ID.nl logo
Zekerheid & gemak

Videomonteren AAN DE SLAG

COMPLETE CURSUS VIDEOBEWERKING DEEL 2: HET MONTAGEPROCES Snelle beeldwisselingen, heftige compilaties en samenhangende scènes komen niet zomaar tot stand. Dat is het werk van de video-editor. Zonder montage zou iedere film maar een langdradig epos worden, waarnaar niemand wil kijken. Om goed te kunnen (leren) videomonteren hoeft u echter geen prof te zijn. Het enige wat u nodig hebt is een videobewerkingspakket en kennis van de basisprincipes van het monteren.

Of het nu gaat om een vakantiefilmpje, een promo, een interview of een verslag van een sportdag, montage is nodig om er een flitsend geheel van te maken. Want zeg nu zelf, de inhoud kan fantastisch zijn, zonder vorm blijft het een kleurloos en langdradig geheel. Monteren is echter meer dan alleen verschillende beelden in de juiste volgorde aan elkaar plakken: door te monteren kunt u namelijk bepaalde beelden benadrukken, fouten herstellen en kleuren corrigeren. RUWE MONTAGE Het is aan te raden om te werken vanuit een storyboard. De inhoud is dan al tot in detail uitgewerkt en de volgorde staat in grote lijnen vast. Hebt u geen storyboard, dan kunt u bijvoorbeeld thematisch te werk gaan, verschillende verhaallijnen door elkaar laten lopen of uw montage opbouwen door middel van vraag en antwoord. Op die manier hebt u altijd een basis waarop u kunt terugvallen. Het is dus belangrijk dat u vooraf weet wat u gaat doen en dat u daar in hoofdlijnen niet van afwijkt. De montageklus begint met het capturen en verzamelen van al het benodigde materiaal. Capture vooral ruim, zodat u extra materiaal hebt bij het trimmen en het gebruik van overgangen. Al het gecaptu- rede materiaal, foto's, audio en titels kunt u rangschikken in het projectenvenster. Meestal kunt u met één druk op de knop al dit materiaal naar de tijdlijn overzetten. Afhankelijk van de hoeveelheid is het verstandig de montage in delen te splitsen. U kunt dan overzichtelijker te werk gaan en dat scheelt tijd. De ruwe montage hebt u nu achter de rug. FIJNE MONTAGE Het begrip tijd is in videoproducties heel belangrijk. Er zijn films die een tijdspanne hebben van een mensenleven en er zijn er die een paar uur behelzen. Als u met minder beelden hetzelfde kunt vertellen, geniet dat altijd de voorkeur. Langzame beelden worden over het algemeen ervaren als saai en vervelend. Om de videofragmenten in te korten moet u ze trimmen. De meeste pakketten hebben speciale trimvensters. Het simpele trimmen bestaat er uit dat u aan het begin of het einde van uw videofragment frames verwijdert of oprolt. Geavanceerdere pakketten als Avid XpressDV, Première Pro en Vegas Video bieden daarnaast nog een aantal andere mogelijkheden als ripple edit, rolling edit, slip edit en slide edit. Ripple en rolling edit worden gebruikt om twee aan elkaar grenzende fragmenten te trimmen. Bij een ripple edit wordt de edit-lijn naar links of rechts verschoven. Hiermee wordt het begin of eind van het videofragment verkort of verlengd. Dit heeft direct gevolgen voor het fragment dat er aan vast zit. De totale lengte van de tijdlijn blijft hetzelfde. Dit is niet het geval bij een rolling edit. Het videofragment waar u dit op toepast blijft dezelfde lengte behouden, maar wordt in totaliteit naar links of rechts geschoven. Het aangrenzende videofragment wordt daardoor ingekort, evenals de totale duur van de tijdlijn. Werkt u aan een videofragment dat zich tussen twee andere fragmenten bevindt, dan kunt u gebruik maken van slip en slide edit. Met slip edit verandert u met één beweging zowel het start- als eindframe van het videofragment. De aangrenzende fragmenten blijven onveranderd. Met slide edit verplaatst u het middelste fragment en verandert u de lengte van de aangrenzende fragmenten. De frames waar het om draait bij deze vier technieken worden door het programma naast elkaar geplaatst, zodat u zeer precies te werk kunt gaan. BEELDWISSELINGEN Het trimmen van videofragmenten is eenvoudig aan te leren. Lastiger is het om de beeldwisselingen die voortkomen uit het trimmen inhoudelijk en technisch goed te laten verlopen. De volgorde waarop de beelden zijn gerangschikt, is bepalend voor het verloop van het verhaal. U zult antwoorden moeten hebben op de volgende vragen. Moet de kijker dit nu al weten? Wat voor een reactie zal de kijker op dit beeld hebben? Wat wil ik met dit beeld bereiken? Met andere woorden: ieder gebruikt beeld heeft een reden. Daarnaast is het belangrijk dat de kijker zich niet stoort aan de beeldwisselingen. Er zijn verschillende basismogelijkheden die u hiervoor kunt gebruiken (zie kader beeldwisselingen op pagina 68) of u kunt gebruikmaken van de overgangfilters die het pakket u biedt. Het laatste is vaak een noodoplossing. Op de dissolve en fade out na worden er zelden of nooit overgangsfilters gebruikt in reclame, films en muziekvideo's. Wilt u hier toch gebruik van maken, zorg dan dat het geheel zich kenmerkt als een eigen stijl. De eenheid in de video blijft dan gehandhaafd en de ijker zal zich hier minder aan de overgangen storen KLEURCORRECTIE De kijker stoort zich naast overgangen ook snel aan kleurverschillen in het beeld. Het menselijk oog is hier zeer gevoelig voor. Te donkere beelden, te felle kleuren of een te grauwe lucht: u komt vast wel eens beelden tegen waarvan de kleuren niet kloppen. Gelukkig kunt u dan gebruikmaken van de kleurcorrectie-mogelijkheden van uw pakket. Die kunnen variëren van automatische correctiefilters tot zeer geavanceerde mogelijkheden, waarbij ieder kleurkanaal afzonderlijk kan worden aangepast. Voordat u de kleuren gaat aanpassen, moet u eerst een analyse maken van de kleur- en helderheidswaarden in uw beelden. Twee belangrijke hulpmiddelen hiervoor zijn de waveform-monitor en de vectorscope. De helderheidsinformatie van het videobeeld wordt weergegeven door de waveform- monitor. De gebruikte waardeschaal hiervoor is ire (Institute of Radio Engineers). De helderste gedeelten mogen niet boven de 100 ire uitkomen en de donkerste gedeelten niet beneden de 0 ire. Gebeurt dit wel, dan zullen in die gedeelten de beelden niet goed zichtbaar zijn. De waveform-monitor wordt daarom vaak gebruikt tijdens het filmen, om achteraf problemen te voorkomen. Het is even wennen om de waveform-monitor goed it te lezen. De horizontale signalen corresponderen met horizontale gegevens in het beeld. Verticaal laat de waveformmonitor alleen maar de helderheidsinformatie zien. Zijn beelden te donker of te licht, dan kunt u door het contrast en helderheid aan te passen het beeld optimaliseren. Kleuren in videobeelden worden geanalyseerd met de vectorscope. Het kleurenwiel van de vectorscope geeft de primaire kleuren rood, groen en blauw aan en daartussen de mix van deze kleuren magenta, cyaan en geel. Het wiel is zo gemaakt dat de complementaire kleuren tegenover elkaar staan. Rood tegenover cyaan, magenta tegenover groen en geel tegenover blauw. De kleursterkte kan worden afgelezen door te kijken hoe ver de kleur van het centrum vandaan staat. Hoe verder het signaal naar de buitenkant van de cirkel staat, des te helderder is de kleur vertegenwoordigd. De positie van het signaal binnen de 360 graden bepaalt de kleur. Als u dus bijvoorbeeld de hoeveelheid blauw in uw beeld wilt verminderen, kunt u de hoeveelheid geel verhogen of de hoeveelheid magenta en cyaan evenredig verminderen. TITELS In commercials en promo's wordt veelvuldig gebruik gemaakt van titels om de boodschap te benadrukken of te verduidelijken. De itelgenerator in het videobewerkingspakket stelt u in staat de meest fantastische titels te maken. Desondanks zult u ervaren dat de titels op uw beeldscherm er anders uitzien dan op televisie. Dit komt doordat het beeld op televisie anders wordt opgebouwd en doordat de televisie gebruik maakt van een ander kleurschema. Het meest voorkomende probleem is dat de titels op het beeldscherm schaduwkanten vertonen en dat de letters onscherp zijn. U kunt dit voorkomen door de anti-aliasingfunctie van uw programma uit te schakelen en de letters iets te verzachten door het blur-filter te gebruiken. Ook gebeurt het regelmatig dat de kleuren afwijken. Dit probleem kunt u omzeilen door alleen kleuren te kiezen die in het pal-kleurschema worden gebruikt. Belangrijk om te weten is, dat wit niet zoals in het digitale domein de waarden 255, 255, 255 heeft maar 235, 235, 235 en dat de kleur zwart voor pal de waarden 16, 16, 16 heeft. CONTROLE Iedere videoproductie moet na de montage worden gecontroleerd. Dit kunt u elf doen, maar het is verstandig om ook anderen uw productie te laten nakijken. Tijdens de controle komt u vanzelf kleine foutjes op het spoor, u kunt beeldwisselingen aanpassen en de boodschap eventueel verduidelijken. Pas als alles de toets der kritiek heeft doorstaan kunt u de volgende stap in uw montageproces zetten: het bewerken van de audio. Maar daarover volgende maand meer. Het monteren van video is belangrijk om de film te laten slagen. Videomontage is vaak makkelijker dan het lijkt. Met de juiste middelen en kennis van een aantal basisregels, bent u al snel in staat zijn om uw film een extra waarde te geven. Mocht het in het begin niet lukken, geef dan vooral niet op. De beste films zijn tot stand gekomen doordat er tijdens de montage veel is geëxperimenteerd. En dat is misschien ook wel de leukste kant van het monteren. PCM CONCLUSIE Met de titelgenerator maakt u in een handomdraai de beste crawls (de titel beweegt dan over het scherm). Met Avid XpressDV blijft u de meeste kleurproblemen de baas. Een goede beeldwisseling is er één die de kijker niet stoort in de beleving van de film. Als editor moet u dus keer op keer de juiste keuze maken om de kijker tevreden te houden. Wanneer gaat u knippen? En waar let u dan op? In de loop der jaren zijn er basisregels ontwikkeld die de editor helpen bij de montage. Deze regels zijn niet zaligmakend, maar vormen een goed uitgangspunt. Action cut Om de continuïteit in de film niet te doorbreken wordt er altijd 'in de actie' geknipt. Als een voetballer een bal schiet, wordt er van beeld gewisseld op het moment dat hij de bal raakt. Niet er voor en niet er na. Subliminal cut Maakt gebruikt van een aantal zeer korte beelden tussen de scène. U kunt dit gebruiken om het onderbewustzijn van de kijker te prikkelen, maar ook om een gedachtesprong van iemand te visualiseren. Cutaway Om vergissingen en onvolkomenheden te verhullen. Bijvoorbeeld een moment in een historische film waarin ineens de nieuwste BMW staat. In zo'n geval kunt u een beeld hierover heen zetten. Een cutaway wordt ook gebruikt om verspringingen in beeldwisselingen te voorkomen. De camera cut away van de hoofdscène om in het volgende beeld hier weer terug te komen. Freeze frame Om emotie te brengen in de film. Wordt ook vaak gebruikt als afsluiter in een vervolgserie. Denk aan de Bold and The Beautiful. Look at Een persoon kijkt naar iets buiten het scherm. Het volgende beeld is datgene wat die persoon ziet. Voordeel van deze beeldwisseling is dat de shots ver van elkaar kunnen worden gefilmd. Multitake Enkele actie die vanuit verschillende kanten wordt gefilmd. Dit geeft een grotere impact. Een belangrijk moment in de film, die anders in een flits voorbij zou gaan, kan zo worden benadrukt. Een andere mogelijkheid is slow motion te gebruiken. Cut Zoom in Om dynamiek te krijgen in een anders statisch master shot kunt u ervoor kiezen dit stapsgewijs te benaderen. U voorkomt hiermee dat er moet worden gezoomd. Vanuit het master shot gaat u via het edium shot naar de close-up. Cut zoom out Vanuit een closeup wordt direct teruggegaan naar een master shot. Deze methode wordt gebruikt om de kijker het gevoel te geven van afstand en impact. Vooral bij achtervolgingen erg handig. Jump Cut Sequence Actiemoment van één persoon. Closeups en full shots wisselen elkaar af met een wijziging in de hoek van het camerastandpunt. In actiefilms als Rocky en Ali zien we deze techniek terug. Split Screen Gebeurtenissen die op hetzelfde moment plaatsvinden maar van plaats verschillen, kunt u in beeld brengen door het scherm in tweeën te splitsen. Dit werd bijvoorbeeld egelmatig toegepast in de Amerikaanse tv-serie Sex and the City als de dames met elkaar telefoneerden. Superimposition Om verbeelding toe te voegen aan de scène wordt over het filmbeeld een tweede beeld geprojecteerd. Komt vaak terug in scènes waarbij geliefden aan elkaar denken of waarbij de levende terug denkt aan de overledene. Fill reveal frame De laatste frames voor de beeldwisseling worden gebruikt om naar zwart te faden. Daarna verschijnt het andere beeld. Deze methode wordt veel gebruikt in de film Secret Windows met Johnny Depp. Photo to scene Er wordt ingezoomd op de afbeelding en de afbeelding wordt werkelijkheid. Wordt vaak gebruikt om gebeurtenissen uit het verleden te visualiseren. Clearing the frame Personen verdwijnen uit het frame. Het 'lege' frame blijft enkele seconden in beeld om vervolgens van beeld te veranderen. BEELDWISSELINGEN PERSONAL COMPUTER MAGAZINE november 2004 www.pcmweb.68 .nl Een film monteren betekent dat er veel geknipt, geplakt en geschoven wordt om de boodschap het beste over te brengen. De manier waarop dit het beste kan gebeuren staat in het storyboard dat u voor de film hebt gemaakt. Het storyboard geeft onder meer aan welke shots er worden gebruikt binnen een scène. Master shot Geeft een totaaloverzicht. De kijker kan de gebeurtenis door dit shot plaatsen in tijd en ruimte. Full Shot Het totale object of de hele persoon komt in beeld. Deze shots zijn bij personen prima geschikt om lichaamstaal uit te drukken. Medium close-up Alle onnodige elementen zijn uit het beeld verdwenen. De kijker wordt geconfronteerd met de actie. Wordt veel toegepast bij dialogen tussen personen. Close-up Het gezicht van de acteur vult het merendeel van het scherm. Extreme close-up Belangrijk om de nadruk te leggen op kleine details. Dit kan een gezichtsuitdrukking zijn, maar ook een voorwerp dat in een bepaalde scène van cruciaal belang is. Afhankelijk van de snelheid en de inhoud van de film kunt u bij beeldwisselingen gebruikmaken van één van deze shots. Vroeger was men van mening dat een beeldwisseling van full shot naar close-up te snel ging voor de kijker. Tegenwoordig zien we in alle commercials en speelfilms dat deze sprong de voorkeur geniet. Het zorgt ervoor dat er tempo in het beeld blijft. Met dit tweede deel van de cursus hebt u voldoende bagage om uw filmpje te aan monteren. Met onderstaande tips helpen we u nog wat verder op weg. Bekijk altijd eerst al het materiaal dat u wilt gebruiken voor het monteren. Het brengt u wellicht op nieuwe ideeën en ovendien weet u bij het monteren wat u kunt verwachten. Werk de montage van tevoren uit op papier om de draad niet kwijt te raken. eef duidelijk namen aan de verschillende clips en subclips. U kunt dan op een later moment videofragmenten eenvoudiger terugvinden in het project en op de tijdlijn. Zorg dat u bij het capturen niet te precies bent. Extra materiaal voor en na een scène is handig voor het trimmen. Ziet u tijdens de montage dat alle beelden van de dv-camera ruis vertonen, maak dan met een reinigingscassette de koppen van de camera schoon. Gebruik bij het monteren beelden van dezelfde scène die zijn opgenomen uit verschillende hoeken. Dit zorgt voor een dynamischer beeld en geeft de mogelijkheid om moeilijke beeldwisselingen te vereenvoudigen. Close–ups zijn goed voor spannende momenten en om emotie te tonen. Cutaways zijn beelden die u kunt gebruiken om slechte overgangen te maskeren of om de nadruk op iets te leggen. Bij een 'cutaway' laat u bijvoorbeeld vijftien frames lang een close-up zien van iets uit de hoofdscène. Bewegingen van links naar rechts doen het beter dan van rechts naar links. et gebruik van de spiegelfilter kan hier vaak uitkomst bieden. Let er wel op dat er geen woorden in beeld staan! Het tempo van de film kan worden verhoogd door snelle beeldwisselingen te gebruiken. Als u muziek gebruikt, monteer dan op de muziek. U kunt de beelden dan op maat snijden met het tempo van de muziek. Probeer zo min mogelijk overgangen te gebruiken. robeer er bij beeldwisselingen voor te zorgen dat objecten en personen zich in hetzelfde deel van het beeld bevinden. Zorg dat bij beeldwisselingen bewegingen dezelfde kant opgaan. Het is raar als iemand het ene moment naar links kijkt en het andere moment naar rechts. De prijs van InfoLithium batterijen is zeer hoog. Voor een langere levensduur doet u er verstandig aan na het filmen de batterijen van de camera te verwijderen. Dit voorkomt dat u de batterij oplaadt boven het maximum.

▼ Volgende artikel
Dekbed in de wasdroger: helpt een tennisbal echt?
© ID.nl
Huis

Dekbed in de wasdroger: helpt een tennisbal echt?

Wanneer je je dekbed gewassen hebt, wil je dat het natuurlijk weer lekker dik en luchtig aanvoelt. Maar wanneer je hem gewoon in de droger gooit, kan de vulling gaan klonteren, zodat er dunne stukken en dikke stukken ontstaan. Dat slaapt niet echt lekker. Om dat te voorkomen, gooien veel mensen er een paar tennisballen bij. Helpt dat echt?

In dit artikel

Je leest wat tennisballen in de droger doen en bij welke dekbedden dat wel of juist minder goed werkt. We leggen uit hoeveel ballen je nodig hebt, waar je op let bij het type tennisbal en waarom voldoende ruimte in de trommel belangrijk is. Ook staan we stil bij alternatieven zoals speciale drogerballen en geven we praktische tips om je dekbed gelijkmatig te laten drogen en mooi in vorm te houden.

Lees ook: 9 veelgemaakte fouten bij het drogen van je was

Wat tennisballen in de droger doen

Tijdens het drogen raken de tennisballen telkens het dekbed. Dat helpt vooral bij dons en veren. Als die nat zijn, blijven ze aan elkaar plakken en zakt de vulling in. Door de constante beweging vallen die samengepakte delen weer uiteen, waardoor de vulling zich opnieuw verspreidt. Zo kan de warme lucht overal beter bij en droogt het dekbed gelijkmatiger. De droogtijd wordt er niet korter van, maar het dekbed komt wel duidelijk voller uit de droger.

Hoe vaak moet je je dekbed eigenlijk wassen?

Een dekbed hoeft niet vaak in de was. Voor de meeste mensen is één tot twee keer per jaar genoeg. Dat komt omdat het meeste vuil (denk bijvoorbeeld aan zweet of huidschilfers) niet in het dekbed zelf terechtkomt, maar in het dekbedovertrek. Dat overtrek was je regelmatig, meestal eens per één à twee weken. Het dekbed blijft daardoor relatief schoon.

Soms is vaker wassen wel logisch. Bijvoorbeeld als je veel zweet in je slaap, last hebt van een huisstofmijtallergie of het overtrek niet zo vaak verschoont. Ook na ziekte of bij zichtbare vlekken is een extra wasbeurt verstandig.

Hoe vaak je kunt wassen, hangt ook af van de vulling. Niet elk dekbed kan namelijk even goed tegen veel wasbeurten. Dons- en verendekbedden kunnen meestal in de wasmachine, mits je het waslabel volgt en ze daarna goed laat drogen. Synthetische dekbedden zijn in dat opzicht wat vergevingsgezinder en kunnen vaak vaker gewassen worden zonder dat de vulling daaronder lijdt.

Twijfel je of wassen echt nodig is? Dan is luchten een goed alternatief. Hang je dekbed regelmatig buiten of bij een open raam. Daarmee kun je een wasbeurt vaak nog maanden uitstellen.

View post on TikTok

Hoeveel tennisballen zijn genoeg?

Met één tennisbal in de wasdroger merk je vaak weinig, zeker bij een groot dekbed. Die verdwijnt al snel in de stof en heeft dan weinig effect. Met twee tot vier ballen werkt het beter, omdat ze het dekbed op meerdere plekken tegelijk in beweging houden. Zolang de ballen vrij kunnen bewegen en niet vast blijven zitten in de vulling, doen ze hun werk.

Kun je elke tennisbal gebruiken bij het drogen van een dekbed in de droger?

iet elke tennisbal is even geschikt. Vooral nieuwe of felgekleurde ballen kunnen bij hogere temperaturen kleur afgeven en kleine pluisjes verliezen van de vilten buitenlaag. Dat komt niet vaak voor, maar het risico is wel aanwezig. Gebruik je oudere tennisballen, dan is de kans hierop kleiner. Wil je dat verder beperken, dan kun je de ballen in een oude witte sok stoppen en die dichtknopen. Het effect blijft grotendeels hetzelfde, al is het iets minder uitgesproken dan met losse ballen.

Speciale drogerballen

Er bestaan ook speciale drogerballen van wol of kunststof. Die zijn bedoeld voor gebruik in de droger en geven geen kleur af. Ze doen hetzelfde als tennisballen: ze zorgen dat het dekbed tijdens het drogen in beweging blijft. Wolballen maken minder lawaai en zijn milder voor stoffen. Stop je je dekbed regelmatig in de droger? Dan kun je beter deze speciale bollen gebruiken in plaats van tennisballen.  

Geef het dekbed genoeg ruimte in de droger

Tennisballen helpen alleen als het dekbed voldoende ruimte heeft om te bewegen. Is de trommel te vol, dan draait alles als één geheel rond en gebeurt er weinig. Wil je grote tweepersoonsdekbedden drogen, dan heb je een droger met een ruime trommel nodig. Heb je die niet zelf? Kijk dan of er een wasserette bij je in de buurt is. Meer ruimte zorgt voor meer beweging en daarmee voor een beter eindresultaat.

Niet elk dekbed kan in de droger

Tennisballen hebben vooral effect bij dons- en verendekbedden. Bij synthetische vulling is dat verschil kleiner en kan de constante beweging van de ballen de vulling na verloop van tijd zelfs vervormen. Wol, zijde en andere natuurlijke materialen mogen meestal helemaal niet in de droger. Check daarom altijd eerst het waslabel voordat je het dekbed in de trommel legt.

Even tussendoor opschudden helpt

Haal het dekbed halverwege het programma even uit de droger en schud het los, alsof je het bed opmaakt. Leg het daarna omgedraaid terug in de trommel. Zo verdeelt de vulling zich opnieuw en kan het dekbed gelijkmatiger drogen.

Wat kun je van het eindresultaat verwachten?

Tennis- of drogerballen zijn vooral een hulpmiddel, geen vervanging voor de juiste drooginstellingen. Droog het dekbed niet te vaak of te heet: kies een lage of middelhoge temperatuur en selecteer een speciaal dons- of beddengoedprogramma als dat op je droger zit. Zorg ook voor voldoende ruimte in de trommel. Als je dan ook nog eens ballen laat meedraaien, heb je er alles aan gedaan om te zorgen dat je dekbed weer lekker vol uit de droger komt!

▼ Volgende artikel
SSD vs. HDD: waarom is een SSD zo veel sneller dan een harde schijf?
© arinahabich
Huis

SSD vs. HDD: waarom is een SSD zo veel sneller dan een harde schijf?

Waarom start een computer met een SSD binnen enkele seconden op, terwijl een oude harde schijf blijft ratelen? Het vervangen van een HDD door een SSD is de beste upgrade voor een trage laptop of pc. We leggen in dit artikel uit waar die enorme snelheidswinst vandaan komt en wat het fundamentele verschil is tussen deze twee opslagtechnieken.

Iedereen die zijn computer of laptop een tweede leven wil geven, krijgt vaak hetzelfde advies: vervang de oude harde schijf door een SSD. De snelheidswinst is direct merkbaar bij het opstarten en het openen van programma's. Maar waar komt dat enorme verschil in prestaties vandaan? Het antwoord ligt in de fundamentele technologie die schuilgaat onder de behuizing van deze opslagmedia.

De vertraging van mechanische onderdelen

Om te begrijpen waarom een Solid State Drive (SSD) zo snel is, moeten we eerst kijken naar de beperkingen van de traditionele harde schijf (HDD). Een HDD werkt met magnetische roterende platen. Dat kun je vergelijken met een geavanceerde platenspeler. Wanneer je een bestand opent, moet een fysieke lees- en schrijfkop zich naar de juiste plek op de draaiende schijf verplaatsen om de data op te halen. Dat fysieke proces kost tijd, wat we latentie noemen. Hoe meer de data op de schijf verspreid staat, hoe vaker de kop heen en weer moet bewegen en wachten tot de juiste sector onder de naald doordraait. Dit mechanische aspect is de grootste vertragende factor in traditionele opslag.

©Claudio Divizia

Flashgeheugen en directe gegevensoverdracht

Een SSD rekent definitief af met deze wachttijden omdat er geen bewegende onderdelen in de behuizing zitten. De naam 'Solid State' verwijst hier ook naar; het is een vast medium zonder rammelende componenten. In plaats van magnetische platen gebruikt een SSD zogenoemd NAND-flashgeheugen. Dat is vergelijkbaar met de technologie in een usb-stick, maar dan veel sneller en betrouwbaarder. Omdat de data op microchips wordt opgeslagen, is de toegang tot bestanden volledig elektronisch. Er hoeft geen schijf op toeren te komen en er hoeft geen arm te bewegen. De controller van de SSD stuurt simpelweg een elektrisch signaal naar het juiste adres op de chip en de data is direct beschikbaar.

Toegangstijd en willekeurige leesacties

Hoewel de maximale doorvoersnelheid van grote bestanden bij een SSD indrukwekkend is, zit de echte winst voor de consument in de toegangstijd. Een besturingssysteem zoals Windows of macOS is constant bezig met het lezen en schrijven van duizenden kleine systeembestandjes. Een harde schijf heeft daar enorm veel moeite mee, omdat de leeskop als een bezetene heen en weer moet schieten. Een SSD kan deze willekeurige lees- en schrijfopdrachten (random read/write) nagenoeg gelijktijdig verwerken met een verwaarloosbare vertraging. Dat is de reden waarom een pc met een SSD binnen enkele seconden opstart, terwijl een computer met een HDD daar soms minuten over doet.

©KanyaphatStudio

Van SATA naar NVMe-snelheden

Tot slot speelt de aansluiting een rol in de snelheidsontwikkeling. De eerste generaties SSD's gebruikten nog de SATA-aansluiting, die oorspronkelijk was ontworpen voor harde schijven. Hoewel dat al een flinke verbetering was, liepen snelle SSD's tegen de grens van deze aansluiting aan. Moderne computers maken daarom gebruik van het NVMe-protocol via een M.2-aansluiting. Deze technologie communiceert rechtstreeks via de snelle PCIe-banen van het moederbord, waardoor de vertragende tussenstappen van de oude SATA-standaard worden overgeslagen. Hierdoor zijn snelheden mogelijk die vele malen hoger liggen dan bij de traditionele harde schijf.

Populaire merken voor SSD's

Als je op zoek bent naar een betrouwbare en snelle SSD, is er een aantal fabrikanten dat de markt domineert. Samsung wordt door velen gezien als de marktleider op het gebied van flashgeheugen en staat bekend om de uitstekende prestaties van hun EVO- en PRO-series. Daarnaast is Western Digital (WD) een vaste waarde; dit merk heeft de transitie van traditionele harde schijven naar SSD's succesvol gemaakt met hun kleurgecodeerde (Blue, Black en Red) series voor verschillende doeleinden. Ook Transcend is een uitstekende keuze; dit merk staat al jaren bekend om zijn betrouwbare geheugenproducten en biedt duurzame SSD's die lang meegaan. Tot slot bieden merken als Kingston en Seagate betrouwbare alternatieven die vaak net iets vriendelijker geprijsd zijn, zonder dat je daarbij veel inlevert op stabiliteit.