ID.nl logo
Huis

OS X El Capitan Review: iedereen wordt een Mac-expert

Nu iedereen met een Mac kan updaten naar OS X El Capitan, is het een goed moment om het nieuwe besturingssysteem eens onder de loep te nemen. Wat is er veranderd en moet je upgraden?

Iedereen die nu OS X Yosemite draait, kan (en zou moeten) updaten naar El Capitan. Volgens Apple had Yosemite "the fastest adoption ever", dus waarschijnlijk zal El Capitan ook populair zijn. In het update-schema van Apple is El Capitan een kleine update, na de grote Yosemite update van vorig jaar. Dat betekent dat El Capitan zich vooral richt op een paar handige veranderingen, app updates en een enorme stapel bug fixes. Lees ook: Mac OS X El Capitan beschikbaar: Dit moet je doen voor je updatet.

Weinig verandering?

Als je van Yosemite komt, zul je in eerste instantie weinig verandering merken. Het gebruik en de besturing van je Mac is hetzelfde gebleven, het is alleen net iets prettiger geworden. Omdat het een kleine update lijkt te zijn, haal je misschien al snel je schouders op bij El Capitan. Ik heb mezelf hier ook op betrapt sinds de publieke beta uitkwam. En eigenlijk is dat ook wel terecht. El Capitan heeft geen killer features die het een revolutionaire update maken, maar daar gaat het ook niet om. Het gaat bij El Capitan om de filosofie erachter.

El Capitan maakt het makkelijk een power user te worden

Als je het kort samen wilt vatten, doet El Capitan wat apps van derden al jaren mogelijk maakten. Het enige verschil is dat El Capitan dit direct in het OS stopt. Spotlight is nu meer dan een simpele zoekmachine voor je Mac, venstermanagement is stukken eenvoudiger en Notities zijn nu (net als in iOS 9) meer dan een simpele blok tekst. Dit alles loste ik al jaren op met apps en add-ons, dus voor mij bracht El Capitan op het eerste oog weinig nieuws. Maar wat Apple, in mijn ogen, met El Capitan vooral heeft gedaan, is de brug tussen casual- en power users een stuk kleiner gemaakt.

Twee apps naast elkaar

Neem bijvoorbeeld Split View, waarmee je twee apps full-screen naast elkaar kunt draaien. De vergelijking met iOS 9 op de iPad is natuurlijk snel gemaakt, maar gelukkig is de functie niet klakkeloos gekopieerd. Apple heeft de groene knop van het kleine stoplichtje (linksboven in elk venster) gebruikt om Split View te activeren. Hou de knop lang ingedrukt en kies vervolgens de tweede app. Dit werkt fantastisch, ondanks dat een aantal oudere apps dit niet ondersteunen. Ook kun je - net als op de iPad - de balk tussen de vensters verslepen om de grootte aan te passen.

Ikzelf gebruik het meer dan ik van tevoren had gedacht. Ik werk in Pages aan de linkerkant, terwijl ik rechts Safari heb draaien zodat ik snel wat op kan zoeken. Het beste aan Split View is dat het makkelijk te ontdekken is. Ik maakte al veel gebruik van verschillende bureaubladen om snel tussen apps te switchen en kwam er op die manier achter hoe Split View werkte.

©PXimport

Mission Control in OS X El Capitan.

Mission Control heeft opgeruimd

Over werken met verschillende bureaubladen gesproken, Apple is eindelijk afgestapt van het opstapelen van vensters in Mission Control. Alle geopende vensters op je bureaublad staan nu netjes naast elkaar, respectievelijk aan hoe ze op je bureaublad gerangschikt waren. Je kunt vanuit hier elke app naar de balk bovenaan het scherm slepen om hem full-screen te gebruiken. En wanneer je hem over een andere full-screen app plaatst, wordt er onmiddellijk een Split View gecreëerd.

Spotlight is bijna Siri, maar niet helemaal

Net als in voorloper Yosemite kan Spotlight ook in El Capitan zoeken op internet. Je kunt bijvoorbeeld het weer opzoeken, aandelen checken, sportuitslagen zien en kattenfilmpjes bekijken. Dit alles direct in het Spotlight-venster. Helaas is Spotlight wederom geen Siri. Leek het verbeterde Spotlight bij Yosemite ons een inkopper voor Siri, Apple denkt daar duidelijk anders over.

Wat me opvalt is dat Siri op iOS een stuk slimmer is dan Spotlight op OS X. Als ik aan Siri vraag of ze me wilt helpen onthouden vanmiddag melk te kopen, wordt er een automatisch een herinnering aangemaakt. Als ik dat aan Spotlight vraag, krijg ik een email uit 2011 die ik aan mezelf heb gestuurd in het pre-Herinneringen tijdperk van iOS. Een herinnering maken zit er in ieder geval niet in.

©PXimport

Spotlight is nog geen Siri.

Zeker nu Microsoft Cortana rechtstreeks heeft ingebouwd in Windows 10, verbaast het me enorm dat Apple niet iets dergelijks heeft gedaan met Siri en Spotlight. Je zult me niet snel zien praten tegen m'n Mac, maar de technologie achter Siri lijkt makkelijk te implementeren in Spotlight door middel van geschreven tekst. De beslissing om Siri en Spotlight niet te combineren wordt alleen maar vreemder door het feit dat Spotlight wel degelijk is geüpdatet om standaard zinnen te herkennen, zoals "emails van Jeroen uit 2011 over volleybal". Dit werkt erg goed - de relevante email verschijnt bijna meteen. De grens tussen wat Siri kan doen en wat Spotlight kan, lijkt langzaam te verdwijnen. Waarom die nog niet helemaal verdwenen is, is mij een raadsel.

Veel veranderingen op systeemniveau

Apple heeft een hoop aangepast op systeemniveau. Zo gebruikt El Capitan het nieuwe lettertype San Francisco, net als iOS 9 en de Apple Watch. Of dit een verbetering is, zal voor iedereen anders zijn. Maar ik vind het prettig leesbaar en was er na een dag aan gewend.

Ook heeft Apple wat veranderingen aangebracht onder de motorkap. Grafische prestaties lopen voortaan via Metal: een hoopje code wat het voor ontwikkelaars makkelijker maakt om de grafische processor aan te spreken. Apples apps maken hier al gebruik van en dat kunnen apps van derden ook.

Ik hoopte dat Metal mijn Mac niet alleen sneller zou maken, maar ook wat extra batterijduur op zou leveren. Dat laatste heb ik niet kunnen ontdekken. Metal lijkt vooral bepaalde taken efficiënter te laten uitvoeren, maar dat extra uurtje gebruik na het opladen heb ik nog niet ontdekt.

©PXimport

Gepinde tabs.

Safari is weer mijn standaardbrowser

Naast Split View zijn de nieuwe features in Safari misschien wel mijn favoriete verbetering in El Capitan. Je kunt nu tabbladen 'pinnen'. Gepinde tabbladen zijn moeilijker af te sluiten, waardoor je niet meer per ongeluk een belangrijke website afsluit.

Elk tabblad geeft nu ook aan of het geluid produceert, wat handig is als je snel wilt zien waar dat ene irritante geluid steeds vandaan komt. Ook kun je meteen het geluid dempen.

Ik maak veel gebruik van gepinde tabbladen, wat voorheen mijn reden was om Google Chrome te gebruiken in plaats van Safari. Sinds El Capitan is Safari weer mijn standaardbrowser en kan ik heerlijk over het web struinen zonder Flash Player.

"Back to the Mac"

Apple kondigde in 2010 OS X Lion aan, tijdens een event dat "Back to the Mac" heette. Het idee was om handige iOS features naar de Mac te brengen. Het opvallende was dat deze features heel erg desktop-achtig aanvoelden en niet als gekopieerde functies van een mobiel besturingssysteem.

©PXimport

Split View voelt hetzelfde op de Mac en iPad.

Nu gebeurt praktisch hetzelfde, maar het lijkt nog beter uitgevoerd te zijn. Voorheen kon je met Apple's eigen apps basale taken prima uitvoeren, maar was er best wat expertise nodig om een power user te worden. Nu heeft iedereen met een iPhone of iPad al toegang tot deze geavanceerde features en is het met El Capitan vrijwel net zo makkelijk geworden om je Mac zo productief mogelijk te gebruiken.

El Capitan lijkt Apples sterkste argument om binnen Apples ecosysteem te leven. Na een paar weken met El Capitan gewerkt te hebben, is dit wat mij betreft nog steeds het geval. Met apps van derden en handige add-ons kun je nog steeds dingen doen die standaard niet mogelijk zijn met El Capitan, maar de kloof wordt steeds kleiner.

Een paar jaar terug was het enige onderdeel van je Mac dat iets over je iPhone wist, iTunes. En dat was voor velen ook het meest vreselijke onderdeel van de Mac. Nu weet je Mac alles van je iPhone en iPad, en vice versa. En als dit af en toe niet het geval is, laat El Capitan je op een soortgelijke manier werken met je Mac als de manier die je al gewend bent van je iOS-apparaat.

Dat is El Capitan's grootste kracht. En dat gaat vele gebruikers helpen om veel meer met hun Mac te doen.

Uitstekend
Conclusie

Mac OS X El Capitan ------------------- **Prijs:** Gratis **Taal:** Nederlands **Ontwikkelaar:** Apple Inc. **Release datum:** 30 september 2015 **Verkrijgbaar bij:** Mac App Store

Plus- en minpunten
  • Split View
  • Helpt standaard gebruikers
  • Sneller
  • Stabieler
  • Geen Siri
▼ Volgende artikel
Review Poco F8 Ultra – Toptoestel zodra de prijs zakt
© Wesley Akkerman
Huis

Review Poco F8 Ultra – Toptoestel zodra de prijs zakt

De smartphones van Poco zijn over het algemeen goed geprijsd als je kijkt naar wat je ervoor terugkrijgt. De nieuwe Poco F8 Ultra heeft een prijskaartje van minimaal 800 euro. Gaat die regel ook hier op?

Uitstekend
Conclusie

De Poco F8 Ultra oogt uniek, vindt in de subwoofer een handige toevoeging en voelt stevig aan. De door ons geteste Denim Blue-uitvoering heeft bovendien een faux denimlaagje op de achterkant voor extra grip (wat deze variant een paar gram zwaarder maakt dan de zwarte versie). Wel plaatsen we wat kanttekeningen bij de software- en camera-ervaring. De prijs is misschien gevoelsmatig nog wat hoog, zeker voor dit merk. Maar zakt de prijs richting de 600 euro, dan krijg je een toptoestel dat zijn prijs meer dan waarmaakt en waar je langdurig plezier van hebt.

Plus- en minpunten
  • Bose-subwoofer
  • Faux denim achterop
  • Stevig, handzaam en licht
  • Vlotte en overzichtelijke software
  • Gemiddeld tot goed softwarebeleid
  • Batterijduur
  • Kleuren kunnen beter
  • Camera laat te wensen over
  • Bloatware en advertenties
CategorieSpecificatie
Display6,9 inch Amoled-display, 120Hz (adaptief), 3500 nits maximale helderheid
ProcessorSnapdragon 8 Elite Gen 5 (3nm)
Geheugen12 GB of 16 GB LPDDR5X (9600 Mbps)
Opslag256 GB of 512 GB (UFS 4.1)
Batterij6500 mAh met 100W HyperCharge en 50W draadloos laden
Camera achter50 MP hoofdcamera (OIS), 50 MP periscooptelelens (OIS), 50 MP ultragroothoek
Camera voor32 MP met autofocus
VideoTot 8K op 30 fps (achter) / 4K op 60 fps (voor)
SoftwareXiaomi HyperOS 3
BouwIP68 waterbestendig, POCO Shield Glass, 218 (Black) - 220 gram (Denim Blue)
Connectiviteit5G, Wifi 7, Bluetooth 6.0, NFC
Extra'sUltrasone vingerafdrukscanner, Infrarood (IR-blaster), Bose audio

Want wat voor smartphone kun je precies aanbieden als je er net wat meer geld tegenaan gooit? Dat idee heeft een unieke telefoon opgeleverd, voorzien van een denimlook én een extra subwoofer achterop. Gewaagde keuzes, maar in een wereld waarin smartphones steeds meer naar elkaar toe groeien, en in hun identiteitscrisis meer en meer op iPhones gaan lijken, geen verkeerde ontwikkeling. Alleen daarom al zijn we enthousiast over de Poco F8 Ultra (Blue Denim-uitvoering).

Het helpt dan ook zeer dan de subwoofer daar niet alleen voor de show zit. Dit compacte speakertje geeft geluiden en audio meer dan genoeg ruimte om beter tot hun recht te komen vergeleken met reguliere smartphonespeakers. Weg is dat blikkige geluid, dat nu ruimte maakt voor warmere tonen en een bredere soundstage. Klinkt de muziek perfect? Dat kun je niet verwachten, maar we zijn desondanks onder de indruk van de Bose-luidspreker.

©Wesley Akkerman

Uniek en tof

De Poco F8 Ultra ligt prettig in de hand en voelt solide aan dankzij het aluminium frame. Met 220 gram is hij ook niet overdreven zwaar. Het fauxdenim op de achterkant draagt daarbij merkbaar bij aan de grip, waardoor hij niet snel uit je handen glipt. Juist door dat eigenzinnige uiterlijk is dit zo'n smartphone die je liever zonder hoesje gebruikt, ook al loop je daarmee iets meer risico op valschade.

Het grote amoled-paneel van 6,9 inch stelt evenmin teleur. Met zijn hoge resolutie (1.200 bij 2.608 pixels) en verversingssnelheid (120 Hertz) kom je niets tekort en oogt alles scherp en vlot. Het contrast is breed en zwartwaarden zijn diep, maar de kleuren kunnen soms net even wat flets ogen. Dat valt alleen op in directe vergelijkingen met andere smartphones; de kans is heel klein dat dit je hier iets van merkt in het dagelijkse gebruik of als je een minder geoefend oog hebt.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Wat je mag verwachten

Ook al draait de Poco F8 Ultra niet op de krachtigste processor die Qualcomm te bieden heeft, in de praktijk merk je daar weinig van. De Snapdragon 8 Elite Gen 5 voelt vlot aan bij multitasking en kan games zonder moeite aan, al moet je er wel rekening mee houden dat de Gen 5 warm (niet heet, gelukkig) kan worden wanneer je high-end spellen speelt. Niets om je zorgen over te maken, je zult hier namelijk je vingers niet aan branden.

Ook de accu stelt niet teleur. Met een capaciteit van 6.500 mAh haal je in veel gevallen probleemloos twee dagen, al hangt dat vanzelfsprekend af van hoe intensief je de smartphone gebruikt. Speel je veel games, dan loopt hij sneller leeg, maar opladen gaat razendsnel. Met een geschikte 100w-lader, die je zelf moet aanschaffen, zit de accu binnen ongeveer veertig minuten weer helemaal vol.

0,7x

1x

2x

Camera en software

Toch is niet alles goud wat er blinkt. Onder de juiste lichtomstandigheden maakt de Poco F8 Ultra kleurrijke en gedetailleerde beelden. Zoomen is geen probleem en ook de selfiecam lijkt goed om te gaan met verschillende huidtypen. De groothoeklens presteert echter minder goed: kleuren komen minder goed uit de verf en details vallen weg. De avondmodus stelt teleur, met een overdaad aan exposure, gebrekkige kleurenaccuraatheid en trage vastlegging.

Aangezien Poco een dochteronderneming is van Xiaomi, draait het toestel op HyperOS 3.0. De Poco staat daardoor vol met overbodige en dubbele apps, waaronder die van Xiaomi, waarvan je het gros kunt verwijderen. Ook kom je her en der wat reclame tegen. Verder is het besturingssysteem vlot en overzichtelijk, twee eigenschappen die we extreem belangrijk vinden. Je krijgt tot slot 'maar' vier Android-upgrades, evenals zes jaar aan beveiligingsupdates.

5x

10x

Poco F8 Ultra kopen?

Ondanks de kanttekeningen die we plaatsen bij de software- en camera-ervaringen, zijn er eigenlijk weinig redenen om niet voor de Poco F8 Ultra te kiezen. Hij oogt uniek, vindt in de subwoofer een handige toevoeging en voelt stevig aan. De door ons geteste Denim Blue-uitvoering heeft bovendien een faux denimlaagje op de achterkant voor extra grip (wat deze uitvoering wel een paar gram zwaarder maakt dan de Poco F8 Ultra Black). De prijs is misschien gevoelsmatig nog wat hoog, zeker voor dit merk. Maar zakt de prijs richting de 600 euro, dan krijg je een toptoestel dat zijn prijs meer dan waarmaakt en waar je langdurig plezier van hebt.

52137934

▼ Volgende artikel
Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid
© ER | ID.nl
Huis

Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid

Spatial audio, oftewel ruimtelijke audio, belooft een luisterervaring waarbij het geluid niet alleen van links en rechts komt, maar je volledig omringt. Hoewel de marketingkreten je geregeld om de oren vliegen, is de techniek niet in elke situatie even zinvol. In dit artikel ontdek je wanneer ruimtelijke audio je ervaring verrijkt en wanneer je prima zonder kunt.

Vergeet het statische geluid van je oude vertrouwde stereo-set. Met spatial audio krijgt geluid eindelijk de diepte die het verdient. Dankzij slimme algoritmes die de akoestiek van de echte wereld nabootsen, ontsnapt de audio aan je koptelefoon of soundbar. Geluid beweegt vrij door de kamer, waardoor een helikopter in een film ook echt boven je hoofd lijkt te cirkelen. Het is de overstap van een platte foto naar een hologram, maar dan voor je oren.

Bioscoopervaring thuis

De meest logische toepassing voor spatial audio is zonder twijfel de moderne filmervaring. Wanneer je een blockbuster kijkt die is gemixt in formaten zoals Dolby Atmos, komt de techniek pas echt tot leven. Een helikopter die overvliegt of regen die op een dak klatert, krijgt een verticale dimensie die voorheen onmogelijk was met een standaard hoofdtelefoon of een simpele soundbar.

Voor filmliefhebbers die niet de ruimte hebben voor een volledige surround-installatie met fysieke speakers in het plafond, biedt spatial audio een overtuigend en compact alternatief dat de zogenaamde immersie aanzienlijk vergroot.

Spatial audio in de praktijk

Je komt ruimtelijke audiotechnieken op steeds meer plekken tegen, vaak zonder dat je er specifiek naar hoeft te zoeken. In de filmwereld is Dolby Atmos de absolute standaard, waarbij streamingdiensten zoals Netflix en Disney+ deze techniek inzetten om geluidseffecten via een soundbar dwars door je kamer te laten bewegen.

Muziekliefhebbers vinden soortgelijke ervaringen bij Apple Music en Tidal, waar speciale mixes van bekende albums een breder en dieper geluidsveld bieden dan de originele stereoversie. Ook in de gamingwereld is het inmiddels de norm; Sony gebruikt de Tempest 3D-technologie voor de PlayStation 5 om spelers midden in de actie te plaatsen, terwijl Microsoft met Windows Sonic en Dolby Atmos for Headphones vergelijkbare resultaten behaalt op de Xbox en pc.

©ER | ID.nl

Muziek met een extraatje

Voor muziek is het nut van ruimtelijke audio iets genuanceerder en sterk afhankelijk van de productie. Bij klassieke concerten of live-opnames kan de techniek je het gevoel geven dat je midden in de concertzaal zit, waarbij de akoestiek van de ruimte tastbaar wordt. Ook bij moderne popmuziek die specifiek voor dit formaat is geproduceerd, kunnen artiesten creatiever omgaan met de plaatsing van instrumenten of subtiele geluidseffecten.

Toch blijft voor de purist die zweert bij een eerlijke, ongefilterde weergave van een studio-album de traditionele stereomix vaak de voorkeur genieten, omdat spatial audio de oorspronkelijke balans soms onnatuurlijk kan veranderen.

Gaming en de functionele voorsprong

In de wereld van gaming verschuift de waarde van spatial audio van puur esthetisch naar functioneel. Vooral in competitieve shooters is het horen van de exacte positie van een tegenstander een serieus dingetje. Door gebruik te maken van ruimtelijke audio kun je voetstappen boven, onder of achter je nauwkeurig lokaliseren. Dat geeft niet alleen een intensere spelervaring waarbij je volledig wordt opgeslokt door de spelwereld, maar biedt ook een tactisch voordeel dat met standaard audio simpelweg niet te evenaren is. Hierdoor is de techniek voor fanatieke gamers bijna onmisbaar geworden.

Wanneer kun je het beter uitschakelen?

Ondanks de indrukwekkende demonstraties is spatial audio niet altijd de beste keuze. Voor dagelijks gebruik, zoals het luisteren naar podcasts of het kijken van het journaal, voegt de extra ruimtelijkheid weinig toe en kan het de verstaanbaarheid van stemmen zelfs negatief beïnvloeden. Ook bij oudere opnames die door softwarematige kunstgrepen naar ruimtelijk geluid worden omgezet, ontstaat er vaak een hol en onnatuurlijk resultaat. In dergelijke gevallen is een zuivere stereoweergave nog altijd de meest betrouwbare weg naar een prettige luisterervaring.

Populaire merken voor spatial audio

Verschillende fabrikanten lopen voorop in de adoptie van ruimtelijke audiotechnieken. Apple heeft met de integratie in de AirPods Max en AirPods Pro in combinatie Apple Music de techniek toegankelijk gemaakt voor de massa, terwijl Sony met hun 360 Reality Audio een sterk eigen ecosysteem heeft gebouwd dat vooral schittert bij gaming en specifieke streamingdiensten. Daarnaast is Sonos een dominante speler op het gebied van home-entertainment met soundbars die Dolby Atmos ondersteunen. Bose en Sennheiser zijn eveneens belangrijke namen die met hun geavanceerde algoritmes en hoogwaardige hardware zorgen dat de ruimtelijke beleving ook voor de veeleisende luisteraar geloofwaardig blijft.