ID.nl logo
Foto’s opfleuren met Photoflare doe je zo
© Reshift Digital
Huis

Foto’s opfleuren met Photoflare doe je zo

Je kunt de Windows-app Foto’s gebruiken om afbeeldingen te optimaliseren of ze van een vooraf gedefinieerd effect te voorzien. Maar helaas ben je wel snel uitgekeken op deze app door de beperkte mogelijkheden. Photoflare biedt meer om mee aan de slag te gaan. De tool kan weliswaar (lang) niet tippen aan Photoshop, maar je leert er snel mee werken en hij is ook nog gratis.

Photoflare is een gratis opensource-programma, beschikbaar voor zowel Linux als Windows. In dit artikel bekijken we de Windows-uitvoering. Die kun je downloaden als een installeerbaar bestand of in portable formaat. In het eerste geval dubbelklik je op het msi-bestand om Photoflare te installeren, in het tweede geval volstaat het uitpakken van het zip-bestand om meteen erna het bestand ce_photoflare.exe op te kunnen starten. Beide varianten zijn identiek, maar de portable versie heeft als voordeel dat je die bijvoorbeeld ook op een usb-stick kunt zetten en meenemen. Wij gingen aan de slag met de Community Edition 1.6.5. Photoflare is een werk in uitvoering en wordt dus geregeld bijgewerkt. Zo is er bijvoorbeeld wel al een plug-inbeheerder maar moet je het voorlopig nog zonder plug-ins stellen.

Instellingen

Je popelt natuurlijk om een van je afbeeldingen te bewerken, maar je doet er goed aan eerst het menu Tools, Preferences te openen, al was het maar om op het tabblad Startup de Language (bijvoorbeeld) op Dutch in te stellen. Bevestig met Restart to apply en open nogmaals Gereedschappen, Voorkeuren.

Op de diverse tabbladen vind je een aantal interessante opties terug die je wellicht het liefst meteen optimaal instelt. Bij Mappen bijvoorbeeld kun je een standaardmap instellen zowel voor het openen als voor het bewaren van een afbeelding. Bij Bewaren geef je je voorkeur op voor het bestandsformaat (zoals png, jpg, bmp en ico).

Op het tabblad Compressie kun je via een schuifknop de gewenste compressie instellen (van 0 tot 100), maar we raden je toch aan hier de optie Dialoogvenster altijd tonen te selecteren. Verder stel je bij Standaard Waarden de gewenste eenheid in, zoals pixels of centimeters. Bij Vormgeving kun je Meerdere vensters modus kiezen. Open je verschillende afbeeldingen tegelijk, dan komen die niet langer op een eigen tabblad terecht maar elk in een verplaatsbaar venster.

©PXimport

Afmetingen

Logischerwijs haal je afbeeldingen op via het menu Bestand, Open, maar een eerder geopend bestand vind je het snelst terug via Laatst gebruikte bestanden in hetzelfde menu. Je treft hier ook de optie Afbeelding Eigenschappen aan, waar je onder meer de bestandsgrootte, afmetingen, dpi en aantal kleuren afleest.

Met het muiswiel zoom je snel in en uit op het plaatje. Het is ook mogelijk de afmetingen aan te passen van zowel de foto als het canvas. Voor beide aanpassingen vind je knoppen in beeld, maar je kunt ook terecht in het menu Afbeelding.

Gaat het om de foto zelf, dan tikt je de gewenste afmetingen gewoon in. Zorg er wel voor dat het kettingpictogram is geselecteerd als je de beeldverhoudingen wilt behouden.

Maak je het canvas groter dan de foto (bijvoorbeeld om er tekst of andere beelden bij te plaatsen), dan moet je wel ook aangeven in welke richting het canvas zich mag uitbreiden. Selecteer bijvoorbeeld het foto-icoon linksboven als het canvas zich naar rechtsonder moet uitbreiden. Bij Kleur vind je een uitklapmenu met een selectie aan canvaskleuren. Klik de kleur in de balk aan om uit een royaal kleurenspectrum te kiezen.

©PXimport

Basisbewerkingen

Met de vier knoppen rechts op de onderste taakbalk of via het menu Afbeelding, Transformeren zijn foto’s te kantelen en draaien. Wil je alleen een bepaald fragment uit de foto overhouden, selecteer dan de pijl (Pointer tool) in de gereedschapskist (rechts) en trek een kader rond het fragment. Klik dit vervolgens met rechts aan en kies Crop. Je kunt uitgevoerde acties altijd ongedaan maken met de sneltoets Ctrl+Z (of vanuit het menu Bewerken, Ongedaan maken). Dat zal soms nodig zijn als je de volautomatische optimalisatietools Auto Niveaus en Auto Contrast (te vinden links op de pictogrammenbalk of via het menu Aanpassen) toepast. Ook de Helderheid, het Contrast, de Verzadiging en de Gamma correctie zijn in kleine stapjes te verlagen of verhogen met behulp van de knoppen op de balk. Met gammacorrectie pas je niet alleen de helderheid, maar ook de RGB-verhouding (rood-groen-blauw) aan.

Verder tref je hier nog knoppen aan om de foto te Vervagen en te Verzachten of juist te Verscherpen en te Versterken (hoewel het verschil tussen beide niet zo duidelijk was – een duidelijke helpfunctie ontbreekt helaas). Telkens als je zo’n knop indrukt, wordt het effect weer wat groter.

©PXimport

Kleurexperimenten

Op de taakbalk tref je ook nog knopjes aan waarmee je in één keer een specifiek effect toepast. De namen spreken voor zich: Grijswaarden, Oude fotografie en Sepia. Heb je het liever kleurrijker, dan kun je terecht bij de knopjes Kleur variatie en Helling, een wat manke vertaling van kleurverloop.

Bij Kleur variatie kun je een kleurtint de boventoon laten voeren. Die duid je aan in het spectrum of via een schuifknop. Je kunt uit twee methodes kiezen: met Inkleuren leg je als het ware een semi-transparante kleurenwaas over de foto, terwijl met Kleursamenstelling vooral de lichtere kleuren worden benadrukt.

Met Helling leg je één (Eenkleurig) kleur of twee (Duotoon) kleuren vast die dan als een waas over je foto komen liggen. Je bepaalt zelf de richting van dit kleurverloop (bijvoorbeeld diagonaal of verticaal), net als de ondoorzichtigheid van de kleur(en).

In het menu Aanpassen staat de optie Negatief. Die kan handig zijn wanneer je oude negatieven met een scanner hebt geïmporteerd. Het is ook mogelijk een foto deels transparant te maken. Daarvoor zet je het knopje Transparantie kleur in. Je hoeft het pipetje maar boven een kleur in je foto te houden en op Voorbeeld te klikken om het transparantie-effect te zien. Hoe hoger je de Tolerantie instelt, hoe meer delen met een vergelijkbare kleurtint transparant worden gemaakt.

©PXimport

Creatieve bewerkingen

In de gereedschapskist die zich standaard aan de rechterkant bevindt, vind je nog een aantal tools waarmee allerlei creatieve bewerkingen mogelijk zijn. De meeste komen je vast bekend voor, zoals de Blur- en Smudge-tool waarmee je een fotofragment kunt vervagen of uitsmeren. Er is ook een Magic Wand (toverstaf) waarmee u, afhankelijk van de ingestelde tolerantie, bepaalde kleurgebieden kunt selecteren. Helaas is de bruikbaarheid hiervan beperkt. Met de gum veeg je specifieke fotodelen weg die je vervolgens kunt opvullen met de Paint Bucket. De (voorgrond)kleur voor deze verfemmer kies je bovenaan of je klikt met de Colour Picker op de gewenste kleur in je afbeelding.

Een Line Tool (waarmee je trouwens ook pijlen kunt tekenen), een Spray Can en een Paint Brush zitten er ook bij. Van deze laatste is er ook een Advanced-versie, waarmee je een aantal (vooraf gedefinieerde) patronen op je plaatje kunt tekenen.

Via de kloonstempel zijn bepaalde gebieden uit de foto naar een andere plek te kopiëren. Klik met Ctrl+linkermuisknop eerst het brongebied aan en maak met de linkermuisknop een kloon ervan in het gewenste doelgebied. Via parameters als Straal, Druk, Vast, Verspreid enzovoort stuur je de kloonoperatie verder aan. Een teksttool vind je niet terug in de gereedschapskist, maar je kunt hiervoor wel terecht in het menu Afbeelding, Tekst.

©PXimport

Filters

Een aantal filtereffecten noemden we al eens. Er zijn er nog meer en die vind je netjes samengebracht in het Filter-menu. De filters Verzachten en Verscherpen zijn je inmiddels al bekend, maar er zijn er nog veel meer die je niet op de taakbalk terugvindt. Ze zijn onderverdeeld in rubrieken als Ruis, Artistiek en Vervormen. Bij Artistiek bijvoorbeeld vind je onder meer Olieverf en Houtskool. Jammer genoeg laat Photoflare je (vooralsnog) geen effecten bijsturen, maar het is wel mogelijk hetzelfde effect te herhalen als je wat meer impact wilt. Verschillende effecten combineren door die na elkaar toe te passen is uiteraard ook mogelijk.

©PXimport

Batchverwerking

Met Photoflare haal je niet alleen meerdere foto’s op, maar zijn ze ook tegelijk te bewerken. Open daarvoor de Gereedschappen en kies Automatiseer/Batch. Er verschijnt een dialoogvenster waarin je op het tabblad Bestanden eerst alle gewenste bronbestanden ophaalt. Op hetzelfde tabblad kun je al aangeven wat de uitvoermap moet zijn en in welk bestandsformaat ze bewaard moeten worden. Een druk op de OK-knop volstaat om de actie uit te voeren, maar wellicht wil je eerst andere bewerkingen vastleggen. Dat doe je op de andere tabbladen. Een aantal noemden we er al. Zo kun je bij Afmeting afbeelding de grootte van de plaatjes en/of van het canvas aanpassen en optimaliseer je bij Niveaus aanpassen onder meer Helderheid, Contrast en Verzadiging. Het tabblad Samenvatting geef je een overzicht van de gevraagde bewerkingen en met OK zet je het hele proces in gang.

©CIDimport

▼ Volgende artikel
Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat
Huis

Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat

Capcom heeft eerder deze week een livestream uitgezonden waarin nieuwe beelden werden getoond van het aankomende horrorspel Resident Evil Requiem. Ook werd er meer informatie gegeven over de game.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Nadat eind vorig jaar al werd aangekondigd dat spelers niet alleen Grace Ashcroft zullen besturen, maar ook Leon S. Kennedy - een bekend gezicht voor mensen die eerdere delen hebben gespeeld - werd er tijdens de livestream uitgebreid gameplay van dit personage getoond.

Twee verschillende hoofdpersonages

Daarbij werd de nadruk gelegd op de verschillende speelstijlen van Leon en Grace. Op verschillende momenten gedurende de game wordt er automatisch tussen deze personages gewisseld, en ze zullen elk compleet andere gameplay bieden.

De segmenten met Leon - onder andere bekend uit Resident Evil 2 en Resident Evil 4 - zijn erg op actievolle schietgevechten gericht. Leon kan daarnaast ook de kelen van vijanden doorsnijden. Hij heeft ook een bijl waarmee hij aanvallen kan afweren. Grace's segmenten zijn juist erg gericht op spanning en horror en draaien vooral om het vermijden van intense gevechten.

Tijdens de livestream werd ook onthuld dat de game niet alleen naar consoles en pc komt, maar dat leden van Nvidia GeForce Now de game ook kunnen spelen. Ook werd er gepraat over de verschillende moeilijkheidsgraden - zo is er een extra makkelijke moeilijkheidsgraad voor mensen die weinig ervaring hebben met dit type spellen.

De complete livestream kan hieronder worden bekeken. In verband met de volwassen inhoud van de livestream kan het mogelijk zijn dat je op de link in de video moet klikken om naar YouTube te gaan en te bewijzen dat je volwassen bent.

Vanaf 27 februari verkrijgbaar

Resident Evil Requiem verschijnt op 27 februari (pre-orderen kan nu al) voor PlayStation 5, Xbox Series X en S, Nintendo Switch 2 en pc. Het is het negende hoofddeel in de horrorserie die al sinds de jaren negentig bestaat. In de loop der jaren is de franchise meermaals flink op de schop gegaan. Zo richtte Resident Evil 4 zich meer op actie, en zijn horrorelementen sinds Resident Evil 7: Biohazard weer teruggekeerd. Resident Evil Requiem lijkt dan ook een combinatie van al deze elementen te gaan bieden.

Op 27 februari zullen overigens ook Resident Evil 7 en Resident Evil Village (het achtste deel) op Nintendo Switch 2 uitkomen. Daarnaast verschijnt Village later deze maand op PlayStation Plus en Xbox Game Pass.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten
© chadchai - stock.adobe.com
Huis

Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten

Je kijkt een spannende serie en opeens bevriest het beeld. Dat bekende draaiende cirkeltje… er zijn weinig dingen zó frustrerend. Gelukkig ligt de oplossing vaak binnen handbereik. De snelheid van je internet hangt namelijk sterk samen met de manier waarop je thuis met je apparatuur omgaat. Door een paar veelgemaakte fouten te vermijden en de juiste techniek te kiezen, merk je vaak direct dat je netwerk stabieler wordt, zonder dat daar een duurder abonnement voor nodig is.

In het kort

In dit artikel lees je welke drie wifi-fouten het vaakst zorgen voor traag internet of haperingen: een onhandige plek voor je router, drukte op 2,4 GHz en verouderde firmware of hardware. Je ziet ook hoe je zelf een rustiger kanaal vindt en wanneer het slim is om te kiezen voor 5 GHz of 6 GHz. Tot slot leggen we uit wat wifi 6 en wifi 7 doen en waarom een netwerkkabel van minimaal cat5e verschil kan maken.

Lees ook: Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Fout 1: De router op de verkeerde plek neerzetten

Een router wint qua looks zelden een schoonheidsprijs. De neiging om het apparaat uit het zicht te plaatsen is daarom groot. Toch is een verkeerde locatie de meest gemaakte fout die je bereik merkbaar (en soms zelfs dramatisch) kan verkleinen.

Dat zit zo.  Je kunt wifi-signalen vergelijken met het licht van een gloeilamp. Als je die lamp in een houten kast of achter een dikke bank zet, blijft de rest van de kamer donker. Obstakels zoals muren, meubels en zelfs grote kamerplanten blokkeren de onzichtbare golven. Vooral metaal en water zijn beruchte boosdoeners; een router naast een aquarium of achter een radiator plaatsen is vragen om problemen.

Ook de hoogte is bepalend. Veel mensen zetten de router op de grond, maar op de grond zit het signaal sneller 'achter' meubels en andere blokkades. Zet het apparaat liever op een kast of boekenplank op ooghoogte voor een vrije weg naar je apparaten.

©ID.nl

Fout 2: Storing door andere apparatuur over het hoofd zien

Je staat er waarschijnlijk niet bij stil, maar veel apparaten in huis gebruiken dezelfde onzichtbare digitale snelweg als je internetverbinding. De magnetron, sommige babyfoons en zelfs de draadloze koptelefoon van de buren vechten om een plekje op de 2,4GHz-band. Ook andere wifi-netwerken in de buurt kunnen voor digitale files zorgen.

De meeste moderne routers ondersteunen gelukkig ook de 5GHz-frequentie. Deze band is veel breder en heeft minder last van andere apparatuur. Het handmatig selecteren van het 5GHz-netwerk levert vaak direct een snelheidswinst op. Heb je een router met wifi 6e of wifi 7, dan kun je soms ook de 6 GHz-band gebruiken. Die is vaak rustiger, maar het bereik is meestal wat kleiner dan bij 5 GHz.

Tip: geef je netwerken duidelijke namen

Veel routers zenden meerdere wifi-netwerken tegelijk uit: 2,4 GHz voor bereik, 5 GHz voor snelheid en soms ook 6 GHz voor extra ruimte in drukke omgevingen. Als al die banden onder één naam vallen, kiest je smartphone of laptop automatisch. Dat gaat vaak goed, maar niet altijd: je toestel kan blijven “plakken” aan 2,4 GHz terwijl 5 GHz op dat moment sneller en stabieler is.

Door je netwerken een herkenbare naam te geven, maak je de keuze simpel. Geef de 2,4 GHz-band bijvoorbeeld de naam thuis-2g, de 5 GHz-band thuis-5g en, als je die hebt, de 6 GHz-band thuis-6g. Dan zie je in één oogopslag welk netwerk je pakt. Zit je ver van de router, dan is 2,4 GHz vaak de veiligste optie. Zit je dichtbij en wil je vooral snelheid, dan ligt 5 GHz of 6 GHz meer voor de hand. Zo kun je bij haperingen of traag internet meteen testen of een andere band het probleem oplost, zonder dat je in instellingen hoeft te graven.

View post on TikTok

Fout 3: Verouderde software en hardware blijven gebruiken

Technologie verandert razendsnel en dat geldt ook voor de beveiliging en snelheid van je netwerk. Veel huishoudens werken nog met de router die ze jaren geleden bij hun eerste abonnement kregen. Deze oude techniek kan de moderne eisen van streaming en videobellen simpelweg niet meer bijbenen. Daarnaast vergeten veel gebruikers om de firmware van hun apparaat te updaten. Fabrikanten brengen deze software-updates uit om prestaties te verbeteren en lekken te dichten. Een verouderd systeem is niet alleen trager, maar ook een makkelijker doelwit voor hackers.


1️⃣2️⃣3️⃣Stappenplan: de beste wifi-kanalen scannen

Als je buren ook allemaal op hetzelfde wifi-kanaal zitten, ontstaat er interferentie. Je kunt dit zelf eenvoudig oplossen door een rustiger kanaal te zoeken.

1) Download een app zoals WiFi Analyzer (Android) of NetSpot (Windows, macOS, Android & iOS).

2) Open de app en bekijk de grafiek van de omgeving. Je ziet hier welke kanalen drukbezet zijn door netwerken in de buurt. Noteer het kanaalnummer dat het minst wordt gebruikt. Vaak zijn kanaal 1, 6 of 11 op de 2,4GHz-band de beste keuzes.

3) Log in op de webinterface van je router via je browser (meestal via een adres als 192.168.1.1). Zoek naar de draadloze instellingen en wijzig het kanaal van 'Automatisch' naar het door jou gekozen nummer. Sla de instellingen op en test of je verbinding stabieler aanvoelt.

Het verschil tussen wifi 6 en wifi 7

Sta je op het punt om een nieuwe router of laptop te kopen? Dan kom je de termen wifi 6 en wifi 7 tegen. Wifi 6 was een grote stap vooruit omdat het beter omgaat met veel apparaten tegelijk op één netwerk. Het zorgt voor een efficiëntere verdeling van de data. Wifi 7 is de allernieuwste standaard en gaat nog een flinke stap verder. Het maakt gebruik van extreem brede kanalen en kan verbinding maken via meerdere frequenties tegelijkertijd. Dit wordt Multi-Link Operation genoemd. Hierdoor is de vertraging merkbaar lager en kun je hogere snelheden halen, vooral op korte afstand en met geschikte apparaten. Voor een gemiddeld huishouden is wifi 6 momenteel een uitstekende keuze, terwijl wifi 7 echt voor de toekomst is gebouwd.

Heel belangrijk: de juiste bekabeling

Draadloos internet begint voor de meeste mensen bij een kabel: heb je een los modem en een losse router, dan vormt de kabel ertussen de basis. Gebruik je hier een oude kabel, dan wordt de snelheid al beperkt voordat het signaal de lucht in gaat. Controleer of er Cat 5e, Cat6 of Cat6a op de kabel staat, dan zit je meestal goed. Cat5 haalt soms maar 100 Mbps door kwaliteit/afmontage. Heb je cat5 liggen? Vervang dat dan in ieder geval door cat5e; dat is een veilige keuze voor gigabit. Een kleine investering in een kwalitatieve netwerkkabel kan een wereld van verschil maken voor de uiteindelijke wifi-snelheid op je telefoon.

Slechte wifi? Oplossen is makkelijker dan je denkt

Alles bij elkaar komt goed wifi minder neer op toeval dan veel mensen denken. Met een slimme plek voor je router, een rustige frequentie en actuele software haal je vaak al verrassend veel winst. Combineer dat met een fatsoenlijke netwerkkabel en je voorkomt dat de dat de verbinding al beperkt wordt voordat het signaal draadloos wordt verspreid. Door deze stappen een voor een toe te passen, los je de meest voorkomende wifi-problemen op zonder dat een duurder internetabonnement nodig is, en maak je van een haperende verbinding weer een stabiele basis voor alles wat je online doet.

Consumenten testen: TP-Link Deco BE25 WiFi 7 mesh set

Op Review.nl, het testplatform waarop consumenten nieuwe technologie uitproberen en hun bevindingen delen, krijgt de TP-Link Deco BE25, een router met dualband wifi 7,  een stevige 8,7 op Review.nl. En dat betekent iets: want omdat op Review.nl producten getest worden door een panel van echte gebruikers, zie je hoe iets in een normaal huishouden presteert.

Wat opvalt is hoe vaak testers terugkomen op de snelheid en stabiliteit. De overstap naar wifi 7 levert volgens veel gebruikers merkbaar meer rust in het netwerk op, vooral in huizen waar voorheen op zolder, in de tuin of achterin de woonkamer nauwelijks een bruikbaar signaal was. De Deco BE25 vult dat soort gaten zichtbaar op. Apparaten blijven stabiel verbonden, streamen gaat zonder haperingen en ook gamers merken volgens de testers dat de latency laag blijft. Wie een gigabitverbinding heeft, ziet die snelheid nu ook daadwerkelijk terug op plekken waar dat eerst niet haalbaar was.

Een tweede punt dat veel lof krijgt, is de installatie. De meeste testers spreken over een proces van enkele minuten. De app begeleidt je stap voor stap, herkent automatisch de nieuwe units en geeft advies over de beste plek voor elk wifipunt. Daardoor voelt het hele systeem toegankelijk, ook voor wie zichzelf niet technisch vindt. Eenmaal ingesteld blijkt het netwerk bovendien weinig onderhoud nodig te hebben: de app verdeelt verkeer slim, laat je apparaten prioriteren en biedt opties voor gastnetwerken en ouderlijk toezicht.

Het ontwerp en de functionaliteit leveren wel discussie op. Een deel van de testers vindt de units wat groot en mist montageopties of extra ethernetpoorten. Ook melden sommige gebruikers dat smartphones niet altijd direct naar het dichtstbijzijnde wifipunt schakelen. Toch wordt dat in de meeste reviews gezien als een detail naast de verbeterde dekking en het gemak van dagelijks gebruik.

Alles bij elkaar laat het testpanel zien dat de Deco BE25 vooral scoort op prestaties waar consumenten echt iets van merken: hogere snelheden, betere dekking en een probleemloos installatieproces. Voor veel huishoudens voelt het als een upgrade die een onrustig wifi-netwerk verandert in een betrouwbaar en snel geheel.