatre Sub 7 is een compacte draadloze subwoofer van 100W.

Bekijk andere Sony-tv's op Kieskeurig.nl: